Zo maak je een cliché origineel: de alcoholistische vader

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: de alcoholistische vader.

Het cliché

Je personage heeft een alcoholistische vader en daar komen wat serieuze gevolgen uit voort. Het is nu in een pleeggezin opgegroeid, heeft zelf ook een alcoholprobleem, of is nog getraumatiseerd van de vele manieren van mishandelen. En daardoor heeft je personage nu nog iets te verwerken. Meestal vormt dat een heel groot deel van de groei die moet plaatsvinden en is dat ook het grootste obstakel waar het nodige vallen en opstaan bij komt kijken.

Waarom stoort dit zo?

De alcoholistische vader stoort pas als het zo zwart-wit wordt uitgewerkt zoals het in deze alinea hierboven geschreven staat. En het probleem is dat dat vaak ook gebeurt.
“Mijn personage heeft het moeilijk, dit trauma heeft hem gevormd en dat moet de lezer maar geloven.” Vooral dat laatste woord is in deze context belangrijk. Deze trope wordt pas het oppervlakkige cliché als je het zodanig snel of eenvoudig uitwerkt, dat je het bij de mededeling daarvan houdt en niet het lef of de woorden ervoor neemt om duidelijk te maken waarom een alcoholistische vader een serieus probleem is. Het mag niet overkomen alsof je maar een lastig conflict voor je personage moest verzinnen.

De aanloop naar het cliché

De alcoholistische vader vergt lef om over te schrijven. Wil je niet met de clichéversie eindigen, dan moet je stil durven staan bij hoe dat trauma je personage langzaam maar zeker op meerdere manieren heeft gevormd. En vervolgens moet je ook uitleggen waarom dat het personage zo heeft aangegrepen dat het is zoals het nu is. Meerdere scènes besteden aan ongemakkelijke momenten mag je dan niet schuwen.
Houd daarbij de volgende anekdote in het achterhoofd: twee tweelingbroers hadden een alcoholistische vader. Een broer gaat zijn vader achterna de goot in, de ander wordt juist een zeer succesvol man. Op een dag vraagt een journalist hoe ze op dit punt in het leven zijn belandt. Beide tweelingbroers antwoorden: “Wat wil je, met zo’n vader?” De ene broer kopieert zijn vader, waar de ander er juist alles aan doet om dat te voorkomen. En ze hebben exact dezelfde familieomstandigheden en leeftijd. Anders gezegd: wat maakt dat juist jouw personage doet en ervaart wat het ervaart?

Het cliché fiksen: onderzoeken als toverwoord

Dit cliché is te verhelpen door goed en veel onderzoek te doen. Naar de beleving van je personage, maar ook naar wat alcohol met mensen en het menselijk lichaam doet en wat zoal ervaringen zijn van vrienden en familie die het van dichtbij mee meemaken.
Of deze vader nu een alcoholist was of een drugsverslaafde, lijkt soms in schrijversland een detail. “Als er maar een moeilijke jeugd is geweest.”  Maar het verschil in hoe een drugsverslaving verschilt van een alcoholverslaving en een goede uitwerking daarvan kan het verschil maken tussen een cliché en een echt aangrijpend verhaal.

Nu jij!

Schrijf een scène waarin je personage dat is getraumatiseerd door diens alcoholistische vader terugblikt op hoe dat zo ver heeft kunnen komen. Dat kan met een dialoog, een flashback, welke vorm dan ook. Als het maar persoonlijk en aangrijpend leest. Daarvoor mag je de comments gebruiken.

Tips voor het vermijden van het cliché

  • Bedenk allereerst eens of het wel nodig is dat je lezer weet waarom je personage soms teruggetrokken is, bang om contact te maken, wat het traumagevolg dan ook is. Een serieus probleem niet fatsoenlijk uitwerken is altijd erger dan iets niet uitwerken of melden.
  • Of deze vader nu drugs-gok-of-alcoholverslaafd is: zorg dat je een reden hebt voor je keuze. Dan kan je er ook je verhaalthema en symboliek mee verdiepen.

Dit bericht verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.


Foto door Bermix Studio verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: onnodige nadruk

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: onnodige nadruk.

Het cliché

De laatste jaren schrijven steeds meer mensen met zeer korte zinnen zonder werkwoord of onderwerp erin. Een paar van deze zinnen volgen elkaar op. Dan krijg je een bepaald bedoelde spanning: Deur dicht. Hij gaat zitten. Zucht diep. Kijkt haar aan.
Dat wat in deze korte zinnen nadruk moet krijgen, krijgt de aandacht met behulp van grammaticaal onvolledige zinnen of door punten, hoofdletters of uitroeptekens toe te voegen.

Waarom stoort dit zo?

De bedoeling van deze schrijfstijl is dat je bij ieder moment stilstaat om spanning op te roepen. Dat eerste deel slaagt, het tweede niet. In plaats van dat het verhaal op het scherpst van de snede komt te staan, gaat de vaart juist weg. Deze telegramstijl zorgt er inderdáád voor dat je zin voor zin leest, maar wel ten koste van de innerlijke film van het verhaal die in het hoofd hoort te draaien. De lezer blijft eerder de zinnen voor zich zien dan het beeld dat je probeert op te roepen.

