Infodump: een stortvloed aan informatie

Een infodump is een stortvloed aan informatie. De lezer krijgt zoveel weetjes en details te verwerken dat die door de bomen het bos niet meer ziet. Na een infodump is onduidelijk wat belangrijk is, waar het verhaal eigenlijk naartoe gaat en erger nog: de lezer wil meestal niet meer verder lezen. Een infodump heeft veel weg van een date met een vreselijke spraakwaterval.

Infodump: de informatie blijft maar komen

Stel dat je op een eerste internetdate bent. Wat doe je als die als volgt begint te praten? “Hoi, ik ben Simon. Ik ben drieëntwintig jaar en ik heb bruin haar en groene ogen. Mijn profielfoto klopte dus hè? Hahaha. Ik ben de middelste in het gezin. Mijn zus Natalie is dertig en is romanuitgever en mijn twintigjarige broer Jasper studeert voor sportleraar. Ik zit in het afstudeerjaar van mijn studie economie. Ik tennis twee keer per week, hou van Jupiler en mijn favoriete reis was een drieweekse trip door Scandinavië. Nou, vertel jij eens wat over jezelf.”

Deze foto kan zowel van het internet of van Simon zelf komen, want Simon vertelt alleen maar feiten. De foto is net als zijn monoloog: erg onpersoonlijk en weinig informatief.

Een infodump spijkert je verhaal dicht

Dit is natuurlijk een rampzalige date. Want waar moet je nog over praten? Je weet eigenlijk alles al van Simon wat je normaalgesproken bij een eerste kennismaking te weten komt. En dat binnen een minuut. Simon spijkert al zijn gespreksonderwerpen dicht, zodat er totaal geen ruimte meer is voor verdieping. Stel dat je wilde zeggen: “O, wat grappig, ik overweeg ook om economie te gaan studeren. Bevalt het jou?” Daar had je geen kans voor, want Simon was toen al ergens bij Jupiler.

Plaats van een infodump in een boek

Een infodump komt meestal in het begin van een boek. Je ziet het ook vaak op momenten waarop een nieuw personage wordt geïntroduceerd. De schrijver bombardeert de lezer dan met een hele dump aan informatie, zonder context, nuance of waarschuwing.

Kenmerken van een personage-infodump

Kenmerkend aan een infodump bij een personage-introductie is het opdreunen van (nutteloze) details. Denk aan:
* leeftijd;
* haarkleur;
* oogkleur;
* hobby’s;
* routines.

Het idee achter een infodump is dat je weet wat voor vlees je in de kuip hebt. Maar dat is ook het enige voordeel. Als je het al een voordeel kunt noemen. Er zijn meer redenen waarom een infodump geen goed idee is, naast het feit dat deze manier van ratelen irritant leest.

Een infodump geeft nutteloze details

Als je alle details meteen opsomt, krijg je een ellenlange tekst en haakt de lezer af. Het is waarschijnlijk helemaal niet belangrijk dat de lezer (meteen) weet dat Simon groene ogen heeft. Mocht een specifiek detail wel degelijk belangrijk zijn, dan zal dat detail worden ondergesneeuwd. Zo vergeet de lezer de belangrijke informatie of leest die eroverheen.

Een infodump zet het plot op slot

Een infodump zorgt er vaak voor dat het verhaal over is voor het goed en wel is begonnen.
Het kortste verhaal ooit? Jij bent een aankomend schrijver en je date met Simon. “Mag ik het e-mailadres van je zus?”, vraag je. Je mailt je manuscript naar Zus de Uitgever en een jaar later ligt je boek in de winkel. Dat verhaal is saai en veel te makkelijk. Alle informatie is al voor handen. Je weet alles al van Simon en het centrale conflict (je wil als schrijver een uitgever vinden) is al opgelost voordat het zich zelfs maar heeft aangediend.

Zo kan je informatie gedoseerd aanbieden in je boek

Als Simon je meerdere dates geeft om alle informatie te verwerken, kan er een plot ontstaan. Uiteindelijk krijg je te horen dat Simon een zus heeft in de uitgeverswereld en heb jij al een voorzichtige relatie met Simon opgebouwd. Dat is een verhaal. Klein en pril als de relatie zelf, maar dat maakt niet uit. Er zit al meer diepgang in dan in die ene minuut van de infodump.

