Schrijven met ‘de schaal van normaal’: zo verschuiven omstandigheden in een verhaal

Je kan op twee manieren een verhaal schrijven waarin de omstandigheden flink veranderen. Je kan meteen los gaan in absurd en beeldende beschrijvingen. Soms werkt dat, maar het kan ook averechts werken. Als je te snel op een 9 of 10 van een tienpuntsschaal inzet, kan je lezer de draad van je verhaal kwijtraken. Voor een goede spanningsboog is het voor de lezer soms effectiever om de situatie van kwaad tot erger te zien gaan. Daarvoor is de schaal van normaal een handig hulpmiddel.

Iets veranderlijks geloofwaardig maken – de personages

Er zijn situaties waarvan je merkt dat het (in een verhaal) normaal lijkt. Maar denk iets meer dan twee tellen na en je denkt: hoe kan het dat dit in de (papieren) wereld normaal wordt gevonden? Hoe is dat zover gekomen? Dat is heel belangrijk om bij stil te staan bij het schrijven van spannende scènes of thrillers. Een belangrijke factor is de waarheid van je personage. Als je die meeneemt, snap je in ieder geval al waarom dat een personage een rare situatie wenselijk vindt, of er niets tegen doet om het te veranderen. Of dat nu is omdat het personage dat niet kan, of dat niet wil, je lezer snapt zo in ieder geval het ‘startpunt’ van een situatue die later uit de hand gaat lopen. Vergeet daarbij ook niet dat niet ieder personage een goedzak hoeft te zijn.

Schrijven over een wereld met veranderende waarden

Je wordt niet van de ene op de andere dag met verderfelijke waarden en ook een dystopie ontstaat niet binnen een oogwenk. Zoiets gaat altijd stapsgewijs. Wat het ook is dat mensen of maatschappij doet veranderen, iets anders slui[t er langzaam in. Maar toch voélt het voor de betrokkenen vaak alsof je maar met je ogen hoefde te knipperen en er een hele nieuwe wereld was. Om voor je verhaal een goede spaningsopbouw te schrijven en te voorkomen dat je een overgang schrijft die in ieder opzicht onrealistisch is, kan je gebruik maken van de ‘schaal van normaal. ‘

De schaal van normaal

De schaal van normaal is een tienpuntschaal die je kan gebruiken om inzichtelijk te maken wanneer je te grote sprongen maakt in het veranderen van een overtuiging van je personage, of de manier waarop de regels en de omstandigheden van een (papieren) wereld veranderen. 1 is daarbij ‘doodnormaal’: zo normaal, dat je je nauwelijks kan voorstellen dat iets niet zo is. 10 is daarbij zodanig absurd dat je je niet kan indenken waarom het überhaupt kan. In moralistisch opzicht, of waarom de wetenschap al zo ver gevorderd is dat die iets voor elkaar kan krijgen.

Laten we een vliegtuig als voorbeeld nemen. Beschrijf die aan een middeleeuwer en die zal zeggen dat je de natuurwetten zelf tart. Een absolute 10 op de schaal van normaal. Maar inmiddels gaan er ook al ruimtevaartuigen naar Mars. Dus vliegtuigen zijn voor de hedendaagse mensen 2 of 3. Maar we gingen niet binnen vijf jaar van een paar honderd kilometer vliegen met een vliegtuig naar een sateliet op Mars. We gingen eerst nog met gewone viegtuigen wat verder rond de wereld, toen naar de maan en nu nog verder. En iedere tussenstap werd een sterk staaltje wetenschap genoemd. Dan moet die techniek een tijdje normaal worden gevonden, om vervolgens naar de volgende stap te kunnen gaan. Anders is het verschil letterlijk te groot om je te kunnen voorstellen.

Op de schaal van normaal kan je dus niet ineens van 2 naar 6 of 7. De schaal van normaal schaalt zich geleidelijk verder op. En doet dat bovendien vrij onopgemerkt, als het ware op de achtergrond. En daardoor kan je het gevoel krijgen dat je nu ‘ineens’ naar Mars kunnen gaan, waar het (relatief gezien) even geleden leek dat de eerste mensen op de maan liepen.

De schaal van normaal in morele kwesties

De schaal van normaal is vooral een handig hulpmiddel bij het schrijven van een moraal die in je verhaal verschuift. Die kan verschuiven vanwege bepaalde sociaaleconomische ontwikkelingen, maar ook omdat de techniek zich steeds verder ontwikkelt en we daar dus steeds meer mee doen. Daardoor verschuift ons moraal ook langzaam maar zeker.