De aanloop naar het cliché

Dit cliché ontstaat als je denkt geen aanloop nodig te hebben, terwijl het tegendeel waar is. Stel dat je over een ruzie schrijft waaraan je wil laten merken dat het echt foute boel is, niet zomaar een woordenwisseling. Dan begrijpt iedereen dat het spannend is. De nadruk wordt dan als sfeermaker gebruikt.
Het vervelende van lezers -of van mensen-  is dat ze niet zo meevoelend zijn als we graag geloven. Bij slecht nieuws of een akelige gebeurtenis leven we niet automatisch intens met een ander mee, alleen omdat dat opgeschreven staat.  
Denk aan een overlijdensadvertentie: je schrikt misschien even als een anoniem persoon jong is gestorven, maar vervolgens lees je de krant toch weer gewoon verder.
Om echt mee te leven moet je iemand – persoon of personage-  eerst goed kennen. Vaak slaat deze schrijfstijl die stap over. En zelfs als die dat niet doet, werkt extreme nadruk alsnog niet zo goed.

Goede nadruk leggen: het cliché fiksen

Als een zin een nadruk moet krijgen, krijg je lezer die alleen mee als die vooraf al genoeg met je personages meeleeft en weet hoe diens beleefwereld eruit ziet. Dat gewicht wat je het mee wil geven, is veel te groot voor een enkel leesteken als een punt of een hoofdletter om te kunnen dragen. Daar is meer tijd voor nodig. Om de zwaarte, spanning, angst… van je personage echt te kunnen voelen, moet je juist meerdere zinnen, zo niet zelfs alinea’s of pagina’s besteden aan sfeeromschrijvingen of hoe sterk de emoties aanvoelen. Werkwoorden en onderwerpen in een zin zijn daarvoor juist sterke woorden  om te benadrukken wie het voelt, hoe dat voelt, hoe dat precies gedaan wordt…
Vergelijk eens: ‘De handen op schoot.’ met ‘De handen lagen gevouwen op schoot’ of juist: ‘De handen trilden op schoot.’

Oftewel: zorg ervoor dat je lezer mee kan voelen, in plaats van een afstandje naar het voorval kijkt en de intensiteit van de scène zelf maar moet bepalen, zo niet gokken.

Nu jij!

Schrijf een scène waarin er net een zware beslissing is genomen en de personages even bij moeten komen. Laat die spanning en emotie die nu in de lucht hangt goed naar voren komen met grammaticaal volledige zinnen en voldoende sfeer- en emotie omschrijven die  (volledig) uitgeschreven diepgang niet schuwen. Je kan je scène plaatsen in de comments.

Tips voor het vermijden van het cliché

  • Scène- of plotopbouw bestaat niet voor niets. Maak gerust wat meer woorden vrij voor een belangrijk moment.
  • Spanning wordt groter als je er niet aan kan ontsnappen en je langer in dat moment blijft. Lees: als het langer duurt voordat je de woorden hebt gelezen waarmee die spanning beschreven wordt.  

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Patrick Fore verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: te grote powerfantasy

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en de goede weg in te slaan als je tekst naar een cliché neigt. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: te grote powerfantasy.

Het cliché: net iets te goed

Powerfantasy is datgene waar je held goed in is om de heldenrol op te kunnen eisen. Een te grote powerfantasy draaft daarin door. Denk daarbij aan: een raketgeleerde die goed moet zijn in wiskunde heeft daar een buitengewoon talent voor.  Dat is nodig. Maar zodra je gaat schrijven over deze geleerde die in week een nieuwe formule bedenkt waarbij er in een klap een wereldprobleem wordt opgelost, dan wordt het een cliché. Held is niet langer iemand die iets of iemand kan redden. Drie totaal andere problemen worden ook meteen opgelost. Zijn superkracht wordt te veel van het goede.

Waarom stoort dit zo?

Een held moet herkenbaar voelen voor een lezer. Daarvoor hoeven held en lezer niet per se op elkaar te lijken. Een bankier kan gerust lezen over een boer. Zolang Held maar iets menselijks heeft. En een superheld met oneindig veel kracht, kennis en kunde raakt dat menselijke aspect kwijt. Vergis je niet: een te hoge powerfantasy is niet alleen mogelijk in fantasy-of actieverhalen. Zelfs in alledaagse zijn er helden die het allemaal net iets te goed doen of weten.

Voorbeeldscène

Mary Sue is een perfect voorbeeld van een personage met teveel powerfantasy. Je kan allerlei aspecten van haar bedenken die te veel van het goede zijn. In dit artikel is zorgzaamheid haar powerfantasy.  

Mary Sues vriendin zit in de problemen. Haar peuter is ziek en niemand kan het kind halen. Daar is onze heldin! Ze haalt het kind van de opvang en komt in het huis van haar vriendin. Dan ziet ze dat de koelkast leeg is en dat de arme vriendin door het ziekenhuisbezoek van gisteren niet heeft kunnen poetsen.
Als Vriendin thuiskomt is de koelkast gevuld, ligt het kind voorgelezen en gedoucht te slapen met een kruikje, is de vloer gedweild, staat er een vers vaasje bloemen op tafel en is de wc schoongemaakt.
“Wat lief, Mary Sue! En dat in een uur tijd. Ben je niet doodop?”
“Ik word nooit moe van mensen helpen, daar krijg ik energie van!”

