Wat als een personage stervende is?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als een personage stervende is?

Hoewel de held van het verhaal natuurlijk kan sterven, gebeurt dat relatief weinig. Daarom gaat dit artikel over het sterfbed van medepersonages: degene die om wat voor manier dan ook iets te maken hebben met de heldenreis van je hoofdpersoon. 

Pas op voor wraak en ‘sterfbedbeloften’

Als het einde nabij is, liggen twee clichés op de loer: beloften op het sterfbed en wraak. Iemand op het sterfbed iets beloven is niet ongewoon in het echte leven. Wraak is meer iets voor fictie, maar komt daarin wel relatief vaak voor. Pas hiermee op. Niet alleen omdat het clichés zijn, maar ook omdat veel gewicht in de schaal kan leggen voor het (hoofd)personage dat blijft leven. 

Je kan je hoofdpersoon wel iets op een sterfbed laten beloven, maar als hem dat niet lukt, kan dat gevolgen hebben voor de rest van je verhaal die misschien helemaal niet bij je verhaalthema of centraal conflict passen. Als wraak geen thema van je verhaal is, heroverweeg dan of iemand zodanig verbitterd is om zijn laatste krachten daaraan te besteden. Anders komt dat soort wraak al snel overdreven over. 

De erfenis

Zodra een personage is gestorven, volgt er meestal een erfenis. Soms in de vorm van voorwerpen, of als emotionele nalatenschap of bepaalde kennis. Met deze erfenis komt er vrijwel altijd een bekende trope om de hoek kijken:

* Nu vader is gestorven, moet zijn zoon het stokje van het familiebedrijf overnemen;
* Er wordt een doosje verstopte liefdesbrieven gevonden op de zolder van opa, wanneer de spullen worden verdeeld;
* Er volgt een ruzie over de erfenis, waardoor familiebanden op scherp komen te staan;
* Om de overledene te eren, gooit je hoofdpersonage het roer om en verlaat hij zijn kantoorbaan om de wereldreis te maken die al jaren op zijn verlanglijstje staat. 

Deze voorbeelden lijken misschien erg cliché, maar dat zijn ze niet; dit zijn tropes. De dood is zo’n wezenlijke gebeurtenis dat je er niet omheen kan dat het bepaalde gevolgen heeft. Realistisch gezien zijn bovengenoemde voorbeelden zeer mogelijk wanneer er iemand sterft. Daarom moet je ze niet te snel als cliché aan de kant schuiven. 

De kunst is om de desbetreffende trope goed te onderzoeken en die op een originele manier in te vullen zodat er geen cliché ontstaat. Lees hier over het verschil tussen clichés en tropes

De laatste relatietoets

Als je hoofdpersonage hoort dat een medepersonage op sterven ligt, dan kan je daarin een hele mooie, ongedwongen show, don’t tell in verwerken over wat voor een relatie zij hebben of hadden. Wordt hemel en aarde bewogen om nog afscheid te kunnen nemen of om nog een experimentele behandeling voor de terminale ziekte te vinden? Dan betekent het medepersonage erg veel voor je hoofdpersoon. Als je personage geen afscheid durft te nemen, dan kan hij bang zijn voor de dood of kan het erop wijzen dat hij bij de stervende persoon niet over zijn gevoelens kan praten. Doet hij de moeite niet om nog afscheid te nemen, dan is hun relatie of niet belangrijk of erg slecht geweest. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat is het verschil tussen clichés en tropes?

Rollende ogen en geïrriteerde zuchten van herkenning bij een lezer zijn een nachtmerrie voor een schrijver. Een cliché is een bekend fenomeen, maar het is minder bekend hoe het ontstaat. Maar om goed te kunnen schrijven, moet je dat wel weten. Daarom leer je in dit artikel het verschil tussen clichés en tropes.

Trope: het onmisbare bouwsteentje

Een trope is een bouwsteentje van een verhaal. Het gegeven van dit bouwsteentje is waar de rest van het verhaal op voortborduurt of waarmee het verder wordt verduidelijkt. Zie het als een basiskader waardoor het verhaal logisch blijft voor de lezer. Enkele voorbeelden:
* een wijze oude vrouw;
* een relatie tussen een rijk meisje en een arme jongen;
* een dictator grijpt de macht;
* een groot huis.

