Zo maak je een cliché origineel: het onuitgesproken geheim

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: het onuitgesproken geheim.

Het cliché: snel nog even opbiechten

Een personage draagt al het hele boek een geheim met zich mee. Dan, tien regels voor het einde wordt dat geheim er in een enkele zin uitgeflapt. Het is duidelijk: hier wil je schrijver zijn momentje: ‘ach, wat een opluchting/ wat aandoenlijk/ wat fijn…’
Maar deze onthulling komt volledig uit de lucht komt vallen en leest enkel geforceerd en vervelend. Voorbeelden: een last minute coming out, de bekentenis altijd al verliefd te zijn geweest op de beste vriend, (hoera, een nieuw koppel in de laatste twee regels…) of een DNA-uitslag.

Waarom stoort dit zo?

Een geheim en de onthulling ervan zijn narratief pas sterk als je dat gedurende het boek kan ontrafelen. Bovendien werkt de wrap-up, die laatste zinnen of alinea’s voor het einde, alleen als je met je verhaal uitdrijft. Nieuwe informatie hoort daar niet.   

Een goede wrap-up

Een wrap-up komt in de laatste pagina’s alinea’s of regels voor de allerlaatste zin. In sprookjes is dat bijvoorbeeld: ‘Nu de wolf verdronken was, hoefden de geitjes nooit meer bang te zijn dat de wolf ze op zou eten.’  En ze leefden…
In de wrap-up wordt er extreem kort teruggekeken op een deel van het hoofdplot en trekt het conclusies hoe dat invloed heeft op het hier en nu. Terugkijkend op de angst om opgegeten te worden, weten de geitjes nu dat ze veilig zijn.
De wrap-up is de laatste sfeerbepaler, die aanstuurt hoe je lezer het boek dichtslaat. Tevreden, bibberend, zwijmelend… Maar let wel: over je hele verhaal, niet vanwege dat ene laatste snelle feitje.

Een geheim bewaren in een verhaal

Dit cliché heeft iets belangrijks gemeen met het cliché van het misverstand. Ze schreeuwen allebei: ‘Had dat dan gewoon gezegd!’ Dan had de lezer een beter verhaal gehad, hadden personages geen ruzie hoeven maken, of gek van een geheim hoeven worden.
Als de lezer moet begrijpen waarom een personage een geheim als zodanig beschouwt, moet je daar de nodige aandacht aan besteden. Zo kan de lezer meegaan in de beweegredenen  die je geeft. Dan pas wordt het echt een geheim, niet iets wat iemand gewoon niet verteld.

Het onuitgesproken geheim is bovendien als een plottwist waar geen hints naar worden gegeven. Dat levert irritatie op.  Het is als een moordmysterie met maar één hint in het hele verhaal. Of dat de hints zo ontzettend vaag zijn, dat je de schrijver zichzelf al een schouderklopje ziet geven omdat die ‘slimmer is dan de rest.’ Fijn… Het geheim hoeft dan niet meteen moord te betreffen, het effect is hetzelfde.
Minstens net zo erg: “Ik deel jouw vreugde om jou coming-out niet, want jou hele persoontje boeide me door de slechte schrijfstijl al tien hoofdstukken niet meer.”

Geef gedurende het verhaal voldoende hints die naar het geheim verwijzen.

Nu jij!

Schrijf een wrap-up waarbij je een geheim onthuld, maar wel het grote geheel laat uitdrijven. De premisse: een heimelijke vakantieliefde. Nu het afscheid nadert, gaat je held(in) liefde bekennen. Kijk dus terug op wat ze samen hebben gedaan, hoe de liefde is gegroeid en hoe die de held(in) achterlaat.

Je kan je scène plaatsen in de comments.

Gebruik je dit cliché? Let dan hierop:

  • Trap niet in de val dat het ene geheim serieus zou zijn, zoals seksuele geaardheid en het andere onschuldig, zoals een snoepje stelen. Hoe serieus het geheim daadwerkelijk is, heeft met het karakter en de omstandigheden van het personage te maken.
  • Is er iets belangrijkers in het spel dan het geheim? Dan is dat andere datgene wat in de wrap-up terug moet komen en afgerond moet worden.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Jackson Simmer verkregen via Unsplash

Zo maak je een cliché origineel: de laatste goedmaker

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en de goede weg in te slaan als je tekst naar een cliché neigt. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: de laatste goedmaker.

Het cliché: excuses voor melodramatisch effect
Er ligt iemand op een sterfbed, of staat op het punt voorgoed te emigreren; een definitief afscheid is aanstaande. Dan zegt het ene personage tegen de andere personage dat het hele boek lang zijn vijand of rivaal was: “Ik heb me in je vergist. Vergeef me, jij bent wel degelijk een goed mens.”
Oftewel: er is een melodramatisch moment van excuses die het personage nooit zou uitspreken of zelfs zou menen als het plot niet besloten had dat er een Plechtig Moment moest komen.

Waarom stoort dit zo?

