Zo maak je een cliché origineel: de puber op de middelbare school

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week kijken we naar twee veelvoorkomende clichés bij personages van de middelbareschoolleeftijd.   

Het cliché: een aantal bekende pubers

Degene die op de middelbare school mooi is, met wie iedereen vrienden wil zijn en die gemeen is tegen iedereen buiten de vriendengroep. En dan de verstotende: vriendeloos, gepest en vaak goed in bètavakken. Kortom: de populaire en de nerd. En dat zijn er nog maar een paar van de pubers die in schrijversland naar de middelbare school gaan.

Waarom stoort dit cliché zo?

De middelbare school kenmerkt zich wel degelijk door bepaalde kliekjesvorming als het om vriendschappen gaat. Maar door je jonge tienerpersonage te snel de populaire of de nerd te maken, neem je pubers niet serieus.
Die kunnen meer zijn dan óf gemeen en mooi, óf lelijk en gepest, óók al vliegen de hormonen in het rond en wordt er een plaats in de sociale hiërarchie gezocht. Het risico dat je er storend oppervlakkige personages van schrijft, is heel groot.

Maar er kleeft nog een nadeel aan deze typische classificering van karaktertrekken tijdens de middelbare schooltijd. Als je die clichéwaarden aan elkaar koppelt alsof ze niet afzonderlijk van elkaar kunnen bestaan, dan gaat vroeg of laat je verhaalthema eronder lijden.
Je kan dus alleen maar zacht van aard zijn als je ook gepest wordt? Want als je mooi bent, moet je ook gemeen zijn.
De kans is groot dat met zulke rigide regels je een verhaal niet fatsoenlijk kan uitwerken. Omdat je niet de diepte in kan gaan en omdat je nog een heel leger aan medepersonages nodig hebt die elk een specifieke karaktertrek moeten vertegenwoordigen. Zoals iemand die aardig is zonder gemeen te hoeven zijn. Maar dat is dan vaak wel weer een vervelende cliché grappenmaker.

De oorzaak van het cliché: gebrek aan levenservaring

In kinderboeken is er nog geen behoefte aan diepzinnige personages. Pubers lijken in schrijversland vaak tussen de kinderen en volwassenen in te vallen als het gaat om waar ze in hun emotionele ontwikkeling zijn. Ze spelen relatief weinig de hoofdrol in diepgaande verhalen. Dus lijkt het een vrijbrief om ze maar eenvoudig weg te zetten. ‘Het zijn pubers, die worden gedreven door de hormonen. En we weten allemaal hoe dat gaat…’. Vanwege hun gebrek aan levenservaring wordt te vaak gedaan alsof ze nog geen idee van het leven hebben. Maar een zogenaamd gebrek aan levenservaring mag nooit een excuus zijn voor het gebrekig uitwerken van karaktertrekken.

Het cliché fiksen: gebruik pubers niet als gereedschap voor schok en drama

Het lijkt geen gek idee om pubers in een verhaal te laten voorkomen in verhalen voor het nodige drama. Experimenteren met drank, seks, drugs en het zich afzetten tegen de ouders lijkt daar een goed recept voor. En dat kan werken, maar je kan het beter laten om een puber in je verhaal te schrijven, alleen omdat je de lezer daarmee denkt te choqueren. Extra drama aan je verhaal toevoegen omwille van het extra drama is geen goed idee. Een lezer prikt daar makkelijk doorheen. Bovendien kan het tegen je werken als je een complete (potentiële) doelgroep niet serieus neemt.

Tips voor het verminderen van het cliché

  • Zie pubers liever als mensen die emoties sterker ervaren dan mensen die alleen maar gedreven worden door emoties. Dat voorkomt al een hoop van de oorzaken die ervoor zorgen dat dit cliché zo eenzijdig en oppervlakkig maakt.
  • De naïviteit die pubers doorgaans hebben kan je ook omzetten naar een unieke drijfveer en veel daadkracht om iets te veranderen in plaats van ernaar te kijken als ‘dom’.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Olivia Hibbins via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: maar dat schrijf je niet

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week kijken we naar wat je denkt te schrijven, maar wat niet op papier staat.   

Het cliché

Het bekendste voorbeeld van dit cliché is het volgende voorbeeld: Romeo is zogenaamd uitzonderlijk ‘zorgzaam’. Julia komt thuis met een schrammetje en hij briest onmiddellijk: “Wie heeft jou dit aangedaan? Als ik erachter kom, sla ik diegene meteen in elkaar.”
In werkelijkheid is Julia niet geslagen, maar heeft ze een laaghangende tak ongelukkig in haar gezicht gekregen…

Waarom stoort dit cliché zo?

Deze alfaman is om voor de hand liggende redenen gevaarlijk, maar ook verhaaltechnisch is er iets mis hem. Hij vertaalt een idee wat in beginsel romantisch is, naar iets wat dat allesbehalve is. Daarmee is hij de belichaming van: je schrijft niet wat je zegt te schrijven.