Een trope is dus een heel uiteenlopend gegeven. Het kan een voorwerp zijn, een feit, een relatie, karaktertrek, een hele volksgeschiedenis… Waar het bij een trope om gaat is dat je iets schetst waaraan de lezer een min of meer vanzelfsprekend gevolg aan kan koppelen. Een wijze oude vrouw heeft veel levenservaring, een inkomenskloof gaat voor spanningen in de relatie zorgen, een dictatuur zorgt voor ellende en in een groot huis wonen mensen die het goed voor elkaar hebben. 

Je kan geen verhaal schrijven zonder een trope, want dan schrijf je letterlijk een verhaal zonder inhoud.

Cliché: een storend steentje

Een cliché is eigenlijk niets meer of minder dan een storende trope. En wel om de reden dat het de lezer uit het verhaal haalt en de schrijver aan het werk ziet: ‘Dit heb ik al zo vaak gelezen, dit boeit me niet meer….’ ‘O, ik kan echt níet bedenken -ahum- wat er nu weer gaat gebeuren…’ Het is dus niet per se een saai stuk, maar iets wat de lezer al zo vaak heeft gelezen dat hij de afloop kan voorspellen en daardoor eerder het verhaal gaat analyseren dan beleven. Negen van de tien keer verpest dat het leesplezier, wat de bekende rollende ogen oplevert als je een cliché tegenkomt. 

Cliché of niet?

Het lastige van clichés is dat ze persoonlijk zijn. Waar jij misschien heerlijk zit te zwijmelen (en daarmee het verhaal induikt) bij een jongen die met zijn meisje in het openbaar gaat dansen, kan een ander dat irriteren en uit het verhaal halen, waardoor het een cliché wordt. Er zijn echter wel een aantal tropes die zo vaak voorkomen dat ze als algemeen cliché worden beschouwd. Er zullen echt wel mensen zijn die zich er niet aan storen, maar het algemene publiek zal wel denken: “Daar gaan we weer, dertien in een dozijn…” Denk bijvoorbeeld aan de eerdergenoemde kloof tussen arme en rijke tortelduifjes of ‘De butler heeft het gedaan’. 

Clichés voorkomen is tropes begrijpen

Met uitzondering van algemene clichés kan je clichés nooit helemaal voorkomen vanwege de persoonlijke aard ervan. Maar je kan het risico erop wel verkleinen. Daarvoor moet je kijken naar wat het cliché storend maakt. Soms is dat een storend vooroordeel, maar het is hoe dan ook de verwachting dat het bouwsteentje volgens een specifiek patroon verloopt. Als je de invulling van die verwachtingen verandert, is de kans heel klein dat je trope nog als cliché wordt gezien. 

Een voorbeeld: De homoseksuele beste vriend. Een man en vrouw zijn boezemvrienden, maar de man is homoseksueel. Dat is de trope: dat zijn de eigenlijke feiten. Deze trope is clichégevoelig, omdat de man zich daarin vaak zeer vrouwelijk gedraagt of traditioneel vrouwelijke interesses heeft: hij is kapper en dol op mode en make-up. Als deze homoseksuele beste vriend een racefanaat met spierballen is, valt hij nog steeds op mannen, is hij nog steeds bevriend met de vrouw, maar dan zet je de verwachtingen die het cliché vormen buitenspel. De trope blijft intact, het cliché niet. Om een cliché te voorkomen, moet je dus vooral weten hoe een trope (te) vaak wordt geïnterpreteerd en dat specifieke element veranderen of een unieke draai geven, zodat je verhaal origineel blijft. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage zijn excuses aan moet bieden?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage excuses aan moet bieden?

Een personage mag niet perfect zijn. Hij moet fouten maken of iets niet kunnen, zodat de lezer zich met hem kan identificeren. Maar je personage kan het evengoed flink verknallen. Hier kan je op letten als je personage een grote fout recht moet zetten. 

Wat is er misgegaan?

Kijk eerst wat er precies is misgegaan. Dat maakt verschil voor de aard en de mate van de excuses die nodig zijn. Je kan de mogelijkheden opdelen in pech, laksheid en bedrog. 