Het is bij dit cliché overduidelijk dat de schrijver wil dat de lezer gaat huilen. Bovendien helpt hij het plot een paar hele grote spreekwoordelijke hoofdstukken over te slaan van een interessant verhaal.
Een verhaal valt of staat bij een mooi groeiproces van een personage. En een verhaal wordt leuk omdat je dat als lezer met het personage doorleeft.
Moest dit (nu stervende) personage leren minder star of oordelend te zijn door te leren een ander te nemen voor wie hij is, of door ruzies bij te kunnen leggen?
“Ach joh, dat slaan we gewoon over. Het is maar driekwart van wat het verhaal inhoudt geeft…”
Bovendien begaat deze schrijver de vergissing dat alleen omdat die over iets verdrietigs schrijft, hij denkt dat de lezer mee gaat voelen. Dat is niet zo. Empathie verdienen van je lezer gebeurt niet vanzelf. Reken je daarmee niet te snel rijk.  

De aanloop naar het cliché

Bij dit cliché hebben twee personages al lang ruzie. Deze personages hebben daarbij een relatie waarvan je zou hopen of verwachten dat ze elkaar juist steunen, of elkaar op zijn minst zouden mogen of respecteren. Vader en zoon, voormalig beste vrienden of mentor en leerling, bijvoorbeeld. Zij liggen gedurende het (vrijwel) hele boek al met elkaar in de clinch. De ruzie bijleggen gaat niet, geen enkele oplossing helpt. Totdat er iemand ineens voorgoed dreigt weg te gaan. Want er moet wel een Plechtig Moment met het nodige gewicht komen…

Voorbeeldscène

Twee voormalig beste vrienden, vechten al heel lang om de avances van dezelfde vrouw.
Inderdaad, de liefdesdriehoek. Een perfect voorbeeld voor dit cliché, want het laat zien dat als een compleet verhaal en plot opslokt of vormt, zoals een liefdesdriehoek ook vaak doet, het gegarandeerd als cliché leest.  

Maar nu ligt een van de mannen op sterven en zijn laatste woorden zijn  “Zorg goed voor haar. Ze wordt gelukkig met een goed mens als jij. Het spijt me dat ik  je goede inborst niet eerder inzag.”

Zo kan je het cliché fixen
Om dit cliché te laten werken, moet je de scène flik rekken. In plaats van de focus te leggen op die enkele zin met die paar dramatische woorden, herhaal je de geschiedenis van deze personages met relatief weinig woorden. Hun relatie in gelukkiger tijden, als die er waren, de ruzie, de vervreemding en de oorzaak daarvan. Maar vooral ook: de pijn die er bij zo’n ruzie komt kijken. Laat blijken waarom dit personage uit zichzelf, zonder motieven en hulp van de schrijver tot inkeer komt. Blik terug op bepaalde beats in het plot, de lessen die dit personage heeft geleerd en wat de (achterliggende) motieven waren voor de manier van handelen. Gebruik hier gerust een handvol honderdtal woorden voor.  

Nu jij!

Herschrijf het dramatisch slot van de eerder genoemde liefdesdriehoek, maar maak het nu dramatisch in plaats van melodramatisch.  Je kan daarvoor de comments gebruiken.

 Gebruik je dit cliché? Denk dan hieraan

  • Waarom heb je deze personages überhaupt elkaars rivalen gemaakt?  Hopelijk vanwege een diepgaander thema, niet met dit cliché als einddoel…
  • Bedenk waarom het voor je personage pijnlijk is om op het allerlaatst nog iets toe te moeten geven en neem dat ook mee in je uitwerking.    

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Josue Escoto verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: de Verhevene

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en de goede weg in te slaan als je tekst naar een cliché neigt. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: de Verhevene.

Het cliché: ik heb het leven wél door

Het is de rijkaard die door zijn fortuin denkt niet alleen welvarend, maar ook bovenmaats belangrijk te zijn, de narcist, of de backpacker die na drie weken mediatie in Azië zichzelf verlicht acht. Deze personages zijn snoeverig en kijken neer op mensen die nog niet doorhebben waar het in het leven om draait, zoals zij dat als enige in de kamer wel weten. Ontmoet de Verhevene.  

Waarom stoort dit zo?

De Verhevene is een personage dat niet groeit. Die is er zo van overtuigd dat die al is uitgeroeid, dat die de ogen sluit voor alles wat er buiten diens geweldig-zijn omgaat. Zelfs als het overduidelijk is dat er iets in beweging moet komen.
“ Verlichte Backpacker, een geliefde is zonet dakloos geworden!”
“Als ik straks daarover mediteer, hoor ik van Het Hogere dat alles in de wereld een Bedoeling heeft…”

“Rijkaard, je kan met jouw fortuin mensen uit een acute en zeer dringende situatie helpen.”
“Als dat gepeupel, net als ik, leert dat hard werken loont, komen ze zelf wel uit.”
“Dat ‘gepeupel’ is zojuist gebombardeerd en heeft geen bezittingen, huis of soms zelfs geen armen meer…”
“Ik heb ook ooit moeten doorwerken met een gebroken been…”

De Verhevene is niet alleen snoeverig, maar kan zaken bovendien niet in perspectief plaatsen.  

Een personage mag aarzelen of het vervelend of moeilijk vinden om met het plot mee te gaan, maar het plotverloop en persoonlijke groei compleet negeren is een ander verhaal. Een personage moet altijd blijven groeien, tenzij je verhaal ten einde loopt.  