Chat GPT is daar een goed voorbeeld van. Het grote publiek heeft er nu bijna vier jaar toegang tot. In die vier jaar is er enorm veel veranderd. Voor de komst van Chat vonden we het idee van ‘chatbotgeliefden’ een onvoorstelbaar iets. Maar inmiddels zijn er mensen die – hoewel niet voor de wet- met hun chatbotpartner zijn getrouwd. Dat is een extreem voorbeeld. Maar er zijn wel steeds meer mensen die liever iets aan Chat vragen dan aan hun psycholoog. Vreemd? In de praktijk misschien, maar niet zozeer op de schaal van normaal. Want bepaalde symptomen opzoeken op Google en daarmee gedeeltelijk voor onze eigen huisarts spelen, dat doen we al jaren. En symptomen van een onbekende ziekte opzoeken is weer niet het eerste waarvoor de meeste mensen Google gebruikten.

Op zo’n manier kan je de schaal van normaal heel goed gebruiken om morele kwesties in je verhaal en de verschuivingen die daarbij horen goed onderzoeken. Zeker ook omdat zulke verschuivingen niet uit de lucht komen vallen. Want waarom zou je je als mens – een sociaal wezen- de voorkeur geven aan het gezelschap van een robot, tenzij het door allerlei factoren (eenzaamheid, werk-of prestatiedruk) erg lastig wordt om vrienden te maken?

Bijna altijd zijn er bij dit soort ontwikkelingen voor- en tegenstanders. Dat kan je heel goed gebruiken voor het uitwerken van verschillende verhaalthema’s. En het doet een spanningsboog en een heldenreis vaak ook weer goed. Zeker als je de schaal van normaal daar als hulpmiddel voor gebruikt. Zo weet je zeker dat je personages of je wereld in een ‘realistische’ andere wereld terecht komen en kan de lezer die ontwikkelingen ook blijven volgen op een manier die behapbaar blijft.

Hier lees je over hoe je de schaal van normaal in de praktijk toe kan passen.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Ik kan helpen: kijk eens in mijn webshop voor mijn diensten.

Foto door Edward Howell verkregen via Unsplash.



Checklist voor de spanningsboog: ‘het zou kunnen dat…’

Het is een ding om als papieren held te weten waar je voor vecht of werkt en weet welke obstakels je onderweg kan verwachten. Maar het is volgende als er van alles en nog wat kan gebeuren, totdat je er uiteindelijk zenuwachtig van wordt . Als je kijkt hoe je een personage goed zenuwachtig kan krijgen, zeg dan gewoon eens: ‘het zou kúnnen dat…’ en je leert heel wat over zowel je verhaal als je personage. En ook meteen een algemene schrijfregel voor een goede spanningsboog.

De held zenuwachtig maken: wat maakt iets spannend?

De een springt zó met een parachute een vliegtuig uit, de ander heeft al hoogtevrees vanaf een middelhoge ladder. Je hebt daarmee dus ook geen vuistregel wat voor een soort gebeurtenis spannend is. Je kan wel goed naar je held kijken. Als die zenuwachtig wordt, vindt die iets spannend. En daarmee als het goed is, je lezer ook.
Ten behoeve van de uitleg voor de rest van deze blogpost geldt: een zenuwachtige held weet niet wat er gaat gebeuren én heeft iets op het spel staan.
Neem een gevalletje plankenkoorts: Sara weet niet of het publiek haar act leuk gaat vinden. Daarmee staat gevoelsmatig haar reputatie op het spel. Als ze goed zingt, kan ze doorbreken bij de talentenjacht, boegeroep betekent vernedering en een verlies aan respect in haar sociale kringen.
Ongeacht hoe Sara zingt, na het podiumoptreden gaat er iets gebeuren. Maar ja, wat dan? En het feit dat Sara dat vooraf niet exact kan inschatten, is waar we verder op ingaan. Het zou kunnen dat het goed afloopt, maar ook dat het slecht afloopt.

Was dát het nou?