  • Bij pech laat je personage bijvoorbeeld een glas vallen omdat hij schrikt van plotseling vuurwerk. Niks aan te doen; de omstandigheden werkten tegen, of dingen zijn zoals ze zijn.
  • Bij laksheid is je personage niet opzettelijk gemeen, maar had hij iets wel kunnen voorkomen als hij iets oplettender was geweest: als je eerder was opgestaan, had je de trein niet gemist. 
  • Bij bedrog doet je personage iets wat niet hoeft en waarvan hij weet of had kunnen weten dat dat verkeerd valt bij de ander. Van iets relatiefs kleins tot schelden in een ruzie tot vreemdgaan of moorden: bedrog is iets gemeens. 

Excuses voor pech hebben meestal de minste voeten in de aarde, gevolgd door laksheid en bedrog.

Vervolg voor het plot 

Excuses die het waard zijn om een scène of langer aan te wijden, hebben een vervolg voor het plotverloop. Spijt kan zelfs een verhaalthema zijn. Het moment dat je personage iets goed te maken heeft, is meestal een zeer belangrijk punt in het verhaal. Spijt en het verlangen het weer goed te maken vormen soms het begin en einde van een verhaal. (Wat was de vervelende daad van je personage en wordt dat uiteindelijk vergeven?) Als de excuses (of die willen aanbieden) niet aan het begin en het einde zitten, kijk dan of ze wel bij een clue in de drie-aktenstructuur zitten. Een clue belooft een keerpunt in een verhaal. Dat past bij belangrijke excuses. 

Excuses aanbieden 

Als het ongeluk of de vervelende actie nare gevolgen heeft voor degene die de dupe is, moet je personage altijd iets goedmaken, óók bij pech. Het vertrouwen in je personage is zeer waarschijnlijk – al dan niet terecht- geschaad en moet weer worden terugverdiend. Alleen sorry zeggen is dan zelden voldoende. Je personage zal ook nog iets moeten doen. Dat kan iets makkelijks zijn, zoals schadevergoeding betalen. Soms zal je personage keer op keer moeten bewijzen dat hij van karakter is veranderd. Of drie keer naar de voetbalwedstrijd moeten komen kijken omdat hij die ene belangrijke wedstrijd van zijn zoontje heeft gemist. 

Bedenk hoe vergevingsgezind de tegenhanger is en of je personage in staat is om zijn beloofde excuses uit te voeren. En hoe groot zijn de gevolgen (voor de ander?). Dat bepaalt of je personage vergeven zal worden of niet. 

Na het excuus 

Een excuus kan worden aanvaard, maar dat hoeft niet. Hoe dan ook zullen je personages anders naar elkaar kijken. Groeien ze dichter naar elkaar toe of juist van elkaar af, nu dit voorval heeft plaatsgevonden? Vergeet niet om te kijken hoe hun relatie verandert na deze gebeurtenissen.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage zich ergens op verheugt?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage zich ergens op verheugt? 

Verheugen is een erg interessant gegeven wat betreft de verhaalopbouw. Je personage weet namelijk dat er iets te gebeuren staat. Je geeft je personage dus een kleine kijk in het verloop van het verhaal. Dat breng noodzakelijkerwijs kennis van je personage en je plot met zich mee. 

Kennis van het personage

Als je personage zich ergens op verheugt, moet je twee dingen weten om dat verheugende moment goed tot zijn recht te laten komen. 
Als eerste moet je weten waarom je personage zich ergens zo op verheugt. Waarom is dit het oprecht verheugen waard? Waarom wacht je personage niet rustig dat fijne moment af? 
Het antwoord is in theorie simpel: omdat er iets heel fijns staat te gebeuren. Maar fijne gebeurtenissen zijn niet uniek. Als je je ergens op verheugt, verlang je eigenlijk naar iets. Weer samen zijn met die geliefde, eindelijk weer eens ontspannen… Met andere woorden: verheugen laat op een bepaalde manier zien wat je personage nodig heeft. Kijk eens wat dat is. Als je dat goed kan uitwerken, gaat je lezer met het personage mee verlangen. 
Daarnaast is het verstandig om je af te vragen hoe je personage omgaat met de teleurstelling als dit heuglijke moment toch niet doorgaat. Dat kan een mooi kijkje in de keuken geven van de minder fijne of zwakkere kant van je personage. Als je op een natuurlijke manier wil schetsen dat jouw personage niet perfect is, laat hem dan eens een fikse teleurstelling meemaken. Dan gaat hij als vanzelf ook even bij de pakken neerzitten, mokken of huilen. 