De aanloop naar het cliché

De Verhevene is wel degelijk ooit veranderd, getraumatiseerd, gegroeid… Vat dat gemakshalve samen als ‘Ik was…” Arm, materialistisch, de spirituele weg kwijt, mishandeld als kind…
De “Ik was” komt achter de schermen of in een subplot aan bod in je verhaal. Dat is nodig, maar gaat mis zodra de “Ik was…” en “Nu ben ik…” als contrast zo groot is dat je de schrijver aan het werk ziet.  
Misschien kan een backpacker inderdaad verlicht van een retraite terugkeren. Maar niet als dat binnen drie alinea’s gebeurt en de daadwerkelijke heldenreis die daarbij hoort, wordt weggelaten.

Echte wijsheid schrijven

De Verhevene is niet geschikt voor de rol van de Wijze. De echte Wijze blijft niet alleen groeien, maar beseft bovendien dat daar heel wat aan vooraf gaat. Dat benoemt hij ook eerlijk. Een Wijze weet dat je niet met een vingerknip jezelf en je inzichten kan veranderen. Een Wijze komt dus gedurende het hele boek met mooie inzichten. Niet iemand die in een enkele alinea vanaf de bank roept dat de perfecte remedie voor een aanstaande burn-out een reis naar Azië is “want kijk eens wat dat voor mij deed!”

Nu jij!

Verlichte Backpacker heeft in Azië het licht gezien door op vakantie drie weken in een Boeddhistische tempel te mediteren. Daarom gaat je backpacker nu verplicht twee maanden iedere zondag naar een christelijke kerkdienst. Lees:

  • In het grijze Nederland, niet in zonnig Thailand
  • Met een volle agenda waarin gewerkt moet worden en het huishouden moet worden gedaan
  • Waar wordt gebeden, niet gemediteerd. De door en door cliché Verlichte Backpacker kijkt daarop neer, omdat religie voor hem achterhaald is ten opzichte van Oosterse wijsheid. Maar als hij écht verlicht zou zijn, zou hij diverse vormen van spiritualiteit omarmen, niet veroordelen…

Ga je gang, schrijf een scène in de comments!

Gebruik je dit cliché? Let dan hierop

  • Onderzoek waarom de Verhevene zichzelf die status geeft. Daarachter schuilt een interessant verhaal.
  • De Verhevene kickt op status. Maar voor wat voor status is je personage gevoelig? Wil hij als wijs worden gezien, of eerder als machtig?

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door engin akyurt verkregen via Unsplash

Zo maak je een cliché origineel: het tragische achtergrondverhaal

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en de goede weg in te slaan als je tekst naar een cliché neigt. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: het tragische achtergrondverhaal.

Het cliché: zijn we niet te hard?

Tijd voor de epische eindstrijd tussen goed en kwaad waarbij het goede moet overwinnen. Dan blijkt dat de slechterik vroeger iets traumatisch heeft meegemaakt. Dan vraag je je af: zou de held, of zelfs ik als lezer niet net zo verdorven zijn als deze slechterik, als mij hetzelfde was overkomen? Misschien hebben we de verkeerde vijand te pakken… 

Waarom stoort dit zo?

Twee elementen maken dit cliché misschien wel tot een van de meest storende die er zijn. In de vertrouwde formule van goed versus kwaad is het hele centrale conflict erop gericht dat er een goed en een kwaad is. Met het (plotselinge) tragische achtergrondverhaal en mogelijk geen kwade vijand doe je daarmee de hele opbouw en premisse van een verhaal teniet. 
Met een tegenvraag zie je ook waarom dit cliché storend kan zijn. 
Moeder is door haar trauma’s aan de alcohol geraakt. Daardoor slaat ze nu haar kinderen. 
Mag dat? Natuurlijk niet! Dat trauma is erg triest, maar blijf in hemelsnaam van je kinderen af! 

Waar zit de aanloop naar dit cliché?

Je kan er voor kiezen om het tragische achtergrond verhaal met je lezers te delen of niet. In dat laatste geval is je slechterik ouderwets ‘gewoon’ slecht. Daar is iets voor te zeggen, maar soms is het juist interessant om het trauma juist wel te delen. Dat hangt van jouw voorkeur, doelgroep en verhaalthema af. 

Als je het tragische achtergrondverhaal deelt en dus bekendmaakt waarom je slechterik tot zijn daden wordt aangezet, dan komt er een keuze. Ga je slecht gedrag verklaren of goedpraten? Ga je goedpraten, dan gaat het fout. Ga je het verklaren, dan kan het verhaal de diepgang krijgen die je voor ogen hebt.

Goedpraten is makkelijker te herkennen als je het ziet als: het gebruik van enkele snelle zinnen die zonder verdere opbouw snel empathie willen verdienen: “Dood me niet, ik kan het toch ook niet helpen dat ik vroeger ontvoerd ben?”
Bij verklaren schrijf je gedurende je verhaal al flashbacks, karaktertrekken, scènes en… die laten zien dat je slechterik meer is dan het trauma. De geschiedenis erachter moet duidelijk worden, de mogelijkheden die je slechterik misschien heeft gehad om het tij te keren… 

Nu jij!

Een oplichter heeft de stichting ‘Doe een wens’ voor een half miljoen opgelicht en dat geld in eigen zak gestoken. Een handvol doodzieke kinderen zien hun laatste wens nu niet in vervulling gaan. Maar dan blijkt dat de slechterik zelf ooit een doodziek zusje had wiens aanvraag voor dezelfde stichting nooit in behandeling is genomen… 

Schrijf een scène waarin je deze geschiedenis van de oplichter leert kennen en praat het niet goed, maar verklaar het. 
Ga je gang, schrijf een scène met deze prompt in de comments!