De oorzaak van het cliché: uit de voegen gegroeid  

Als Julia inderdaad geslagen zou zijn, dan doet Romeo er goed aan om haar te beschermen. Maar dat is er sowieso niet gaande en geweld zou het niet oplossen. Bovendien gaat het er deze briesende Romeo vaker om dat iedereen ziet hoe mannelijk, sterk en stoer hij is en hoe alles gaat zoals hij wil. Julia’s welzijn staat meestal niet op de eerste plaats.

Deze Romeo is niet het enige personage dat iets anders uitdraagt dan hij zelf zegt te doen. Wat het exacte scenario ook is, dit cliché begint met een goede bedoeling, die zodanig wordt uitvergroot dat het uitgroeit tot iets heel anders. Voorbeelden:

  • ‘Ik wil je beschermen’ wordt ‘ik wil totale controle’
  • ‘Ik wil enkele klusjes uit handen nemen’ wordt ‘jij kan geen huishouden draaien, daarom doe ik alles voor jou.’
  • ‘Ik ben gul door je wat geld te geven’ wordt ‘ik maak je (financieel) afhankelijk van mij’

Het eigenaardige van dit cliché is dat het bij thrillers een zeer stevige schrijftechniek kan zijn om een personage langzaam maar zeker van de held een slechterik te maken. Maar eerdergenoemde Romeo in het romantische genre en personages in het feelgoodgenre die ‘het gewoon goed bedoelen’ zullen bij iedereen op de verkeerde manier opvallen en irritaties opwekken. Omdat je met hen als schrijver niet schrijft wat je beweert te schrijven.

Het cliché fiksen: hou je genre en moraal in de gaten

Een personage dat in eerste instantie goede bedoelingen heeft, kan makkelijk uitgroeien tot een personage dat iets heel anders belichaamt dan je bedoelt. Het is fictie-eigen om iets overdrevener te maken. Als je een verhaal niet een beetje meer conflict of drama geeft, gaat dat ten koste van een goede structuur of spanningsboog. En die wens voor nét wat meer drama of conflict, groeit sneller uit tot iets heel anders dan je als schrijver meestal denkt of hoopt.
Als je elementen in je verhaal verwerkt die makkelijk in uitwerking of boodschap kunnen transformeren, kijk dan regelmatig of je niet aan het afdwalen bent. Proeflezers inschakelen kan hier ook bij helpen.

Tips voor het verminderen van het cliché

  • Onthoud dat een verhaal zonder extreme drama ook een goed verhaal kan zijn.
  • Zorg ervoor dat je held meerdere personages heeft om mee om te gaan. Dat voorkomt dat een ander personage te veel macht heeft over diens leven. Of dat datzelfde medepersonage een moraalridder wordt of de boodschap die je mee wil geven, plotseling een heel andere boodschap krijgt.

    Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Francisco De Legarreta C. verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: omdat de schrijver het zegt

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: omdat de schrijver het zegt. 

Het cliché

Of het nu een koppeltje is dat met elkaar moet eindigen, of de lezer medelijden zou moeten hebben met een ziek personage, of het landschap prachtig moet vinden: zodra de schrijver iets vindt, moet de lezer het met de schrijver eens zijn. Zelfs als daar helemaal geen inleiding, reden of tekst en uitleg aan te pas komt. 

Waarom stoort dit cliché zo?

Een verhaal heeft in meer of mindere mate altijd een oorzaak en gevolg. Personages worden vrienden omdat ze samen een avontuur zijn aangegaan, een verhaal is spannend omdat er iets op het spel staat, of een landschap is mooi omdat de sfeeromschrijving goed is neergepend. 

Zonder serieuze inspanning van de schrijver wordt een verhaal alleen maar dertien in een dozijn, hoe spectaculair of uniek je verhaal in theorie ook is. ‘Omdat ik het als schrijver zeg’ is een uitgangspunt dat nooit werkt. Net als een kleuter dat vaak doet, zou de lezer zich altijd moeten afvragen: ‘waarom?’

De oorzaak van het cliché: slechte of startende schrijver

Een schrijver die denkt een lezer zomaar mee te krijgen, is slecht bezig. Waarom een schrijver dat denkt, dan verschillende oorzaken hebben:

  • De schrijver heeft een te groot ego of te weinig zelfreflectie
  • De schrijver is te lui
  • De schrijver heeft nog te weinig uitgewerkt aan de tekentafel. De schrijver weet: mijn romantische verhaal speelt zich af in de renaissance. Meer nog niet. Dus ook niet wie de Romeo en Julia zijn en wat de aantrekkingskrachttussen hen gaat vormen. 