Kennis van het plotverloop

Als je personage zich verheugt op een dagje strand, dan moet jij als schrijver meer weten dan dat je personage zondag in de trein op weg naar Scheveningen zit. Als je personage zich ergens op verheugt, doet hij dat niet voor niets. Je zou kunnen stellen dat hij intuïtief weet dat er iets staat te gebeuren dat belangrijk is voor het plot. Gaat het over een eerste date die het begin van een relatie inluidt? Ziet hij een verre vriend die hem vervolgens vraagt hem ook op te zoeken, waarna een wereldreis start? Of vormt dit dagje met vrienden de basis van een herinnering die later zeer belangrijk blijkt? Als er later oorlog uitbreekt en je personage als soldaat mensen neer moet schieten, kan dit dagje strand belangrijk zijn om nog een bepaalde menselijkheid of gevoel van vrede kunnen te herinneren. 
Het punt is dat je met verheugen iets al een bepaald gewicht geeft voordat het goed en wel gebeurd is. Als dat dan geen verder gevolg of betekenis krijgt, kan dat als een anticlimax voelen. 
Kijk ook nog eens naar de eerdere voorbeelden. Wat als de ‘stranddate’ plotseling niet doorgaat? Dan krijgt je personage geen relatie. Wel of geen relatie is een groot verschil in een leven en in een verhaalverloop. Wees je ervan bewust dat de ‘verheugmomenten’ vaak essentiële schakels in een plot zijn. Zet die momenten dus zeer weldoordacht in. 
 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage klem zit?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage klem zit? 

Schrijfadvies gaat vanwege het principe van het centraal conflict vaak over hoe je je personage laat vallen en weer opstaan. Maar soms kan je personage niet meer opstaan en zit hij klem. Wat dan?

Wanneer zit je personage klem?

Je personage zit – voor de definitie van dit tipartikel- klem als hij al tig keer is gevallen en is opgestaan, maar dat gewoon niet mag baten om zijn doel te bereiken. Hij heeft alle beschikbare middelen al aangesproken, alle vaardigheden geleerd, of hij kan om een andere reden (letterlijk) geen kant meer op. Je personage is het slachtoffer van omstandigheden of domme pech. Enkele voorbeelden:
* Het lukt maar niet om nuchter te worden, ook niet na talloze pogingen, professionele behandeling en alle financiële, emotionele en elk andere mogelijke steun van geliefden.
* Je personage is geslaagd voor een hele specifieke opleiding met prachtige cijfers, maar kan zijn werkveld niet in, omdat net de laatste banen zijn vergeven. 
* Er is iemand die hem in de houdgreep heeft en een pistool tegen de slaap drukt. 

Wie mag er klem zitten?

Hoofdpersonages komen meestal niet klem te zitten, omdat zij het verhaal dragen. Stopt hun verhaallijn, dan eindigt het boek. Daarom zijn meestal archetypen als de wijze mentor, de beste vriend of geliefden de klos. Maar dat wil niet zeggen dat de protagonist niet klem mag komen te zitten. Er zijn ook verhalen die eindigen met een verslagen held of waarin de held wordt vermoord. Deze verhalen zijn lastiger om te schrijven, maar in theorie kan iedereen klem komen te zitten, ongeacht hun rol.

Wanneer mag je personage klem zitten?

Wie er ook gevangen komt te zitten in omstandigheden, zorg ervoor dat diegene er al een hele heldenreis op heeft zitten. In dit geval heeft de heldenreis gefaald, maar de reis op zich is er wel geweest. Faalt je personage in het begin, dan is je lezer nog niet betrokken genoeg om het echt iets te kunnen schelen wat er met hem gebeurt. Zet je een personage in het midden klem, dan zal de lezer de held een watje vinden, zonder dat hij dat is. De lezer denkt dan dat je personage gerust nog eens een keer een poging tot slagen had kunnen doen. 

Het laatste moment: controleer je verhaalthema

Op het moment van: dit is het en beter wordt het niet, is het tijd om je verhaalthema nog eens te bestuderen. Hoe zie je dat terug in de heldenreis van je personage? Als het thema vruchtbaarheid is en de allerlaatste ivf-poging mislukt, kan je je personage laten terugblikken op alle manieren waarop ze toch een poging heeft gedaan. Als je thema wat abstracter is en je personage er niet per se op kan reflecteren, laat dan in dat allesbeslissende moment wat symboliek naar voren komen die het verhaalthema benadrukt. Als je het verhaalthema nogmaals verduidelijkt, is het einde misschien droevig, maar nog wel logisch. Zodra je op het beklemmende moment geen terugkoppeling geeft naar het thema, geeft dat reacties als: “Waar was dat nou goed voor?” of “Dat komt ook uit de lucht vallen…” 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage iets nodig heeft?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage iets nodig heeft?

