Wat als je personage een incorrect zelfbeeld heeft?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage een incorrect zelfbeeld heeft?

Net als mensen zijn personages echt niet heilig. Ze moeten enkele fouten maken, maar soms kunnen ze ook gewoon helemaal fout zitten. Dan geloven ze iets over zichzelf wat niet klopt. Om daarmee te kunnen werken, moet je weten wat hun verkeerde overtuiging is, wie er aan het woord is en hoe andere personages op dit zelfbeeld kunnen of moeten reageren. 

Wat ziet je personage verkeerd?

Je personage kan zichzelf verkeerd beoordelen omdat hij zich te laag of te hoog inschat. Een te lage inschatting geeft een voorbeeld als: het meisje dat zichzelf lelijk vindt terwijl ze knap is. Een te hoge inschatting levert bijvoorbeeld een bedrijfsdirecteur op die vindt dat hij fantastisch zakendoet, terwijl de omzetcijfers donkerrood zijn. 

Vaak is het zo dat iemand die zichzelf te laag inschat de held van het verhaal is en degene met een te hoge dunk de tegenstander is. Van een te laag zelfbeeld moet en kan je nog groeien. Als je denkt dat je alles onder controle hebt, is er geen reden om te bewegen en zet je het verhaal eerder op slot. Dat geeft wrevel of tegenslag in je boek. 

Onbetrouwbare verteller

Als je een personage hebt dat zichzelf verkeerd inschat, dan kan je aan de slag met de onbetrouwbare verteller. Dat is een schrijftechniek die de lezer op het verkeerde been zet. Hoewel niet altijd, schrijf je dan vaak met een zichzelf verkeerd inschattend personage als ik-figuur van je verhaal. Houd er rekening mee dat deze manier van schrijven niet voor elk verhaal geschikt is. Het is ook geen eenvoudige manier van schrijven. Je moet heel goed weten hoe je plot in elkaar zit, wanneer en hoeveel je informatie achter moet houden en hoe je eventuele plottwist gaat invullen. Lees hier een aantal tips. 

Relatie met andere personages

Andere personages zijn heel belangrijk als je schrijft over een personage met een incorrect zelfbeeld. Zij zullen (subtiel) dingen moeten zeggen of doen die erop wijzen dat het beeld van je hoofpersonage niet klopt. Dat moet óók als je een onbetrouwbare verteller hebt. Anders komt je plottwist uit de lucht vallen of is de draad van het verhaal in zijn geheel een stuk lastiger te volgen. Bedenk wel dat deze overige personages hun eigen karakter in het verhaal moeten behouden. 

Als Suzanne onterecht denkt dat ze lelijk is, zal beste vriendin Rana haar dat uit het hoofd proberen te praten. Rana heeft dan de rol van beste vriendin. In die rol kan ze Suzanne bij blijven staan. Maar Suzanne blijft koppig volhouden dat elke spiegel waar zij in kijkt barst en vindt zichzelf daardoor erg zielig. Rana heeft een bloedhekel aan mensen die bij de pakken neer blijven zitten. Vanwege haar eigen overtuigingen (lees: karakter) wil zij dan geen vriendinnen meer zijn met Suzanne. Dat heeft gevolgen voor je hele verhaal, want nu kan de heldenreis van Suzanne geen kant meer op. Ze wordt verlamd door zelfmedelijden en heeft geen steun meer. Je mag enigszins schuiven met de rol van een medepersonage, maar niet zomaar met diens persoonlijke overtuigingen. Dat komt ongeloofwaardig over.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage de macht wil grijpen?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage de macht wil grijpen?

In het artikel: Wat als je personage macht heeft? was het uitgangspunt dat macht niet per se gewild of gemeen hoeft te zijn. Dit artikel gaat daar wel verder op in. Wat als je personage de macht wil grijpen met slechte bedoelingen?

Krijg je het waarom te weten?

