Slush pile: het postvak in van een uitgeverij

Zodra je je manuscript naar de uitgever stuurt, ben je razend benieuwd wanneer je antwoord krijgt. Maar dat duurt sowieso altijd even en je krijgt het niet altijd. Dat komt door de slush pile.

Wat is een slush pile?

Omdat veel mensen een schrijversdroom hebben, komt er elke week een stortvloed aan manuscripten bij een uitgever binnen.
Zie het als een overvol postvakje dat de uitgever door moet werken.

Dit is een goed beeld van een slushpile: de inbox is altijd overvol en maar heel weinig manuscripten halen de outbox.

De slushpile als mailbox

Zie de slushpile van een uitgever als je eigen mailbox. Waarschijnlijk krijg je ook tientallen mails per dag. Ik denk niet dat je elke mail leest, aangezien er vaak berichten of nieuwsbrieven tussen zitten die je niet (langer) interesseren.

Een uitgever moet alles lezen. Als hij willekeurig manuscripten ongelezen laat, loopt hij de kans een goudmijntje weg te gooien. Als er een onbekende auteur aanklopt bij de uitgever, heeft de uitgever geen idee hoe goed of slecht die auteur is.

Werkwijze van de slushpile

Omdat een uitgever dus wel alles wil lezen, maar dat postvakje overvol blijft, is er de werkwijze van de slushpile.

De uitgever leest jouw manuscript zoals jij een nieuwsbrief leest die af en toe iets leuks te melden heeft: je blijft erop geabonneerd omdat er zo nu en dan iets boeiends in vermeld staat. Maar als de eerste aanblik niets interessants biedt, lees je de nieuwsbrief niet verder uit.

Als auteur wil je dus een ‘nieuwsbrief’ hebben die opvalt tussen alle anderen en die uitnodigt tot lezen. Als je ‘de slushpile uit bent’ is dat net als in het plaatje: jij bent in het postvak uit belandt, waarmee de kans dat je uitgegeven wordt ineens groter is.

De slushpile niet uitkomen

De tientallen nieuwsbrieven die jij per dag niet leest, geef je verder geen aandacht. Het zou niet haalbaar zijn om elke website terug te mailen waarom je de artikelen niet interessant vond. Helaas geldt dat ook bij uitgevers. Je kan er het best vanuit gaan dat je niets meer van de uitgever hoort.

Uit de slushpile komen

Mocht je wel dat felbegeerde plekje in het ‘postvak uit’ halen, dan moet je alsnog veel geduld hebben. Daar zijn de volgende redenen voor:

* Je bent sowieso niet de enige in het ‘postvak uit’. Je bent dichterbij, maar nog niet bij de finish.
* De uitgever moet ruimte hebben om je verhaal uit te geven.
* Je genre/ thema moet op dat moment op de prioriteitenlijst van de uitgever staan.

Hoe succesvol een uitgever ook is, hij kan niet alle boeken uit zijn ‘postvak uit’ ineens uitgeven. Om ervoor te zorgen dat de boeken die uitgegeven worden ook goed verkopen, moet er voldoende tijd aan ieder boek worden besteed. Daarom kan het even duren voordat jouw boek aan de beurt is.

Iedere uitgever heeft een zogenoemd fonds. Dat wil zeggen dat ze bepaalde genres al dan niet uitgeven. Een uitgever met meerdere genres in zijn fonds zal misschien jouw feelgood even laten liggen, omdat ze net een feelgood hebben uitgebracht en het nu tijd is om een thriller de wereld in te sturen.

Ook bij uitgevers die zich specialiseren in één genre kunnen verhalen rouleren. Bouquetverhalen lopen volgens een redelijk strakke formule. Maar toch zul je zien dat de hoofdpersoon van het verhaal nu een oliesjeik moet zijn. Daarna is het pas de beurt aan jouw westerse multimiljardair.

De vuistregel is dat je na een halfjaar na het insturen van je manuscript eventueel goed nieuws krijgt van de uitgever.

Vergroot je kans om de slushpile door te komen

Als je je kans wil vergroten om de slushpile door te komen, zijn er een aantal dingen die je kan doen:

* controleer of je verhaal bij het fonds van de uitgever past
* voeg een overzichtelijke en boeiende synopsis toe in je e-mail
* schrijf in de begeleidende tekst van je e-mail een samenvatting van twee zinnen.
* het helpt als je online actief bent op sociale media. Dat geeft aan dat je al een potentieel lezerspubliek hebt

Sowieso is het verstandig om proeflezers in te schakelen. Met de slushpile in het achterhoofd, is het verstandig om hen te vragen of ze meteen vanaf het begin af aan geboeid zijn.

De uitgever meteen prikkelen

Zoals gezegd heeft de uitgever niet de tijd om lang te lezen. Daarom is het ontzettend belangrijk dat je de uitgever meteen weet te prikkelen. De eerste anderhalve pagina van je manuscript wordt gelezen, dan wordt er al een oordeel over geveld.
Bij een zeer grote uitgever kan dit zelfs aanzienlijk korter zijn. Enkele alinea’s of zelfs een paar regels aan leestijd komen dan ook voor.

De uitgever kan in zo’n korte tijd zien of je schrijfstijl al dan niet goed genoeg is. Daar hoef je niet op te letten. Als daar de fout ligt, moet je je persoonlijke schrijfstem nog vinden, of meer oefenen met schrijven.

Inhoudelijk moet je op twee belangrijke dingen letten. In pakweg de eerste pagina moet je:
* een conflict of actie beloven
* aantonen dat je kort en krachtige actie kan schrijven

Het conflict of de verandering hoeft niet meteen het centrale conflict te zijn, maar wel iets wat de lezer doet afvragen: “Wat is er aan de hand?” of “Hoe gaat dit verder?”. Dit kan al zo simpel zijn als: “Waarom huilt dit personage?”. Kom dan niet met iets simpels als: Ze stootte haar teen. Laat zien wat het karakter van het personage weggeeft. Bijvoorbeeld dat ze bang is aangelegd. Langzaam maar zeker kan je dan gedurende je verhaal onthullen waarom dat zo is.

Kort en krachtige actie hoeft evengoed geen explosies of een gigantisch drama te betekenen. Eerder: kun je (middels show don’t tell) binnen enkele regels of alinea’s duidelijk maken dat je personage bang is? Doe je dat op een spannende manier op een prettig tempo? Gebruik je geen vijf pagina’s waar vijf regels zouden volstaan, of laat je juist cruciale informatie achter, waardoor je de lezer verwart?

Chekhov’s gun: streven naar perfectie

Als je droomt van een perfect boek, dan is de schrijftechniek ‘Chekhov’s gun’ een ideale leidraad!

Wat is ‘Chekhov’s gun?’

Chekhov’s gun is een schrijftechniek die ervan uitgaat dat alles wat je opschrijft een doel heeft of in het verhaal terugkomt.

De techniek komt van de schrijver Anton Tsjechov. Hij zei: “Verwijder alles wat niet relevant is voor het verhaal. Als je in het eerste hoofdstuk zegt dat er een geweer aan de muur hangt, dan moet dat in het tweede of derde hoofdstuk beslist afgaan. Als het niet wordt afgevuurd, dan zou het daar niet moeten hangen.”

Chekhov’s gun is dus een soort streven naar perfectie. Wat heeft dat voor gevolgen?

Chekhov’s gun geeft kennis van je plot

Als je niet eens zomaar een decoratief geweer aan de muur mag hangen, ben je constant alert op je plot. Dat heeft voordelen.

* Je zal niet zo snel een subplot schrijven dat het overneemt van het hoofdplot.
* Omdat je op de kleinste details let, zal je het spoor van het plot nooit bijster raken.
* Gaten in het plot schrijven kan haast niet, omdat je zo minutieus te werk gaat.

Chekhov’s gun diept je personages uit

Dus je personage heeft een decoratief wapen aan de muur hangen. Waarom eigenlijk?