Een plot wordt in gang gezet omdat je personage najaagt wat hij wil. Maar wat het verhaal diepgang geeft, is wat hij nodig heeft.

Willen of nodig hebben

Een simpel voorbeeld van het verschil tussen willen en nodig hebben is: als je trek hebt, wil je iets lekkers, zoals een stroopwafel. Wat je nodig hebt, is voedsel om je lichaam draaiende te houden.
Ergens weet je dat wel: als jij echt vergaat van de honger, neem je ook met minder dan een stroopwafel genoegen als je daarmee kan voorkomen dat je van je stokje gaat.
In een verhaal is het verschil tussen willen en nodig hebben soms lastiger op te merken, maar het vormt de basis voor een stevige spanningsboog.

Wat wil je personage?

Je kan je personage vragen wat hij wil. Dan krijg je een duidelijk, kort antwoord. Negen van de tien keer is dat antwoord niet zo diepzinnig:

* Ik wil rijk zijn.
* Ik wil leuk gevonden worden door de populairste jongen in de klas.
* Ik wil op een verre zonvakantie.

Het fijne van deze relatief simpele antwoorden is dat je er ook kant- en klare oplossingen voor hebt:

* Ga maar hard werken of een loterijlot kopen als je rijk wil worden.
* Ga met die leuke jongen flirten.
* Boek een retourtje Thailand.

Je personage zal voor deze kant-en-klare, simpele oplossingen gaan, omdat het logische stappen zijn. Het begin van je plot is gemaakt.

Het addertje van het nodig hebben

Je voelt ‘m waarschijnlijk al aankomen: er zit een addertje onder het gras. De methoden die je personage gebruikt om zijn ‘willen’ na te jagen werken niet, of gaan op zijn minst niet vlekkeloos.
Je personage heeft nog geluk als hij zijn ‘willen’ krijgt door bepaalde obstakels te overwinnen. Soms kan hij proberen – of zelfs krijgen! – wat hij wil, maar is hij alsnog ongelukkig of voelt hij dat er iets niet klopt, onvolledig of anders dan verwacht is, omdat hij heeft wat hij wíl, maar niet wat hij daadwerkelijk nodig heeft.

De diepere noodzaak

Waar je met ‘willen’ aan de oppervlakte van een verlangen blijft, ga je met het ‘nodig hebben’ de diepte in:

* Je wil niet per se rijker worden, je hebt een les nodig: laat je trots varen en vraag om hulp als je in financiële problemen zit.
* Je vindt die ene populaire jongen niet eens leuk, maar je hebt gewoon nodig dat iemand je ziet staan voor wie je bent als persoon.
* Je hebt geen (zon)vakantie nodig, maar een baan die niet van je eist dat je jezelf een burn-out in werkt.

Je personage mag zich pas van zijn ‘nodig hebben’ bewust worden als het verhaal vergevorderd is, zo rond de climax van de derde akte. Anders gaat het ten koste van de heldenreis. Zodra je personage zijn noodzaak erkent, krijgt hij een ander plan van aanpak. Hierdoor kan hij alsnog krijgen wat hij daadwerkelijk nodig heeft. Dan krijgt hij een happy end. Krijgt hij zijn noodzaak niet, dan is het einde verdrietig, of op zijn minst wat ongemakkelijk.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Weten wat jouw boek nog nodig heeft? Kijk in mijn webshop.

Wat als je personage niet te vertrouwen is?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage niet te vertrouwen is?

De macht van je personage

Als er vertrouwen in het spel is, is er ook sprake van een bepaalde machtsverhouding. Als ik je vraag om even op mijn tas te letten terwijl ik naar de wc ga in de trein, vertrouw ik erop dat je dat doet. In theorie geef ik je alle gelegenheid (lees: macht) om mijn telefoon en portemonnee uit de tas te pikken. Vervolgens kan jij mij machteloos maken, zonder geld en telefoon, om nog maar te zwijgen dat je ‘losgeld’ voor mijn telefoon kan vragen. 