Infodump in Harry Pottercontext

Een makkelijk voorbeeld van de mogelijke schade van een infodump is om Sneep uit de Harry Potter serie er een te geven:
“Ik ben een dubbelspion. Ik hoorde de profetie en besefte dat Voldemort Lily en haar zoontje Harry wilde vermoorden. Lily was de enige liefde in mijn leven, dus ik wilde alles doen om haar en Harry te beschermen. Het maakte me niets uit dat Harry’s vader de grootste pestkop uit mijn jeugd was. Voldemort heeft mijn verzoek om Lily’s leven te sparen niet ingewilligd. Sindsdien sta ik aan de kant van Perkamentus, die samen met mij Lily en later Harry beschermde en Voldemort probeerde te doden.”

(Potterfans: “Always” verliest nu al zijn kracht!)

Ik schrijf in vijf regels waar J.K. Rowling duizenden pagina’s voor gebruikte. Dat is niet zonder reden. Personages hebben een biografie, een geschiedenis. Die komen niet tot hun recht als je die bovenop je lezer uitstort. Je moet (cruciale) informatie achterhouden en verspreiden over je verhaal. Voor een spetterende onthulling of plotwists en sowieso voor een vlot geschreven verhaal. Zelfs als je Harry Potter niet gelezen hebt, kun je wel bedenken wat er met een verhaal gebeurt als je meteen vertelt aan welke kant de dubbelspion staat.

Een infodump is als schrijven in schreeuwerige koeienletters: je vergroot je details zo ontzettend, dat de rest van de tekst erbij verbleekt.

Hoe voorkom je een infodump?

Deze vuistregels helpen je op weg om een infodump te voorkomen:

* Bedenk welke informatie over je personage meteen belangrijk is om te weten. Meestal zijn dat karaktereigenschappen, niet de uiterlijke kenmerken of leeftijd.
*Geef aanleidingen of hints voor aankomende actie of drama. In de eerste pagina’s moet je de lezer voor je winnen. Je kan ook meteen met drama of actie starten. In medias res kan een techniek daarvoor zijn.
* Als je toch details van het uiterlijk van een personage wilt geven, gebruik dan show don’t tell: “Ik ben klein,” wordt: “Mijn vriend kwam thuis van zijn werk en moest bukken om me een kus te kunnen geven.

Zie je ondanks deze blogpost door de infobomen het dumpbos niet meer? Kijk eens in mijn webshop: ik kan jouw tekst voor je nakijken.

Bloemig taalgebruik: een vertragend verhaaltempo

Het taalgebruik in je verhaal bepaalt voor een groot deel hoe vlot een verhaal leest. Daar moet je dus goed op letten. Ik vergelijk het in deze post met twee beschikbare dates. Je zal zien dat de verkeerde date door zijn taalgebruik niet meer aantrekkelijk is.

Bloemig taalgebruik dat verwarrend leest

Noah zegt: “Ik kijk graag naar je. Je prachtige, glinsterende, sprekende en unieke ogen doen mij opleven als een uitgedroogde, verlepte en hulpeloze roos die na een langverwachte, hozende en droogte verdrijvende regenbui weer kan opbloeien uit een donkere, sombere en uitzichtloze situatie.”

Vlot taalgebruik

Jakob zegt: “Ik vind je ogen mooi, omdat ze altijd stralen.”

De valkuil van bloemig taalgebruik

Noah lijkt door zijn bloemige taalgebruik de meest romantische persoon op aarde. Hij praat alsof er spontaan een bos rozen uit zijn mond komt, die hij meteen aan je kan geven. Toch is Jakob duidelijk de beste keuze. Dat zal de romantische mensen onder ons verbazen. Noah is toch een gedroomde man? Hij is poëtisch en jij bent duidelijk zijn prinses, het middelpunt van zijn wereld en hij kwijnt weg als je niet bij hem bent.

Zo ziet Noah jou in zijn wereld. Dat lijkt fantastisch, maar het is totaal niet realistisch

Bloemig taalgebruik: garantie voor verwarring

Lees nog eens wat Noah zegt: “…uitgedroogde, verlepte en hulpeloze roos die na een langverwachte, hozende en droogte verdrijvende regenbui weer kan opbloeien uit een donkere, sombere en uitzichtloze situatie.” Zeg eerlijk, wist je nog dat dit over je ogen ging, of was je dat alweer vergeten?

Noah vertelt over iets anders: “De voortbewegende roetzwarte massa auto’s verplaatsten zich in een ijzingwekkend traag en deprimerend tempo over het harde, grijze, weinig uitnodigende asfalt.” Moest je dit nog een keer (of twee) lezen voordat je wist waar hij het over had?