Zo kan je dit cliché fixen

Laat op het moment van de confrontatie zien dat je slechterik een mens is. Let wel: niet meteen een mens wat al je medelijden verdient, dat mag nooit het uitgangspunt zijn! Maar iemand die net als ieder ander door omstandigheden complexe en tegenstrijdige emoties kan meemaken, gedwongen wordt bepaalde keuzes te maken en op een gegeven moment (verkeerde) conclusies trekt, al is het maar uit zelfbehoud.
De vijand kan ook gewoon de personificatie van ultieme slechtheid zijn, maar ook dan heeft die ergens vaak nog een menselijke basis. Die is dan alleen véél te ver doorgetrokken ‘Zorg eerst voor jezelf voor je voor anderen zorgt’ is prima als je gezin moet voeden in crisistijd. Niet als je als Hitler ‘voor de Duitsers zorgt’…

 Gebruik je dit cliché? Let dan hierop

  • Ontdek eerst waarop de slechterik zich blindstaart
  • Gebruik het tragische achtergrondverhaal niet als plottwist, maar als belangrijk onderdeel van een personagebiografie of verhaalthema. 
  • Medelijden als uitgangspunt werkt alleen maar averechts.  

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door R.D. Smith verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: overdrijvingen

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en je zelfs nog de goede weg in te slaan als het die kant op gaat. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: overdrijvingen.

Het cliché

Soms vallen ze niet zo op, andere keren doen ze je met de ogen rollen: overdrijvingen. Bozer dan ooit, de knapste man die ze ooit zag, nog nooit had hij zich zo rot gevoeld. Die vergelijkingen die we om de haverklap gebruiken om ergens nadruk op te leggen. Overdrijven en uitvergroten liggen aan de basis van veel clichés. Niet één roos als romantisch gebaar, maar twintig bossen. Niet ongeschonden uit een vuistgevecht komen, maar weg kunnen rennen van honderd kogels, dat soort zaken.

Waarom stoort dit zo?

Soms storen deze clichés niet zo, hoe opvallend ze ook zijn. Sterker nog, soms zijn ze het perfecte middel om juist lekker weg te dromen bij de fantasie van fictie. Maar zodra je vaak schrijft met deze zinnen die eerder als holle frases overkomen als echte belevingen heb je geen ‘grote woordenschat’ meer over die nog geloofwaardig klinkt als het daarop aankomt.

De aanloop naar het cliché

Dit cliché heeft een aanloop. Ook al gebruik je zelf geen overdrijvingen om iets te benadrukken, het gebruik als zodanig zit er zo collectief ingebakken dat je dat cliché niet in je eentje onklaar kan maken. Daarom moet je gedurende het hele verhaal een aanloop nemen om dat échte ooit, nooit, allerergste of allerbeste tot zijn recht te laten komen.

Voor die aanloop moet je weten:

  • Hoe je dit grote iets zoveel gewicht wil geven. Oftewel: dit wordt een verhaalthema. Hoe ga je dat vormgeven?
  • Waarom je dit grote iets dit gewicht geeft. Als jij al niet gelooft waarom dit zo belangrijk is, kan de lezer dat zeker niet.
  • Wat dit grote iets precies voor jou en/of je held betekent. Wat is dat nou: ‘Het mooiste moment van je leven’?  Voel je je dan geliefder dan ooit? Dankbaarder dan je je ooit had kunnen voorstellen?

Het cliché origineel maken

Dit cliché test jouw lef en kunde als schrijver. Als het moment suprême daar is, moet je gedetailleerd en kwetsbaar schrijven. Je kan dan niet schrijven dat je een gat in de lucht springt of de grond onder je voeten vandaan valt: dat is te cliché. Schrijf over de held en wat die heeft moeten doorstaan om dit moment van geluk te verdienen. Over het besef dat dood en verderf nu (even) niet meer aan de orde zijn. Hoe die tintelingen, dat ongeloof en die dankbaarheid voelen.
Of juist hoe je hele lichaam op slot zit, alles pijn doet en je gedachten een miljoen kanten op gaan als je het slechtste nieuws ooit hoort. 

Dit cliché slaagt, of slaagt niet. Je slaagt als je op Het Moment bijna letterlijk in de huid van je personage kan kruipen, door heel goed naar de bijbehorende emoties te kijken en daarbij die van jezelf niet te schuwen.

Nu jij!

Schrijf een scène of een premisse daarvoor waarin je held tegen een ander zegt: ‘Jij bent mijn held.’ Dat betekent hier dus níet: ‘ik bewonder jou’ maar: ‘jij hebt me echt gered’.
Probeer je held geen concrete heldendaad te geven – iemand uit een brandend huis redden -, maar juist een meer abstracte: door dat Ene Gesprek heb ik niet naar de drugs gegrepen.

Je kan je scène plaatsen in de comments.

Tips voor het vermijden van het cliché

  • Probeer algemene beschrijvingen als: ‘een warm gevoel vanbinnen’ te vervangen door iets wat heel specifiek bij je personage past. Wat dat is, lees je vaak in de personagebiografie.
  • Let erop dat je in en over Het Moment blijft schrijven. Als je een moraal wil meegeven, doe dat dan in de scène erna. Voor Het Moment moet je inzoomen op het hier-en-nu.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door James Orr verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: het misverstand

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en de goede weg in te slaan als je tekst naar een cliché neigt. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: het misverstand.