Als ik je een geheim toevertrouw, kan je dat aan iedereen doorspelen. Wie weet wat voor schade je daarmee aanricht. Ga eerst na wat voor en hoeveel macht je personage heeft zodra er een vertrouwensband in het spel is. 

Bepaal de schaal van verraad

Een vertrouwensbreuk voelt als verraad. Leg dat gevoel eens op een schaal. Als het gevolg maar één is op een schaal van een tot tien, zal het vertrouwen geschaad zijn, maar dan gaat het leven weer verder. Is het een tien, dan zal je personage op wraak zinnen, of de ander uit zijn leven bannen. Als je de schaal van verraad bepaalt, bewaak je een logische gang van zaken voor het verdere centrale conflict. 

Wat is het gewin voor je personage?

Vertrouwen is een hoog goed. Als je hoort dat je te vertrouwen bent, voelt dat als een compliment, misschien zelfs egostrelend. Als iemand zegt dat je niet te vertrouwen bent, voelt dat als een aanval op je integriteit, waardoor je boos kan worden. Of je schaamt je vreselijk; ook niet echt een fijn gevoel… 
Anders gezegd: dat wat je personage doet wat hem onbetrouwbaar maakt, is voor hem het risico om zijn integriteit te verliezen waard. Ga na wat dat risico is en waarom je personage dat alsnog neemt. 
Dat kan van alles zijn:
* Hij denkt niet betrapt te kunnen worden.
* Hij onderschat de eventuele gevolgen.
* Hij begrijpt niet hoe belangrijk (dit) vertrouwen is.
* Hij wordt gedwongen: drugs dealen of je kind laten verhongeren? Dan maar onbetrouwbaar handelen…

Werk dat goed uit in je opschrijfboekje. Het kan het verschil zijn tussen een personage dat continu zonder blikken of blozen vertrouwen schaadt, een die uit angst voor de gevolgen niets riskeert wat de vertrouwensband in gevaar kan brengen, of een die helemaal bevriest omdat overmacht hem dwingt een bepaald vertrouwen te schaden. 

Vertrouwen terugwinnen

Als je personage vertrouwen heeft geschaad, moet hij dat terugwinnen. Kijk opnieuw naar de schaal van verraad. Hoe groter het cijfer, hoe vaker je personage zal moeten bewijzen dat hij (weer) te vertrouwen is. Bedenk daarbij wat de relatie tussen de personages onderling is. Om vertrouwen te herstellen, moet je door het stof: je moet beseffen dat je nare dingen hebt gedaan en de schaamte van een vertrouwensbreuk onder ogen zien. Heeft je personage dat voor deze situatie of het ander personage over of is het eenvoudiger om zichzelf geen spiegel voor te houden en een bepaalde schijn op te houden? 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Schrijf je goed over verraad? Laat mij naar je tekst kijken en boek mij via mijn webshop.

Wat als je personage uitverkoren is?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage uitverkoren is?

In menig fantasyverhaal komt een uitverkorene voor. Maar ook in een minder fantastisch verhaal komt een personage voor dat voorbestemd is om een bepaalde rol te vervullen. Waar moet je dan op letten?

De regels van tijdreizen en voorspellingen

Je doet aan worldbuilding bij fantasyverhalen. Tijdens dat proces moet je ook bedenken wat de regels voor effect hebben op de voorspelling waarin jouw personage als uitverkorene wordt aangemerkt. Dat is essentieel voor de continuïteit en geloofwaardigheid van je verhaal. 

Komt de voorspelling hoe dan ook uit als hij gedaan is? Is de voorspelling minder bindend en kan er actie worden ondernomen waardoor de voorspelling niet uitkomt of zelfs niet gedaan wordt? 
Kan er door de tijd worden gereisd? Wat heeft dat voor invloed op de voorspelling? 

Karaktertrekken

Ook als je niet over draken en tovenaars schrijft, kan je personage uitverkoren zijn. Dat hoeft dan niet meteen invloed op het lot van de wereld te hebben. Toch zal het een groot deel van het wereldbeeld van je personage bepalen. Denk hierbij aan mensen die hun hele leven te horen hebben gekregen dat ze voorbestemd zijn om dokter te worden. Of ze denken dat ze getalenteerd genoeg zijn om als muzikant, topsporter of openbaar spreker complete voetbalstadions af te kunnen huren voor signeersessies. 
Als je personage op deze manier voorbestemd is om iets te zijn, kijk dan eens goed naar zijn karaktertrekken. Wordt hij arrogant van al die aandacht? Kan hij de druk die bij zo’n sterrenbestaan past helemaal niet aan? Continu in de spotlights staan heeft gevolgen. Je hebt weinig privacy, er wordt van alles van je verwacht en je zal waarschijnlijk je vrienden goed moeten uitkiezen. Wat voor een weerslag heeft de uitverkoren status op je personage? 