Vraag jezelf eerst af of je het waarom wil weten. Het is de laatste jaren populair geworden om iedere slechterik een (tragisch) achtergrondverhaal te geven. Soms helpt dat uitstekend om je personage goed uit te werken. Andere keren kan je het maar beter laten bij de ‘goeie ouwe’ reden: hij is gewoon slecht. Soms kan je een verhaal vrij letterlijk kapot verklaren, waardoor het zijn kracht verliest. Ga daarom eerst na of je het waarom wel wil weten, zelfs zijnde schrijver van het verhaal. Is dat antwoord ja, ga dan ook na of het ook waarde heeft om de lezer die uitleg te geven. Er is geen vaststaande formule voor deze afweging. Het helpt echter wel om je doelgroep daarin mee te nemen. Ga geen psychologische verklaringen geven in een kinderboek, bijvoorbeeld. 

Wat zijn de middelen?

Als je personage de macht probeert te grijpen, dan doet hij dat niet uit het niets. Hij moet al iets weten, kunnen of aan connecties hebben om een serieuze dreiging te vormen. Een straatveger kan wel Jeff Bezos van zijn Amazontroon willen stoten, maar dan moet hij wel eerst weten waar Bezos’ kantoor is, en/of mensen kennen die Bezos kunnen omkopen, ontvoeren of omleggen. Dat zal deze Jan-met-de-pet waarschijnlijk niet lukken. 
Deze middelen hoeven niet altijd connecties te zijn. Je personage kan bijvoorbeeld ook uitzonderlijk charmant zijn. Met zijn charme kan hij dan veel mensen overtuigen van zijn wereldvisie, waardoor er als vanzelf meer mensen zijn naam kennen. 

Wat is de strategie?

Je personage zal volgelingen op de been moeten brengen om opschudding te kunnen veroorzaken. Daarmee heeft hij ook meteen mensen die hem fysiek of qua gedachtegoed verdedigen als hij een serieuze greep naar de macht wil doen. 
Om die volgelingen te krijgen, zal je personage eerst een ideologie moeten verspreiden. Houd daarbij in de gaten dat je nooit steun van een (grote) groep mensen zal krijgen als je van de een op de andere dag radicale ideeën verspreid. Mensen zullen altijd een wenkbrauw optrekken als je uit het niets zegt dat je de regering om wil gooien. 
Je personage moet dus mensen dus eerst wijsmaken dat hij het goed bedoelt of een oplossing voor een probleem heeft dat iedereen aangaat. Hij moet zichzelf als een reddende engel presenteren, om zichzelf vervolgens tot een duivel te kunnen ontpoppen. 
Pak de geschiedenisboeken er nog eens bij en lees wat meer over hoe propaganda werkt. Dan leer je niet alleen hoe een gemene machtshebber de macht kan grijpen, maar ook hoe het volk uiteindelijk (of dat nu binnen een jaar is of binnen een paar eeuwen) altijd de tiran weer afzet omdat er mensonterend of te extreem wordt gehandeld. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage iets fout doet?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage iets fout doet?

Je hebt in je verhaal een fantastisch personage, maar waarschijnlijk ook een die je niet zo sympathiek vindt. Dan is het verleidelijk om te denken dat dat personage ongelijk heeft of fout zit. Is dat zo en wat doe je dan? 

Persoonlijke waarheid staat voorop

Als je een personage realistisch uit de verf wil laten komen, dan is het belangrijk om diens persoonlijke waarheid als uitgangspunt te nemen. Dat houdt in: dat wat jouw personage beleeft, is voor hem hoe de wereld in elkaar zit. Lees: wat de waarheid is. Je schrijft over een moeder die haar kinderen mishandelt. Dat doet ze uit onmacht, niet omdat ze het leuk vindt om haar kinderen te slaan. Haar waarheid is dan: ik doe niets fout, alleen mijn uiterste best. Objectief gezien heeft ze ongelijk: ze doet iets fout. Maar als je doet alsof Moeder dat ook weet en dat hoort op te lossen (want als je weet dat je iets verkeerds doet, probeer je dat op te lossen), dan heb je twee opties:

* Ze is zodanig geestesziek dat ze het leuk vindt om haar kinderen te kwellen (waarschijnlijk niet het verhaal dat je wil vertellen);
* Als ze beter weet, het goed bedoelt en het geen onmacht is, waarom gaat ze er dan mee door? Dat snijdt geen hout. Daar wordt je personage en ook je verhaal alleen maar verwarrend van.

