Wat als je personage vakantie heeft?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage vakantie heeft?

Je personage kan op vakantie gaan of een verre reis maken. Heerlijk even lekker ontspannen, niets hoeft. Maar als schrijver moet je het verhaal wel aan de gang houden. Hoe doe je dat als je je personage even rust wil gunnen?

Nieuwe plek

Op een nieuwe plek let je veel meer op je omgeving dan normaal. Omdat alles zo anders is, let je veel meer op details en dringt er meer tot je door. Dat geldt ook voor je personage. Een nieuwe omgeving is een goede aanleiding om zintuigelijke waarnemingen goed uit te werken. Dan wordt je tekst heel beeldend en levendig, ook al gebeurt er niet veel meer dan dat je personage lekker ontspant. Het geluid van zwemmende kinderen, het gevoel van zon op de huid, de geur van chloor in een zwembad. Zelfs in een simpele setting is er dan plotseling genoeg te ontdekken. 

Iemands ideale vakantiebestemming kan het een en ander verklappen over wat voor persoon het is. Vergelijk de actieve sporter die gaat bergbeklimmen in Nepal met de middelbare Bourgondiër die liever in Zuid-Frankrijk geniet van een wijntje bij de plaatselijke wijngaard. Dit kan een subtiele, maar duidelijke show don’t tell zijn over je personage. Of draai het om en zet de bergbeklimmer in een resort en de Bourgondiër in een oerwoud. Wat gebeurt er dan, of wat doen ze dan? Dat kan ook veel over je personage zeggen, of het plot een interessante wending geven. 

Wat als het fout gaat?

Heb je ooit een vakantie gehad waarin helemaal niks foutging? Geen verregende dagen, geen bloedblaren na het wandelen, geen jetlag, autopech, verloren opladers, urenlange wachtrij bij een culturele attractie, lekke opblaaskrokodil, zonverbrande huid, tegenvallend eten, geen…Precies. 

Er gaat hoe dan ook altijd iets (kleins) fout in de vakantie van je personage. Dat biedt een schat aan informatie. Hoe gaat je personage om met onvoorziene omstandigheden of tegenslagen? Je vakantie hoort een periode te zijn waarin alles fijn is. Als uitgerekend dan dingen in de soep lopen, kan je daar chagrijnig van worden. Terecht, maar er zit een verschil in even mokken en schreeuwen naar ondergeschikten en hen overal de schuld van geven. Zo kan je een onverwacht donkere kant van je personage leren kennen…

Moet de reis leerzaam zijn?

Ken je het beeld van de cliché wereldwijze backpacker die ‘helemaal verlicht’ terugkomt van zijn reis? Jammer voor hem: hij heeft ongelijk. Je personage hoeft niet meteen een hele andere levensweg in te slaan, als een ander persoon terug te komen van de reis of er iets van leren. 

De reis hoeft absoluut niet wereldschokkend te zijn. De enige voorwaarde die de vakantie van je personage moet hebben is dat de lézer er iets van moet leren: hoe je personage denkt, hoe het plot door deze vakantie anders verloopt of verdergaat, hoe je personage met conflicten omgaat…De vakantie moet een narratieve meerwaarde hebben. Hoe je dat invult, is aan jou. Als jij je werk als schrijver goed doet, dan kan je personage gerust lekker met een cocktail aan het strand luieren. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Een plot met te veel van het goede: deel 2

Een verhaal kan door een verhaalthema te veel te benadrukken teveel van het goede worden. In deze blogpost schreef ik al een inleiding daarover. Tijd om het geobserveerde in de praktijk te brengen!

Wat kan te veel van het goede veroorzaken?

In de inleidende blogpost kon je al lezen dat er een aantal dingen is dat ‘te veel van het goede’ kan veroorzaken. Dit zijn:
* te veel nadruk en ondersneeuwen;
* veel lange voorbeelden;
* de waarde van de een is belangrijker dan die van de ander.

Laten we ze een voor een langsgaan.

Te veel nadruk en ondersneeuwen

Om te begrijpen hoeveel schade overdreven nadruk aan een verhaal kan geven: stel je dit onaangename scenario eens voor:
Een maand geleden heb je een blauwtje gelopen en nu is een week geleden een geliefd familielid verongelukt.
Als je naar een vriend gaat om even gevoelens te luchten, heeft die het alleen maar over hoeveel liefde je nu wel niet in je leven moet missen. De liefde die je hoopte te krijgen van je Romeo of Julia, maar ook de liefde die je nu niet meer kan krijgen van je bloedverwant.
”Verlies van liefde” krijgt nu alle aandacht, maar jij komt bij je vriend vanwege rouw.
Je kan -met recht- zeggen dat liefdesverdriet ook een vorm van rouw is. In principe is daar dus weinig mis mee. Maar als de vriend op een bepaald punt blijft hangen in wanneer jij nou ein-de-lijk weer eens een romantische relatie krijgt en hopelijk ooit nog iemand tegenkomt die je soortgelijke liefde kan geven als je overleden familielid je gaf, dan krijgt (gebrek aan) liefde veel meer aandacht dan de pijn van rouw waar het jou op dat moment om gaat.

Als ieder subplot en ieder (sub)personage hetzelfde verhaalthema doormaken wat er duimendik bovenop ligt, wordt het eigenlijke thema ondergesneeuwd, of verliest een belangrijk thema zijn waarde, omdat het niet meer duidelijk genoeg terugkomt om nog een standpunt mee te kunnen maken.