Klaar om het lot te omarmen?

Als je personage leert dat hij uitverkoren is, moet je hem daar in eerste instantie niet meteen blij mee maken. Laat hem eerst in verwarring achter, of laat hem tegenstribbelen. Dat heeft twee belangrijke voordelen. Je lezer en de uitverkorene leren zo tegelijkertijd de wereld en het verhaal kennen: het verhaal en de eventuele worldbuilding ontvouwen zich zo op een prettig tempo. Je gooit je lezer in het diepe als je plotseling zegt: “Het leven van het personage en/of de wereld gaat drastisch veranderen, het is maar dat je het weet. Hup, aan de slag nu.”

Ten tweede voorkom je ermee dat je personage een Mary Sue wordt. Als je personage zonder aarzelen zo’n grote rol op zich neemt, zonder dat hij ooit bedenkt of hij dat wel kan, er bang van wordt of fouten maakt, maakt dat je personage onrealistisch perfect.

Wat als de uitverkorene doodgaat? 

Noteer ook eens in je opschrijfboekje wat er gebeurt als je held zou overlijden. Is het dan letterlijk het einde van de wereld of is dat slechts het verlies van een getalenteerde advocaat? Als je duidelijk voor ogen hebt wat voor rol je personage daadwerkelijk heeft, maak je hem niet belangrijker dan hij is. Zo is het risico op een Mary Sue ook kleiner.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Is je personage uitverkorene, of een beetje te goed in wat het doet? Ik kan het nakijken: kijk in de webshop voor mijn diensten.

Wat als je personage iemand mist?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage gemis ervaart? 

Als je personage gemis ervaart, moet je goed kijken wat het verschil is tussen hoe jouw personage zich daarbij voelt en wat jij als schrijver met het plot of het verhaalthema van plan bent. 

Waarom wordt er gemis ervaren?

Als je deze vraag aan de schrijver stelt, zal die iets zeggen als: “Mijn personage moet leren zelfstandig te worden. Daarom moet de verzorger overlijden.” Of: “Hij moet emotioneel volwassener worden. Daarom moet zijn trouwe schouder om tegenaan te huilen even uit beeld verdwijnen. Dan kan hij zijn emotionele welzijn eens goed peilen.” Zo kunnen er nog talloze andere redenen zijn. 

Het personage zal iets zeggen als “We zijn getrouwd, natuurlijk mis ik hem!” of “Zonder mijn beste vriend verveel ik me dood.” 

Je personage ziet het grote plaatje niet, jij als schrijver ziet dat wel. Gebruik dat in je voordeel: besef dat je personage vast kan lopen en werk de worsteling die daarbij komt kijken goed uit. Maar je personage mag niet eeuwig in gemis blijven hangen. Ten goede of ten kwade moet het gemis gevolgen hebben. 

Een gat opvullen

Als je personage gemis ervaart, valt hij eerst in het spreekwoordelijke gat waar hij zich tijdelijk ellendig voelt. Dat mag: als er iets naars gebeurt, moet je personage de gevolgen emotioneel incasseren. Maar er komt een moment waarop het leven van je personage weer verder gaat. Ook al is manlief maar liefst drie maanden op zakenreis, de vriend geëmigreerd, of de financiële vrijheid plotseling afgenomen.

Zodra het leven weer opgepakt moet worden, gaat je personage een manier zoeken om het gemis een plaats te geven. Dat kan op een productieve of een destructieve manier gebeuren. Kijk dan eens wat het beste past bij waarom je personage een persoon mist en wat jij als schrijver wil bereiken. Dat kan je meestal redelijk logisch combineren. 

Is de wijze oma overleden? Dan zal je personage gemotiveerd zijn om een opleiding te gaan volgen om op een andere manier de dorst naar kennis te lessen. Dan kan je personage de wetenschapper worden die jij in gedachten hebt. 