Het cliché: het misverstand

“Het is niet wat je denkt!”
“Ik kan het uitleggen!”
Die ene uitspraak van een personage dat op heterdaad betrapt is. Bij vreemdgaan, of als het daar op lijkt. Een bekende variant: een personage hoort slechts een deel van een gesprek, meent álles gehoord te hebben trekt daar verkeerde conclusies uit, vaak met een ruzie tot gevolg.

Waarom stoort dit zo?

Het misverstand wordt vaak gebruikt als startpunt voor een conflict. Het probleem is alleen dat er bij dit cliché aan de alledaagse definitie van ruzie wordt gedacht, niet aan de narratieve term van conflict, waarbij mensen vallen en opstaan en van elkaar leren. Dat gebeurt niet als je je conclusies trekt en de deur meteen dichtgooit, of na een goed gesprek zegt: “Oeps, misverstand, zand erover!” Dat is geen vallen en opstaan, zelfs geen enkele beat in een verdere verhaallijn, omdat het geen wezenlijk gevolg (meer) heeft.

De aanloop naar het cliché

Als er een misverstand is, of er iemand betrapt wordt, moet er fatsoenlijk worden gepraat. Overhaaste conclusies zijn niet welkom. Zorg er dus voor dat er -inderdaad!- iemand iets kan uitleggen. En ja, echt uitleggen. Dus geen smoesjes dat de secretaresse zogenaamd helemaal niet zo knap is: eerlijk zeggen dat dat niet had moeten gebeuren en een goed gesprek voeren hoe het zover is gekomen. En dan maar duimen dat de relatie het overleeft.
Of als het daadwerkelijk een misverstand is: uitleg en bewijs geven in dat gesprek dat volgt, zodat je overbezorgde personage niet nog zes overhaast keer de verkeerde conclusies trekt.

Voorbeeldscène

“Ik zag je de buurvrouw omhelzen! Bedrieger, ik wil scheiden!”

Er is dan één van deze twee scenario’s in het spel:

  1. De man is inderdaad vreemdgegaan.
  2. Er is een oprecht misverstand gaande.

De bijbehorende clichés zijn:

  1. De echtgenoot gaat het *ahum* uitleggen.
  2. De moeder van de buurvrouw was net overleden en die ‘hartstochtelijke omhelzing’ van Echtgenoot was gewoon een broodnodig gebaar van platonische troost.

Scenario 1 is nog origineel te maken als je iets anders doet dan verwacht, of wat op het eerste gezicht zelfs onlogisch lijkt.
In Scenario 2 is het heel makkelijk om het cliché naar een aanvaardbaar bouwsteentje voor een plot te transformeren: er moet een goed gesprek komen.

Welk scenario je ook kiest, met deze schrijfprompt ben je in ieder geval cliché af:

Niet Echtgenoot, maar Buurvrouw komt met De Uitleg.

Misschien is dat nog een goede verklaring ook. Hoe dan ook: wat is die uitleg? En hoe verloopt dat gesprek?

Ga je gang, schrijf een scène met deze prompt in de comments!

Zo kan je het cliché fixen

Na een misverstand, of na het betrapt worden, moeten de personages anders over de situatie of de ander denken op een manier die langdurige gevolgen voor het plot heeft. Langdurig geldt ook in de zin van: dit valt niet in een handvol woorden samen te vatten. Je hebt er een aantal langere zinnen voor nodig om uit te leggen hoe de plot nu verder gaat.

Dus niet: Nu haat zij haar overspelige echtgenoot. Of: Toen volgde een goed gesprek.
Maar: Echtgenote helpt Buurvrouw met rouwen. De jaloerse trekjes van Echtgenote zijn echter niet zomaar opgelost. Langzaam maar zeker verandert haar jaloezie in paranoia. Of: nu ze bedrogen is, schendt Echtgenote in wantrouwen de privacy van Echtgenoot. Daardoor opent de doos van Pandora.

 Gebruik je dit cliché? Let dan hierop

  • Kijk verder dan alleen de betreffende scène.
  • Dit cliché wordt storend als je het gebruikt als een middel voor ‘snelle actie’, excuus voor niet creatief te hoeven denken of als een opzichzelfstaand schokkend spektakel.
  • Gebruik een misverstand liever als puzzelstukjes voor een plottwist, of om een veranderende verhaallijn in te luiden.

Dit tipartikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Afif Ramdhasuma verkregen via Unsplash.

Zo maak je een cliché origineel: het doodzieke kind

Clichés schrijf je liever niet. Geen nood! Ik help je een cliché te herkennen en de goede weg in te slaan als je tekst naar een cliché neigt. Daarvoor gaan we het cliché ontleden en de tekst weer terug op de rit zetten. Deze week: het doodzieke kind.

Het cliché: nóg meer ellende

Je held heeft het al moeilijk, maar het wordt zo mogelijk nog erger. Een geliefd kind wordt doodziek of sterft. Andere varianten op dit cliché zijn: er wordt onverwacht een scheiding aangekondigd, er valt een ontslag, je personage wordt opgelicht… Als het maar nóg meer ellende oplevert. Maar het doodziekte kind spant als cliché de kroon.

Waarom stoort dit zo?