* Vindt hij dat een statussymbool?
* Voelt hij zich daar beschermd door, wetende dat het geladen is?
* Is hij een geschiedenisfanaat die weg is van historische wapens?

Het ene mogelijke antwoord verschilt enorm van het andere.

Dus het is een statussymbool? Komt je personage soms uit een adellijke familie? Wat betekent dat voor het karakter, de carrière en het wereldbeeld van het personage? Is dat ene geweer een erfstuk waar een familieruzie aan vooraf ging? Enzovoort, enzovoort.
Als je je bij elk klein gegeven moet afvragen waarom een personage iets doet of vindt, dan leidt dat tot een enorm uitgebreide en bruikbare personagebiografie.

Schrappen ging nog nooit zo simpel

Als Tjechovs geweer één kogel heeft, dan wordt die afgevuurd om een infodump mee van kant te maken. Je kan Chekhov’s gun gebruiken om het schrijven van infodumps af te leren. Niet elk detail is een infodump, maar als je je tekst nakijkt met het oog op Chekhov’s gun, is het makkelijker nagaan wat relevant is en wat niet.

Kom je bij de fase van revisie aan, of moet je schrappen omdat je tekst te lang is, dan is dit een goed hulpmiddel.

Nadeel van Chekhov’s gun: het is streng

Ben voorzichtig als je gaat schrappen met het dodelijke geweer van Tjechov. Voor je het weet, help je je hele tekst om zeep. Chekhov’s gun kan een goede schrijftechniek zijn, maar je moet zijn nadelen ook kennen.
Zoals het cliché wel eens zegt: niets of niemand is perfect. Is het dan wel realistisch daarnaar te streven?

Chekhov’s gun kan een heel gevaarlijk wapen zijn voor je bestaande tekst

Chekhov’s gun en clichés en tropes

Als we het toch over clichés en tropes hebben:

Als je perfect wil schrijven, kom je onherroepelijk een dilemma tegen: iets wat jij perfect vindt, kan de ander oninteressant of ingewikkeld vinden. Precies zoals bij clichés en tropes is perfect schrijven subjectief. Is het dan wel realistisch om dat bij elke zin na te streven?
Zelfs al hoeft niet elke zin niet per se perfect te zijn, maar wel nuttig, dan nog is succes niet gegarandeerd. Een lezer kan een hint niet snappen, een detail vergeten, de zin te lang vinden…

De lat van perfectie

Als je de uitdaging aandurft om elke zin relevant te maken, hou er dan rekening mee dat het schrijven een stuk moeizamer en trager gaat. Het kan zelfs minder leuk worden.
Het vergt een lange adem als je nooit in een schrijversflow mag raken of eindeloos moet herlezen en verbeteren. Zo’n lange adem, dat je misschien wel weken over een enkele zin gaat doen. Dat kan ertoe leiden dat je je verhaal nooit afkrijgt.

Wanneer je merkt dat je de lat van Chekhov’s gun zo’n beetje op het maanoppervlak hebt neergelegd, kun je beter een keer proeflezers inschakelen. Zo kan blijken dat het verhaal in zijn imperfecte vorm niet eens zo slecht is als je misschien denkt.

Als je de lat hier neerlegt is de kans dat het verhaal af komt, net zo groot als dat je de maan zelf bezoekt

De toon van je tekst

Volgens het principe van Chekhov’s gun moet elke zin dus ergens aan bijdragen. Dat doet show don’t tell vaak veel goed. Denk aan het beschrijven van een ruimte. Je moet hiervoor details beschrijven die afzonderlijk misschien onbenullig lijken; de kamer heeft luie stoelen en vangt veel natuurlijk zonlicht op. Samen geeft dit echter wel aan dat de kamer een ontspannen sfeer heeft.
Als je vanwege Chekhov’s gun de details voor jezelf te veel gewicht gaat geven, verzandt je verhaal in bloemig taalgebruik. Dan kan je geweer juist weer infodump in de hand werken. Bovendien zal de manier waarop jij moeizaam begint te schrijven, ook vermoeiend lezen voor de lezer. Af en toe wat zinnen schrijven die op zichzelf niet meteen super belangrijk blijken, houdt de vaart in het verhaal.

Chekhov’s gun: geen makkelijke techniek

Maar als je af en toe een onbelangrijke zin laat staan, hoe weet je dan wat je moet schrappen en wat moet blijven? Wanneer is een zin gewoon minder belangrijk en wanneer is hij zodanig onnodig dat je hem toch echt moet schrappen?

Dit zijn lastige vragen waar geen kant en klaar antwoord op bestaat en waarvoor je een goed technisch schrijfinzicht moet hebben. Chekhov’s gun is dus geen schrijftechniek voor beginners. Ga goed na of je de techniek al kan gebruiken en in welke mate je dat wil doen.

De mate van Cekhov’s gun

Pas Chekhov’s gun met mate toe als de techniek nieuw voor je is. Zo val je niet in de eerder genoemde valkuilen.
Gebruik scènes, dialogen of voorwerpen die daadwerkelijk zeer belangrijk zijn voor het plotverloop of een plottwist in gang gaan zetten als eerste test met Chekhov’s gun.


Webshop verhaal en taal

Heb je naar aanleiding van de tips op mijn website een verhaal kunnen schrijven? Hartstikke goed! Laat mij je helpen met een revisie, zodat je verhaal volledig tot zijn recht komt. Alle genoemde prijzen in deze lijst zijn exclusief btw.

Verhaal en taal voor de revisie van je boek

Ik kijk je verhaal inhoudelijk na op plot, personages en algemene leesbaarheid.
Zo weet je zeker dat je personages realistisch zijn, je plot lekker loopt en het verhaal als een trein leest. Hiervoor vraag ik 50 euro voor de eerste 3000 woorden.

Mocht je daarna nog meerdere woorden onder mijn loep willen leggen, dan maak ik een offerte. De kwaliteit van de tekst kan namelijk van invloed zijn op de hoeveelheid werk die een revisie nodig heeft. Desondanks is de vuistregel dat per 3000 woorden 50 euro de norm blijft.

Verhaal en taal leesrapport

Als je een algemeen beeld wil van de leesbaarheid van je verhaal, is een leesrapport een goede optie. Voor 50 euro krijg je een leesrapport waar ik toelicht wat de sterke en zwakke kanten van je verhaal en schrijfstijl zijn. Dit leesrapport maak ik naar aanleiding van de eerste 3000 woorden van je verhaal.
Afhankelijk van wat ik tegenkom, krijg je feedback op:

* opmaak
* algemene taalbeheersing
* geloofwaardigheid van de personages
* plotwendingen
* algemene beheersing van schrijftechnieken

Uiteraard zal ik je hier en daar ook tips geven hoe je dingen kan verbeteren en zal ik ook je sterke punten benoemen.

De lengte van het leesrapport verschilt al naargelang de opmerkingen die ik geef, maar is minimaal 1 en maximaal 4 pagina’s lang.

Verhaal en taal manuscriptbespreking

Als je behoefte hebt aan een persoonlijk gesprek, plannen we een (video)bel afspraak in. Voor een goede voorbereiding lees ik daarvoor je eerste 3000 woorden en synopsis door.
Een uur bespreken kost 90 euro, daarna 10 euro per extra kwartier.

Schrijven van de achterflap

Het schrijven van de achterflap is een belangrijke opgave. Heel veel lezers bepalen aan de hand van de achterflap of ze het boek gaan lezen. Als je het moeilijk vindt om je verhaal in een paar honderd woorden samen te vatten, laat mij het dan overnemen. Ik lees je synopsis en maak er daarna iets moois van.
Hiervoor vraag ik 80 euro.

Verhaal en taal synopsisrevisie

De synopsis is een belangrijk document als je je manuscript naar een uitgever wil sturen.
Ik bekijk je synopsis om te zien of hij pakkend genoeg is om een uitgever te prikkelen. Daarnaast krijg je tips over hoe je hem nog kan verbeteren.
Hiervoor vraag ik 30 euro.