“Een badeendje in bad is leuk” is niet meer zo’n handig standpunt als je bad er vervolgens zo uitziet 😉
Foto door Andrew Wulf op Unsplash

Geef dus genoeg – en niet méér dan – nodig is om je standpunt mee te maken om te voorkomen dat je boodschap ondergesneeuwd wordt.
Het is te veel van het goede als je iets herhaalt om te herhalen. Herhaling is niet altijd verkeerd, maar wordt onnodig zodra je eerdere standpunt(en) al stevig genoeg is/ zijn om een duidelijk punt mee te maken.

Te lange voorbeelden

Als je acht van de tien hoofdstukken gaat wijden aan een intense scène in de slaapkamer, heb je meer dan duidelijk gemaakt dat er een vonk is. Maar als je dan in de overige twee hoofdstukken de personagebiografieën, plottwists, het centraal conflict en al die andere belangrijke verhaalelementen moet gaan verwerken, dan heb je daar te weinig ruimte voor en komen ze niet meer over.
Waarom is die vonk er? Omdat die twee mensen karaktertrekken gemeen hebben? Een gezamenlijke hobby? Dezelfde politieke overtuigingen? Dat weet de lezer niet. Dat weten de personages zelf niet eens, want het wordt bijna letterlijk tussen de regels door genoemd. Dan is niemand zich daar bewust van. Je hebt dan geen verhaalthema meer. Zelfs niet als dat in dit voorbeeld passie of lust zou zijn. Dan wordt het een feit, een gegeven, maar geen thema.
Een verhaalthema wordt (subtiel) in de tekst verweven en ligt er niet duimendik bovenop.
Een thema is onderdeel van de inhoud, niet de inhoud alleen. En om het goed te doseren, moet je het kort of duidelijk houden waar dat kan. Uiteindelijk kom je zo weer uit op de oude vertrouwde regel: schrijven is schrappen.
Als je te lang over iets uitweidt, gaat de diepliggendere laag of zelfs de boodschap van het verhaal helemaal verloren.
Het is te veel van het goede als je iets wat al duidelijk is gaat uitbreiden omwille van zogenoemde diepgang. Diepgang is fijn, maar daar kan je je ook in verliezen. Soms moet je ook ‘gewoon’ een duidelijk standpunt (kunnen) maken.

De waarde van de personages

In een verhaal heb je altijd een hoofdpersoon en wat personages die minder belangrijk zijn. Aan de hoofdpersoon besteed je als vanzelf meer tijd en aandacht. Maar als je hoofdpersoon en subpersonages qua thema precies hetzelfde doormaken en je daarbij duidelijk wil maken dat het een terugkerend iets is, moet je goed opletten of de verhoudingen kloppen. Als je dat niet doet komt hij niet goed over, of werkt hij zelfs averechts.

Het voorbeeld hiervan is de verboden liefde in Anna and the king.
Anna en de koning zijn verliefd, maar zij geven er niet aan toe. Dat levert verdriet op, waar de film heel veel aandacht aan besteedt. Terecht levert dat verdrietige momenten op, maar het zegt ook heel veel dat op het moment dat Tuptim en Ballat publiekelijk worden onthoofd (!!!) om diezelfde reden, dat naar verhouding -in dit geval letterlijk- minstens net zo verdrietig is. Terwijl dat -als je het neutraal bekijkt- tien keer schokkender zou moeten zijn.
Als het echt over het thema onbereikbare liefde moet gaan, moeten de hoofdrollen eerder aan Tuptim en Ballat worden gegeven, in plaats van aan Anna en de koning.
Nu komt het in de film over alsof het verdriet van Anna en de koning belangrijker is. Niet omdat zij ‘toevallig’ de hoofdrollen vervullen, maar omdat er te veel aandacht (lees: te veel van het goede) naar hun verboden liefde toegaat. Dat maakt zowel de personages Tuptim en Ballat als hun – ik zeg het nog maar eens- publieke onthoofding(!!) minderwaardig. Ze zijn inderdaad niet de hoofdpersonen, maar dat wil nog niet zeggen dat ze als personen als minderwaardig moeten worden behandeld. Maar dat gebeurt wel met deze invulling van het verhaal. Daardoor wordt hun tragische lot gereduceerd tot een middel om een thema onnodig aan te dikken.

Het is teveel van het goede als je personages, plotpunten of andere aspecten van het verhaal gaat reduceren tot een middel om iets anders te kunnen aandikken. Als een van deze elementen de intrinsieke waarde verliest, ga je te ver in je poging iets duidelijk te maken.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage het zwaar te verduren heeft?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage het zwaar te verduren heeft? 

Als je personage veel vervelende dingen meemaakt, houdt dat het verhaal gaande, want je held staat keer op keer weer op. Maar bij langdurige tegenslag kan jij als schrijver soms een weg bewandelen die niet veel meer met het verhaal van doen heeft. 

Het zit ons personage niet mee:

Zijn dochter is getalenteerd violiste en mag auditie doen bij een internationaal vooraanstaand jeugdorkest. Als ze daar wordt toegelaten, is haar muzikale carrière in kannen en kruiken. Maar het gezin kan het zich niet veroorloven om dochter naar de audities in Londen te sturen. 

Met deze reeks aan tegenslagen bestaat de kans dat je de heldenreis anders in gaat vullen om het conflict behapbaar voor je personage te houden. Dan wordt je held een slachtoffer of een romanticus. 