Er is niets zo erg als een doodziek kind. Het is ronduit beledigend voor je gevoelens als je het meemaken van een ernstige ziekte of de dood gelijkstelt aan teleurstelling of alledaags verdriet. Dat doet dit cliché wel. Bovendien gebruikt het het doodzieke kind als een goedkoop middel om gewoon de zoveelste tegenslag in het verhaal te laten sluipen. Ieder probleem is gelijk.

Oftewel: het doodziekte kind neemt zowel het (hele!) verhaal als de gevoelens van de lezer niet serieus.

De aanloop naar het cliché

Het doodzieke kind vervult een belangrijk element in het verhaal. Het laat zien dat de held kan opstaan na een val en/of daartoe pogingen blijft doen, ook moet dat alwéér.
Dit cliché is de druppel of het eindpunt dat zegt: als je zelfs dit kan doorstaan, ben je je heldentitel waardig. Dat mag, tenzij je beweert dat problemen aan elkaar gelijk zijn.
Van ontslag leert de held zelfvertrouwen te behouden en bij een periode van rouw moet die leren om emoties toe te staan. Met alleen opstaan verwerf je geen heldenstatus. Je held moet laten zien waarvan en hoe die opstaat in verschillende situaties. Als de tegenslag er is zodat je held ‘gewoon nog een keer valt’, is dat wat het cliché zo vervelend maakt.

Nu jij!

Je personage heeft onlangs een ernstige diagnose gekregen, vlak na een ontslag. De telefoon gaat: “Ik heb slecht nieuws.”

Er mag een kind doodziek of overleden zijn, maar dat hoeft niet. Als het maar de spreekwoordelijke druppel is die je personage op zijn dak krijgt.  

De twee mogelijkheden van de aanloop naar het cliché zijn:

  1. Je personage slaat zich er uiteindelijk doorheen.
  2. Je personage gaat eronderdoor.

De bijbehorende clichés zijn:

  1. Je personage wordt een Mary Sue met doorgeslagen powerfantasy die echt alles aankan. Het vergt slechts een huilbuil die komt en gaat en de schouders worden er weer onder gezet.   
  2. Er knapt iets in je personage. Gevolg: drank, drugs en ellende.

Scenario 1 werkt niet in deze zuivere vorm nooit. Je held kan niet groeien als die perfect is of alle problemen aan elkaar gelijk zijn.   
Scenario 2 kan werken, zolang na dat telefoontje niet direct volgt: ‘En toen knapte er iets en greep ze naar de fles. Einde.’  Raffel je verhaal niet af en zorg voor de nodige afbouw.

Welk scenario er ook speelt, voorkom het cliché en:

Schrijf rauw  

Rauw schrijven?

Rauw schijven windt er geen emotionele doekjes om. Dit. Doet. Pijn.  Dat is niet ‘Ai, ik pinkte wel een traantje weg…”  Dat is grofweg een 5 op een tienpuntschaal. Rauw schrijven is een 9 of een 10, omdat je het publiek dwingt bij de emoties stil te staan en ze net zo heftig laat beleven als ze zijn. Je spaart ze niet en verzacht of romantiseert ook geen omstandigheden: hier heb je nog dagen last van. (Denk bijvoorbeeld aan een film als Schindlers list.)

Schrijf dus over rouw in plaats van verdriet en over machteloosheid in plaats van besluiteloosheid.

Ga je gang, schrijf een scène in de comments!

 Gebruik je dit cliché? Let dan hierop

  • Weet waarom je kiest voor een doodziek kind. Of juist voor ontslag, ontrouw…
  • Ga goed na of je held nog moet groeien. Gebruik het doodzieke kind niet als excuus voor een extra subplot of spanning.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door National Cancer Institute verkregen via Unsplash.

Zo schrijf je een perfecte dialoog: zeven aandachtspunten

Een perfecte dialoog heeft geen eenvoudige formule.  Je plot en je personages hebben er grote invloed op. Maar met deze zeven aandachtspunten kom je een heel eind.

1)  Je personage mag geen publiek hebben

Schrijf nooit iets wat leest alsof je personage de lezer direct informeert over een bepaalde stand van zaken. Weten je held en de gesprekspartner wat er aan de hand is, wat de relaties onderling zijn, maar de lezer niet? Als je dat uitschrijft, is dat een ‘As you know, Bob’. Blijf weg van deze Bob!

2) Laat het begrip ‘realistisch’ los

Bedenk wat een personage in het grote geheel met deze dialoog wil bereiken. In zekere zin kan je stellen dat mensen tijdens praten socialiseren in het achterhoofd hebben. Personages daarentegen moeten vooral iets duidelijk maken. Soms over zichzelf, soms over de plot. Maar gewoon kletsen, dat doen ze zelden tot nooit. Schrap dat ‘lekker weetje hè?’ dus vooral. ‘Realistisch praten’ hoeft een personage niet.

3) Laat weten wie er aan het woord is en waarom

Ieder personage kan praten, maar kan je ook aan het taalgebruik ook zien wie er aan het woord is, ook als dat niet uitgeschreven staat in de scène? Deze manier van gepersonaliseerd taalgebruik geeft iedere dialoog een origineel tintje. Al helemaal als je laat zien wat de reden is dat je personage blijft praten in plaats van ermee stopt.