De nadelen van bloemig taalgebruik

Je lijkt een goede schrijver als je veel bijvoeglijke naamwoorden gebruikt. Je laat je grote woordenschat en een goed beschrijvingsvermogen zien. Maar je lezer kan erin verdrinken, zoals Noah in jouw ogen zou doen. Kijk nog eens naar het voorbeeld van de file (want daar had hij het over). Noah heeft drieëntwintig woorden gebruikt voor de omschrijving.
Een overvloed aan bijvoeglijke naamwoorden vertraagt je verhaal. Daardoor zal de lezer vaker de draad kwijtraken. Maar er zitten nog meer nadelen aan:
* Je beschrijving kan een vermomde infodump worden, waarna je niets meer aan de verbeelding van de lezer overlaat. (Beschrijf je eigen woonkamer maar eens met zes bijvoeglijke naamwoorden…)
* Als je personages zo spreken, zijn ze niet meer realistisch, want niemand praat zo. Onrealistisch veel beschrijven gebeurt sneller dan je misschien denkt: bij meer dan twee bijvoeglijke naamwoorden komt een beschrijving vaak al langdradig over.
* Wanneer je bijvoeglijke naamwoorden overmatig gebruikt, verliezen ze op de lange duur hun waarde.
* Kortom: schrijven is schrappen.

Bloemig taalgebruik versus vlot taalgebruik

Laten we vlot en bloemig taalgebruik vergelijken in de context van een relatie met eerder genoemde heren. Na de wittebroodsweken gaan de ellenlange complimenten van Noah je de keel uithangen. Ja, het is romantisch. Tot Noah alles maar lijkt af te raffelen. Op een bepaald moment geloof je hem gewoon niet meer. Leuk voor jouw verlepte roos, Noah, maar het voelt na al die bladzijden alsof je gewoon wat zegt om me zoet te houden. Zulke lange verklaringen zijn romantisch, maar niet oprecht. Ik weet niet of ik het moet geloven, want je zegt het, in plaats van dat je het echt laat merken.

Als de zon vierentwintig uur per dag onder zou gaan is dit plaatje niet meer zo romantisch. Zie beschrijvingen als romantische momenten: gedoseerd en op juiste momenten werken ze goed. Als ze en pas en te onpas tevoorschijn komen, zijn ze niet meer realistisch of oprecht.

Bloemig taalgebruik: tell, no show

Zie je dat bloemig taalgebruik een gebrek aan show don’t tell is?
Maar je laat juist zien, denk je nu misschien. Noah beschrijft immers dat het een lieve lust is. Lees het verhaal van Hiro de reisgids eens terug. Hij liet je dingen beleven, in plaats van dat hij alleen vertelde. Dat is de belangrijke regel: Een belevenis is altijd belangrijker dan beschrijving.

Bloemig en vlot taalgebruik in gesproken taal van personages

Stel je voor dat je thuiskomt van je werk en de volle laag hebt gekregen van je baas. Je zegt: “Schat, ik voel me rot, mijn baas heeft tegen me geschreeuwd.” Noah zegt dan iets als: “Jouw baas is een persoon met een zwart, bitter, ongrijpbaar, vergald, vergiftigd en meedogenloos hart die met kille, onmenselijke, onbegrijpelijke en immorele motieven handelt naar een hardwerkende, gemotiveerde en gepassioneerde medewerker.”
Jakob zegt dan: “Jouw baas is een eikel die een goede werknemer niet op waarde kan schatten.” Noahs taalgebruik laat in dit voorbeeld nog een ander nadeel van bloemig taalgebruik zien. Hij praat alsof je baas de doodstraf verdient. Maar stel dat je een dystopisch verhaal schrijft waarin je baas wel degelijk iemand mag martelen die ongehoorzaam is. Hoe gaat Noah zijn afschuw dan nog geloofwaardig uitdrukken? Een personage dat altijd al heftig reageert, kan niet meer op een realistische manier boos worden als het plot daarom vraagt.

Bloemig taalgebruik: net een wurgcontract

Is het je opgevallen dat wurgcontracten uit bloemig taalgebruik bestaan? Daardoor raak je de draad kwijt. Bijvoeglijke naamwoorden zijn daar niet altijd de boosdoener, maar het effect is hetzelfde. Een wurgcontract heeft warrig taalgebruik, waardoor je niet meer weet wat er nou eigenlijk staat. Daardoor trap je in de val. Nu komt de aap uit de mouw: Noah is eigenlijk jouw gemene baas. En wat blijkt? Jakob is… jouw ware Jakob!

Je lezer zou geen bril op hoeven zetten om te kunnen begrijpen wat je bedoelt.

Heb je moeie met het bepalen van een goede toon en taalgebruik voor je boek? Kijk in mijn webshop: ik kan je helpen met manusciptredactie.