Let er op dat je synopsis niet langer is dan 1 à 1.5 A4. Als je hem langer maakt, zal een uitgever niet de tijd hebben om hem helemaal te lezen.
Als je een langere synopsis hebt die je wil laten inkorten, doe ik dat graag voor je.
De prijs daarvoor is 60 euro per A4 die je synopsis lang is.

Puntjes op de i

Als je je hele manuscript inhoudelijk tot in de puntjes verzorgd wil hebben, tot aan die op de i aan toe, zullen meerdere van deze diensten je aanspreken. Daarom staan hier een aantal kosten van wat pakketten op een rij. Voor een completer beeld worden de bedragen inclusief btw weergegeven.

3000 woorden redactie en leesrapport 121 euro
6000 woorden redactie en leesrapport 181,50 euro
6000 woorden redactie, leesrapport en achterflap 278,30 euro
3000 woorden redactie, leesrapport, synopsisrevisie 157,30 euro
3000 woorden redactie, leesrapport en 1 uur bespreking 229,90 euro

Natuurlijk kun je naar eigen wensen mixen en matchen!
Mocht je een manuscript hebben van 60.000 woorden, dan hoef je niet bang te zijn dat je meteen meer dan 1200 euro neer moet tellen. Meestal helpt een leesrapport en de revisie van een gedeelte van je verhaal je al verder op weg.
Je kan immers schrijven, dus onderschat jezelf niet teveel. Je kan altijd nog terugkomen voor een tweede ronde 😉

Ik help je graag met de eerste stappen naar dat ene geweldige einddoel: je boek in de boekwinkel!

Heb je interesse? Vul het contactformulier in en ik laat zo snel mogelijk iets van me horen!

Self-publishing: uitgeven in eigen beheer

Als je jezelf officieel schrijver wil kunnen noemen, kun je self-publishing proberen. Wat houdt het in, wat zijn de voor- en nadelen en wanneer is het iets voor jou?

Wat is self-publishing?

Self-publishing houdt in dat je een uitgever hebt, maar zelf voor vrijwel alles moet zorgen:

* de opmaak van de tekst
* controle en verbetering van spelling en grammatica
* foto’s voor de cover en van je portret
* de promotie van je boek

Zelfstandig een boek uitgeven is niet veel meer dan een uitgever zoeken die zorgt voor het drukwerk, het ontwerp van het omslag en een ISBN- nummer, waarmee je een officiële auteur wordt en als zodanig bij het Centraal Boekhuis ingeschreven staat.

Printing on demand

Omdat self-publishing zo toegankelijk is, komen er veel manuscripten binnen bij dit soort uitgevers. Het is dan niet rendabel meer om honderden of duizenden exemplaren te drukken. Daarom werkt men met ‘printing on demand’: er wordt pas een exemplaar van een boek gedrukt zodra het is besteld. Zo komt de uitgever niet met onverkochte exemplaren te zitten en lopen ze vrijwel geen financieel risico.

Zelf je boek promoten

Als je in eigen beheer uitgeeft, zal je zelf je promotie moeten doen. Wees dus voorbereid om veel tijd te besteden aan sociale media, lokale kranten om een interview te vragen en niet te bescheiden te zijn als je de kans krijgt je boek aan de man te brengen.

De uitgever zal de mogelijkheid bieden om bijvoorbeeld visitekaartjes en posters voor je boek in te kopen, maar daar komen dan wel extra kosten bij.

Levert self-publishing iets op?

Als auteur van een roman bij welke uitgever dan ook, staat je salaris (oftewel je royalties) wettelijk vast. Je krijgt 10% van de verkoopprijs per verkocht exemplaar. In de praktijk komt dat neer op ergens tussen 1,40 en 1,90. Je zal dus eerder geld inleveren, als je de kosten van promotiemateriaal nog mee moet rekenen.

Is self-publishing iets voor mij?

Self-publishing is een fantastische en laagdrempelige eerste mogelijkheid om van het schrijverschap te proeven. Als je je verhaal graag professioneel gedrukt wil hebben en wil ervaren hoe je met het promoten omgaat, is het perfect.
Self-publishing gaat heel makkelijk: zolang je geen aanstootgevende teksten schrijft, is de kans vrij klein dat je manuscript wordt afgewezen.
Als je echt professioneel wil uitgeven en grote ambities hebt, ben je bij deze uitgevers niet aan het goede adres. Vanwege de eerdergenoemde zelfstandigheid die de uitgever van je verwacht, maar juist ook omdat deze manier van uitgeven erg laagdrempelig is geworden.

Schrijver versus auteur

Je bent een schrijver als je een verhaal van A tot Z kan afmaken en dat laat drukken. Je bent een auteur als je kwalitatief goed werk levert, naar een professionele uitgever gaat en een noemenswaardig lezerspubliek weet te trekken. Een schrijver is de amateur, waar de auteur professioneel is.

Deze vergelijking maak ik even om de nadelen van self-publishing te kunnen schetsen.

De reactie van je naasten als schrijver

Meestal zijn de (proef)lezers van een schrijver diens naaste omgeving. Die mensen vinden het idee van een compleet boek kunnen afmaken al heel knap. Maar zij hebben het goed met je voor hebben en kunnen meestal geen professionele blik werpen op je werk.

Ik spreek uit eigen ervaring. Ik gaf mijn eerste roman uit toen ik zestien was. Iedereen vond het een geweldig interessant verhaal: “Jouw boek is echt heel interessant en boeiend, dit moet naar een uitgever.”

Het verhaal was redelijk oke. Maar de stortvloed aan infodump, tell, regieaanwijzingen en slechte opmaak waren dat zeker niet. Voor een eerste poging op die leeftijd deed ik het redelijk. Maar een professionele uitgever had het meteen weggelegd. (Dat doe ik nu zelfs. De tekst leest voor mij nu alsof ik Rembrandt ben die naar zijn peutertekeningen kijkt. Ik ben sindsdien veel gegroeid als schrijfster 😉 )

Geniet van het gevoel nu een schrijver te zijn; een eerste finishlijn is gehaald!

Nadelen van self-publishing

Hoewel niet altijd, zijn verhalen van uitgevers in eigen beheer regelmatig in romanvorm gegoten levensverhalen. De schrijver heeft tegen kanker gevochten, de wereld rondgetrokken of een kind verloren. Het kan fijn zijn iets van je af te schrijven en aan andere mensen te kunnen geven. Toch schrijven deze mensen eerder iets op in verhaalvorm, dan dat ze daadwerkelijk een kwalitatieve roman leveren. Daar is op zich niets mis mee, maar als je serieuze ambities hebt, moet je een paar dingen weten over self-publishing.

Je krijgt geen feedback

Je krijgt geen redacteur als je uitgeeft in eigen beheer. Dat betekent dus ook dat niemand je werk inhoudelijk professioneel na zal kijken. (Neem contact op als je daarvoor iemand zoekt) Schrijf je met onnodige expositie of is de beste vriend van je hoofdpersoon een blije Magic pixie? De uitgever zal het je niet vertellen. Self-publishing laat je dus niet groeien als schrijver.

Je wordt niet beroemd

Tenzij je eigenhandig tienduizenden mensen persoonlijk weet te bereiken, zal je niet beroemd worden. Zelfstandig promotiewerk doen levert niet genoeg op om een serieuze naam te maken.

Je ego kan een onterechte boost krijgen

Je hebt een boek uitgegeven in eigen beheer. Gaaf! Nu ben je officieel een schrijver. Net als nog honderdduizenden (!) andere mensen in Nederland. Tja…
Ondanks dat je jezelf officieel een auteur kan noemen als je uitgeeft in eigen beheer, zegt dat niet veel. Want hoeveel van die honderdduizenden schrijvers ken jij bij naam?Misschien ben je echt getalenteerd, maar zie dat zelfstandig uitgegeven boek niet als bewijs.

Self-publishing is helaas geen korte weg om gelauwerd te worden in de schrijverswereld.