Is de suikeroom uit beeld? De verwende jonge vrouw heeft nooit geleerd om te werken en papt dan maar met allerlei mannen aan, met alle gevolgen van dien. Twee jaar later leert ze als bijstandsmoeder hoe ze elk dubbeltje op waarde moet schatten. 

Het gemis is de zaak van je personage

Als je personage gemis ervaart, kan hij aan iedereen hulp vragen om het eerdergenoemde gat op te vullen en het bijbehorende probleem op te lossen. Dat mag, maar op een harde voorwaarde: dat plan mislukt. Vergeet nooit dat je hoofdpersoon de held van het verhaal is en dat hij dus voor zijn problemen verantwoordelijk is. Hij hoeft ze niet op te kunnen lossen, maar moet dat wel proberen. Mocht hij als eerste uitvlucht toch ‘knechtjes’ inschakelen, dan moet zijn plan mislukken en moet hij van voren af aan beginnen om toch nog met dat gemis om te kunnen gaan. Weeg deze optie zorgvuldig af: soms maakt een extra keer falen je verhaal geloofwaardiger, andere keren werkt het onnodig vertragend. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Mist er iets in je verhaal? Bestel manuscriptredactie in mijn webshop.

Wat als je personage overgehaald moet worden?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage overgehaald moet worden?

Je held moet altijd worden overgehaald om iets te doen waar hij geen zin in heeft. Deze comfortzone uitkomen is een essentieel onderdeel van de heldenreis. Waar moet je rekening mee houden?

Wie of wat motiveert?

Bedenk eerst wat je personage motiveert. Meestal heb je daar wel een idee van; je personage wil ergens naartoe groeien of iets kunnen doen. Is dat intrinsieke motivatie (ik wil dit zelf) of excentrieke motivatie? (als ik dit doe, word ik beloond of voorkom ik dat iets wordt afgepakt.)
Als het een excentrieke motivatie betreft, besteed dan tijd aan het uitdenken van het personage of doel wat voor die excentrieke motivatie zorgt. Dit personage of doel is óók belangrijk in het verhaal. Je moet er rekening mee houden dat je personage meer dan eens gemotiveerd moet worden als de motivatie excentriek is.

Wie zegt het? Wie helpt er?

Het is belangrijk om te weten wie je personage wil overhalen. Als het iemand is aan wie je personage een hekel heeft, zal hij zich nog meer verzetten. Als hij diegene aardig vindt, is het al een stuk makkelijker om in actie te komen.  
Als iets of iemand die je personage ongemak bezorgt probeert hem over te halen, is het fijn als je personage een maatje heeft om hem gerust te stellen of te helpen. Anders kan hij blijven weigeren om in actie te komen, terwijl dat voor het verhaal broodnodig kan zijn.  

Wat staat er op het spel?

Je kan je personage pas overhalen als hij een bepaalde urgentie voelt bij datgene wat hij eigenlijk niet wil doen. Als hij het gevoel heeft dat er nog uitstel mogelijk is, dan zal hij de neiging hebben om alles bij het oude te houden. Je zal je personage eraan moeten herinneren dat er iets op het spel staat. De beste methode is om je personage (een beetje) bang te maken:
“Als je nú niet gaat studeren, zak je voor je examen en kun je geen medicijnen gaan studeren.”
“Als je nú niet gaat zoeken, is er geen hotel meer over als je met kerstmis naar Berlijn wil gaan.”
Soms is het genoeg om je personage wat kriebels te bezorgen, soms moet je regelrecht gaan dreigen met zijn ergste angst. Dat ligt er maar net aan hoe koppig je personage is en hoe erg de situatie is.
Hoe dan ook moet je personage beseffen dat niet in actie komen bepaalde gevolgen gaat hebben.

Kan je personage het wel aan?

Je kan motiveren wat je wil, als je personage iets echt niet kan of durft, zal hij in de comfortzone blijven zitten. Geef je personage dus niet te veel om ineens te moeten doen, durven of klaarspelen. Ga goed na of datgene waartoe je je personage wil overhalen wel haalbaar is. Misschien moet het een stapje terug of moet je je personage later in het verhaal nog eens proberen over te halen, als hij al wat meer heeft gedaan, geleerd of meegemaakt. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Ik controleer of je personage sterk genoeg is om een verhaal te dragen. Kijk eens in mijn webshop.