Goedpraten? Nee, verklaren!

Het is ontzettend belangrijk dat je weet dat goedpraten en verklaren twee héél verschillende dingen zijn. Schrijven wordt sowieso ondoenlijk als die twee dingen hetzelfde zouden zijn. Hoe kom je anders nog aan een antagonist? Maar in het geval van zaken of personages die je aanstootgevend vindt, moet je dat verschil nog maar eens extra in je oren knopen. Om jezelf geen schuldgevoel aan te praten, maar ook om te voorkomen dat je personage eendimensionaal wordt. 

Als je personage iets doet waar je van walgt, probeer dan zo goed mogelijk te bedenken wat iemand tot zulke acties aan kan zetten. Is er sprake van indoctrinatie, financiële problemen, een gebrek aan opvoeding of mentale problemen? Meestal kan je wel een logische verklaring vinden. Onderzoek dan óók hoe de oorzaak is ontstaan. Als je de achtergrond weet en hier en daar ook uitwerkt, maakt dat je personage als vanzelf steviger. 

Een lesje leren

Je personage zal echter wel een lesje moeten leren. In de letterlijke zin, of de meer spreekwoordelijke zin waarin iemand wraak neemt vanwege zijn acties. Medepersonages bieden een uitkomst. Laat hen een wenkbrauw optrekken als je personage iets raars doet. Andere personages kunnen ook in protest komen. Zo voorkom je dat je foutieve dingen alsnog goed lijkt te praten. En vergeet ook niet dat jij God van de geschreven wereld bent. Als je personage niet van anderen kan leren, dan misschien maar door een wake-up call door een ongeluk? Of neem iets dierbaars af om je personage wakker te schudden. Jij bent de baas over wat er gebeurt. Wees daarbij wel waakzaam voor clichés of Deus ex Machina

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage getraumatiseerd is?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage getraumatiseerd is?

Als je personage getraumatiseerd is, moet je heel goed weten hoe je personage in elkaar steekt en waar je met je verhaal naartoe wil. Een trauma is iets heel complex en serieus. Als je dat afraffelt, wordt het lastig, zo niet onmogelijk om het verhaal nog serieus te nemen. Je hoeft je personage niet naar een psycholoog te laten gaan (al kan een echte psycholoog je wel goed over trauma’s informeren) maar neem dit echter wel mee:

Niet alleen

Een bekend credo in schrijversland: laat je held zijn eigen heldenreis beleven. Andere personages mogen zijn problemen niet voor hem oplossen. In het geval van een trauma moet je die regel wat meer loslaten. Een trauma verlamt en zaait ernstige angst bij een personage. Zodanig veel dat het verhaal niet verder kan gaan zonder hulp van buitenaf. Een schop onder het achterste is niet voldoende om je getraumatiseerde personage iets te laten doen wat hem zoveel angst inboezemt. Daar is een trauma simpelweg te heftig voor. Geef je personage dus een beste vriend die bepaalde dingen over kan nemen.

Schrik of trauma?

Een trauma is iets heel anders dan ergens schrik van hebben: het is vele malen heftiger. Als je personage ergens schrik van heeft, kan hij dat makkelijk(er) naast zich neerleggen. Bij een trauma wordt je personage door zijn trauma (nog steeds) verlamd of raakt hij in totale paniek. Dan weet hij niet meer wat hij doet of wat hij moet doen om kalm te blijven. 

Dat betekent dat je personage in de heldenreis vastloopt of heel vaak valt. Niet de traditionele twee keer, maar misschien wel vijf of tien keer. Als je personage na twee keer vallen alweer verder kan, is er geen sprake van een trauma, maar van (wat heftigere) schrik. 
Dat maakt het schrijven over een personage met een trauma zo lastig. Om een verhaal interessant te houden mag je niet in herhaling vallen, maar dat is wel wat een trauma doet. Door verlamming of extreme angst maakt je personage steeds opnieuw soortgelijke ‘fouten’. 