Sowieso moet er je als schrijver waken dat je ego niet te groot wordt. Ook als je getalenteerd bent, moet je je ego alsnog kunnen parkeren. Want als je uiteindelijk bij een professionele uitgever terecht komt, moet je open kunnen staan voor feedback van de redacteur. Je zal fouten maken, hoe getalenteerd je ook bent. Maar dat geeft niet. Niemand is perfect. Of wilde je soms zeggen dat jij een Mary Sue of Joe Sixpack bent die uit papieren bladzijdes is opgestegen? 😉

Hoe lever je je manuscript aan?

Je hebt een manuscript en je wil het naar een uitgever opsturen. Hoe doe je dat en wat kan je verwachten?

Aanleveren van het manuscript

Als je je manuscript aanlevert bij een uitgeverij zijn er richtlijnen waar je je aan moet houden. Deze zijn bij elke uitgever anders, dus ga ze goed na. Ga er in ieder geval van uit dat je het manuscript in een specifieke opmaak moet aanleveren.
Denk aan dingen als:
* regelafstand
* lettertype
* lettergrootte

Controleer of je niet vergeten bent te schrappen. Misschien heb je nog wel duizenden woorden aan darlings en infodump die je kan wissen.
Ga niet zomaar aan het woordenaantal van je boek sleutelen om specifiek aan de eventuele eisen van die ene uitgever te voldoen. Als de uitgever je verhaal niet zit zitten, heeft dat in de allereerste fase zelden iets met het woordenaantal te maken.
Toch is het nuttig om nog eens kritisch naar je werk te kijken voordat je naar een uitgever stapt.

Wat moet er in de samenvatting staan?

Soms vraagt een uitgever een samenvatting mee te sturen. Die moet kort zijn. Denk aan 300-400 woorden. Soms mag het langer, maar meer dan één of twee A4 wordt het nooit. Omdat je een verhaal hebt van tienduizenden woorden kan het lastig zijn daar de essentie uit te halen. Je wil waarschijnlijk uit de doeken doen hoe je personage groeit, je geniale subplot beschrijven… Dat gaat hem niet worden, ben ik bang.

Wat moet er in de samenvatting terugkomen?

* Allereerst en het belangrijkst: het centrale conflict. Maak duidelijk wie je hoofdpersonage is, waar zijn heldenreis begint, en wat het conflict tot daadwerkelijk conflict maakt voor je personage.

* Beperk de beschrijvingen van plotwendingen en overige personages. Schrijf alleen over iets dat bijdraagt aan het centrale conflict.

Vertel dat een student geneeskunde een turbulente stage beleeft die zijn leven op zijn kop zet. Introduceer de beste vriend die het emotionele vangnet is tijdens die heftige periode, waardoor hij in staat is de opleiding te voltooien. Het leven bij de studentenvereniging is niet interessant genoeg in vergelijking met de eerste baby die sterft op de OK, waardoor hij besluit van kindergeneeskunde zijn specialisatie te maken.

Om je een idee te geven: deze hele blogpost is tot nu toe 385 woorden lang. Je hebt gewoon geen tijd om over die spannende scharrel in het subplot te schrijven 😉

* verklap eventuele plottwists

Een uitgever wil weten wat voor vlees hij in de kuip heeft. Allereerst en het belangrijkst: beschrijf het centrale conflict. Maak duidelijk wie je hoofdpersonage is, waar zijn heldenreis begint, en wat het conflict tot daadwerkelijk conflict maakt voor je personage.

Lees hier het kopje ‘blijft het conflict hetzelfde?’. Een plottwist kan een zodanig andere wending aan het verhaal geven dat het geheel niet meer bij de uitgever past. En daar wil hij niet pas achterkomen als er al bijna een contract is aangeboden…

* Voeg een samenvatting van ongeveer twee zinnen toe voor in de begeleidende mail:

Een student geneeskunde maakt een heftige stageperiode mee wanneer hij persoonlijk betrokken raakt bij een stervende baby op de OK.

Professioneel of in eigen beheer uitgeven?

Tegenwoordig zijn er veel schrijvers. Het aantal mensen dat een verhaal schrijft is objectief gezien veel groter dan het aantal mensen dat goed genoeg kan schrijven om professioneel uitgegeven te worden. Niemand let je om je levensverhaal op te schrijven over hoe je tegen kanker hebt gevochten, maar als iedereen die dat deed door een grote uitgever werd gepubliceerd…
Negen van de tien keer zijn persoonlijke levensverhalen beter voor uitgeven in eigen beheer. Daar schreef ik hier over.

Toch belanden de persoonlijke manuscripten vaak bij grotere uitgevers. Daardoor heeft een uitgever veel werk en duurt het even voor je antwoord krijgt. Ga uit van ongeveer een half jaar. De uitgever kan door het grote aantal opgestuurde manuscripten helaas niet iedereen beantwoorden. Als je werk wordt bekeken en al binnen enkele minuten wordt afgekeurd, gaat de uitgever niet de moeite doen om je een afwijzing op te sturen. Daarom is het belangrijk dat de lezer (in dit geval de uitgever) meteen geboeid is. In medias res kan een manier daarvoor zijn.

Kans vergroten om uitgegeven te worden

Als je de stap aandurft om naar een professionele uitgever te gaan, is een goed verhaal niet meer genoeg. Een uitgever kijkt niet alleen naar je verhaal, maar ook naar je potentiële lezerspubliek. Ben daarom actief als schrijver, zodat je al een beetje naam hebt gemaakt. (Lees: laat zien dat je met schrijven bezig bent of al een schare fans of volgers hebt.) Dit kan je doen door:

* verhalen te plaatsen op schrijversplatformen
* mee te doen aan schrijfwedstrijden
* actief deel te nemen binnen schrijfgerelateerde groepen op social media
* een eigen blog- of vlogkanaal te maken over schrijven

Er bestaat geen eenduidige weg naar een bestseller, maar naamsbekendheid helpt wel

Checklist voor je manuscript en schrijfproces

Als je je manuscript voor het eerst naar een professionele uitgever opstuurt, is dat een spannende stap. Zorg dat je manuscript in orde is, zodat je laat zien dat je oprechte ambities en talent hebt. Tot slot is er nog een kritische laatste ronde van zelfreflectie.

Voordat je de grote sprong waagt, moet je nog een checklist afgaan

Bedenk altijd voordat je op de verzendknop van de mail klikt:

* is de opmaak in orde (spelling, grammatica, regelafstand enz.)?
* is het duidelijk waar het verhaal naartoe gaat? (grote plotwendingen en het centrale conflict moeten duidelijk beschreven zijn)
* zijn alle overbodige darlings en infodumps geschrapt?
* heb ik proeflezers ingeschakeld? Dit is belangrijk om meerdere redenen:

  • je weet al enigszins wat een lezer wil en verwacht van je verhaal
  • als je wordt uitgegeven, krijg je een redacteur die met feedback komt. Dan is het fijn als je al weet hoe je feedback moet ontvangen en toepassen
  • je leert bescheiden te zijn: Je bent (nog) niet de nieuwe Dan Brown of Nicholas Sparks. Met een zelfingenomen houding kom je niet ver in het uitgeefproces. Je moet met een redacteur kunnen werken die aanpassingen van je verhaal verlangt.

In medias res: onmiddelijke actie

De opening van een verhaal is ontzettend belangrijk, Het kan de lezer onmiddellijk het verhaal inzuigen. In medias res gaat meteen tot actie over.

Hoe begin je een verhaal?

Onderschat het belang van een goed begin van een verhaal niet! In de eerste regels of alinea’s van een verhaal kun je onder andere duidelijk maken:

  • Wie je hoofdpersoon is
    • wat zijn karaktertrekken zijn
    • wat zijn leefomstandigheden zijn
  • Wat het thema is van het verhaal
    • In welk tijdperk het zich afspeelt
    • Wat deze maatschappij bezighoudt

Dit komt ook in een infodump voor, maar dat is geen fijne manier van schrijven.
In medias res helpt om onbelangrijke details over te slaan en de lezer meteen – vrij letterlijk- midden in de actie te plaatsen.