Slachtoffer

Je gunt deze held eigenlijk te veel: je krijgt medelijden met hem en dwaalt daardoor van het plot af. Omdat je personage niet van opgeven weet, start hij een bewustwordingscampagne op internet. “Het elitaire systeem vraagt veel geld voor audities en boort daarmee de kansen van jong talent met minder financiële kansen de grond in. Ik protesteer!” Hij krijgt de aandacht van de nationale media en daar gaat het verhaal over verder. Maar het ging over het muzikale talent van zijn dochter. 

Je personage blijft als een echte held vechten voor zijn zaak. Dat is prima, maar de aandacht verschuift naar een compleet ander onderwerp, alleen omdat jij medelijden hebt met hem. Dat is niet de bedoeling.

Romantische held

Net als het slachtoffer blijft de romantische held vechten voor de zaak. Maar als hij weer een keer valt, bagatelliseert hij dat. Het gezin heeft het geld niet kunnen ophoesten om dochter naar Londen te sturen en ze is nu in tranen. “Dat internationale orkest kan opdonderen met hun hautaine, dure audities in Londen. Maar ze heeft aan mij in ieder geval nog een liefhebbende vader. Ik ga verder zoeken naar andere audities.”

Ook hier verschuift de aandacht op een verkeerde manier: het ging niet om of hij een goede vader was: zijn dochter wilde naar de selectiedag. Dochter huilt bittere tranen omdat ze haar Londense droom in duigen ziet vallen. Vader overromantiseert het vaderschap om het verdriet van dochterlief niet te hoeven voelen. 

Pijn verzachten

Zowel het slachtoffer als de romanticus zoeken hier een andere insteek in hun omstandigheden zodat ze hun persoonlijke pijn kunnen verzachten. Een personage mag dat doen, jij als schrijver mag echter niet zo met het plot aan de haal gaan. Vraag jezelf af: dwaal je af van het probleem omdat het voor jou pijnlijk is om hierover te schrijven, of om de gevoelens van de lezer te sparen? 

Als je voor jezelf de pijn verzacht, geef je personage dan een tegenslag minder. Je personages zijn er niet voor jou, maar voor het verhaal. Voor de lezer hoef je niets te laten, want die leest juist om alles mee te kunnen voelen met je personage en wil niet gespaard worden. En als hij het onderwerp te zwaarbeladen vindt, pakt hij wel een ander boek uit de leeskast. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Een plot met te veel van het goede: inleiding

Hoewel je een verhaal overal over mag laten gaan, is het soms belangrijk om te overwegen om iets uit je plot te halen. Dat kan voorkomen dat je verhaal te lang aan gaat voelen, zonder dat er veel aan je personages, schrijftechniek of je eigenlijke verhaallijn mankeert.

Aanleiding van de blogpost

Ik keek laatst uit nostalgie de film Anna en de King, sinds ik hem als tiener voor het laatst zag. Ik kijk er nu heel anders naar. Zo zit er een storende white saviour trope in, en dat zag ik als tiener niet in.
De white saviour trope bewaar ik voor een andere blogpost. Hij staat al heel lang op mijn lijstje, maar ik worstel ermee om daar iets over te schrijven. Ik ben zelf wit en vind daarom dat ik mezelf nog (veel) meer moet verdiepen in schrijven over rassen(voorrecht) voordat ik het recht heb om daar een blogpost aan te wijden.

Nu wil ik ingaan op de lengte van de film. Ik heb namelijk zelden een film gezien waarvan ik ‘achteraf’ bedacht: Wat duurt deze film overbodig lang. De oorzaak? Er zit iets in plot wat er niet in hoort. Niet alleen historisch gezien, maar ook als het gaat om het fictieve verhaal vlot te houden. En een plot onnodig opvullen kan – zo werd mij met deze film nog duidelijker- de kracht van een verhaal verminderen.

Samenvatting Anna and the king

Siam, 1862: Engelse lerares Anna wordt gesommeerd naar het paleis door de koning om zijn oudste zoon Engels te leren. Koning Mongkut wil zich internationaal beter op de kaart zetten en de horizon van de troonopvolger verbreden. Anna ziet vele gewoontes en wetten in Siam waar zij het absoluut niet mee eens is (zoals slavernij). In plaats van haar mond te houden, gaat ze met haar ongenoegen naar de koning. Dat zorgt voor bepaalde wrijving tussen hen beiden, maar ook dat Mongkut sneller politieke en sociale vooruitgang in zijn land doorzet.
Het subplot betreft Tuptim en Ballat. Tuptim is de dochter van een rijke handelaar. Zij wordt aan de koning geschonken als concubine, maar is verliefd op Ballat. Ze ontvlucht het paleis, en gaat vermomd als man naar het klooster waar Ballat inmiddels in is getrokken. Als hun relatie wordt ontdekt, worden ze beiden onthoofd.

Ballat en Tuptim zijn niet de enige die verliefd worden: dat geldt ook voor Anna en Mongkut. Het verhaal van Anna die les gaat geven is waargebeurd, maar die romance tussen lerares en koning is verzonnen: een typisch ‘Hollywoodsausje’. Hollywood’s got to hollywood, maar als het verhaal zodanig vertraagt dat de eigenlijke verhaallijn erdoor wordt ondergesneeuwd, wordt het storend. De romance tussen koning en lerares wordt bijna belangrijker gemaakt dan de politieke onrechtvaardigheid en/of veranderingen in Siam. Zowel verboden liefde als de politieke situatie in Siam wordt al geïllustreerd met Tuptim en Ballat. De 2.5 uur lange film zou minstens een halfuur korter kunnen door de onnodige romance tussen Anna en Mongkut te schrappen.
Waarom moet die romance eruit om de kwaliteit van het verhaal te waarborgen? Er zijn een hoop redenen.

