Regieaanwijzingen: beschrijf de mate waarin iets gebeurt

Wat is een regieaanwijzing?

Regieaanwijzingen zijn werkwoorden die de intensiteit van een actie duidelijk maken. Denk aan: lopen of rennen, praten of schreeuwen of kauwen en smakken. Waar gebruik je regieaanwijzingen voor?

Een regieaanwijzing beeldend uitgelegd

Stel je voor dat je een acteur bent en de regisseur je regieaanwijzingen geeft: “Je mag niet meer lopen, want dat is saai. Schuifelen, rennen, hobbelen; alles mag voortaan, zolang je maar niet simpelweg loopt. Sprint alsof je moet vluchten voor een scherpschutter. Sluip alsof je gevolgd wordt door een detective.”
Zo is er onmiddellijk duidelijke drama, romantiek of actie. Precies waar de regisseur op uit is. Dat lijkt een goed idee, maar dat is het niet altijd.

Voorbeelden van regieaanwijzingen in een tekst

“Goedemorgen, Rob!” roept moeder aan de ontbijttafel.
“Goedemorgen, mam!” schreeuwt Rob terug.
Moeder rent naar de keukenkast en rukt daar de cornflakes uit. De ontbijtgranen vliegen in het rond en storten neer op de grond.
Met deze woorden klinkt het net alsof ontbijten één grote actiefilm is en de explosievenopruimingsdienst al paraat zou moeten staan.

Een scène zonder regieaanwijzingen

“Goedemorgen, Rob.”
“Goedemorgen, mam.”
Moeder loopt naar de keukenkast en haalt daar de cornflakes uit. Er vallen een paar stukjes ontbijtgranen uit de doos.

Saai? Dat klopt, maar een ochtendgroet en een doos cornflakes pakken zijn ook niet bijster interessant.

Laten we eerlijk zijn, dit hoef je niet te verwachten bij een cornflakesontbijt.

Een balans vinden in het gebruik van regieaanwijzingen

Een balans vinden in het gebruik van regieaanwijzingen is lastig. Beginnende schrijvers zoeken hier vaak een middenweg in die nog steeds te heftig uitpakt. Dan staat de eod niet meer voor de voordeur, maar wel paraat op de sneltoets van de telefoon:
“Goedemorgen, Rob!” jubelt moeder aan de ontbijttafel.
“Goedemorgen, mam,” kreunt Rob terug.
Moeder huppelt naar de keukenkast en pakt de cornflakes. Een paar stukjes ontbijtgranen vallen op de grond neer. “Geen probleem, die veeg ik wel op,” zingt moeder.
“Doe maar,” mompelt Rob.

De tekst hierboven wil laten zien dat de moeder goede zin heeft en de zoon een ochtendhumeur. Dat is geslaagd, want je huppelt niet als je slechtgehumeurd bent. Het gaat alsnog mis omdat er veel regieaanwijzingen worden gebruikt in een korte tijd. En daar wordt een verhaal op den duur doodvermoeiend van.

Goed gebruik van regieaanwijzingen bij de cornflakesscène

De cornflakes kan gewoon op de grond vallen. Niks aan de hand. Als de cornflakes op de grond vliegt, zit er intensiteit achter. Hoeveel intensiteit hoef je niet meer uit te leggen, want dat vertelt het woord ‘vliegt’ immers.
Je kan cornflakes uit de kast pakken, dat is neutraal. Je kan hem ook uit de kast rukken. Dan gaat het met meer kracht en laat het zien dat je kwaad bent. Als je ‘goedemorgen’ glimlacht, ben je gewoon goed opgestaan. Als je het jubelt, heb je waarschijnlijk net de loterij gewonnen.

Regieaanwijzingen in de praktijk uitproberen

Je kunt de eerdergenoemde opdracht van de regisseur zelf uitproberen. Dan wordt het effect heel duidelijk. Zeg de volgende keer niets als je bij iemand koffie gaat drinken. Ga in plaats daarvan alleen maar schreeuwen, fluisteren, jubelen, enzovoorts. Doe het in een mate die ervoor zorgt dat je gesprekspartner denkt of vraagt: “Waarom schreeuw/fluister/jubel…je?”
Ik durf er gif op in te nemen dat hij je òf doodvermoeiend òf gestoord vindt. Met schrijven is dat niet anders. Als je constant regieaanwijzingen geeft, wordt je tekst op den duur erg langdradig of zwaar om te lezen.

Regieaanwijzingen schrijven vergt een goede woordkennis

Als je regieaanwijzingen wil gebruiken: ken je woorden. Je moet een goed beeld hebben op welk punt van een tienpuntenschaal het woord dat je wil gebruiken zich bevindt. Schreeuwen is bijvoorbeeld heftiger dan roepen. Zo schat je in hoe de regieaanwijzing aankomt bij de lezer, welke regieaanwijzing je moet gebruiken en of dat überhaupt nodig is.