Het cliché fiksen: er werk van maken 

Een schrijver met een te groot ego denkt dat die per definitie perfect schrijft, wat de uitwerking alleen maar slechter maakt. Als je te snel denkt dat je goed schrijft, schrijf je vaak volgens het ‘omdat ik het zeg’-principe. Feedback verwerken vind je dan vaak ook irritant, terwijl dat essentieel is om jezelf als schrijver te ontwikkelen. 

Een zekere mate van arrogantie is ook bij de luie schrijver het grootste probleem. Er worden duizenden boeken per jaar geschreven. Dan is het nogal een aanname dat lezers jouw boek als vanzelf leuk vinden alleen omdat je een keer schrijft dat het triest is dat bij tante Bep een ernstige ziekte is geconstateerd. En dat nog voordat de lezer weet wie Bep is of van wie ze überhaupt de tante is. 

Een schrijver aan de tekentafel is nog met die vragen bezig en loopt de kantjes er niet van af, maar heeft juist zin in dit ‘kennismakingsproces’ met het eigen verhaal. Dat voorkomt vrijwel altijd ‘omdat ik het zeg’ in de uitwerkingsfase.

Of je verhaal maar 300 woorden is, of een hele boekenreeks van honderdduizenden woorden omvat, als schrijver moet je weten waarom je verhaal uniek is. En hoe je dat bewerkstelligt. 

Tips voor het verminderen van het cliché

  • Ben je geen arrogante of luie schrijver, maar gewoon nog bezig aan de tekentafel? Enkele vragen om jezelf te stellen: 
  • Bij onderlinge relaties tussen personages: heb je een aanwijsbare reden waarom zij elkaar liefhebben, hekelen of raar vinden?
  • Bij sfeeromschrijvingen: heb je zintuigrijk schrijven al onder de knie?
  • Wat betreft het plot: Heb je duidelijke clues? Gebeurt er genoeg ‘tussendoor’ om van een vroege oorzaak een later gevolg te maken? 
  • Bij worldbuilding: zijn je wetten logisch en niet via infodump bekendgemaakt? 
  • Weet je hoe je dialogen kan schrijven zonder een ‘As you know Bob?
  • Ken je de intrinsieke motivatie van de personages waarover je schrijft? 

Hiermee zou je al een heel eind moeten komen. Succes! 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Sivani Bandaru verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: de boze baas

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: de boze baas.

Het cliché

Je held heeft een (kantoor)baan en een baas met een woedeprobleem. Baas is onredelijk, vindt zichzelf veel te belangrijk en schuwt schreeuwen naar zijn ondergeschikten ook niet. Regelmatig is deze baas ook nog een seksistische man die zich schuldig maakt aan seksueel overschrijdend gedrag.

Waarom stoort dit cliché zo?

Een seksistische baas die zich zeer ongepast gedraagt, behoeft geen verdere uitleg. Maar er zijn nog andere redenen waarom dit cliché stoort. En dat ligt aan de baas en aan de heldin.
Baas zelf is voor de voortgang van een verhaal storend. Een personage dat extreem koppig, egocentrisch en een schreeuwlelijk is, wil dat alles bij hetzelfde of volgens de eigen regels gaat. Anders gezegd: het risico dat het plot op slot komt te staan is erg groot.
Dan is er nog de boodschap die de boze baas vaak met zich meebrengt. Vaak is de werknemer een heldin die door tegen de baas in te gaan strijdt voor een betere positie van de vrouw (op de werkvloer), en vaak draait daar het hele verhaal dan op. Maar een verhaal dat volledig leunt op één boodschap of moraal, is eerder irritant dan interessant en blijft oppervlakkig.

De oorzaak van het cliché: personificatie van een probleem

Of deze boze baas nu in het verhaal is vanwege feministischte redenen of niet, de boze baas is vaak in het verhaal om de held(in) een te makkelijk doel te geven. Als je kan zeggen: “zodra Baas de deur uit is gewerkt, zijn al mijn problemen over,” concentreert je held(in) zich op een ander, in plaats op diens eigen groei. Dat is sowieso minder interessant om over te lezen. Bovendien is de kans te groot dat je held het probleem ook (gedeeltelijk) door anderen kan laten oplossen. Een goed verhaal heeft geen probleem om op te lossen, maar een conflict om van te groeien.

Het cliché fiksen: geef de baan een project

Zowel baas en werknemers moeten op het werk iets voor elkaar krijgen. Hogere verkoopcijfers, de afronding van een project, de concurrent vóór zijn in innovatie… Zorg ervoor dat dit project duidelijk wordt in het verhaal en neem dat ook echt mee in het plotverloop. Noem niet tussen neus en lippen door dat er hogere verkoopcijfers moeten worden gehaald. Neem het verloop van dat project mee in het plot: dan kan je ook laten zien wie je held als persoon is en hoe die daarvan groeit. Want als je held zomaar iets zitten te tikken achter het bureau of met twee vingers in de neus dit project voor elkaar krijgt, is misschien niet alleen de boze baas het probleem in dit verhaal.