4) Bedenk wat er nog meer wordt gezegd

Omdat personages niet hetzelfde praten als mensen, bedoelen ze negen van de tien keer meer dan ze eigenlijk zeggen. Neem deze subtekst mee in je dialoog om hem levendig te maken.

5) Als het lichaam spreekt…

Soms zegt lichaamstaal veel meer dan gesproken woorden. Maak daar dan ook gebruik van, ook in een dialoog!

6) Neem de juiste regie

Regieaanwijzingen in een dialoog kunnen zowel een vloek als een zegen zijn. Overweeg goed wanneer en hoe je ze gebruikt, dan weet je zeker dat je dialoog goed in balans blijft.

7) Bepaal de laag

Een dialoog kent drie mogelijke lagen. Die van de buitenkant, de binnenkant en de verborgen laag. Bepaal eerst het doel van je scène om te weten wat het nu is dat jij en je personages letterlijk dan wel figuurlijk gaan zeggen. Kijk vervolgens hoe ze dat gaan doen en hoeveel ze weg willen geven. Aan hun gesprekspartner of de lezer. Dan weet je welke laag passend is voor je dialoog en blijft je lezer op het puntje van de stoel zitten.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Jarritos Mexican Soda verkregen via Unsplash.

Drie mogelijke lagen in een dialoog

Met een dialoog kan je personage heel veel dingen zeggen. Soms is wat gezegd wordt recht voor zijn raap, soms houdt je held iets geheim en soms kom je op het punt dat niets zeggen meer zegt dan duizend woorden. Deze lagen van een dialoog kan je gebruiken om je tekst de juiste toon en kleur te geven.  

Buitenkant, binnenkant, verborgen laag

Net als een personage heeft een dialoog drie lagen.
De buitenkant is het spreekwoordelijke open boek: er wordt gezegd wat er wordt bedoeld, zonder dat er iets achter zit of je personage iets probeert te verbergen.
De binnenkant is: “Ik zeg iets, maar iets anders zeg ik ook (niet).” Er zijn meerdere interpretaties of een groter doel in het spel.
De verborgen laag is ‘binnenkant 2.0’. Er wordt iets ook (niet) gezegd, maar de lezer kan hierbij aanvoelen: ‘iets klopt er niet’ of ‘hier zijn we nog vele scènes mee zoet’. Deze dialoog staat niet op zichzelf, maar wordt een puzzelstukje van een plottwist of is de eerste beat van een plotlijn waarin bijvoorbeeld een groot geheim wordt onthuld.

Dit tipartikel heeft ter verduidelijking een casus. De vraag: vindt Maartje Stijn leuk?

De buitenkant: ongecompliceerd

“Maartje, vertel eens: vind je Stijn leuk?”
“Leuk? Ik vind hem een absolute hunk! Heb je zijn wasbordje gezien? En hij is zo attent!”
Of:
“Uhm, eerlijk gezegd wel…”

Lekker duidelijk, hè?  

De buitenkant heeft geen vaststaande sfeer of toon. Van vrolijk tot woedend en alles ertussenin. Misschien denkt je personage er nog iets achteraan. In het tweede voorbeeld bijvoorbeeld: betrapt!
Maar zolang de dialoog er niet van verandert, is de buitenkantlaag in het spel. Of Maartje ‘betrapt!’ denkt of niet, is onbelangrijk. Ze zou zelfs kunnen zeggen: “En wat dan nog?” omdat deze dialoog enkel gaat over het eenduidige antwoord op de vraag van haar gesprekspartner. 

De binnenkant: de extra tekst

In een goede dialoog wordt er veel niet uitgesproken. Daarom gebruik je de binnenkantlaag het meest, omdat het een pageturner-effect teweegbrengt. Wat is er aan de hand en wat gaat er nog meer gebeuren?

“Hé Maartje, Stijn kan goed zoenen hè?”
Deze zin alleen al kan betekenen:

  • Eens kijken of ze hapt.
  • Zou ze dat inderdaad weten?
  • Raad je me aan om hem ook eens te versieren?

De context van het verhaal vertelt wat er precies speelt, maar dit is niet alleen maar een verwachting van een ja of nee. Want is het echt interessant hoe goed iemand zoent? Waarschijnlijk wil de spreker liever weten wat er al dan niet is gebeurd, wat de onderlinge relatie is tussen Maartje en Stijn, of wat diens eigenbelang hierbij is.

Hij zoende me wel héél lang.”

  • Vond Maartje dat fijn?
  • Vond ze Stijn wanhopig overkomen?
  • Had Maartje meer initiatief verwacht in een stap verder gaan?
    Zo kan je een dialoog een eindeloze binnenkantlaag geven. Schrijf af en toe wel een buitenkantlaag om te voorkomen dat een simpele dialoog een complete detective wordt.  

De verborgen laag: een (extra) plot

Een verborgen laag heeft een inleidende scène nodig, of de lezer moet een cruciaal detail weten. Bij deze laag komt de wereld van het personage op zijn kop te staan. Negen van de tien keer krijgt lichaamstaal hier de overhand, omdat woorden tekortschieten of te veel verraden. Daarna volgt vaak een fikse plotwending.  

Maartje zoende gisteren met Stijn, vlak voor hij verongelukte:
“Vertel eens over deze zoenkampioen…”
Zonder het te beseffen, gleed Maartjes vinger over haar lippen. Even later begonnen die te trillen en holde ze de kamer uit.