Verhaalthema en de comfortzone verkeerd combineren

Het verhaalthema wil sociale en politieke verandering zijn, maar slaagt daar niet helemaal in. Dat komt omdat het verhaal zijn eigen comfortzone en centrale conflict vergeet. Anna wordt aangenomen als lerares om die verandering in gang te zetten. En omdat ze niet op haar mondje is gevallen, doet ze dat ook. Maar op een bepaald moment lijkt de koning meer te willen veranderen vanwege zijn worsteling met zijn gevoelens voor Anna dan dat hij het voor zijn volk doet. Dan wordt het thema verandering geforceerd, omdat dat nu ‘plotseling’ ook liefde betreft. Dat zijn te veel thema’s voor een verhaal. En te veel ineens willen vertellen betekent ook dat je publiek niet meer tussen de regels door kan lezen of kijken. Dat maakt een film kijken of een boek lezen minder interessant.

Te veel nadruk

De extra romance lijkt ingezet om te bewijzen dat de verandering echt nodig is: als zelfs de koning niet kan liefhebben wie hij wil, dan is het wel heel erg gesteld met bepaalde ‘vastgeroeste’ systemen.
Hebben we dat bewijs echt nog nodig, dan? Je ziet al hoe een koppel publiekelijk onthoofd wordt. Vóór de executie worden ze door het volk ook nog eens met rot fruit bekogeld.
De verboden romance van Anna en Mongkut is een belediging voor die van Tuptim en Ballat. “Het is niet genoeg dat een koppel van relatief lagere kringen wordt onthoofd, om écht te kunnen voelen hoe erg alles is, heb je óók nog de verboden romance van koning en lerares nodig,” lijkt de film te suggereren. (Misschien ook omdat Anna wit is?)
Als iets te veel van het goede wordt, wordt het niet alleen te veel omdat je veel van hetzelfde krijgt. Het risico bestaat bovendien dat je door overdaad iets (anders) minder indrukwekkend maakt dan het was geweest zonder die extra nadruk.

Overdaad schaadt. Het hoofd van je publiek kan erdoor exploderen en het richt schade aan je verhaal. Bovendien kan je vaak ook met een ‘knal’ de klus klaren. Meerdere, zoals hier, is vaak overbodig.
Photo van Luke Jernejcic op Unsplash

Te veel lange voorbeelden

Koning Munkut heeft 58 kinderen, maar een daarvan is zijn favoriet: dochtertje Fa Ying. Zij is onmiskenbaar een darling. Het is een schat van een meisje, dat het goed doet in de les van Anna en ook haar favoriete leerlinge wordt. Fa Ying heeft naast het portretteren van onschuld nog een belangrijk doel. Ze zet Anna weg als een lief moederfiguur en prettige, zachte vrouw. Oftewel: ze dient als springplank om vlinders in de buik van Mongkut te bezorgen.
Het meisje sterft ook nog aan cholera (geforceerde tranentrekker-alarm!). Je kan je dus voorstellen dat de schermtijd van het verhaal van dit -hoe schattig ook -overbodige kind niet gering is.
Fa Ying en haar dood vormen het zoveelste middel om onrechtvaardigheid te benadrukken. Ja, kindersterfte door cholera is onrechtvaardig, maar een ziekte die niet te genezen is, strookt niet met de onrechtvaardigheid van een onethisch politiek systeem:
* Het is overmacht versus iets wat wel degelijk te veranderen is.
* Het is pech versus de wil om al dan niet in actie te komen.
* Het is wederom een manier om een onderliggende romance te benadrukken en af te haken van de politieke problemen.

Is dit teveel van het goede aan uitleg? 😉 Hier geef ik concrete tips over hoe je al deze valkuilen kan voorkomen.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage koppig is?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage koppig is? 

Vervelende karaktereigenschap

Koppigheid is een vervelende karaktereigenschap voor een personage. Een koppig personage wil niet veranderen, blijft bij zijn standpunt en je moet hem zowat aan zijn haren uit de comfortzone sleuren. Een personage dat weigert uit de comfortzone te komen, voorkomt dat het verhaal op gang komt of aan de gang blijft. Daarom moet je je personage niet al te koppig maken. Dit personage móet tot inkeer komen, wil je een verhaal overhouden. Als het even kan, laat je personage dan eerder vroeger dan later een beetje loskomen van die eigen heilige overtuigingen. Een koppig personage kan even amusant zijn, maar op de lange duur vindt de lezer hem bloedirritant. 

Plotselinge ingeving 

“Als het niet goedschiks gaat, dan maar kwaadschiks.” Dit gezegde gaat absoluut op voor je koppige personage. Je zal hem in die koppigheid subtielere signalen of suggesties moeten geven, die hij vervolgens straal negeert; hij weet het zelf toch wel beter. 

Een voorbeeld: uit principe wil je personage een bepaalde boete niet betalen, ook al kan dat gevolgen hebben: grote financiële problemen. Als eerst zal je personage denken dat het niet zo’n vaart zal lopen, na nog een waarschuwende omstandigheid vindt hij het probleem nog te overzien en na nog een rode vlag maakt hij zichzelf nogmaals wijs dat hij een man van principes is, die niemand hem (daardoor) iets kan maken. Maar een aantal maanden later is die boete zo hoog opgelopen dat hij andere rekeningen niet meer kan betalen. Zo komt er een kettingreactie op gang en wordt de man uit huis gezet. Dan maar kwaadschiks, je was meermaals gewaarschuwd, maar te koppig om te luisteren… 

Pas op het moment dat hij zijn huis voorgoed moet verlaten, denkt hij: wat ben ik dóm geweest…

Dat ene moment van de plotselinge ingeving is de eerste echte keer dat dit personage daadwerkelijke groei meemaakt. Daarom is dit personage over het algemeen niet interessant of fijn om over te lezen. De lezer moet veel geduld hebben om iets van een verhaal of ontwikkeling op gang te zien komen. 