Tip voor het verminderen van het cliché

Maak de baas niet zozeer opvliegend, maar gluiperig of stiekem. In een boek maakt dat een baas veel enger en gemener dan wanneer je hem regelrecht woedend maakt. Dat komt omdat ‘grotere’ emoties makkelijker ongeloofwaardig overkomen in een boek door een gebrek aan opbouw. Wil je hem wel opvliegend maken, zorg dan voor een goede opbouw in die boosheid: laat de baas dus boos wórden in plaats van altijd maar boos zíjn.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Dmytro Tolokonov, verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: de grappenmaker

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: de grappenmaker.  

Het cliché

In je verhaal is er een groep vrienden die allerlei dingen meemaakt. Ook enge en heel droevige momenten komen regelmatig voorbij. Maar geen nood: dan is er de grappenmaker die een schuine mop vertelt, over een banaan uitglijdt of op een minder doorzichtige manier de situatie met humor probeert te verlichten. Alleen slaagt die daar nooit in en wordt het tegendeel bereikt: de lezer gaat ervan met de ogen rollen.

Waarom stoort dit cliché zo?

Deze grappenmaker is toondoof. Humor kan helpen om de situatie wat te verlichten, maar dit personage heeft er een handje van om verkeerd in te schatten wanneer humor gewoon niet op zijn plaats is. Of de schrijver had moeten weten dat dit niet het moment is om de bananenschil op de stoep te leggen waar over gestruikeld kon worden.

De oorzaak van het cliché: scèneovergang met verkeerde toon

Een scène waarin er een uitzonderlijk eng of naar moment voorkomt, doet de personages tijdelijk bevriezen. Dat maakt dat ook het verhaal even stilvalt, al is het maar voor een paar spreekwoordelijke seconden.  Om het verhaal dan weer op te starten, lijkt de lolbroek dan een goed middel. Er is tenminste weer iets aan de hand en er kan weer ergens over gepraat worden. Al is het maar over wat een kluns de grapjas toch altijd is. Maar dat is geen goede manier om een scèneovergang aan te pakken.

Dan is er ook nog het feit dat de toon die Grappenmaker in het verhaal brengt niet past. Een verhaal kan wisselen van wat je de ‘tijdelijke toon’ zou kunnen noemen. Dat betreft het scèneniveau. Droevige momenten verschillen van blije momenten en daar heb je wat speling. Maar in het verhaal als geheel kan je daar niet te veel veranderen. Anders krijg je gekke dingen als een grappige dystopie: iets wat gewoon niet rijmt.

Het cliché fiksen: bouw de ‘actie’ rustig op

Wees niet bang om het tempo in een scèneovergang wat te vertragen na een heftig moment. Geef de personages de tijd om de angst of het verdriet te voelen en sta daar bij stil. Als het tijd is om weer in de actie te komen, maak dat dan een  1 of 2 op een schaal van 1 -10. Wat de cliché grappenmaker doet, is de actie meteen naar een 7 of 8 forceren. Als je toch een moment van opluchting in de vorm van humor zoekt, zorg er dan eerst voor dat je personages zichzelf weer bij elkaar geraapt hebben. Als ze dan weer hun gebruikelijke ritme hebben gevonden, kan de grappenmaker een droge grap maken over de situatie of weer eens onhandig de teen stoten, zoals bij deze kluns past.

Tips voor het verminderen van het cliché

  • Als je een personage hebt dat je zou bestempelen als ‘de lollige’ wees er dan extra alert op dat dit personage méér is dan alleen grappig of onhandig. Een ‘lollig’ personage is al snel te oppervlakkig als je dat niet verder uitwerkt.
  • Er zijn meerdere soorten humor en ook die zijn verschillend van toon. Kijk goed welke soort humor of onhandigheid jouw personage heeft.  Let daarop of die past bij de toon van je verhaal. Maar bedenk ook of de doelgroep van je boek deze humor wel kan waarderen of begrijpt. Ingewikkelde woordspelingen gaan aan kinderen voorbij en onderbroekenlol voor een publiek dat hoogwaardige literatuur verwacht, zal ook niet aanslaan.  

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Priscilla Du Preez 🇨🇦 verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: de knop omzetten

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: de knop omzetten.

Het cliché

Je held ontmoet iemand die een bepaalde wijsheid deelt, of er gebeurt een keer iets heftigs zoals een overlijden en Held is in staat om in een keer de knop om te zetten. Waar die eerst nog twijfelde, of bepaalde angsten had, geeft deze gebeurtenis de kracht om dat allemaal op te lossen en het avontuur aan te gaan of gewoon een lang en gelukkig leven te leiden.

Waarom stoort dit cliché zo?