In medias res schrijven

In medias res is niet veel meer dan niet bij het begin beginnen. Je start het verhaal in het midden, of op het einde. Zo beloof je de lezer stukje bij beetje achter de details van het personage of verhaal te komen en blijft de lezer nieuwsgierig.

Bij in medias res begint je het verhaal chronologisch gezien bij een van de opengeslagen bladzijden

Een voorbeeld van in medias res

Omdat je met in medias res start op een moment waarop het verhaal al gaande is, kom je meteen in actie:

Soeraya zat puffend in de taxi, terwijl haar weeën steeds heftiger werden. Imran hield haar hand vast, maar wist niet wat hij met zichzelf aanmoest.
Zodra het kind was geboren zou Soeraya heel wat uit te leggen hebben aan haar moeder. Ze had eerder gekozen uit het beste van twee kwaden. Maar nu begon ze haar keuze te betwijfelen.

Missende informatie na in medias res

De lezer mist hier informatie. Soeraya zit in de problemen. Maar wat zijn die en hoe is dat zo gekomen?

Stel:

Imran en Farid zijn tweelingbroers, die Soeraya allebei een warm hart toedragen. Soeraya en Farid kregen een geheime relatie, waar alleen Imran van wist. Soeraya raakte zwanger en Farid sneuvelde enkele weken later in het leger. Imran is daarna halsoverkop met Soerya getrouwd, zodat hij kon doen alsof hij de vader van het kind was. Zo behouden zijn broer en schoonzus een goede naam binnen de familie. Als ooit bekend zou worden dat Soeraya een buitenechtelijk kind had, zou Soeraya uit de familie worden verstoten. De vriendschappelijke band tussen Imran en Soeraya is te sterk voor Imran om met die mogelijkheid te kunnen leven.

Vragen na in medias res

Dit dramatische voorbeeld maakt de voordelen van in medias res duidelijk. Je hebt veel dat je nog kan onthullen (lees: je kan het verhaal nog lang boeiend houden). Zoals:

  • Hoe is de relatie tussen Soeraya en de tweelingbroers ontstaan? Als Imran zoveel voor Soraya overheeft, is er vast meer aan de hand. Is hij heimelijk verliefd op haar? Heeft zij ooit zijn leven gered en staat hij bij haar in het krijt?
  • Hoe gaan ze de leugen in stand houden in het dagelijks leven? Houden ze dat vol? Wat doet dat met hun vriendschap?

Je kan een heel boek bezig zijn om antwoord te geven op die vragen. Laat dat nou net de bedoeling zijn! 😉

Interesseer de lezer meteen

Als je dit verhaal vanaf de aanvang zou beschrijven, begin je waarschijnlijk bij een eerste ontmoeting. Die is doorgaans alledaags of nietszeggend. Als je de lezer alinea’s lang verveelt met een onbenullige bezigheid, zal die snel zijn geduld verliezen en het boek wegleggen.
In de eerste pagina’s of zelfs alinea’s is het geduld van de lezer het kortst. Zorg dus dat je de lezer meteen boeiend verhaal kan voorschotelen.

In medias res: in gang zetten van een gevolg

Soeraya in de taxi is spetterende actie. Maar in medias res is niet per se spectaculair. Je hoeft alleen maar in het midden of op het eind te beginnen.

Denk aan de structuur van een verhaal: begin-midden-eind. Bij in medias res begin je niet aan het begin. Dat is alles. Maar omdat het centrale conflict pas in het chronologische midden wordt opgelost/ zich aandient, komt de actie daar vóór.
Chronologisch gezien kun je geen actie hebben voor de inleiding: er moet eerst iets aan de hand zijn, voordat iets kan veranderen. Het is dus belangrijk dat je bij in medias res ergens een gevolg aan geeft.

In medias res: de voorwaarden

Dylan gluurde vanachter de boom of de buutplaats nog werd bewaakt.

Hoewel niet bloedstollend, is dit nog wel een in medias res.

* Het begint in het midden van het verhaal (over een potje verstoppertje).
* Het geeft een gevolg aan. (Dylan heeft zich verstopt, omdat eerder iemand aftelde)
* Het belooft onthulling (wie het spelletje wint, wie de medespelers zijn)

Geen spetterende actie, wel een mogelijke in medias res

Valkuilen van in medias res

Word niet meteen te enthousiast en mijd deze valkuilen:

* Je wil het te graag spannend maken, waardoor je alsnog in een infodump verzeilt:

“Denk je echt dat ik haar het huis uit wilde zetten? Ik had geen keus! Anders zou de maffia mijn hele familie vermoorden. Ze weten dat ik hier een miljoen aan contanten heb verstopt en willen me dat maar al te graag afnemen..”

Dit roept vragen op, maar de lezer weet nu ook waarom de maffia je hoofdpersoon op de hielen zit. Als je dat geheim houdt, blijft het spannend en duw je de lezer niet door de strot dat het om een rijke familie gaat. Hier zou je dan een gehaaste vluchtscène kunnen starten.

* Je maakt het uitwerken van je verhaal lastig voor jezelf

Als je met in medias res begint, moet je op een bepaald moment het begin uitwerken. Het kan lastig zijn om dat logisch in je verhaallijn te verwerven. Zeker als je verhaallijn veel plottwists heeft of de relaties tussen personages ingewikkeld zijn, moet je weten waar je aan begint. Bedenk of in medias res wel bij jou en je verhaal past.

Fanfictie: test je schrijversvaardigheden

Fanfictie wordt niet altijd serieus genomen. Kan je wel schrijven als je schrijft over een verhaal van iemand anders? Maar fanfictie kan heel nuttig zijn om je schrijversvaardigheden te testen!

Fanfictie als perfecte startblokken

Fanfictie is een verhaal dat is gebaseerd op een bestaande film of boek die de schrijver naar zijn wensen herschrijft. Het is niet ongewoon dat een schrijver zijn alter-ego in het verhaal schrijft. Dat is ook een van de redenen dat fanfictie niet altijd serieus genomen wordt. De alter-ego’s van schrijvers in fanfictie zijn er berucht om vaak een Mary Sue of Joe Sixpack te zijn.

Fanfictie is een makkelijke manier om te leren schrijven. Je vindt het originele verhaal leuk, anders begin je er niet aan. Dat heeft het voordeel dat je de personages al kent, net als de plottwists van het verhaal. Je weet dus hoe het verhaal anders had kunnen lopen. In plaats van het wiel zelf of opnieuw uit te vinden kun je het omdraaien:

– Je kan een personagebiografie maken van een geliefd personage om te oefenen met een biografie van een eigen personage.
– Verander een belangrijke gebeurtenis in het verhaal eens om te zien hoe een butterfly-effect ontstaat, of wat een plottwist tot plottwist maakt.
– Je hoeft geen onderzoek te doen. Je kan je op het schrijven zelf concentreren, niet op alles wat erbij komt kijken.
– Je leert rekening te houden met je personage. Bij fanfictie kun je alles bepalen, maar als jij the Joker ineens een liefhebbende opa maakt… voelt dat waarschijnlijk toch raar. Zo oefen je met luisteren naar je personage.

Fanfictie: is schrijven iets voor mij?

Als je zelf een verhaal wil schrijven, moet je wèl alles zelfstandig doen of uit het niets verzinnen. Wanneer je bij fanfictie al zucht bij het idee dat je iets moet aanpassen, onderzoeken of ergens echt voor moet gaan zitten… Dan gaat het zelf schrijven van een boek je waarschijnlijk zwaar vallen.

Andersom kan fanfictie je ook laten ontdekken dat je meer of beter kan schrijven dan je in eerste instantie denkt. Zeker als je jezelf toestaat lekker ‘lui’ te schrijven, zoals ik schreef in de post over de sexy lamp. Maak je niet druk, het is fanfictie. Daar mag alles. En dan kun je het feit dat het genre niet altijd serieus genomen wordt, in je voordeel gebruiken.