Verduidelijk de oorzaak van het trauma

Een trauma is erg heftig, maar houdt een personage niet dag en nacht bezig. Er is altijd een katalysator die het trauma doet oplaaien. Zorg dat die aanleiding duidelijk is en ook dat het een trauma en geen schrik betreft. Als je niet laat merken dat het om trauma gaat, zal je lezer je personage nooit voldoende begrijpen om echt met hem mee te kunnen leven. 

Je personage is ooit bijna levend verbrand. Als hij ook maar een lucifer ziet branden, komt het trauma naar boven. Als je nooit schrijft dat je personage getraumatiseerd is door vuur, zal de lezer denken dat hij een watje is dat doordraait bij het zien van vuur. Je hoeft niet meteen te verklappen dat het om een trauma gaat, maar laat in ieder geval wel tekenen van trauma zien, zoals volledige verlamming of totale paniek. Op een schaal van een tot tien moet je niet lager gaan dan een acht. Zo voorkom je dat trauma en schrik met elkaar worden verward. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage anders is dan jij?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage anders is dan jij?

Het is verleidelijk om slechts own voice te schrijven: het verhaal blijft dan realistisch. Maar vroeg of laat moet je schrijven over iemand die anders is dan jij. Wat doe je dan?

Wat is own voice?

Own voice is niet veel meer dan het bekende credo: schrijf wat je kent. Alleen gaat het principe net iets verder en zegt het eigenlijk: schrijf wat je bént. Daar kan je immers een duidelijk beeld van schetsen, omdat jij het zelf hebt meegemaakt of bent. Schrijf over het plattelandsleven als je op een boerderij bent opgegroeid: niemand hoeft jou nog te vertellen hoe je vee moet verzorgen. Maar own voice stelt óók: als plattelandsbewoner mag je niet over het stadsleven schrijven. Dat heb je alleen maar van horen zeggen, dus dan kan je het nooit realistisch (genoeg) portretteren in een boek.

Schrijven over iemand anders

Own voice is in de kern niet verkeerd. Het is inderdaad zo dat je beter en makkelijker schrijft over iets dat dichter bij je staat. Maar het is onvermijdelijk dat je vroeg of laat schrijft over iets of iemand dat je niet begrijpt of bent. Dat verschil kan van alles zijn: ras, geaardheid, leeftijd, beroepskeuze, politieke overtuiging…
Een tegenstander is onmisbaar voor je verhaal en die verschilt altijd van je held. Een tegenstander is niet altijd slecht. Het is wel slecht om te doen alsof die verschillen er niet zijn, want dan krijgt je een pot nat aan oppervlakkige personages. 

Praat met en niet over anderen

Als je gaat schrijven, ga je onderzoek doen. Daarmee kom je meestal al een heel eind. Stel dat je als huismus over een wereldreiziger schrijft. Dan helpt het al om op te zoeken hoe een globetrotter zich op het avontuur voorbereidt. Maar met alleen een lijstje met: “Ik ga op reis en ik neem mee…” en video’s van een reisvlogger bingewatchen ben je er nog niet. Dan heb je nog steeds slechts een eenzijdig en oppervlakkig beeld. Probeer iemand te vinden die je kan vertellen hoe het is om daadwerkelijk anders te zijn of te doen dan jij en daarmee in gesprek te gaan. Praat dus niet over, maar mét iemand. Uiteindelijk kan dat het verschil maken tussen: “Mijn personage is net echt, want dat zegt het internet,” en “Mijn personage is net echt, want iemand die op hem lijkt, zegt dat dit waarheidsgetrouw is.”

Vind een gemene deler

Hoe verschillend mensen ook zijn, in de kern delen we vaak grofweg eenzelfde verlangen of emoties in vergelijkbare situaties. Gebruik dat als je over iets onbekends schrijft. 
Jij weet misschien niet hoe het is om uit de kast te komen, maar als vervend sporter die professioneel wilde gaan spelen, herinner je je nog bang je was om te vertellen dat je van sporten je carrière wilde maken. Sporten is je lust en je leven, maar je was bang om uitgelachen te worden om iets wat onlosmakelijk met jouw identiteit verbonden is. Het zijn totaal verschillende redenen, maar de kern is hetzelfde: de angst om niet geaccepteerd te worden om wat je bent. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage doet wat hij wil?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage doet wat hij wil?