Het begin van het einde

Je kan niet van het personage verwachten dat dat na tientallen of honderden pagina’s zonder personagegroei van het ene op het andere moment talloze persoonlijke groeispurten gaat maken. Dat komt ongeloofwaardig over, omdat al het hele verhaal blijkt dat dat niet in het karakter van het personage zit. Bovendien ben je er negen van de tien keer te laat mee. In een verhaal met honderd bladzijden waarin de ingeving op bladzijde tachtig komt, heb je geen ruimte meer om dit ‘nieuwe verhaal’ van het personage uit te werken. 

Hou het dan kort en krachtig en rond af met de conclusie dat je personage er door de schok nooit meer bovenop komt, of dat hij in zijn leven daarna – buiten de pagina’s van het eigenlijke boek om- gaat proberen een nieuwe weg in te slaan. Wat dat dan is, maakt minder uit. Een open einde past in dit geval prima. 

Zoals je kan zien is een koppig personage niet het makkelijkste. Weet waar je aan begint… 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Vijf vragen die je jezelf moet stellen als je personage superkrachten heeft

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage superkrachten heeft? 

Je kan je personage altijd superkrachten geven als je dat wil. Laat je creativiteit de vrije loop. Jij bent baas in eigen boek. Maar er is wel een aantal dingen waar je op moet letten als je je personage superkrachten geeft. 

1. Waarom deze superkracht?

Ga bij jezelf na waarom je juist deze superkracht aan je personage geeft. Ja, het is hartstikke gaaf om te kunnen vliegen. Maar heeft het wel een functie in je verhaal of voor het plotverloop? Ook als je een fantasy schrijft waarin superkrachten de norm zijn, moet je jezelf deze vraag stellen. Er is een aantal superkrachten die min of meer standaard zijn. Denk aan vliegen, onzichtbaar zijn of gedachtenlezen. Jeugdpuistjes kunnen wegtoveren zou evengoed een superkracht kunnen zijn. (Eentje waartegen de gemiddelde tiener geen nee zou zeggen.) 

Waarom kan jouw personage wel vliegen, gedachten lezen of voorwerpen besturen met zijn gedachten, maar géén puistjes wegtoveren en/of zichzelf onzichtbaar maken? Daar moet je een antwoord op hebben. Meestal heeft dat met belangrijke plotpunten te maken. 

2. Waarom je personage?

Kijk nogmaals goed naar je plot en bedenk waarom juist je (hoofd)personage een of deze superkracht heeft. Is hij een uitverkorene? Past dat bij zijn karakter? Helpt dat later de grootste slechterik te verslaan? Superkrachten zijn gaaf, maar alleen omdat het gaaf is, mag je het nog niet zomaar in je verhaal gebruiken. Het moet wel een functie hebben voor je verhaal. 

3. Is het nog wel een superkracht?

Bedenk ook of de superkracht in jouw fictieve wereld nog wel speciaal is. Als iedereen kan vliegen, is dat de normaalste zaak van de wereld en geen superkracht meer. Dat lijkt een open deur intrappen, maar dat kan weerslag hebben op de manier waarop je je personage portretteert. Een “kijk-mij-eens-kunnen-vliegen-houding” gaat niet meer op als iedereen dat kan. Dat kan het verschil maken tussen een arrogante kwal en een onzeker grijs muisje.

4. Hoe leert je personage de superkracht?

Bedenk vooraf of je personage de superkracht nog moet leren of hem vanaf de geboorte al onder controle heeft. Als de kracht nog aangeleerd moet worden, heb je al een mooi deel van een narratief conflict te pakken. Maar als je personage zijn kracht altijd al gehad heeft, zorg er dan zeker voor dat hij op een ander vlak (emotioneel, mentaal of intellectueel) nog wel zijn worstelingen heeft. Anders is het personage te perfect om nog interessant te zijn.

5. Wat zijn de limieten van de superkracht?

Zorg er hoe dan ook voor dat de superkracht zijn limieten heeft. Je personage mag niet alle ellende in de wereld kunnen wegtoveren. Of hij moet na een supersonische karatetrap altijd een uurtje slapen om weer op krachten te komen voordat hij weer een schop kan uitdelen. Als je personage echt alles kan oplossen, dan is er geen probleem of conflict meer over. En zonder een conflict heb je geen verhaal.
Je kan dit in de gaten houden door een lijstje in je opschrijfboekje te maken over de limieten en regels die aan de superkracht verbonden zijn. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage voor een onmogelijke keuze komt te staan?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage voor een onmogelijke keuze komt te staan?

Als je personage veel pech heeft, komt het soms voor een keuze te maken die je het best kan omschrijven als een levende hel. Wat het ook kiest, van elke keuze krijgt het personage spijt. Hoe maak je die beslissing dan voor je personage? 

Wat is een onmogelijke keuze?