Vast… Als een gewone sterveling dit al voor elkaar zou krijgen, ligt die hierna volledig uitgeblust op de bank of is die op zijn minst moe van het sjouwen.

Zo kan je het cliché fiksen

Powerfantasy schrijven is altijd een beetje zoeken. Je held móet ergens net iets beter in zijn dan de rest. Soms mag dat zelfs een – hetzij klein- loopje met realisme nemen. Je schrift fictie en je held moet ergens in uitblinken. Maar ook in verhalen ga je een keer een stapje te ver. Om je overdreven capabele personage alsnog af te remmen of realistisch te maken, kan je het volgende doen:

  • Geef een kijkje in de gedachten van dit personage. Laat zien dat de monsterklus  geklaard wordt, maar wel ten koste van paniek, een flinke vloekuitbarsting of iets anders vervelends. Schrijf dat interne gevloek maar uit!
  • Je personage kan in plaats van anderen tien stappen voor zijn, ook vier stappen voor zijn. Dan is die nog steeds de held, maar behoudt die ook iets menselijks.

Nu jij!

Herschrijf de voorbeeldscène en zoek een evenwicht tussen iets wat deze Sue als ‘powervrouw’ moet kunnen, zonder dat ze een onrealistische superheldin wordt. Gebruik daarvoor de reacties.

Gebruik je dit cliché? Denk dan hieraan

  • Bedenk hoe een specifieke powerfantasy eigenschap al dan niet in je plot of verhaalthema past. Is het echt nodig om je personage zo uit te laten blinken?
  • Powerfantasy is al snel overdreven als je held die al heeft in het begin van een verhaal. Laat die talenten liever pas in het midden van het verhaal tot bloei komen.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Vicky Sim verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: de vrijgepleite held

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en de goede weg in te slaan als je tekst naar een cliché neigt. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: de vrijgepleite held.

Het cliché: als iemand anders dat zou doen…

Je held doet iets wat volgens de moralen of regels van je papieren wereld niet mag. Normaalgesproken hangt iemand een straf boven het hoofd: ontslag, strafregels, gevangenisstraf, verstoting van de familie of maatschappij of hij wordt van school gestuurd. Maar dit overkomt de held niet. De tegenstander heeft een slechte advocaat, of “voor deze ene keer zien we het door de vingers…” Kortom: de held ontspringt een dans waar ieder ander personage een (hoge) prijs voor zou betalen.

Waarom stoort dit zo?

Zodra een lezer deze gang van zaken opmerkt, is het overduidelijk dat de schrijver aan de touwtjes trekt. Dat is al vervelend voor een prettige leesbeleving. Maar het doet nog meer kwaad: het berooft het personage van zowel een leerschool als een gelegenheid om te laten zien dat de lezer en de held allebei menselijk zijn. Het is dus zowel een gat in het plot als een verlies aan realisme op meer dan een manier.

De aanloop naar het cliché

Held ontspringt deze dans meestal vlak voor een belangrijk moment in het plot. Denk aan het derde obstakel, wanneer er iets groters op het spel komt te staan of staat. Dan mag de scholier toch wel even ongestraft gaan knokken, als hij daardoor later een handvol mensen kan redden uit de klauwen van een ‘echte’ slechterik?

Het grote geheel gaat vóór een klein detail is een gegeven waar je in fictie gerust gebruik van kan maken. Het voorkomt dat je te geforceerd gaat schrijven en te veel op kleine zaken gaat letten. Dat kan het plot ook op slot zetten. Maar het gaat mis op het moment dat je het als excuus gaat gebruiken om versneld naar belangrijk plotpunt te gaan en het spanningsgehalte te verhogen.

Voorbeeldscène

Held vermoedt dat een vriendje van zijn kind ernstig mishandeld wordt door zijn ouders. Daarom heeft Held dit jongetje in huis genomen. Twee dagen later is het kind als vermist opgegeven, maar Held doet of meldt niets.  Als de politie aan de deur komt om Held te ondervragen wat hij weet, ziet die dat het jongetje veilig en wel terecht is. Die opluchting is zo groot dat de agent vergeet te zeggen dat het ondanks goede bedoelingen misdadig is om een kind te ontvoeren. Of hij zegt: “Ach, Sjaak, ik ken jou: jij bent een goede vent, dus deze keer blijft het bij een waarschuwing.”

Zo kan je het cliché fiksen

Dit cliché is eenvoudig te voorkomen of te herstellen als je een ander denkpatroon aanhoudt. Wat is belangrijker: de spanning van het moment of de geloofwaardigheid van je plot en je held? Minder drama of actie ook betekent niet meteen minder spanning. Een goede invulling van het plot en een goede schrijfstijl kunnen dat compenseren.

Nu jij!

Herschrijf de voorbeeldscène. Held wordt nu wel degelijk door de agent op de vingers getikt. Hoe maak je deze scène alsnog spannend maken op zo’n manier dat de opluchting blijft, maar er wel consequenties zijn voor de misstappen van Held en hij daarvan kan leren? (Vraag de volgende keer eerder om hulp…) Laat maar zien.