Fanfictie: werelden op zijn kop

Zet Frodo Balings eens in de hallen van Zweinstein. Oftewel: plaats de personages uit een verhaal eens letterlijk in een andere wereld. Als Frodo plotseling bedreven zou zijn in toverkunst zou zijn reis een stuk makkelijker worden. Maar: hobbits gaan niet naar school. Zou Frodo misschien een slechte leerling zijn, waardoor hij alsnog niets aan een toverstok zou hebben? Wat zou zijn favoriete spreuk zijn? Als je dat te weten komt, kun je ook andere conclusies trekken waardoor je het personage beter leert kennen. Dat kun je weer gebruiken voor het creëren van je eigen personages.

Of laat Spiderman hier eens een weekje logeren…

Fanfictie: mix and match!

Fanfictie heeft nog een voordeel: je kan met de personages en hun karakters eindeloze variaties in plot en relaties uitproberen. Ze staan klaar om alles te testen!

* Laat de slechterik eens winnen. Hoe reageren de andere personages daarop? Hoe beïnvloedt dat het verhaal?

* Maak van de nerd de populaire van de klas of andersom. Wat gebeurt er dan in de groepsdynamiek?

* Mix en match de eventuele romantische paartjes. Dit is misschien wel de beste ‘test’.
Niet alleen werkt dat voor het oefenen met plottwists en verhaallijnen. Je kan dit ook gebruiken voor je eigen toekomstige personages. Ga maar na:

Heb je in plaats van een relatie tussen twee hoogopgeleiden in het originele verhaal nu een relatie tussen een hoog- en laag opgeleide?
Dat doet niet alleen iets met je (fanfictie) verhaal. Als je dat verhaal uitwerkt, doet dat waarschijnlijk ook iets in die relatie. Denk aan dingen als:

– overleeft de relatie het überhaupt wel?
– uitgaan verandert van lezingen bezoeken naar vaker een bezoek aan een feestcafé
– gespreksonderwerpen tussen de geliefden veranderen
– misschien worden de kinderen anders opgevoed, omdat er minder middelen beschikbaar zijn

Dit gebeurt niet altijd. Het ligt ook niet per se aan je schrijftalent of aan de personages. Maar mocht je zoiets opvallen (Dit werkte in het originele verhaal wel, maar in mijn fanfictie niet) dan kun je het in je voordeel gebruiken.

Stel dat je de strenge advocaat en de losbandige feestganger niet gekoppeld krijgt. Nog los van je verhaal, wat kun je daarvan leren?

* misschien werkt ‘soort zoekt soort’ beter in dit/mijn/ een verhaal?
* een streng personage komt misschien meer tot zijn recht in een verantwoordelijke baan dan een super romantische relatie
* misschien moet iemand die iets te losbandig is, eerst op avontuur gaan, voor hij tevreden is met een huisje- boompje- beestje bestaan.
* De feestganger is door al zijn feestjes vaak blut. Daardoor komt hij in de schulden, wat het centrale conflict verandert.

Als je dat weet, dan kan je daarmee een realistische biografie maken voor een ander personage voor je eigen verhaal.
Van een feestbeest wiens drinkgedrag zo uit de hand loopt dat hij een alcoholist wordt die in de schulden belandt, bijvoorbeeld.

Fanfictie: schrijfwedstrijden

Schrijversplatformen zoals Sweek organiseren regelmatig schrijfwedstrijden. Soms mag fanfictie daar ook aan meedoen. Sterker nog: soms zijn de schrijfwedstrijden georganiseerd in samenwerking met uitgevers! Nu zullen uitgevers geen fanfictie uitgeven, maar het komt wel voor dat je als prijs professionele feedback kan krijgen. Dan weet je hoe je jezelf kan verbeteren en je bent als schrijver als eens langsgekomen als auteur. Schrijf fanfictie dus niet zomaar af.

Toen ik in 2018 als finalist eindigde van een fanfictiewedstrijd heb ik Loeff bureau creative mijn verhaal laten vereeuwigen 🙂 Lees het verhaal hier

Maar: neem fanfictie ook niet àl te serieus. Al je jezelf een schrijver wil noemen, moet er uiteindelijk ook iets uit je pen komen dat helemaal uit jouw fantasie is ontstaan.

De schrijversflow: als schrijven vanzelf gaat

Het is een fantastisch gevoel als je merkt dat het schrijven goed gaat. Als je in een ‘flow’ terecht komt en je moeiteloos meters maakt, gaan er leuke dingen gebeuren.
Waarop kun je je verheugen als het schrijven vlot gaat, of je verhaal vordert?

Het plezier van schrijven

Als je een verhaal en een personage gaat bedenken, begin je met niets en heb je alles nog in de hand. Je schrijft een begin van een verhaallijn en maakt een personagebiografie: jij bepaalt waar het over gaat en wat voor karaktertrekken je personage heeft.

Wil je schrijven over een globetrotter? Als je geboeid bent door Latijns-Amerika, gaat jouw personage lekker daarheen. Laat de rest van alle (fictieve) backpackers maar naar Australië gaan. En als jij over drugskartels wil schrijven in plaats van over zoveelste langeafstandsrelatie: ga je gang!

Alleen al daarom is schrijven fantastisch: je kan op een leuke manier nieuwe dingen ontdekken en leren!

Je personage wordt levensecht

Er komt een moment dat je personage zo echt voor je wordt, dat hij net een echt mens wordt. En dan gaat hij gaat ‘vertellen’ hoe hij ergens over denkt. Een voorbeeld: volgens mijn rode draad moet Job zich aansluiten bij een drugskartel. Ik heb een ontmoeting geregeld met een ronselaar, dus…

“Echt niet!” komt Job ineens tussenbeide.
Hij zal toch moeten, anders loopt het verhaal stuk… En trouwens: hij is het personage, ik ben de schrijver. Hij moet gewoon naar mij luisteren.
“Klets maar verder, ik doe dit gewoon niet. Die ronselaar verwacht dat ik met meteen met een geweer op zak ga lopen.”

Er volgt een welles-nietes discussie die even doorgaat. En je personage gaat die winnen. Hij is vanaf dat moment net als een echt mens met een bijbehorende wil. En mensen zijn niet naar believen te kneden… Je zal goed moeten nagaan waarom je personage protesteert en hoe je in kan schikken.

Waarom heeft Job zo’n schrik voor het idee van een geweer? Ik had in zijn biografie geschreven dat hij als klein jongetje al soldaat wilde worden…
“Meteen met een geweer beginnen vind ik een te grote stap. Laat mij eerst leren hoe ik andere mensen moet ronselen. Dan kan ik mijn plaats in de groep vinden, meer over het kartel te weten komen en dan kan ik later alsnog een geweer meenemen.” Probleem opgelost.

Als je op het punt komt dat je personage gaat protesteren, kun je meestal ook goed met hem ´overleggen´wat hij wel wil of kan. Zo worden zowel jij als je personage steeds meer het verhaal ingezogen. Het voelt alsof je de ontdekkingsreis van je verhaal niet langer alleen maakt!

Wat je onderzoekt, kom je tegen

Je bent voor Job onderzoek aan het doen naar drugskartels in Zuid-Amerika. Na een uurtje onderzoek op internet ga je de benen strekken.
Bij de boekhandel valt je oog op een enorme kop op een voorpagina van een tijdschrift: Drugskartels in Zuid-Amerika: de geheimen blootgelegd
De volgende dag kijk je het journaal. Je verwacht dat het over een populair sportevenement of een belangrijke politieke vergadering zal gaan en ineens volgt er een item: Belangrijke drugsbaas uit Colombia gearresteerd.

Hoe groot is de kans dat je hier net een kop ziet betreffende iets wat je aan het onderzoeken bent?
En toch gaat zo’n toevalligheid een keer gebeuren 🙂

Toeval? Wie zal het zeggen, maar hoe dan ook: het gevoel dat je goed bezig bent, kan je waarschijnlijk niet onderdrukken 😉

Van schrijver naar lezer

Inmiddels weet je zoveel van drugskartels af dat je het gevoel hebt dat je er een lezing over kan geven. Je kent Job door en door en je kan goed met hem ‘overleggen’ als dat nodig is. Dan ga je meters maken. Meters waarin Job niet meer protesteert en je je onderzoek niet meer naast je hoeft neer te leggen om steeds opnieuw feiten te controleren.