Licht, camera en (de bijpassende) actie!

Regieaanwijzingen en show don’t tell

Zoals je misschien al opgemerkt hebt, hebben regieaanwijzingen een zekere mate van show don’t tell in zich. Als je bang bent dat je te veel regieaanwijzingen gebruikt, kun je ze vervangen door show don’t tell of ze ermee aanvullen. Een vervanging:
“Goedemorgen, mam,” kreunt Rob.
 wordt:
“Goedemorgen, mam.” Rob neemt plaats aan tafel met ongekamde haren en dikke ogen.
Een aanvulling:
“Goedemorgen, mam,” kreunt Rob. Hij kijkt moeder niet aan, maar wrijft in zijn ogen.
In beide voorbeelden laat show don’t tell merken dat Rob moe is. Door deze aanvulling hiervan zie je niet alleen waarom. Er wordt ook iets anders duidelijk: Zoon is moe, maar niet per se chagrijnig. In de oorspronkelijke zin was dat niet uit te sluiten. Het woord ‘kreunen’ geeft hier namelijk wel een ongenoegen aan, maar je kunt om verschillende ongenoeglijke redenen kreunen. Als we niet méér informatie hebben (bijvoorbeeld over het karakter van de zoon of de omstandigheden in het gezin) kan Rob om talloze redenen kreunen. Hij kan moe zijn. Of hij is een puber die zich voor elke actie van zijn moeder schaamt, dus ook als ze hem een goede morgen wenst alsof hij nog een kleuter is.

Regieaanwijzingen goed gebruiken

Er zijn natuurlijk momenten waarop je regieaanwijzingen gerust kan gebruiken, anders wordt je tekst heel droog. Er is helaas geen kant-en-klaar antwoord op de vraag: Wanneer, hoe of hoe vaak moet je regieaanwijzingen gebruiken? Dat leer je door veel oefening. Een belangrijke vuistregel is in ieder geval: je verhaal moet boeiend zijn, maar je moet ook in staat zijn om rustig te ontbijten, zonder dat je bang bent dat de eod binnen twee minuten voor de deur staat.

Geniet van je ontbijt! 🙂

Vind je het nog steeds lastig om te bepalen hoe je regieaanwijzingen moet gebruiken? Kijk eens in mijn webshop: ik kan je helpen met manuscriptedactie.

Bloemig taalgebruik: een vertragend verhaaltempo

Het taalgebruik in je verhaal bepaalt voor een groot deel hoe vlot een verhaal leest. Daar moet je dus goed op letten. Ik vergelijk het in deze post met twee beschikbare dates. Je zal zien dat de verkeerde date door zijn taalgebruik niet meer aantrekkelijk is.

Bloemig taalgebruik dat verwarrend leest

Noah zegt: “Ik kijk graag naar je. Je prachtige, glinsterende, sprekende en unieke ogen doen mij opleven als een uitgedroogde, verlepte en hulpeloze roos die na een langverwachte, hozende en droogte verdrijvende regenbui weer kan opbloeien uit een donkere, sombere en uitzichtloze situatie.”

Vlot taalgebruik

Jakob zegt: “Ik vind je ogen mooi, omdat ze altijd stralen.”

De valkuil van bloemig taalgebruik

Noah lijkt door zijn bloemige taalgebruik de meest romantische persoon op aarde. Hij praat alsof er spontaan een bos rozen uit zijn mond komt, die hij meteen aan je kan geven. Toch is Jakob duidelijk de beste keuze. Dat zal de romantische mensen onder ons verbazen. Noah is toch een gedroomde man? Hij is poëtisch en jij bent duidelijk zijn prinses, het middelpunt van zijn wereld en hij kwijnt weg als je niet bij hem bent.

Zo ziet Noah jou in zijn wereld. Dat lijkt fantastisch, maar het is totaal niet realistisch

Bloemig taalgebruik: garantie voor verwarring

Lees nog eens wat Noah zegt: “…uitgedroogde, verlepte en hulpeloze roos die na een langverwachte, hozende en droogte verdrijvende regenbui weer kan opbloeien uit een donkere, sombere en uitzichtloze situatie.” Zeg eerlijk, wist je nog dat dit over je ogen ging, of was je dat alweer vergeten?

Noah vertelt over iets anders: “De voortbewegende roetzwarte massa auto’s verplaatsten zich in een ijzingwekkend traag en deprimerend tempo over het harde, grijze, weinig uitnodigende asfalt.” Moest je dit nog een keer (of twee) lezen voordat je wist waar hij het over had?