Dit cliché slaat een heel belangrijk verhaalelement helemaal over:  de comfortzone uitstappen. Dat is dat moment waarop het personage een nieuw avontuur of uitdaging aangaat. Maar, heel belangrijk: daar ook bedenkingen bij heeft. Uiteindelijk moet je personage zich over deze eerste bedenkingen heen zetten, maar als het niet even aarzelt, dan is er een gebrek aan spanning in je verhaal. Als je held alles met twee vingers in de neus voor elkaar krijgt, is het verhaal voorspelbaar en je held niet een waarmee je lezer zich kan identificeren.

De oorzaak van het cliché: verwarring met ‘roer omgooien’

‘Een knop omzetten’ en ‘het roer omgooien’ hebben ten behoeve van deze uitleg een belangrijk nuanceverschil. De eerste gaat uit van het idee: ‘Dat doe ik in een keer en dat lukt in een keer.’ De tweede zegt: ‘Ik beslis van het een op het andere moment dat ik iets heel anders ga doen, al weet ik wel dat het hard werken is om dat voor elkaar te krijgen, of zelfs maar vol te houden.’

Je kan dus gerust een gebeurtenis in een verhaal verwerken waardoor dat ineens radicaal anders wordt ingevuld, maar de truc is om niet te vergeten dat er binnen die veranderingen nog altijd momenten van twijfels en worstelingen moeten voorkomen.

Het cliché fiksen: zelfreflectie van het personage

Een manier om ervoor te zorgen dat je personage nooit zomaar een knop omzet, is door het te laten terugkijken en nadenken om waarom het niet eerder actie heeft ondernomen. En het daar dan de nodige kriebels van te geven.
Een voorbeeld: “waarom heb je niet eerder de boel de boel gelaten en die wereldreis gemaakt?”
“Ik dacht dat ik niet genoeg geld zou hebben als ik terug zou komen.”
“Met dat royale salaris van jou? Terwijl je gaat backpacken? Zou het misschien kunnen dat je materialistischer of luxer bent ingesteld dan je zelf zou denken of willen?”
“Misschien.”
“Dat verandert niet zomaar als je terugkomt, hoor. Je bent de Verheven Backpacker niet.”
Dan mag je personage nog steeds op wereldreis vertrekken, maar het moet wel even verwachtingen bijstellen of ergens wat vaker over nadenken.
Dat is vaak al voldoende. Je held hoeft niet eerst nog een half jaar naar de psycholoog om een trauma bloot te leggen of te verwerken. Als dat proces van ‘radicaal iets anders’ maar iets van bedenkingen of aarzelingen met zich meebrengt.

Overigens hoef je dit niet per se letterlijk in een scène te verwerken. Dat kan zelfs overkomen als slechte expositie. Maar zorg ervoor dat die aarzelingen er wel zijn.

Tips voor het verminderen van het cliché

  • Vraag jezelf af of datgene waardoor je personage dat aha-moment krijgt, wel in je plot past. Als je personage bijvoorbeeld geen wijze bekenden om zich heen heeft, kan het als een deus ex machina overkomen als er plotseling een wijze in diens leven verschijnt.
  • Wat deze aanleiding ook gegeven heeft, zorg dat de grote verandering, niet te krachtig is. “Denk eraan, Koen, weet je nog wat de Wijze zei? Schouders eronder en door!”

Laat je personage in dit proces ook gewoon even in de put zitten.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door elnaz asadi verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: de minderheidsheld

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: de minderheidsheld.

Het cliché

Je held is in een bepaalde minderheid, waardoor het anders is. Wat betreft seksuele oriëntatie, religie of ras. Of die heeft bijvoorbeeld een handicap, ADHD, een angststoornis of autisme. De schrijver wil laten zien hoe die beleving is ten opzichte van de ‘meerderheidsheld,’ en slaat daarin door. De held krijgt de heldenstatus enkel en alleen omdat die anders is, niet omdat die heldhaftige karaktertrekken of een groeiproces laat zien. Meestal draagt deze held met diens diversiteit wel een thema of een boodschap uit, maar die is dan zo geforceerd of overdreven groot in opzet of uitwerking dat het storend wordt. 

Een voorbeeld van dit cliché

Een van je thema’s is feminisme en je heldin is een lesbienne. De schrijver kan haar die seksuele oriëntatie hebben gegeven om te kunnen zeggen: mannen zijn zo overbodig, dat mijn hoofdpersoon hen niet nodig heeft om het beste uit zichzelf te halen. Ze vindt alle mannen ook vreselijk en zelfs op seksueel gebied zijn de niet interessant voor haar. Leve de vrouw!
En omdat Heldin een voorvechter is van vrouwen is het feit dat ze een (lesbische) vrouw is, genoeg om haar te bewonderen. Volgens deze schrijver dan, want zo werkt het niet. Deze heldin is niets meer dan een doorgeslagen trope.

Waarom stoort dit cliché zo?