“Ik doe wat ik wil” is een uitspraak met vele gezichten. Hij past bij ‘Ik ben twee en ik zeg nee.” “Yolo, ik ga backpacken, ik zie later wel hoe ik een hypotheek kan betalen!” en “Ik ben te oud om nog bang te zijn om uitgelachen te worden. Straks krijg ik nog spijt als ik stervende ben.” Soms heeft het weinig met leeftijd of levensinstelling te maken en is je personage te arrogant of te onwetend om andere zaken in ogenschouw te nemen. Hoe dan ook zijn er dingen waar je altijd op moet letten als je personage egocentrisch handelt. 

Keuzes hebben gevolgen

Of je peuter nou moet spugen omdat ze net een hele snoepzak heeft opgegeten of je multimiljardair zijn werknemers niet fatsoenlijk betaalt en daarom wordt bekritiseerd: keuzes hebben altijd gevolgen. Klein of groot, meteen of veel later, ze zijn er vrijwel altijd. Dit gaat ook vaak op bij keuzes die niet alleen om het ego van het personage draaien. Maar als dat wel zo is, zijn de gevolgen vaak voor het plot of het verhaalthema wel groter. Als ‘ik doe wat ik wil’ geen gevolgen heeft, dan is dat een alarmbel voor een Mary Sue. 

Gevoel en verstand 

Doen waar je zin in hebt zonder over de gevolgen na te denken, duidt erop dat je je hart volgt, in plaats van je verstand. Dat is niet per se fout. Als jij meer zin hebt in chips dan in een appel, mag je best een keer voor je wil kiezen, ook al weet je dat je beter een appel kan eten. Verstand heeft ook zijn grenzen. Maar je moet wel nagaan wat de verhouding is tussen emotie en ratio. Zodra de emotie de flinke overhand heeft, wordt je personage niet alleen egocentrisch, maar ook egoïstisch: “Het kan mij niets schelen dat ik jouw gevoelens kwets, ik voel me slecht bij wat jij net zei, dus scheld ik je de huid vol.” “Ik wil die wereldreis maken en dat mijn kinderen me dan missen, of ik straks geen geld meer heb om ze te onderhouden, interesseert me niet.” In de ergste gevallen wordt je personage labiel en/of gevaarlijk van het zich steeds laten leiden door (extreme) emotie: “Ik hou zoveel van je dat ik je in elkaar trap.” Waar is het verstand gebleven?

Invloed op anderen en het thema 

Je personage leeft niet in een vacuüm. Zijn acties hebben invloed op anderen. Als hij zich door zijn emoties laat leiden, maar zijn verstand niet uit het oog verliest, kan hij inspirerend zijn en vrienden maken. Luistert hij echt alleen naar zijn emoties en wordt hij daardoor egoïstisch en/of labiel, dan stoot hij mensen af. Weeg goed af hoeveel en wanneer je personage zich door zijn eigen wil laat leiden. Het kan de toon van je verhaalthema veranderen. Hoe minder je personage naar rede luistert, hoe duisterder de toon van het verhaal wordt. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage moet groeien?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage moet groeien?

Een personage ontkomt er niet aan: het moet groeien. Soms gaat dat nogal hardhandig. Hij wordt geconfronteerd met zijn eigen persoonlijkheid of is er om een andere reden nog niet klaar voor. Hoe los je dat op? 

Controleer je personage en je thema

Het is makkelijk om te zeggen: “Hup, personage: het plot moet verder, gaan met die banaan.” Maar als je personage met iets heftigs geconfronteerd wordt, gaat dat niet. Dan kan je vastlopen met schrijven. Kijk eens naar de uitwerking die je van je personage hebt gemaakt. Wat heeft hij aan persoonlijkheden, vaardigheden en achtergronden die hij kan gebruiken om zichzelf die nodige schop onder zijn achterste te geven? Hij hoeft niet meteen alles op te kunnen lossen, maar het plot mag ook niet helemaal tot stilstand komen. Je thema kan je ook helpen als je het even niet meer weet. Waarin moet je personage grofweg groeien? Is het thema liefde, dan zal hij moeten leren een goede relatie aan te gaan. Is het wraak, dan zal je personage eindelijk moeten gaan vechten of moorden. Groeien is in boeken niet altijd iets fijns! 