“Je geld of je leven!” Die keuze is schrikken, maar niet moeilijk. Echt moeilijke keuzes zijn voorbeelden als:
* dakloos worden of je kind afstaan;
* meedoen aan een gevaarlijke drugssmokkel of de medicijnen voor je doodziekte partner niet meer kunnen betalen. Als de rillingen je over de rug lopen bij de gedachte alleen al dat je hierover de knoop moet doorhakken, dan spreek je over een onmogelijke keuze. 

De hogere macht

Bij een onmogelijke keuze is het fijn om te weten in wat voor hogere macht je personage gelooft, of wat zijn absolute heilige graal is als het gaat om normen en waarden. Als hij bang is in eeuwig hellevuur te branden, leidt dat tot een andere beslissing dan wanneer je personage erop vertrouwt dat zijn Schepper hem vergeeft. Op eenzelfde manier zal een personage een andere keuze maken wanneer naastenliefde hoger in het vaandel staat dan eigen veiligheid. Er is hierin geen goed of fout: kijk eerlijk naar je personage. Niet iedereen is altijd onzelfzuchtig, dapper of sterk. Vergeet bovendien niet dat personages ook zwaktes moeten hebben om realistisch te zijn. 

Het belang van het thema

De keuzes die je personages maakt, weerspiegelen vaak heel duidelijk een onderliggend thema. Als je personage zijn kind niet wil afstaan, zegt dat iets over het thema onvoorwaardelijke ouderliefde. Kiest hij voor zijn huis (wie weet wel omdat het kind nog bij moeder terecht kan) dan is je thema eerder iets als zekerheid of ratio. Kijk dus goed naar het thema van je verhaal. Het is goed mogelijk dat de keuze relatief makkelijk gemaakt is als je het thema als leidraad gebruikt. Je personage is er niet blij mee, maar iemand zal de knoop moeten doorhakken. De kans is groot dat je personage dat niet doet…

De keuze voor het plot 

Als de keuze is gemaakt, is dat nooit fijn voor je personage. Het zal er hoe dan ook een bepaald rotgevoel aan overhouden. Denk aan schuldgevoel, spijt, emotioneel trauma… Als de andere keuze andere bijkomende gevoelens betekent, kijk dan ook of er een van de twee kan voorkomen dat het plot op slot komt te zitten. Met schuldgevoel is een stuk makkelijker te leven dan een letterlijk allesverlammend trauma

Is een onmogelijke keuze nodig?

Een onmogelijke keuze heeft een groot gevolg voor je plot en de ontwikkeling van je personage. Het is ook niet eenvoudig om erover te schrijven. Bedenk dus goed of je het schrijft of niet. Maar een onmogelijke keuze is hoe dan ook zeer interessant. Je verhaal kan niet tot cliché worden gereduceerd en zal altijd spannend blijven. Want hoe komt je personage tot zijn beslissing en hoe zal hij daarmee leven? Die vragen laten de lezer gegarandeerd de volgende pagina omdraaien… 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage nieuw is in een groep?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage nieuw is in een groep?

Als je personage nieuw is in een groep, biedt dat een schat aan mogelijkheden. Of het nu een vriendengroep, klas, familie of de werkvloer betreft, je kan deze gelegenheid gebruiken om je verhaal een enorme vaart te geven. 

De eerste indruk 

Een eerste indruk zegt heel veel. Gebruik dat in je voordeel in de breedste zin van het woord. Denk aan de omgeving. Is het huis van de schoonouders spic en span? Dan kan jouw minder opgeruimde personage zich misschien al een beetje ongemakkelijk voelen als hij binnenkomt. Eerste momenten of indrukken verlenen zich prima om een omgeving te omschrijven.

En wat dacht je van de manier waarop je personage in de groep komt? Is zij hartelijk uitgenodigd door haar nieuwe buren om gezellig mee met de buurt te gaan kamperen? Dat verschilt nogal met ontvoerd worden en als krijgsgevangene te worden opgesloten. Dan maak je op een heel andere manier kennis met je lotgenoten. 

Goed in de groep?

Extravert en introvert: je bent dol op gezelschap of juist iets meer op jezelf. Het geeft een indicatie hoe iemand in een groep ligt, maar waak ervoor dat je je daar niet blind op staart. Als je dat doet, wordt je personage eendimensionaal. Leg liever uit waarom dat zo is. De eerste indrukken die je personage opdoet, betekenen in dat opzicht veel meer. Je extraverte beurshandelaar kan zich alsnog niet op zijn gemak voelen bij een grote groep extraverte boeren: de interesses schelen te veel. Een bijkomend voordeel van dit waarom uitschrijven, is dat de lezer meteen wat meer diepgaande karaktereigenschappen van het hoofdpersonage te weten komt. 

Doel van de groep 

Als je de moeite doet om nieuwe personages te introduceren, verwacht de lezer min of meer vanzelf dat die een grote(re) rol in je verhaal gaan spelen. Bedenk dus waarom je personage (juist) in deze groep terecht komt. Vaak heeft dat iets met het verhaalthema te maken. Komt hij bij een fijne schoonfamilie, dan is dat bijvoorbeeld ‘erbij horen’. Zijn de nieuwe collega’s tirannen die erop uit zijn om hem te kleineren, dan is dat iets als ‘scheve machtsverhoudingen’. Gebruik dit moment om je thema een subtiele spotlight te geven. 

Startpunt duidelijk maken 

De mensen die je personage tegenkomt bevestigen een bepaald wereldbeeld, of trekken dat in twijfel. Ze zorgen voor een springplank van fijne mogelijkheden of blokkeren je personage in zijn groeiproces. Hoe dan ook, een nieuwe ontmoeting betekent een nieuwe inslag in je verhaal. Een groep heeft een bepaald doel of een bepaalde dynamiek die onherroepelijk iets in gang zet voor je personage. 