Een held moet zijn strepen verdienen. Iedere held heeft iets om voor te vechten. Als je een minderheidspersonage laat strijden voor een betere positie van de gemeenschap waar die toebehoort, kan dat een mooi verhaal opleveren. Ook als er geen sprake is van een conflict in de zin van dat er actief voor iets gestreden moet worden. Het kan ook betekenen: de uitdagingen die het met zich meebrengt om bij een minderheid te horen. Juist omdat het thema of het conflict bij de held staat.
Maar bij dit cliché is dat conflict te globaal. In ons voorbeeld is ‘de man’ het probleem. Oké, dus ook de vader van de heldin? En de vriendelijke marktkoopman?
“Nee, maar mannen hebben te veel macht over of in vergelijking met vrouwen.”
Waaraan merkt Heldin dat in haar eigen leven?
“Dat komt steeds op het nieuws.”

Kortom: dit cliché stoort omdat het een probleem benoemt, maar datzelfde probleem komt nooit daadwerkelijk aan bod in het ‘echte’ leven van je hoofdpersonage. De heldenstatus wordt daarmee te makkelijk uitgereikt.

Het cliché fiksen: maak het conflict concreet

Het conflict concreet maken houdt twee dingen in:

  • Zorg dat je personage ergens concreet last van heeft.
    Dus niet van ‘de man in een hogere positie’, maar een mannelijke leidinggevende die haar continu afblaft omdat ze een vrouw is.
  • Zorg ervoor dat de acties die je personage onderneemt ook effect hebben op het plot.
    Dus laat haar liever niet demonstreren voor vrouwenrechten, als dat betekent dat die hork op kantoor nog steeds kan blijven waar hij zit. Laat haar liever met andere dames op kantoor een gezamenlijk plan maken om die misselijke vent te laten ontslaan.

Tips voor het verminderen van het cliché

  • Noteer in je opschrijfboekje wat er zou veranderen aan het verhaal als je personage niet tot de minderheid behoort. Dat helpt je scherp te krijgen wat de heldenreis van je personage is ómdat het tot die minderheid behoort en in hoeverre dat gegeven een heel conflict kan dragen.
  • Schrijf zo nu en dan ook een scène waarin het minderheidskenmerk van je personage niet op de voorgrond staat. Als het bij vrienden is, bijvoorbeeld. Je minderheidsheld mag niet alleen maar bezig zijn met die ene strijd. Hoewel het kan, is het heel moeilijk om zo’n personage geloofwaardig te schrijven.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Zo maak je een cliché origineel: uiterlijke kenmerken

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: uiterlijke kenmerken.

Het cliché

Uiterlijke kenmerken kunnen om meerdere redenen cliché worden. Als je ze meteen samen met het personage zelf introduceert en als de uiterlijke kenmerken zelf cliché-gevoelig zijn. Denk aan: de goedzakken dragen wit, de slechteriken zwart, vanwege de symboliek. En iedere Romeo heeft een sixpack en iedere bolleboos een bril en acne.

Waarom stoort dit cliché zo?

Als je het uiterlijk tegelijk met het personage introduceert, is dat meestal een infodump. De symbolische clichés zijn er gevoelig voor dat de schrijver te zichtbaar maakt welke thema’s belangrijk zijn. En er is een risico op stereotiepen. Maar de kern van deze clichés is hetzelfde: het uiterlijk wordt veel belangrijker gemaakt dan het is.

De oorzaak van het cliché: verkeerd beeld bij ‘uiterlijk’

Een lezer moet een beeld bij een personage kunnen vormen. Soms nemen schrijvers dat uitgangspunt te letterlijk en beschrijven er maar op los. Oogkleur, postuur, gewicht, lengte, schoenmaat…

Nog afgezien van de infodump, is dit niet effectief omdat sommige uiterlijke kenmerken niet zoveel zeggen als ze lijken te doen. Of de aanname die erbij komt kijken is van zichzelf verkeerd.

Neem blauwe ogen. Dat maakt volgens de clichéregel iedere vrouw aantrekkelijk. Maar blauwe ogen zijn van zichzelf niet zo speciaal: niet zoals bijvoorbeeld het hebben van twee verschillende oogkleuren dat is. Bovendien: wat als diezelfde blauwe ogen uitpuilen en scheel staan? Of de vrouw om wat voor reden dan ook alles behalve aantrekkelijk is?

Tenzij je over Quasimodo of een supermodel schrijft, zijn uiterlijkheden zelden tot nooit het belangrijkste kenmerkt van je personage. Behalve als je schrijft over een Romeo of Julia in een romantisch verhaal. Maar dan is die combinatie van schoonheid en romantiek vaak al een cliché op zich.
Kortom: het beeld bij het cliché ‘uiterlijk’ is in beginsel verkeerd. Of dat nu gaat om het belang ervan, of wat bepaalde associaties bij specifieke kenmerken zijn.