Als Sara goed zingt en complimentjes krijgt, weten we nog niet of dat is waar ze op hoopte. Want er is een heel groot verschil tussen een staande ovatie van honderden mensen of een beleefd, langzaam wegstervend applaus waar slechts een enkele enthousiasteling Sara uitgesproken mooi vond zingen. Op een zelfde manier hoeft boegeroep ook geen afgang te betekenen. Wat nou als de enige die luidkeels joelt de achtjarige snotaap is van drie deuren verderop? Laat dat joch toch, dat doet Sara als volwassene niets. Als het nou haar baas was geweest… Het had allemaal gekund.

Echte zenuwen die bij een personage passen

Als we willen schrijven over de plankenkoorts van Sara, dan maakt het niet uit wat de meeste mensen zenuwachtig maakt. Dan maakt het uit wat Sara zenuwachtig maakt. Het maakt niet uit of er een miljoen euro op het spel staat. Als je Elon Musk bent, heb je die binnen enkele uren, zo niet minuten terugverdiend.
Als je wil dat er iets op het spel staat, moet de uitkomst iets uitmaken. Het personage moet er op de een of andere manier persoonlijk bij betrokken zijn. Hier kan je op een soortgelijke manier naar kijken als het winnen van empathie van de lezer.
Een personage wordt pas zenuwachtig als het waarschijnlijk is dat alle uitkomsten die mogelijk zijn, onwenselijke en grote(re) gevolgen hebben. En pas als je held zenuwachtig wordt, voelt het voor de lezer echt alsof er iets op het spel staat. Daarom moet je dus niet kijken naar grote branden, massamoorden of gigantische financiële verliezen als je de spanning wil verhogen. Zolang het je personage niets doet, doet het de lezer ook maar weinig.

Als dát maar (niet) gebeurt….

Nog even terug naar de plankenkoorts van Sara. Als we er even vanuitgaan dat wat ze zowel het meeste hoopt als vreest de meest waarschijnlijke uitkomsten zijn, dan wordt het spannend. Want ze wil absoluut niet afgaan in het bijzijn van haar baas en ze wil dolgraag een staande ovatie. Dan wordt het moment dat ze het podium op gaat hartstikke spannend. Dan kan je gaan schrijven over de lampen en hoe die op Sara’s gezicht schijnen, hoe warm die plotseling lijken, hoe haar benen beginnen te trillen en Sara bidt dat die trillingen niet overslaan op haar stem. Het kan allemaal. Het zou zomaar kunnen.
Dát is waar het in een goede spanningsboog om gaat: je weet dat beide (uitersten van een) situatie(s) mogelijk zijn, maar niet weet kant het op gaat. Ook als het enigszins te voorspellen wat de uitkomst is, is dat niet erg. Het gaat nog altijd om de spannende uitwerking, niet per se om de uitkomst. Pas als je zowel de uitkomst als de manier waarop van mijlenver aan ziet komen en het dus richting een cliché gaat moet je nog eens goed naar je spanningsboog kijken

Wat kan er gebeuren?

Als je de spanningsboog wil versterken, moet je dus kijken wat er op het spel staat voor een personage en op wat voor manier dat je personage op de lange of korte duur kan beïnvloeden. Dit zijn een aantal uitgangspunten die je helpen om te bepalen of er op het moment dat er iets op het spel staat, het ook daadwerkelijk spannend is voor je personage en als verlengde daarvan ook voor je lezers.

  • Hoe verder je bent in de drieaktenstructuur, hoe groter de gevolgen moeten zijn voor je personage. Wat de uitkomst ook is, er moet meer op het spel staan. Pas na de crisis mag je wat meer afschalen.
  • Zorg ervoor dat beide mogelijkheden die theoretisch kunnen gebeuren, een interessant verhaal beloven. Sara’s verhaal kan dus niet alleen maar als uitkomst hebben dat ze wereldberoemd wordt, omwille van dat een wereld zonder roem saai zou zijn. Een minder gunstig einde moet op zichzelf kunnen uitlopen op een verhaal dat genoeg zaadjes heeft gehad om boeiend te blijven.
  • Vergeet ook zeker niet dat je andere personages in kan zetten om de held anders naar de wereld te laten kijken. Versterken medepersonages een bepaalde mening? Of veroorzaakt een conflict een heel andere manier waarop het plot zich ontvouwt? Een personage leeft niet een bubbel en zal vrienden opzoeken voor gerustelling als het allemaal te veel wordt. Maar heeft ook geen controle over de mening van anderen: ook een ingredient voor spanning of een spanningsboog.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je spanningsboog? Manuscriptredactie kan helpen: kijk eens in mijn webshop.

Foto door Alexander Krivitskiy verkregen via Unsplash.