Komt je personage bij een groep fanatieke zwemmers, dan krijgt je personage waarschijnlijk ook de ambitie om sneller te leren zwemmen. Hij wordt ook somber van die groep neerslachtige mensen. Of hij doet er juist alles aan om weer wat optimisme in de groep te brengen. 

Hoe dan ook is de nieuwe groep een aanleiding om een nieuw spreekwoordelijk hoofdstuk in je verhaal te beginnen. Als je voor jezelf duidelijk hebt waar dat hoofdstuk naartoe moet leiden, kan je makkelijker over de groep(sdynamiek) schrijven. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Schrijfprompt: wat staat er op het menu?

Ik zag een reclame voor een Gordon Ramsay programma en dacht: wat kijkt die vent toch altijd vreselijk zuur. Niet veel later dagdroomde ik over wat ik op mijn pas geboekte vakantie allemaal voor lekkers zou kunnen eten. Er begon iets te dagen. Ik krabbelde snel iets in mijn opschrijfboekje en voilà: inspiratie. Ik heb het verder uitgewerkt. Hopelijk doe jij daar nieuwe verhaalideeën mee op. Veel schrijfplezier!

Gordon Ramsay

Het idee begon met een reclametrailer voor het programma ‘Oorlog in de keuken’ van topchef Gordon Ramsay.
Er zit een vaste verhaalstructuur in het programma: een restaurant wordt verschrikkelijk gerund, Gordon komt langs, schreeuwt erop los, motiveert, geeft het restaurant een make-over en het restaurant floreert weer of gaat definitief dicht. Ik heb weinig met dat programma op. Zoals die man kan schreeuwen en zuur kan kijken…
Wacht eens… Gordon is een kok. Zuur is een smaak. Smaak + kok = lekker eten. Verhaalstructuur…Wat kunnen een verhaal en lekker eten met elkaar gemeen hebben?

Vakantievoorpret

Voorpret bij een vakantie is voor mij ook echt de halve pret en ik ben dol op lekker eten. Toen ik mijn vakantie had geboekt, ging ik daarom al snel kijken wat de culinaire specialiteiten op mijn bestemming zijn. Ik kwam erachter dat daar een multiculturele keuken is, met talloze ingrediënten en smaken.
Multicultureel, verschillende smaken, zuur kijkende Ramsay, aha! Ik heb geen idee hoe de laatste puzzelstukjes zijn gevallen, maar ik besefte opeens: je kan een verhaal bedenken met een restaurantmenu!

Kijk maar eens naar deze tabel en de achterliggende narratieve symboliek die je op een menukaart kan vinden:

In een menu betreft het In een verhaal vertaalt zich dat naar
voor- hoofd- en nagerechteen begin, midden en eind van een verhaal
smakende beleving of gevoelens bij gebeurtenissen: zoete dromen, bittere scheiding
culturele origine van een gerecht* (culturele) normen en waarden: een verhaalthema
* de plaats waar het verhaal zich afspeelt
aantal calorieën hoe ‘verteerbaar’ is het verhaal? Is de toon licht, of juist heel zwaar?
de prijs van het gerecht in wat voor sociaal-economische omgeving speelt het verhaal zich af? Hoe duurder het gerecht, hoe hoger de status of het milieu van je personage is.
De ingrediëntenwat zegt dat over je personage of de omgeving van het restaurant? (Dat het op de kaart staat, of dat je personage voor een bepaald ingrediënt kiest)
Enkele voorbeelden:
* als het vlees op de kaart halal is, dan heb je een islamitisch personage, of staat het restaurant in een islamitisch land;
* aardappels of friet wijzen vooral op het westen, rijst en noedels meer op het oosten van de wereld.

De meeste dingen zullen voor zich spreken, andere zaken licht ik wat meer toe.

Smaken

Er zit een heel groot verschil tussen zoete kersen en mierzoete suikerspin. Als jij zegt een verhaal te schrijven op basis van een suikerspin, verwacht ik een klef stel. Kijk eens of je voor jezelf dat soort verhoudingen kan gebruiken om een gerecht om te zetten naar een element voor je verhaal. Natuurlijk kan een gerecht of voedselsoort ook bepaalde beelden oproepen, zoals een meisje dat eerder genoemde zoete kersen in een schortje bewaard na het plukken. Een idee voor je hoofdpersonage?

Culturele origine van een gerecht

Wie stamppot zegt, zegt Nederland. En wat zegt Nederland nog meer? Je kan hier alle kanten mee op. Vul bijvoorbeeld het welbekende zinnetje ‘Denkend aan Holland’ aan. Ongeacht wat er naar boven komt drijven, het kan allemaal aanleiding geven voor een nieuwe brainstorm. Hou je opschrijfboekje paraat!
Je kan ook kijken naar bepaalde culturele normen en waarden die een land heeft. Die kan je opschrijven in een woordenweb, of je kan de culturele dimensies van Geert Hofstede nalezen. Daar schreef ik in deze blogpost al uitgebreider over.