Waarom eigenlijk? 

Je personage groeit niet omdat jij als schrijver dat wil, of omdat dat uitkomt voor je plot; dat getuigt niet van goed schrijven. Hij groeit omdat hij iets wil. Hoewel je personage dat niet weet, is er ook iets wat hij nodig heeft. Als je kijkt naar het willen en nodig hebben van je personage, vind je meestal wel een logisch oorzaak en gevolg van hoe je personage op dat moment verder kan of moet groeien. 

Laat je personage even worstelen

Laat ook vooral even zien hoe je personage met zichzelf in de knoop zit. Soms is dat echt maar even, andere keren is dat jaren. Maar laat die worsteling wel merken. Hoe klef en cliché het ook klinkt: groeien is een proces. Je personage is als held niets waard als de grootste worsteling in het verhaal eenvoudig wordt opgelost. Nog zo’n cliché: groeien is ontdekken. Laat je personage maar uitproberen wat wel of niet werkt. Vallen en opstaan is essentieel voor een held van het verhaal. Juist op het moment dat hij gedwongen wordt om te groeien. “Ben je bereid nog één keer te groeien, ook al ben je banger dan ooit tevoren of nog nooit zo onzeker over jezelf geweest?”
Die vraag – waarop het antwoord altijd ja moet zijn voor een prettige verhaallijn- is heel eng voor een personage. Als je die angst laat zien en vervolgens het personage laat zegenvieren, werkt dat beter dan wanneer je personage onmiddellijk de schouders eronder zet. 

De beste vriend

De beste vriend kan een goudmijntje of een ramp zijn in het groeiproces van je personage. Als de vriend je personage laat zien wat hij in huis heeft en hem motiveert ervoor te gaan, is dat prima. Soms moet iemand je iets aanreiken als je zelf geen mogelijkheden meer ziet. Maar als de vriend alles voor je held op gaat lossen of eerst nog alle obstakels wegneemt, dan ben je niet helemaal goed bezig. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als een personage stervende is?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als een personage stervende is?

Hoewel de held van het verhaal natuurlijk kan sterven, gebeurt dat relatief weinig. Daarom gaat dit artikel over het sterfbed van medepersonages: degene die om wat voor manier dan ook iets te maken hebben met de heldenreis van je hoofdpersoon. 

Pas op voor wraak en ‘sterfbedbeloften’

Als het einde nabij is, liggen twee clichés op de loer: beloften op het sterfbed en wraak. Iemand op het sterfbed iets beloven is niet ongewoon in het echte leven. Wraak is meer iets voor fictie, maar komt daarin wel relatief vaak voor. Pas hiermee op. Niet alleen omdat het clichés zijn, maar ook omdat veel gewicht in de schaal kan leggen voor het (hoofd)personage dat blijft leven. 

Je kan je hoofdpersoon wel iets op een sterfbed laten beloven, maar als hem dat niet lukt, kan dat gevolgen hebben voor de rest van je verhaal die misschien helemaal niet bij je verhaalthema of centraal conflict passen. Als wraak geen thema van je verhaal is, heroverweeg dan of iemand zodanig verbitterd is om zijn laatste krachten daaraan te besteden. Anders komt dat soort wraak al snel overdreven over. 

De erfenis

Zodra een personage is gestorven, volgt er meestal een erfenis. Soms in de vorm van voorwerpen, of als emotionele nalatenschap of bepaalde kennis. Met deze erfenis komt er vrijwel altijd een bekende trope om de hoek kijken:

* Nu vader is gestorven, moet zijn zoon het stokje van het familiebedrijf overnemen;
* Er wordt een doosje verstopte liefdesbrieven gevonden op de zolder van opa, wanneer de spullen worden verdeeld;
* Er volgt een ruzie over de erfenis, waardoor familiebanden op scherp komen te staan;
* Om de overledene te eren, gooit je hoofdpersonage het roer om en verlaat hij zijn kantoorbaan om de wereldreis te maken die al jaren op zijn verlanglijstje staat. 