 Gebruik je dit cliché? Let dan hierop

  • Bedenk welke soort actie je precies wil of zelfs nodig hebt om de spanning te verhogen. Is het niet buitenproportioneel en heeft het thematisch nog wel met hetzelfde probleem te maken?
  • Dit cliché sluipt er makkelijk in als degene die je held een pardon geeft, daar eigenbelangen bij heeft. Heb je een ander personage dat kan straffen zonder dat het daar zelf iets mee wint of verliest?   

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door David Underland verkregen via Unsplash

Zo maak je een cliché origineel: de sexy slechterik

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en de goede weg in te slaan als je tekst naar een cliché neigt. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: de sexy slechterik.

Het cliché: zo knap dat het alles overtreft

Een vrouw wordt verliefd op een man die op het eerste gezicht de perfecte man is: uitzonderlijk knap, goed gebouwd en een daverende glimlach op de koop toe. Maar het probleem is dat de man verder weinig of niets goeds in zich heeft. Hij manipuleert, misbruikt, kleineert, licht mensen op en heeft een zeer kort lontje. Maar dat maakt Heldin niet uit want hemeltjelief, wat is hij knáp! Soms gaat het cliché zelfs nog verder en meent Heldin dat ze deze man van deze serieuze problemen kan verlossen, door simpelweg lief voor hem te zijn, of door goed te presteren in bed. En dán, dan is deze bijna perfecte man (*ahum*) helemaal perfect.

Een regelrecht gevaarlijk cliché

Dit cliché romantiseert geweld, onderdrukking en andere ernstige zaken. Bovendien geeft het liefde – of liever gezegd romantiek-  een kracht die het niet heeft. Een roze wolk zorgt er niet voor dat serieuze, slechte karaktertrekken of zelfs (genetische) stoornissen verdwijnen, al meent dit cliché van wel.  Er zijn ontzettend veel mensen die jarenlang naar een psycholoog gaan omdat ze in de val van dit ‘sprookje’ zijn getrapt. Dat zijn mannen en vrouwen, al zijn in fictie de vrouwen bijna altijd het slachtoffer van dit verschijnsel.

Het cliché in fictie

Dit cliché begint altijd met een het cliché van Cupido’s voltreffer waarbij het koppel vaak ook extreem goed presteert in bed. En als de seks goed is, is je relatie ook perfect. Dat is de idiote logica waar het cliché van de sexy slechterik vaak mee start, maar waar het zichzelf ook mee in stand houdt. Vaak komen daar nog de nodige romantische gebaren bij, zodat het slachtoffer maar blijft geloven dat de slechterik echt van de ander houdt. Kijk maar eens naar die hemelsblauwe puppyogen. Daar vergeet je de blauwe plekken op je armen toch spontaan van?
Dus we gaan nog maar een keer de slaapkamer opzoeken of romantisch dineren. Dan komt het vast wel goed…
Vanuit een narratief standpunt kun je niets met dit cliché, nog afgezien van de ontzettend nare standpunten die het inneemt. Het is een eindeloos heen-en weer van:
“Ik bedoelde het zo niet. Ik hou van jou.”
“Ik vergeef je.” (Soms nog vergezeld met iets als “Ik was ook niet geduldig genoeg met je.”)
Om vervolgens weer terug te gaan naar het volgende moment van emotionele of fysieke geweld.

Kortom: je hebt met dit cliché eigenlijk überhaupt geen verhaal met een goede structuur. Er is alleen een eindeloze cirkel van geweld, waarbij het verdraaid lastig wordt om de personages meer te laten zijn dan het oppervlakkige stereotype van geweldpleger en slachtoffer.

Nu jij: fiks het cliché

Schrijf een scène waarin de cirkel van geweld die begonnen is met ‘maar hij is zo knap’ wordt doorbroken. Daarbij moet duidelijk worden wat beide personages aan karaktertrekken, groei en persoonlijke of gezamenlijke geschiedenis hebben dat dit moment mogelijk maakt.

Gebruik je dit cliché? Let dan hierop

Wil je dit cliché niet storend of zelfs gevaarlijk maken, dan heb je eigenlijk maar twee opties.
* Laat de slechterik duidelijk doorgedraaid en of meedogenloos zijn, als waarschuwend verhaal.
* Laat zien wat het slachtoffer kan doen en moet doen om uit de situatie te ontsnappen en hoe het daar eerst voor moet groeien of een dieptepunt moet krijgen.

Daarbij is het erg belangrijk dat je van allebei de personages laat zien wat er in het hoofd omgaat. Doe je dat niet, dan blijft het verhaal aan de oppervlakte, waar je het dus niet wil hebben. Controleer of je Cupido´s voltreffer in je verhaal iets meer cliché-af kan of moet maken.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.
Foto door Christopher Campbell verkregen via Unsplash

Zo maak je een cliché origineel: Cupido’s voltreffer

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en de goede weg in te slaan als je tekst naar een cliché neigt. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: Cupido’s voltreffer.