Voor-hoofd-en nagerecht

Je kan voor-hoofd-en-nagerecht gerust combineren, maar let er dan wel op dat je de symboliek niet te letterlijk gaat nemen. Ik denk niet dat iemand op het idee zou komen om te beginnen met een garnalencocktail, als hoofdgerecht een suikerspin te nemen en af te sluiten met zeer sterke koffie…
Maar in een verhaal zou het symbolisch wel passen. De garnalencocktail zou symbool staan voor de plaats waar het verhaal begint (een kustgebied) vervolgens gaat het middenstuk over een kleffe romance, en eindigt het zeer bitter wanneer het stel uit elkaar wordt gedreven.
Ook kan een patatje oorlog plotseling een stuk minder calorieën tellen…

Je kan uit dit menu veel inspiratie halen, maar je maakt het jezelf erg lastig als je elk element daarvan meeneemt om een geheel van te maken. Kies een paar menu-elementen om het overzichtelijk te houden voor jezelf: Japans gerecht + veel calorieën = zwaarbeladen samoeraiverhaal

Laat je niet te veel beperken door de woorden menu en restaurant. Als je ergens een selectie aan eten of drinken kan krijgen waar je voor moet betalen, heeft het een menu! Dus dan kan je ook kiezen uit het assortiment van een:
* take-out koffiezaakje;
* fruitboer op de markt;
* snoepautomaat;
* de verschillende toppings voor op je hotdog bij de hotdogkar op straat.

Ook het type restaurant kan je al het een en ander vertellen.

Om je op weg te helpen heb ik al een aantal dingen op mijn menu gezet. Schrijf smakelijk alvast 🙂

Eten! Wat voor verhaal kan je daarvan maken? Foto van Rumman Amin op Unsplash

À la carte menu verhaal en taal

Baklava €€€€ — Geniet van een zoet zwijmelverhaal in de hogere Arabische kringen
Broodje bal van wegrestaurant ‘de asfaltvreter’ — Ga met Ton mee op zijn truckersavonturen
Pikante cocktails op een dakterras — Deze avond gaat in de slaapkamer verder en is morgen weer vergeten…
Zeer pittige Mexicaanse kip — Een drugskartel in Mexico doet dingen die het daglicht niet kunnen verdragen
Champagne € van restaurant ‘de gouden vork’ — Dit zakenetentje loopt anders dan de hoge pief had gedacht…

Buffet verhaal en taal

Om zelf een heerlijk verhaal van te maken:

* licht verteerbaar eten in een Ierse pub
* zwaar verteerbare zuurkool €€€€
* een koosjer feestbuffet
* Croissant €€ van een Parijse bakkerij
* zoete maïs op een stokje € van een straatverkoper in Amerika

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage een eigen leven gaat leiden in je verhaal?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage in staking gaat?

Ergens in het schrijfproces gaat je personage in staking. Je personage is dan zo levensecht aan het worden, dat die een eigen willetje lijkt te krijgen. Als je wil dat je personage in de sloot valt, gebeurt dat altijd. Totdat hij besluit te staken: “Echt niet, dat wil ik gewoon niet!” Wat doe je dan?

Goed luisteren

Je kan zeggen dat het voor het plot nodig is dat je personage in de sloot valt en het protest negeren. Maar daarmee laat je belangrijke informatie links liggen. Want waarom is je personage ongehoorzaam en blijft de sloot onaangeroerd? 

* Is hij bang in de sloot te verdrinken? Dan kom je achter een (belangrijke) angst voor water.
* Wil ze haar dure kleding niet verknallen? Dan weet je vanaf nu dat ze ijdel is.
* Hen is bang gezien te worden door een bekende. Dan staat aanzien waarschijnlijk hoog in het vaandel. 

Door naar je personage te luisteren leer je het beter kennen. Soms kan het zelfs je plot redden en merkt je personage iets op wat jij misschien even was vergeten: “Als ik nu in de sloot val, kom ik te laat op de vergadering en dan kan ik niet de promotie maken die jij voor het plot had bedacht…”

De baas blijven

Luister naar je personage, maar geef het niet zomaar zijn zin. Houd het waarom ook hier goed in je achterhoofd. Waarom wil jij het en en je personage het andere? Uiteindelijk moet jij het grote plaatje bewaken en zorgen dat zaken als je verhaalthema, plot en personageontwikkeling blijven kloppen. Jij bent de schrijver, dus je blijft de baas. Je personage wil de promotie en daarom de eerdergenoemde vergadering niet missen. Maar jouw verhaalthema is de chaostheorie. Sorry, maar het is niet anders, personage: je móet die sloot in vallen, juist zodat je die vergadering gaat missen, geen promotie krijgt en daardoor je baan verliest. 

Een middenweg

Een personage in staking is nooit makkelijk. Je kan de knoop doorhakken en naar jezelf of je personage luisteren, maar je kan ook onderhandelen en een middenweg zoeken. Kan je je personage met watervrees angst besparen door hem tegen een boom te laten botsen met de fiets om de nodige vertraging te creëren? Is de voorzitter van de vergadering ziek, wordt de vergadering daardoor uitgesteld en het ‘hoofdstuk promotie’ op die manier spannend gehouden?

Een verkeerde manier van onderhandelen

Pas op voor deze uitgangspunten bij het onderhandelen; ze leveren slechte resultaten op:

*“Als schrijver heb ik altijd gelijk.” Je las al waarom dat niet zo is.
“*Ik geef het personage wel zijn zin, daar stopt het verhaal niet van.” Verhalen worden gedreven en op gang gehouden door ongemak en conflict, dus je kan een personage niet altijd zijn zin geven. 
*“Ik schrap het hele voorval gewoon.” Als je personage in staking gaat, is dat een seintje dat je iets belangrijks op het spoor bent wat je nog niet voldoende hebt uitgewerkt. Als je dan alles gaat schrappen, loop je het risico om belangrijke informatie over je personage nooit te weten te komen. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.