Dan kan je moeiteloos complete pagina’s vullen. Je denkt niet meer na over dingen als: klopt dit wel met de feiten? Of: zou Job dit doen? Dat wéét je gewoon. Je schrijft je verhaal terwijl je er zelf wordt ingezogen en het zich aan je ontvouwt, bijna alsof je de lezer bent.
Een lezer die de luxe heeft om het einde al te weten, of hier en daar naar het verhaal believen te kunnen aanpassen. Geweldig toch?

Je proeflezer vindt het verhaal logisch

Je hebt je onderzoek gedaan met als resultaat een document genaamd Latijns- Amerikaanse drugsbazen met het formaat en de uitstraling van een klein proefschrift.
Job beleeft ondertussen zijn eigen avontuur. Nu geef je de eerste hoofdstukken van het verhaal aan een proeflezer. Omdat je een roman schrijft en geen naslagwerk, kun je heel veel informatie uit jouw ‘proefschrift’ niet delen. Anders krijg je een infodump.

Maar… snapt de proeflezer dan wel hoe drugskartels werken? Heb jij die tientallen pagina’s aan onderzoek beknopt, logisch en boeiend kunnen samenvatten in je dialogen, in voldoende show don’t tell en blijft de lezer nieuwsgierig naar de vorderingen van Jobs avonturen?
Je bijt je nagels af in afwachting…

“Ik weet nog niet hoe dat kartel precies in elkaar zit, maar volgens mij is er sprake van een netwerk waar Job nog geen benul van heeft. Ik hoop echt dat hij zijn gezonde verstand niet kwijtraakt. Maar ik weet ondertussen dat Job niet zo dapper is als hij anderen wil laten geloven, dus ik vrees het ergste…”

Tijd om een gat in de lucht te springen!

Yes! Jobs karakter komt duidelijk over en de lezer is nog steeds geboeid. En inderdaad: er zit een heel netwerk achter een drugskartel. Dat heb je in 300 woorden duidelijk gemaakt, terwijl jij het honderdvoudige over het hoe en wat daarvan gelezen hebt.

Goed bezig, schrijver! Misschien wordt het tijd om te overwegen om je manuscript naar een uitgever te sturen? 🙂

Schrijfoefening: het butterfly-effect creëren

Een butterfly-effect is interessant om te lezen en nog interessanter om te schrijven. Je leert er personages en omstandigheden door kennen. Voor je het weet, heb je uit het niets een compleet verhaal te pakken!

Wat is het butterfly-effect?

Simpel gezegd is het butterfly-effect een samenloop van kleine dingen die grote gevolgen hebben. Het voelt als een optelsom van een grote reeks van kleine toevalligheden, met grote uitkomsten. (‘Als X niet was gebeurd, was Y ook niet gebeurd. Idioot hè?’) Hier schreef ik daar al eerder over.

Voorbeeld van een butterfly-effect

Als Janine niet tegen Kai was gebotst, waren ze nooit getrouwd geweest.
Kai botst tegen Janine op, en zij laat haar tas vallen. Een dure vaas valt uit de tas en breekt. Als goedmaker biedt Kai Janine een koffie aan. De rest is geschiedenis.

Het butterfly-effect als schrijfonderzoek

Hoe cliché dit voorbeeld ook is, je kan het niet zomaar gebruiken. Het moet kloppen bij je personages of de omstandigheden. Als je iets niet moet doen, is het iets schrijven ‘omdat ik wil dat het zo (af)loopt.’ Ik schreef er hier al over in theorie, we gaan het nu in de praktijk brengen.

Wil deze ‘vlinderromance’ kunnen ontstaan, dan moet er veel goed gaan. We kijken eerst wat er mis kan gaan. Waarom? Omdat het vlindereffect alleen kan plaatsvinden als er meerdere schakeltjes naadloos in elkaar overgaan. Valt er één schakel weg, dan doet het butterfly-effect dat ook.

Wat kan er zoal misgaan in ons voorbeeld?

De ‘verpestende vlinders’ van Janine

* Janine is zo geweldig rijk dat het niet erg is dat een vaas van 300 euro kapot gaat.
* De vaas heeft zo’n grote emotionele waarde dat Janine in plaats van Kai’s koffie te accepteren, ze Kai uit woede een klap verkoopt.
* Janine heeft een sollicitatiegesprek dat zo belangrijk is dat ze geen tijd heeft om zich druk te maken om de vaas.

De ‘verpestende vlinders’ van Kai

* Kai heeft een vriendin en biedt dus geen koffie, maar een financiële schadevergoeding aan.
* Kai vindt Janine niet knap (wat voor het romantische cliché veel verschil maakt…)
* Kai is verlegen en vindt Janine zó knap dat hij haar geen koffie aan durft te bieden.


Dit zijn eenvoudige voorbeelden. Als je even brainstormt kun je veel meer bedenken.

Hoe kunnen we hier een happy end van maken?

De vlinders op een rij krijgen

Als je weet welke omstandigheden tegenwerken, draai je ze om zodat ze meewerken. Kies wat je leuk vindt! Bijvoorbeeld:
Janine is qua uiterlijk heel gewoontjes, maar Kai heeft zijn Mary Sue-achtige vriendin net gedumpt. Zijn ex was meer dan prachtig, werd nooit boos, en vond zichzelf heel wat.
Janine vloekt luid vanwege de vaas, maar biedt ook haar excuses aan; ze had zelf ook op kunnen letten. Dan weet ik wel wat Kai denkt:
Een normale, imperfecte vrouw die fouten maakt en net als ieder mens -behalve mijn ex- een keer boos is als er iets tegenzit. Halleluja!

Nu komen we bij het belangrijke punt van de schrijfoefening. Deze opzet roept nieuwe en interessante vragen op, zoals:

* hoe komt Kai aan zo’n superrijke, knappe en ‘perfecte’ ex?
– Heeft hij een rijke familie?
– Heeft hij een glansrijke carrière als modeontwerper waar supermodellen aan de lopende catwalk voorbij komen?
– Is zijn ex zo’n tut dat Kai het sowieso het maar twee weken met haar heeft uitgehouden? (hé, het is zijn ex hè? 😉 )

* waarom heeft Janine überhaupt een dure vaas bij zich?
– Doet ze een heitje voor karweitje en brengt ze de vaas namens haar invalide buurman naar zijn familielid?
– Is ze een kunstenares op weg naar haar expositie en heeft ze die vaas zelf gemaakt?
– Werkt Janine bij het crematorium en lijkt het voorwerp op het eerste gezicht een vaas, maar blijkt het later een urn te zijn?

Je keuze maakt een groot verschil. Als Kai een verwend rijkeluiskindje is, is de kans groter dat hij arrogant is. Als hij Mary Sue net heeft gedumpt, zal hij eerder een hekel hebben aan zogenaamd perfecte rijkelui. Als Janine een klusje doet voor wat extra geld, is ze waarschijnlijk armer dan wanneer ze een bekende kunstenares is die haar eigen expositie heeft.

Ga na welke vragen je jezelf kunt stellen en hoe je die kan invullen. Als je dit vaak genoeg herhaalt, leer je uit het niets nieuwe personages en verhaallijnen kennen. Wie weet kun je zo een idee opdoen voor een compleet boek!

Blokjes bepalen voor de schrijfoefening ‘butterfly-effect’

Ik gebruikte een cliché om mijn oefening makkelijk uit te kunnen leggen. Hoe maak je zelf een unieker begin voor een ‘vlinderverhaal?’

Voor het begin van je verhaal (de ‘als’): gebruik een alledaagse, bijna onopvallende gebeurtenis. Voor het eind van het verhaal (de ‘dan’): gebruik een gebeurtenis die een leven of de wereld verandert.