Deze voorbeelden lijken misschien erg cliché, maar dat zijn ze niet; dit zijn tropes. De dood is zo’n wezenlijke gebeurtenis dat je er niet omheen kan dat het bepaalde gevolgen heeft. Realistisch gezien zijn bovengenoemde voorbeelden zeer mogelijk wanneer er iemand sterft. Daarom moet je ze niet te snel als cliché aan de kant schuiven. 

De kunst is om de desbetreffende trope goed te onderzoeken en die op een originele manier in te vullen zodat er geen cliché ontstaat. Lees hier over het verschil tussen clichés en tropes

De laatste relatietoets

Als je hoofdpersonage hoort dat een medepersonage op sterven ligt, dan kan je daarin een hele mooie, ongedwongen show, don’t tell in verwerken over wat voor een relatie zij hebben of hadden. Wordt hemel en aarde bewogen om nog afscheid te kunnen nemen of om nog een experimentele behandeling voor de terminale ziekte te vinden? Dan betekent het medepersonage erg veel voor je hoofdpersoon. Als je personage geen afscheid durft te nemen, dan kan hij bang zijn voor de dood of kan het erop wijzen dat hij bij de stervende persoon niet over zijn gevoelens kan praten. Doet hij de moeite niet om nog afscheid te nemen, dan is hun relatie of niet belangrijk of erg slecht geweest. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage zijn excuses aan moet bieden?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage excuses aan moet bieden?

Een personage mag niet perfect zijn. Hij moet fouten maken of iets niet kunnen, zodat de lezer zich met hem kan identificeren. Maar je personage kan het evengoed flink verknallen. Hier kan je op letten als je personage een grote fout recht moet zetten. 

Wat is er misgegaan?

Kijk eerst wat er precies is misgegaan. Dat maakt verschil voor de aard en de mate van de excuses die nodig zijn. Je kan de mogelijkheden opdelen in pech, laksheid en bedrog. 

  • Bij pech laat je personage bijvoorbeeld een glas vallen omdat hij schrikt van plotseling vuurwerk. Niks aan te doen; de omstandigheden werkten tegen, of dingen zijn zoals ze zijn.
  • Bij laksheid is je personage niet opzettelijk gemeen, maar had hij iets wel kunnen voorkomen als hij iets oplettender was geweest: als je eerder was opgestaan, had je de trein niet gemist. 
  • Bij bedrog doet je personage iets wat niet hoeft en waarvan hij weet of had kunnen weten dat dat verkeerd valt bij de ander. Van iets relatiefs kleins tot schelden in een ruzie tot vreemdgaan of moorden: bedrog is iets gemeens. 

Excuses voor pech hebben meestal de minste voeten in de aarde, gevolgd door laksheid en bedrog.

Vervolg voor het plot 

Excuses die het waard zijn om een scène of langer aan te wijden, hebben een vervolg voor het plotverloop. Spijt kan zelfs een verhaalthema zijn. Het moment dat je personage iets goed te maken heeft, is meestal een zeer belangrijk punt in het verhaal. Spijt en het verlangen het weer goed te maken vormen soms het begin en einde van een verhaal. (Wat was de vervelende daad van je personage en wordt dat uiteindelijk vergeven?) Als de excuses (of die willen aanbieden) niet aan het begin en het einde zitten, kijk dan of ze wel bij een clue in de drie-aktenstructuur zitten. Een clue belooft een keerpunt in een verhaal. Dat past bij belangrijke excuses. 

Excuses aanbieden 

Als het ongeluk of de vervelende actie nare gevolgen heeft voor degene die de dupe is, moet je personage altijd iets goedmaken, óók bij pech. Het vertrouwen in je personage is zeer waarschijnlijk – al dan niet terecht- geschaad en moet weer worden terugverdiend. Alleen sorry zeggen is dan zelden voldoende. Je personage zal ook nog iets moeten doen. Dat kan iets makkelijks zijn, zoals schadevergoeding betalen. Soms zal je personage keer op keer moeten bewijzen dat hij van karakter is veranderd. Of drie keer naar de voetbalwedstrijd moeten komen kijken omdat hij die ene belangrijke wedstrijd van zijn zoontje heeft gemist. 