Het cliché fiksen: balans tussen feit en verbeeldingskracht

Een personage dat helemaal niet omschreven wordt in uiterlijk, mist duidelijk iets. Maar vanwege het risico op infodumps het is aan jou om het aantal uiterlijke kenmerken in te perken. Je kan en hoeft niet alle details te delen. Sommige details zijn belangrijk. Voor het verhaal, of jij wil als schrijver persoonlijk graag dat een uiterlijk detail van een personage wordt onthouden. Kijk op die manier welke uiterlijkheden je lezer moet weten en onthouden en besteed daar aandacht aan.
Het is ook belangrijk dat je nog ruimte houdt voor de eigen verbeeldingskracht van de lezer. Timmer het uiterlijk niet dicht. Als jij de grootte van de oren bepaalt, mag de lezer de grootte en vorm van de neus bepalen. Bepaal voor jezelf wat jij vastlegt voor de lezer en kijk waarmee je vrede kan hebben als het gaat om waar de lezer het uiterlijk van je personages verder invult.

Tips voor het verminderen van het cliché

  • Laat als het even kan de oog- en haarkleur op de achtergrond, of zet ze in ieder geval niet op de voorgrond. Die zijn zo standaard om te noemen dat die als de twee ‘hoofdkenmerken’ alsnog heel weinig unieks over het uiterlijk zeggen. Bovendien: heeft je personage een zwarte afro, zwarte krullen, of  zwarte vlechten? Kleur zegt relatief weinig: een kapsel al wat meer.
  • Probeer relaties van personages onderling te koppelen aan een (emotioneel) veelzeggend moment. Maak bijvoorbeeld duidelijk dat opa ouderdomsvlekjes op de hand heeft als kleinkind daarover strijkt als het op schoot wordt voorgelezen.
  • Maak een uiterlijk kenmerk onderdeel van een lopende scène. Zo is een personage met  korte benen uitgeput nadat het in alle haast een lange trap is opgerend.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Zo maak je een cliché origineel: het minderheidspersonage

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: het minderheidspersonage.

Het cliché

Je held en/of andere personages zijn maar gewoontjes. Maar dan is daar het personage dat dat niet is. Het is in een bepaalde minderheid. Qua seksuele oriëntatie, religie of ras. Of het heeft een handicap of iets anders dat het anders maakt dan anders. Denk aan ADHD, een angststoornis of autisme. Daar is op zich niets mee, totdat dit gegeven een cliché wordt: dat personage is divers om divers te zijn, niet omdat de schrijver daar meerwaarde voor het verhaal in ziet of deze minderheid in de schijnwerpers wil zetten om verschillen in het boek of de maatschappij te weerspiegelen.

Waarom stoort dit cliché zo?

Dit cliché is schijnheiligheid van een schrijver. Met dit personage gaat die mee in de ontwikkeling van de vraag die de laatste jaren is ontstaan om meer diverse personages in romans te krijgen. Die vraag ging om verbeterde representatie van diverse minderheden. Maar hier verwart de schrijver aanwezigheid met representativiteit. Als je dat doet, wordt het alleen maar erger. Want dan leest het verhaal als: ‘wees blij dat minderheid X erin vóórkomt, dat wilde je toch zo graag?’ terwijl de vraag naar diverse personages is ontstaan vanuit het idee dat zij meer zijn dan alleen figuranten van verhalen en/of de maatschappij.

Het gevolg van het cliché: oppervlakkig beeld

Een schrijver die diens diverse personage niet serieus neemt, doet te weinig onderzoek, waardoor het personage veel te oppervlakkig en storend stereotiep of zelfs racistisch wordt.
Denk aan:

  • Mensen van kleur zijn vaker arm, dus is mij personage dat ook en weet die niet hoe die uit armoede moet komen.
  • Autisme, is dat niet dat je sociaal onhandig bent? Hé, ik moest nog een verlegen jongen hebben in mijn verhaal, die is bij deze autistisch.

Over wat voor minderheid of diagnose het ook gaat, je personages moeten meer, zo niet veel meer zijn dan hun diversiteitskenmerk om interessant te zijn.

Het cliché fiksen: kijk naar je setting en thema

Of je een bepaald personage in je verhaal verwerkt, hangt sterk af van je setting en je thema. Dat is met diversiteit niet anders. Wil je voorkomen dat een divers personage oppervlakkig en storend wordt, kijk dan of het wel een plaats in je verhaal heeft. Je kan een divers personage beter helemaal weglaten uit een bepaald verhaal dan het in een verhaal forceren. Want diverse verhalen komen pas goed tot hun recht in de juiste setting en als de thema’s ook daarop aansluiten.
Enkele voorbeelden van geforceerde diversiteit:  
* Bij het thema hebzucht ligt de nadruk op de seksuele oriëntatie van de hebberd, in plaats van de oorzaak van die hebzucht, of wat de gevolgen voor het plot zijn.
*Een Aziaat in het Nederland in het jaar 1000? Dat schreeuwt geforceerde rassendiversiteit.