Het cliché: overdreven snel verliefd

Twee mensen kijken elkaar aan, of raken elkaar een halve tel aan en tadaa: ze zijn smoorverliefd. Dit cliché is misschien wel het hardnekkigste dat er is. De een doet iets aardigs voor de ander, Cupido schiet raak en dat groeit uit tot: ‘en toen wist ik het: hij was de ware’. Denk aan:
“Laat mij maar even…”(de boodschappen overnemen als die bijna uit de handen vallen, die pleister plakken op die plek waar je zelf niet bij kan…) en elkaar vervolgens lichtjes aanraken. Of de een zegt iets opvallends waarna de blik extra lang wordt vastgehouden. Romance van de eeuw nummer 314573 is geboren…

Waarom stoort dit zo?

‘Liefde op het eerste gezicht’  is als uitgangspunt een schrijftechnische doodsteek. Idealiter bestaat het niet of slechts gedeeltelijk.
Bestaat het niet, dan leren je personages elkaar goed kennen voor ze verliefd worden. Als het gedeeltelijk bestaat, gebeurt er iets als: “Zodra ik hem zag, voelde ik meteen een fijn aura”. Of: “Ik vond zijn lach meteen leuk.” Zelfs met zo’n goede start is er nog geen echte romance: op zichzelf zorgt dat niet voor (oprechte) verliefdheid.
Is dat wel het geval, dan zegt de schrijver: “Wat maakt het uit wat het karakter van deze personages is? Of ze knap, lelijk, passend of tegenpolen zijn, ‘liefde zoeken’ in hun verhaalthema hebben of niet, wat hun verleden is… Boeiend, zolang de lezer maar kan zwijmelen bij een nieuwe romance…”

Dan wordt een moment van enkele seconden belangrijker dan je personages, verhaalthema, spanningsboog, belangrijker dan alles dat optelt naar een eigenlijk verhaal.

De aanloop naar het cliché

Als dit cliché überhaupt al een aanloop heeft, is dat nóg een cliché, deus ex machina:  Julia klaagt dat ze al een eeuwigheid meer een date meer heeft gehad en voilà: een botsing later staat Romeo voor de neus. Romances die beginnen met een of meerdere van zulk sterke aanwezige Deus ex machina zijn of zó slecht dat het weer leuk wordt, of te slecht om langer dan drie regels leuk te zijn. Gok niet op dat eerste, dat komt zelden voor.  

Nu jij: fiks het cliché

Julia laat weer eens wat vallen en jawel, Romeo schiet te hulp om het op te rapen.
Maar deze Romeo lijkt op een (jonge)man uit Julia’s verleden. De herinneringen aan hem en alles wat daar emotioneel mee gepaard gaat wordt in die paar seconden op Romeo geprojecteerd.
Deze (jonge)man is bijvoorbeeld:
* Julia’s ex die haar keihard heeft gedumpt
* Julia’s ex die zij keihard heeft gedumpt
* Een lang verloren vriend van wie Julia nooit afscheid heeft kunnen nemen
* Julia’s vroegere pestkop
* Iemand die Julia niet hielp in tijden van nood en waar ze nog altijd spijt van heeft

Je kan je scène in de comments opschrijven. Schrijf een beginnende romance, of ga lekker een  totaal andere kant op.

Waarom fikst deze schrijfprompt het cliché?

De lezer leert hiermee dingen kennen als Julia’s geschiedenis, haar karaktertrekken, hoe ze met bepaalde dingen omgaat… Julia is niet meer het anonieme Verliefde Meisje.
Een cliché dat zo hardnekkig is als Cupido’s voltreffer, is uitgekauwd omdat het eindeloos veel personages overkomt. Zolang als Julia, of Selma, Lieselot, Elif of… als elkaars stuntdoubles kunnen optreden omdat ze zo inwisselbaar zijn, krijg je Cupido’s voltreffer nooit gefikst. Geef dit welbekende moment iets persoonlijks en de start is origineler en de kans op een later cliché kleiner.   

 Gebruik je dit cliché? Let dan hierop

  • Geef een romance de tijd om te groeien, raffel hem niet af.
  • Ga op zijn minst uit van het idee dat liefde op het eerste gezicht slechts gedeeltelijk kan kloppen.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Volodymyr Tokar via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: de schok

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en de goede weg in te slaan als je tekst naar een cliché neigt. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: de schok.

Het cliché: niet híj!

Het hele verhaal staat in het teken van het vangen van een slechterik of er is op een andere manier achter de schermen een personage dat roet in het eten gooit. Als de ontmaskering plaatsvindt, is de boosdoener degene die juist de beste vriend zou moeten zijn. Je hoopt dat de  lezer uitroept: “Nee, niet híj!” of “Dat meen je niet!”
Andere varianten zijn: ‘hoezo gebeurt dít?’  en ‘Waarom doet hij dát?’
Het is de goeie ouwe: ‘De butler heeft het gedaan’ en de eindeloze varianten daarop: de intentie om schok over te brengen uit een hopelijk onverwachte hoek.
Dat kan heel goed werken, maar het gaat faliekant mis als je het om de verkeerde reden doet.

Een plottwist of gewoon even iets anders?