Voorbeelden om je op weg te helpen:

als

* ik de trein had gehaald
* het niet had geregend
* ik die euro niet op straat had zien liggen
* ik dat smsje had gelezen
* het restaurant dicht was geweest
* mijn vriend de vergadering had gemist
* de zalm bij de vishandelaar niet was uitverkocht
* de tuinman rozen had geplant in plaats van tulpen

dan:

* had ik nu geen neefje
* had ik een ander beroep gehad
* had ik geen terminale ziekte gehad
* was ik minister-president geweest
* was de pandabeer nu uitgestorven
* waren de banken omgevallen
* was er nu nog oorlog
* was er een nieuwe religie ontstaan

Misschien heb je veel schakels nodig om bepaalde scenario’s te laten werken, maar deze oefening traint in ieder geval je creativiteit. Het dwingt je ook na te gaan welke dingen aan iets ten grondslag (kunnen) liggen.

Tip: Wie is je ik-figuur?
Een scenario kan al logischer beginnen als je ik-figuur een koning is in plaats van een huisvrouw (of juist andersom, wie zal het zeggen?)

Leeft deze lieve jongen nog omdat in jouw scenario je vriend een vergadering heeft gehaald?


Veel plezier met puzzelen en de schrijfoefening!

Proeflezer zijn

Een schrijver vraagt je of je proeflezer wil zijn. Waar let je dan op, wat zeg je en hoe kun je de tekst lezen?

Randvoorwaarden voor een proeflezer

Een schrijver moet zelf goed nadenken over wie hij inschakelt als proeflezer.
Hij moet erop kunnen vertrouwen dat:

* je hem niet persoonlijk aanvalt
* je hem niet met fluwelen handschoenen aanpakt/ alleen maar vol lof bent
* je het verhaal niet wilt overnemen

Lees deze punten hier uitgebreider terug.

Welke proeflezer ben jij?

Er zijn verschillende soorten proeflezers. Sommigen controleren alleen op grammatica, anderen zijn er voor het inhoudelijke gedeelte. Zorg dat je vooraf duidelijk hebt wat van jou als proeflezer wordt verwacht. Als er iets niet duidelijk is, vraag het dan gewoon. De schrijver zal je dankbaar zijn. Iedereen is erbij gebaat als alles vlot verloopt.

In deze blog ga ik verder in op de proefpersoon die vanwege de inhoud wordt ingeschakeld.

Standaard vragenlijstje voor de inhoud

Een schrijver zal een vragenlijstje maken met dingen waar je specifiek op moet letten.
Zorg ervoor dat die vragen duidelijk voor je zijn voor je begint met lezen. Let er ook op dat het vragenlijstje niet te lang is. Als je twintig vragen krijgt over een hoofdstuk van één A4, kun je je niet meer op het verhaal concentreren.

Vragen die een schrijver waarschijnlijk zal stellen zijn:

* Kun je het verhaal nog volgen?
* Wat denk je dat er na de cliffhanger gebeurt?
* Zijn de personages en het verhaal nog interessant?

Antwoord met ‘want’ waar je kan. “Het verhaal is nog spannend, want…” “Ik snap niks van de cliffhanger, want…”
Soms moet de schrijver informatie achterhouden om de spanningsboog op te bouwen. Dan zal de schrijver waarschijnlijk ook iets over specifieke scènes willen weten.
Verwacht daarom ook enkele inhoudelijke vragen.

“Geen flauw idee!” Wat nu?

Je leest over een personage dat bont en blauw geslagen is. De schrijver vraagt je:
“Wie heeft Joost zo toegetakeld, denk je?”
“Geen flauw idee!”

Je mag dat gewoon zeggen. Je hoeft de schrijver niet te sparen. Sterker nog, dit is precies de reden dat je proeflezer bent! Laten we twee mogelijke redenen voor jouw antwoord doorlopen.

Het is de bedoeling dat je het antwoord nog niet weet

Stel dat Joost homoseksueel is, maar je daar later in het verhaal pas achterkomt. Dan is het heel logisch dat je niet kan raden dat hij in elkaar geslagen is door een homohater. In zo’n geval is dit een eerste puzzelstukje van een grotere puzzel die later in het verhaal pas echt opgelost kan worden.

De schrijver is slordig

“Wacht even… Wàs Joost in elkaar geslagen dan?”
Wat blijkt nu? De zin: kreunend van de pijn en met blauwe plekken over zijn hele lijf kwam Joost drie uur later thuis is nooit opgeschreven, omdat de schrijver al met zijn hoofd bij de volgende scène zat!
Schrijvers zijn ook maar mensen en mensen maken fouten. Als proeflezer is het ook je taak onnozele fouten te melden als je die opmerkt.

Als de tekst zo’n zooitje is dat je er niets meer uit kan halen, zeg het dan gewoon!

De proeflezer als detective: puzzelstukjes zoeken

“Ik heb geen idee waarom Joost geschopt is en heb geen enkele aanwijzing. En toch vraag je me waarom ik dat denk?”

We hadden het er al over dat een schrijver met bepaalde puzzelstukjes werkt. Als een schrijver een vraag stelt die je niet direct kan plaatsen, is de vraag eigenlijk:
“Ik heb een puzzelstukje gegeven. Heb je dat in de gaten, kun je raden wat dat puzzelstukje is en in welke eindpuzzel dat gaat passen?

Lees de scène nog eens. Kun je, nu je vermoedt dat er ergens een puzzelstukje verstopt zit, raden wat dat zou kunnen zijn? Joost kan bijvoorbeeld:
* met een diepe zucht en wat vertwijfeld naar een regenboog in de lucht kijken.
* vliegensvlug zijn telefoon op een feestje uitzetten als Bart belt.

Merk op dat dat hier alleen gehint wordt naar dingen die op Joosts geaardheid kunnen wijzen. Het geeft dus geen antwoord op de vraag wie Joost heeft mishandeld, maar dat zijn dus wel kleinere puzzelstukjes.
Als je denkt dat je een puzzelstukje gevonden, zeg dat dan ook.
“Ik heb geen idee wie Joost heeft mishandeld, maar ik heb wel het idee dat hij homo is. Hij wordt namelijk ontzettend zenuwachtig als hij wordt gebeld door een jongen wanneer zijn moeder in de kamer is.”

Het maakt niet uit of je gelijk hebt met je gevonden puzzelstukje. Misschien is Joost wel hetero, vindt hij regenbogen gewoon een prachtig natuurverschijnsel en is Bart zijn woedende drugsbaas…
Welk puzzelstukje je ook denkt te vinden, als je het doorgeeft aan de schrijver kan hij daar wat mee. Zo weet hij of hij goed zit, of juist helemaal fout en meer of andere hints moet geven.

Ga ervan uit dat jouw ‘aha-momentje’ er ook een voor de schrijver is.

Maak je niet te druk of je het juiste puzzelstukje hebt, of dat je dat überhaupt hebt kunnen vinden.
* Misschien is het puzzelstukje te klein om op te vallen en vraagt de schrijver je ernaar om te kijken wat voor sfeer de scène in zijn geheel bij de lezer oproept.
* De schrijver kan je op het verkeerde been zetten en je een ‘vals puzzelstukje’ geven.
* Zoals gezegd: de schrijver kan ook iets fout hebben gedaan.

Lees de scène nog maximaal één keer terug, als je naar dat puzzelstukje gaat zoeken. Als je eindeloos ontleedt, gaat je spontane interpretatie verloren, terwijl dat juist zo belangrijk is voor de schrijver. Het is aan de schrijver om zijn eigen werk kritisch te bekijken en eventueel te veranderen naar aanleiding van jouw bevindingen. Je kan weinig tot niets fout doen als je eerlijk en objectief blijft.

Als je antwoord: “Ik heb geen idee” blijft, ben je niet dom! Wie weet heb jij de grootste zwakte van de schrijver blootgelegd, waardoor hij zichzelf kan verbeteren. Of denk je dat je helemaal naast zit, maar ben je juist de eerste die een hint van een goed in elkaar gezette plottwist meteen heeft ontdekt!