Tips voor het verminderen van het cliché

Wil je een divers personage schrijven bij een passende setting en thema? Dan is het belangrijk dat je goed onderzoek doet. Ben jij zelf geen minderheid van de groep waar je over schrijft, dan sluipen vooroordelen en aannames sneller in je verhaal dan je misschien zou denken. Denk aan onderzoek doen aan dingen als:

  • Bestudeer de geschiedenis van de mensen in deze groep. Kan je terugvinden hoe zij in de loop van de geschiedenis (in jouw setting) behandeld zijn en hoe dat al dan niet is veranderd? Is er bijvoorbeeld meer acceptatie gekomen, zijn er belangenverenigingen opgericht, weten meer mensen wat een bepaalde diagnose inhoudt?
  • Vraag iemand die tot die minderheidsgroep behoort wat diens ervaringen zijn. Wees niet bang om je eigen aannames en misschien wel vooroordelen in twijfel te trekken en luister met open houding. Besef wel dat je tegen een individu praat. Ga er niet klakkeloos van uit dat iedereen in dezelfde groep dan ook zo denkt; dan is de vooroordeelcirkel weer rond.

    Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Clay Banks verkregen via Unsplash

Zo maak je een cliché origineel: het (echt niet) lelijke meisje

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: het (echt niet) lelijke meisje.

Het cliché

Het meisje vindt zichzelf maar gewoontjes, terwijl iedereen haar een regelrecht model vindt. Of zij vindt zichzelf een regelrechte Frankenstein door een klein schoonheidsfoutje als een litteken of een moedervlek. Die anderen overigens vaak niet eens opmerken.

Waarom stoort dit cliché zo?

Het ‘gewone’ meisje waarvan iedere man in katzwijm valt, is vaak een waarschuwingssignaal voor een Mary Sue: het personage dat zo perfect is, dat ze irritant en onherkenbaar voor de lezer wordt. Geef haar dus een gebrek – naïviteit – en ze zou weer herkenbaar zijn voor de gewone vrouw. Maar een enkel eenvoudig gebrek heft de indruk van perfectie niet zomaar op.

Het ‘lelijke’ meisje maakt een gebrek vele malen groter dan het in het echte leven zou zijn. Zo komt er een subplot in het verhaal van ‘onzekerheden overwinnen’ dat net zo goed kon worden weggelaten en het hoofdplot alleen maar vertraagt.

Wat beide clichés gemeen hebben is dat ze schoonheid of het zogenaamde gebrek daaraan een veel groter thema in het verhaal wordt dan dat daarbinnen past. Dat maakt het verhaal oppervlakkig en verhoogt de kans dat lezeressen zich onzeker gaan voelen of zich aan je personages gaan ergeren. “Zeur niet over die ene moedervlek zo groot als een speldenknopje precies onder je bh-bandje. En ik dan, met mijn wijnvlek midden in mijn gezicht? Mag ik volgens jou nog wel over straat?”

De oorzaak van het cliché: doorgeslagen vrouwelijkheid

Vrouwelijkheid wordt traditioneel geassocieerd met zachtheid, schoonheid en een zekere mate van naïviteit en verlegenheid. Dit cliché slaat daarin door. Deze heldin móet simpelweg mooi gevonden worden. Door anderen, zichzelf of de lezer, soms een combinatie daarvan. En anders met het idee worstelen dat ze niet mooi genoeg zijn.
Dat doen ze niet door zichzelf een schop achter hun achterste te geven en actief iets te veranderen aan waarover ze ontevreden zijn, of zelfs door te vechten voor een andere maatschappelijke kijk op het schoonheidsideaal. Nee, ze moet ofwel bescheiden en meisjesachtig complimenten in ontvangst nemen over hoe mooi ze is, of bijna pruilend wachten tot een man zegt: “Maar vrouw, je bent juist práchtig!”

Het cliché fiksen: schoonheid als thema

Worstelen met schoonheid is een interessant thema, maar dan moet het in een verhaal ook als zodanig worden behandeld. Dat kan op allerlei manieren, maar zorg wel dat je daar de nodige uitwerking aan besteedt. Dit cliché wordt storend zodra het als een los en geforceerd conflict in het verhaal wordt meegenomen, om maar een tegenslag voor een heldin te hebben.

Tips voor het verminderen van het cliché

  • Dit cliché komt vaak voort uit de noodzaak van een romantisch subplot. Ga eens goed na of dat wel echt in jouw verhaal past, voordat je die een gaat forceren.
  • Maak het schoonheidsgebrek van het ‘lelijke’ meisje ook iets dat daadwerkelijk opvalt en als lelijk wordt beschouwd. Heeft ze een litteken? Dan mag het niet klein zijn en verscholen worden achter de steevaste pony die je heldin daarvoor speciaal draagt.
    Maak het litteken dan groot en plaats het dwars over haar gezicht. Waak er echter wel voor dat zelfs als dat haar oprecht lelijk maakt, haar onzekerheid daarover niet haar hele karakter mag vormen.

    Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Milada Vigerova verkregen via Unsplash.