Het lijkt misschien alsof bovenstaande voorbeelden altijd plottwists zijn. Plottwist geven inderdaad een andere draai aan het verhaal op een manier die de lezer idealiter niet meteen verwacht. Maar soms gedragen personages zich ook even anders dan gewoonlijk, zonder dat daar meteen een plottwist aan te pas hoeft te komen. Daarom is ‘de schok’ als cliché groter dan het brede begrip van een plottwist.  
Wat de situatie ook is, als er iets gebeurt waarvan de lezer denkt: huh?! Dan heb je de techniek van de schok en het cliché van de schok.

Wanneer wordt ‘de schok’ een cliché?

Uiteindelijk moet de schok waarmee je je lezer scherp wil houden herleidbaar zijn, dan is het een techniek. Een lezer smult van een spannende verandering als je deze verandering of onthulling aan had kunnen zien komen. Je had alleen ‘beter moeten opletten’.
Als je een verandering inzet puur omwille van de schok, dan wordt het een cliché. Dat is het kenmerk van ieder cliché: als je de schrijver aan het werk ziet om bij zijn lezer iets wil bereiken: verwarring, tranen oproepen, of in dit geval een schok. Als die daarvoor het verhaal en de logica daarachter in de steek laat, gaat het mis.   

Zo voorkom je het cliché van de schok

Je kan een schokeffect bereiken als je een reden hebt dat er überhaupt iets verandert. Daarvoor kijk je naar het personage of het plot. Enkele voorbeelden:

  • Het plot is toe aan een volgende clue.
  • Je wil laten zien wat een schaduwkant is van een goede karaktereigenschap die een personage bezit.

Zorg ervoor dat je vooraf  hints of aanleidingen geeft.  Dan snapt de lezer hoe zelfs iets tegengestelds of compleet onverwachts toch nog ergens op terugslaat.

Nu jij!

We gaan testen of een van de allergrootste clichés nog te herstellen valt.
De butler heeft het inderdaad gedaan!
Schrijf een scène waarin je dit gegeven onthult. Focus je daarbij niet op de eigenlijke schok die je hoopt te krijgen bij de lezer, maar op het hoe en waarom de butler het gedaan heeft en waarom de lezer dat had kunnen weten. Dan volgt de schok vanzelf.

Om de scène niet te lang te maken en je plot te introduceren, schrijf je in maximaal vijf zinnen wat het plot is van het verhaal en waarom het een schok zou moeten zijn dat de butler het gedaan heeft. Was hij te trouw? Deed hij zich ziek voor? Leek hij überhaupt niets af te weten van de schat die hij gestolen had?

Ga je gang, schrijf een scène in de comments!

 Gebruik je dit cliché? Let dan hierop

  • Bedenk of een schok of zelfs een verandering wel nodig is in dat ene specifieke punt van je verhaal.
  • Verander of choqueer niet aan het begin van een verhaal. De lezer heeft eerst een stevige basis van het verhaal nodig om te weten wat daarbinnen normaal is.   

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Daniele La Rosa Messina verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: het onuitgesproken geheim

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: het onuitgesproken geheim.

Het cliché: snel nog even opbiechten

Een personage draagt al het hele boek een geheim met zich mee. Dan, tien regels voor het einde wordt dat geheim er in een enkele zin uitgeflapt. Het is duidelijk: hier wil je schrijver zijn momentje: ‘ach, wat een opluchting/ wat aandoenlijk/ wat fijn…’
Maar deze onthulling komt volledig uit de lucht komt vallen en leest enkel geforceerd en vervelend. Voorbeelden: een last minute coming out, de bekentenis altijd al verliefd te zijn geweest op de beste vriend, (hoera, een nieuw koppel in de laatste twee regels…) of een DNA-uitslag.

Waarom stoort dit zo?

Een geheim en de onthulling ervan zijn narratief pas sterk als je dat gedurende het boek kan ontrafelen. Bovendien werkt de wrap-up, die laatste zinnen of alinea’s voor het einde, alleen als je met je verhaal uitdrijft. Nieuwe informatie hoort daar niet.   

Een goede wrap-up

Een wrap-up komt in de laatste pagina’s alinea’s of regels voor de allerlaatste zin. In sprookjes is dat bijvoorbeeld: ‘Nu de wolf verdronken was, hoefden de geitjes nooit meer bang te zijn dat de wolf ze op zou eten.’  En ze leefden…
In de wrap-up wordt er extreem kort teruggekeken op een deel van het hoofdplot en trekt het conclusies hoe dat invloed heeft op het hier en nu. Terugkijkend op de angst om opgegeten te worden, weten de geitjes nu dat ze veilig zijn.
De wrap-up is de laatste sfeerbepaler, die aanstuurt hoe je lezer het boek dichtslaat. Tevreden, bibberend, zwijmelend… Maar let wel: over je hele verhaal, niet vanwege dat ene laatste snelle feitje.

Een geheim bewaren in een verhaal

Dit cliché heeft iets belangrijks gemeen met het cliché van het misverstand. Ze schreeuwen allebei: ‘Had dat dan gewoon gezegd!’ Dan had de lezer een beter verhaal gehad, hadden personages geen ruzie hoeven maken, of gek van een geheim hoeven worden.
Als de lezer moet begrijpen waarom een personage een geheim als zodanig beschouwt, moet je daar de nodige aandacht aan besteden. Zo kan de lezer meegaan in de beweegredenen  die je geeft. Dan pas wordt het echt een geheim, niet iets wat iemand gewoon niet verteld.