Maartje doet alsof ze Stijn leuk vindt, als afleidend toneelstukje om de moord op de gesprekspartner te verdoezelen die zij en Stijn aan het beramen zijn:
“Enne… heb je zijn bed al kunnen inspecteren?”
Er trok een zenuwachtig spiertje bij Maartjes kaak. Mooi, onder het mom van de eerste zenuwen van nieuwe vlinders zou dat niet opvallen.

Kijk goed naar het doel van je scène en je dialoog, kies de juiste laag en hij is gegarandeerd interessant.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Harli Marten verkregen via Unsplash.

Zo gebruik je regieaanwijzingen in een dialoog

Met een dialoog kan je personage heel veel dingen zeggen. Regieaanwijzingen helpen je de intensiteit of emotie te benadrukken. Daar kan je tekst zowel overdadig als prettig leesbaar van worden. Zo kan je regieaanwijzingen en dialoog combineren tot een mooi geheel.

Zeggen, schreeuwen of fluisteren

Regieaanwijzingen zijn de ‘losse woorden’ achter een zin. Ze geven verhalend of in een dialoog de intensiteit van een actie aan. Denk aan: zeggen, fluisteren en schreeuwen, maar ook: strompelen, rennen, kruipen… Het zijn de woorden die neutrale werkwoorden als zeggen en lopen wat meer kleur geven. Dat komt omdat het duidelijk is waar je het over hebt. Fluisteren is heel anders dan schreeuwen, omdat het respectievelijk 1 en 10 is op een schaal van 1 op 10 op de schaal van het gewone ‘praten’.

Gebruik geen regieaanwijzingen en je tekst wordt doodsaai. Gebruik ze te vaak en je tekst wordt doodvermoeiend. Maar regieaanwijzingen die weloverwogen in de tekst zijn geschreven, kunnen je dialoog veel kleur, maar ook inhoud geven.

Aanvulling op een dialoog

Als je een regieaanwijzing overweegt, kijk dan eerst goed naar je dialoog. Een regieaanwijzing verhoogt de intensiteit van je tekst, dus kijk eerst eens of dat nodig is. Vraag je daar vooral bij af:

  • Wat is het doel van deze dialoog/ deze scène?
  • Wat wordt er hardop gezegd en wat niet?
  • Wat is het tempo van deze scène?

Doel van een scène of een dialoog

Een scène of dialoog hoort altijd een bepaald doel te hebben. De lezer informatie verschaffen, spanning oproepen, een plotpunt afsluiten of starten, een setting duidelijk maken…
Dat maakt veel verschil voor de manier waarop je de scène schrijft.
De climax vraagt om intensiteit, een setting introduceren vraagt meer om neutrale observatie. Kijk goed naar je dialoog om te bepalen of je regieaanwijzingen echt nodig hebt. Je kan gerust iemand laten roepen in een scène waar de gemoederen hoog oplopen, maar als het doel is dat je lezer ziet dat dit personage een snel geïrriteerd is, is het misschien niet nodig om uitgesproken ‘snauwt hij’ te schrijven. Dan kan de dialoog zelf inhoudelijk duidelijk maken. Wil je laten zien dat dit personage een ongeleid projectiel is dat zonder waarschuwing kan ontploffen, dan is ‘schreeuwt hij’ heel effectief om dat extreme van het onverwachte te benadrukken. Kijk zo goed naar wat je wil bereiken en hoeveel en wáár de intensiteit van iets benadrukt moet worden.

Wat wordt er hardop gezegd?

In een goede dialoog wordt er veel hardop gezegd, maar misschien nog wel meer níet gezegd. Het kan lastig zijn om dat wat niet gezegd wordt, alsnog duidelijk te maken aan de lezer. Een regieaanwijzing kan daarbij uitkomst bieden. Denk hierbij aan iets als een tienerstel dat aan het flirten is.
“Ik verheug me op het weekend, als je ouders niet thuis zijn.”
Tieners zijn tieners, dus dit snapt je lezer best. Maar als je schrijft: “Ik verheug me op het weekend, als je ouders niet thuis zijn,”  fluisterde hij.  Is dat net dat tandje duidelijker en is er wat extra sfeer zonder dat je er complete zinnen aan vuil maakt. Zo kan een regieaanwijzing heel verrijkend zijn voor een dialoog.

Tempo van de scène

Zit je midden in een achtervolging of zit het kind bij opa op schoot een boek te lezen?
Het tempo van een scène of een dialoog kan ook bepalend zijn voor het toevoegen of weglaten van een regieaanwijzing. Of je dat moet doen of niet, zie je meestal wel als je de scène of de dialoog nog eens terugleest. Soms helpt het om een dialoog geen enkele regieaanwijzing te geven:
“Tekst.”
“Antwoord op tekst.”
“Volgend antwoord.”

Enzovoort.

Andere keren kan een welgekozen regieaanwijzing die tekst juist verrijken.

Probeer, wat je regieaanwijzing ook is, voor je te zien hoe iemand beweegt of praat als die schreeuwt, rent, fluistert, kruipt, mompelt…  Dan krijg je een goed beeld van de intensiteit die deze manier van praten of bewegen met zich meebrengt. En dus ook of dit bij het tempo van je tekst past of dat je de gesproken tekst voor zich kan laten spreken.

Dit tipartikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Age Cymru verkregen via Unsplash.