Bedenk hoe vergevingsgezind de tegenhanger is en of je personage in staat is om zijn beloofde excuses uit te voeren. En hoe groot zijn de gevolgen (voor de ander?). Dat bepaalt of je personage vergeven zal worden of niet. 

Na het excuus 

Een excuus kan worden aanvaard, maar dat hoeft niet. Hoe dan ook zullen je personages anders naar elkaar kijken. Groeien ze dichter naar elkaar toe of juist van elkaar af, nu dit voorval heeft plaatsgevonden? Vergeet niet om te kijken hoe hun relatie verandert na deze gebeurtenissen.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Wat als je personage zich ergens op verheugt?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage zich ergens op verheugt? 

Verheugen is een erg interessant gegeven wat betreft de verhaalopbouw. Je personage weet namelijk dat er iets te gebeuren staat. Je geeft je personage dus een kleine kijk in het verloop van het verhaal. Dat breng noodzakelijkerwijs kennis van je personage en je plot met zich mee. 

Kennis van het personage

Als je personage zich ergens op verheugt, moet je twee dingen weten om dat verheugende moment goed tot zijn recht te laten komen. 
Als eerste moet je weten waarom je personage zich ergens zo op verheugt. Waarom is dit het oprecht verheugen waard? Waarom wacht je personage niet rustig dat fijne moment af? 
Het antwoord is in theorie simpel: omdat er iets heel fijns staat te gebeuren. Maar fijne gebeurtenissen zijn niet uniek. Als je je ergens op verheugt, verlang je eigenlijk naar iets. Weer samen zijn met die geliefde, eindelijk weer eens ontspannen… Met andere woorden: verheugen laat op een bepaalde manier zien wat je personage nodig heeft. Kijk eens wat dat is. Als je dat goed kan uitwerken, gaat je lezer met het personage mee verlangen. 
Daarnaast is het verstandig om je af te vragen hoe je personage omgaat met de teleurstelling als dit heuglijke moment toch niet doorgaat. Dat kan een mooi kijkje in de keuken geven van de minder fijne of zwakkere kant van je personage. Als je op een natuurlijke manier wil schetsen dat jouw personage niet perfect is, laat hem dan eens een fikse teleurstelling meemaken. Dan gaat hij als vanzelf ook even bij de pakken neerzitten, mokken of huilen. 

Kennis van het plotverloop

Als je personage zich verheugt op een dagje strand, dan moet jij als schrijver meer weten dan dat je personage zondag in de trein op weg naar Scheveningen zit. Als je personage zich ergens op verheugt, doet hij dat niet voor niets. Je zou kunnen stellen dat hij intuïtief weet dat er iets staat te gebeuren dat belangrijk is voor het plot. Gaat het over een eerste date die het begin van een relatie inluidt? Ziet hij een verre vriend die hem vervolgens vraagt hem ook op te zoeken, waarna een wereldreis start? Of vormt dit dagje met vrienden de basis van een herinnering die later zeer belangrijk blijkt? Als er later oorlog uitbreekt en je personage als soldaat mensen neer moet schieten, kan dit dagje strand belangrijk zijn om nog een bepaalde menselijkheid of gevoel van vrede kunnen te herinneren. 
Het punt is dat je met verheugen iets al een bepaald gewicht geeft voordat het goed en wel gebeurd is. Als dat dan geen verder gevolg of betekenis krijgt, kan dat als een anticlimax voelen. 
Kijk ook nog eens naar de eerdere voorbeelden. Wat als de ‘stranddate’ plotseling niet doorgaat? Dan krijgt je personage geen relatie. Wel of geen relatie is een groot verschil in een leven en in een verhaalverloop. Wees je ervan bewust dat de ‘verheugmomenten’ vaak essentiële schakels in een plot zijn. Zet die momenten dus zeer weldoordacht in. 
 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.