Het onuitgesproken geheim is bovendien als een plottwist waar geen hints naar worden gegeven. Dat levert irritatie op.  Het is als een moordmysterie met maar één hint in het hele verhaal. Of dat de hints zo ontzettend vaag zijn, dat je de schrijver zichzelf al een schouderklopje ziet geven omdat die ‘slimmer is dan de rest.’ Fijn… Het geheim hoeft dan niet meteen moord te betreffen, het effect is hetzelfde.
Minstens net zo erg: “Ik deel jouw vreugde om jou coming-out niet, want jou hele persoontje boeide me door de slechte schrijfstijl al tien hoofdstukken niet meer.”

Geef gedurende het verhaal voldoende hints die naar het geheim verwijzen.

Nu jij!

Schrijf een wrap-up waarbij je een geheim onthuld, maar wel het grote geheel laat uitdrijven. De premisse: een heimelijke vakantieliefde. Nu het afscheid nadert, gaat je held(in) liefde bekennen. Kijk dus terug op wat ze samen hebben gedaan, hoe de liefde is gegroeid en hoe die de held(in) achterlaat.

Je kan je scène plaatsen in de comments.

Gebruik je dit cliché? Let dan hierop:

  • Trap niet in de val dat het ene geheim serieus zou zijn, zoals seksuele geaardheid en het andere onschuldig, zoals een snoepje stelen. Hoe serieus het geheim daadwerkelijk is, heeft met het karakter en de omstandigheden van het personage te maken.
  • Is er iets belangrijkers in het spel dan het geheim? Dan is dat andere datgene wat in de wrap-up terug moet komen en afgerond moet worden.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Jackson Simmer verkregen via Unsplash

Zo maak je een cliché origineel: de laatste goedmaker

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en de goede weg in te slaan als je tekst naar een cliché neigt. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: de laatste goedmaker.

Het cliché: excuses voor melodramatisch effect
Er ligt iemand op een sterfbed, of staat op het punt voorgoed te emigreren; een definitief afscheid is aanstaande. Dan zegt het ene personage tegen de andere personage dat het hele boek lang zijn vijand of rivaal was: “Ik heb me in je vergist. Vergeef me, jij bent wel degelijk een goed mens.”
Oftewel: er is een melodramatisch moment van excuses die het personage nooit zou uitspreken of zelfs zou menen als het plot niet besloten had dat er een Plechtig Moment moest komen.

Waarom stoort dit zo?

Het is bij dit cliché overduidelijk dat de schrijver wil dat de lezer gaat huilen. Bovendien helpt hij het plot een paar hele grote spreekwoordelijke hoofdstukken over te slaan van een interessant verhaal.
Een verhaal valt of staat bij een mooi groeiproces van een personage. En een verhaal wordt leuk omdat je dat als lezer met het personage doorleeft.
Moest dit (nu stervende) personage leren minder star of oordelend te zijn door te leren een ander te nemen voor wie hij is, of door ruzies bij te kunnen leggen?
“Ach joh, dat slaan we gewoon over. Het is maar driekwart van wat het verhaal inhoudt geeft…”
Bovendien begaat deze schrijver de vergissing dat alleen omdat die over iets verdrietigs schrijft, hij denkt dat de lezer mee gaat voelen. Dat is niet zo. Empathie verdienen van je lezer gebeurt niet vanzelf. Reken je daarmee niet te snel rijk.  

De aanloop naar het cliché

Bij dit cliché hebben twee personages al lang ruzie. Deze personages hebben daarbij een relatie waarvan je zou hopen of verwachten dat ze elkaar juist steunen, of elkaar op zijn minst zouden mogen of respecteren. Vader en zoon, voormalig beste vrienden of mentor en leerling, bijvoorbeeld. Zij liggen gedurende het (vrijwel) hele boek al met elkaar in de clinch. De ruzie bijleggen gaat niet, geen enkele oplossing helpt. Totdat er iemand ineens voorgoed dreigt weg te gaan. Want er moet wel een Plechtig Moment met het nodige gewicht komen…

Voorbeeldscène

Twee voormalig beste vrienden, vechten al heel lang om de avances van dezelfde vrouw.
Inderdaad, de liefdesdriehoek. Een perfect voorbeeld voor dit cliché, want het laat zien dat als een compleet verhaal en plot opslokt of vormt, zoals een liefdesdriehoek ook vaak doet, het gegarandeerd als cliché leest.  

Maar nu ligt een van de mannen op sterven en zijn laatste woorden zijn  “Zorg goed voor haar. Ze wordt gelukkig met een goed mens als jij. Het spijt me dat ik  je goede inborst niet eerder inzag.”

Zo kan je het cliché fixen
Om dit cliché te laten werken, moet je de scène flik rekken. In plaats van de focus te leggen op die enkele zin met die paar dramatische woorden, herhaal je de geschiedenis van deze personages met relatief weinig woorden. Hun relatie in gelukkiger tijden, als die er waren, de ruzie, de vervreemding en de oorzaak daarvan. Maar vooral ook: de pijn die er bij zo’n ruzie komt kijken. Laat blijken waarom dit personage uit zichzelf, zonder motieven en hulp van de schrijver tot inkeer komt. Blik terug op bepaalde beats in het plot, de lessen die dit personage heeft geleerd en wat de (achterliggende) motieven waren voor de manier van handelen. Gebruik hier gerust een handvol honderdtal woorden voor.  

Nu jij!

Herschrijf het dramatisch slot van de eerder genoemde liefdesdriehoek, maar maak het nu dramatisch in plaats van melodramatisch.  Je kan daarvoor de comments gebruiken.

 Gebruik je dit cliché? Denk dan hieraan

  • Waarom heb je deze personages überhaupt elkaars rivalen gemaakt?  Hopelijk vanwege een diepgaander thema, niet met dit cliché als einddoel…
  • Bedenk waarom het voor je personage pijnlijk is om op het allerlaatst nog iets toe te moeten geven en neem dat ook mee in je uitwerking.    

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Josue Escoto verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: de Verhevene

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en de goede weg in te slaan als je tekst naar een cliché neigt. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: de Verhevene.

Het cliché: ik heb het leven wél door

Het is de rijkaard die door zijn fortuin denkt niet alleen welvarend, maar ook bovenmaats belangrijk te zijn, de narcist, of de backpacker die na drie weken mediatie in Azië zichzelf verlicht acht. Deze personages zijn snoeverig en kijken neer op mensen die nog niet doorhebben waar het in het leven om draait, zoals zij dat als enige in de kamer wel weten. Ontmoet de Verhevene.  

Waarom stoort dit zo?

De Verhevene is een personage dat niet groeit. Die is er zo van overtuigd dat die al is uitgeroeid, dat die de ogen sluit voor alles wat er buiten diens geweldig-zijn omgaat. Zelfs als het overduidelijk is dat er iets in beweging moet komen.
“ Verlichte Backpacker, een geliefde is zonet dakloos geworden!”
“Als ik straks daarover mediteer, hoor ik van Het Hogere dat alles in de wereld een Bedoeling heeft…”

“Rijkaard, je kan met jouw fortuin mensen uit een acute en zeer dringende situatie helpen.”
“Als dat gepeupel, net als ik, leert dat hard werken loont, komen ze zelf wel uit.”
“Dat ‘gepeupel’ is zojuist gebombardeerd en heeft geen bezittingen, huis of soms zelfs geen armen meer…”
“Ik heb ook ooit moeten doorwerken met een gebroken been…”

De Verhevene is niet alleen snoeverig, maar kan zaken bovendien niet in perspectief plaatsen.  

Een personage mag aarzelen of het vervelend of moeilijk vinden om met het plot mee te gaan, maar het plotverloop en persoonlijke groei compleet negeren is een ander verhaal. Een personage moet altijd blijven groeien, tenzij je verhaal ten einde loopt.  

De aanloop naar het cliché

De Verhevene is wel degelijk ooit veranderd, getraumatiseerd, gegroeid… Vat dat gemakshalve samen als ‘Ik was…” Arm, materialistisch, de spirituele weg kwijt, mishandeld als kind…
De “Ik was” komt achter de schermen of in een subplot aan bod in je verhaal. Dat is nodig, maar gaat mis zodra de “Ik was…” en “Nu ben ik…” als contrast zo groot is dat je de schrijver aan het werk ziet.  
Misschien kan een backpacker inderdaad verlicht van een retraite terugkeren. Maar niet als dat binnen drie alinea’s gebeurt en de daadwerkelijke heldenreis die daarbij hoort, wordt weggelaten.

Echte wijsheid schrijven

De Verhevene is niet geschikt voor de rol van de Wijze. De echte Wijze blijft niet alleen groeien, maar beseft bovendien dat daar heel wat aan vooraf gaat. Dat benoemt hij ook eerlijk. Een Wijze weet dat je niet met een vingerknip jezelf en je inzichten kan veranderen. Een Wijze komt dus gedurende het hele boek met mooie inzichten. Niet iemand die in een enkele alinea vanaf de bank roept dat de perfecte remedie voor een aanstaande burn-out een reis naar Azië is “want kijk eens wat dat voor mij deed!”

Nu jij!

Verlichte Backpacker heeft in Azië het licht gezien door op vakantie drie weken in een Boeddhistische tempel te mediteren. Daarom gaat je backpacker nu verplicht twee maanden iedere zondag naar een christelijke kerkdienst. Lees:

  • In het grijze Nederland, niet in zonnig Thailand
  • Met een volle agenda waarin gewerkt moet worden en het huishouden moet worden gedaan
  • Waar wordt gebeden, niet gemediteerd. De door en door cliché Verlichte Backpacker kijkt daarop neer, omdat religie voor hem achterhaald is ten opzichte van Oosterse wijsheid. Maar als hij écht verlicht zou zijn, zou hij diverse vormen van spiritualiteit omarmen, niet veroordelen…

Ga je gang, schrijf een scène in de comments!

Gebruik je dit cliché? Let dan hierop

  • Onderzoek waarom de Verhevene zichzelf die status geeft. Daarachter schuilt een interessant verhaal.
  • De Verhevene kickt op status. Maar voor wat voor status is je personage gevoelig? Wil hij als wijs worden gezien, of eerder als machtig?

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door engin akyurt verkregen via Unsplash