De nadelen van bloemig taalgebruik

Je lijkt een goede schrijver als je veel bijvoeglijke naamwoorden gebruikt. Je laat je grote woordenschat en een goed beschrijvingsvermogen zien. Maar je lezer kan erin verdrinken, zoals Noah in jouw ogen zou doen. Kijk nog eens naar het voorbeeld van de file (want daar had hij het over). Noah heeft drieëntwintig woorden gebruikt voor de omschrijving.
Een overvloed aan bijvoeglijke naamwoorden vertraagt je verhaal. Daardoor zal de lezer vaker de draad kwijtraken. Maar er zitten nog meer nadelen aan:
* Je beschrijving kan een vermomde infodump worden, waarna je niets meer aan de verbeelding van de lezer overlaat. (Beschrijf je eigen woonkamer maar eens met zes bijvoeglijke naamwoorden…)
* Als je personages zo spreken, zijn ze niet meer realistisch, want niemand praat zo. Onrealistisch veel beschrijven gebeurt sneller dan je misschien denkt: bij meer dan twee bijvoeglijke naamwoorden komt een beschrijving vaak al langdradig over.
* Wanneer je bijvoeglijke naamwoorden overmatig gebruikt, verliezen ze op de lange duur hun waarde.
* Kortom: schrijven is schrappen.

Bloemig taalgebruik versus vlot taalgebruik

Laten we vlot en bloemig taalgebruik vergelijken in de context van een relatie met eerder genoemde heren. Na de wittebroodsweken gaan de ellenlange complimenten van Noah je de keel uithangen. Ja, het is romantisch. Tot Noah alles maar lijkt af te raffelen. Op een bepaald moment geloof je hem gewoon niet meer. Leuk voor jouw verlepte roos, Noah, maar het voelt na al die bladzijden alsof je gewoon wat zegt om me zoet te houden. Zulke lange verklaringen zijn romantisch, maar niet oprecht. Ik weet niet of ik het moet geloven, want je zegt het, in plaats van dat je het echt laat merken.

Als de zon vierentwintig uur per dag onder zou gaan is dit plaatje niet meer zo romantisch. Zie beschrijvingen als romantische momenten: gedoseerd en op juiste momenten werken ze goed. Als ze en pas en te onpas tevoorschijn komen, zijn ze niet meer realistisch of oprecht.

Bloemig taalgebruik: tell, no show

Zie je dat bloemig taalgebruik een gebrek aan show don’t tell is?
Maar je laat juist zien, denk je nu misschien. Noah beschrijft immers dat het een lieve lust is. Lees het verhaal van Hiro de reisgids eens terug. Hij liet je dingen beleven, in plaats van dat hij alleen vertelde. Dat is de belangrijke regel: Een belevenis is altijd belangrijker dan beschrijving.

Bloemig en vlot taalgebruik in gesproken taal van personages

Stel je voor dat je thuiskomt van je werk en de volle laag hebt gekregen van je baas. Je zegt: “Schat, ik voel me rot, mijn baas heeft tegen me geschreeuwd.” Noah zegt dan iets als: “Jouw baas is een persoon met een zwart, bitter, ongrijpbaar, vergald, vergiftigd en meedogenloos hart die met kille, onmenselijke, onbegrijpelijke en immorele motieven handelt naar een hardwerkende, gemotiveerde en gepassioneerde medewerker.”
Jakob zegt dan: “Jouw baas is een eikel die een goede werknemer niet op waarde kan schatten.” Noahs taalgebruik laat in dit voorbeeld nog een ander nadeel van bloemig taalgebruik zien. Hij praat alsof je baas de doodstraf verdient. Maar stel dat je een dystopisch verhaal schrijft waarin je baas wel degelijk iemand mag martelen die ongehoorzaam is. Hoe gaat Noah zijn afschuw dan nog geloofwaardig uitdrukken? Een personage dat altijd al heftig reageert, kan niet meer op een realistische manier boos worden als het plot daarom vraagt.

Bloemig taalgebruik: net een wurgcontract

Is het je opgevallen dat wurgcontracten uit bloemig taalgebruik bestaan? Daardoor raak je de draad kwijt. Bijvoeglijke naamwoorden zijn daar niet altijd de boosdoener, maar het effect is hetzelfde. Een wurgcontract heeft warrig taalgebruik, waardoor je niet meer weet wat er nou eigenlijk staat. Daardoor trap je in de val. Nu komt de aap uit de mouw: Noah is eigenlijk jouw gemene baas. En wat blijkt? Jakob is… jouw ware Jakob!

Je lezer zou geen bril op hoeven zetten om te kunnen begrijpen wat je bedoelt.

Heb je moeie met het bepalen van een goede toon en taalgebruik voor je boek? Kijk in mijn webshop: ik kan je helpen met manusciptredactie.

Mary Sue, het irritant perfecte personage

Wie is Mary Sue?

“Ik ben Mary Sue. Als er iets is wat ik niet tekort kom, is het aandacht. Ik ben een jong, succesvol supermodel met een gouden keeltje. Ik woon in Beverly Hills naast wereldberoemde buren. Mijn wereld is niet alleen glamour; ik doe ook vrijwilligerswerk bij een kinderkankerziekenhuis. Ik vloek niet, drink vrijwel nooit, had geen seks voor het huwelijk en denk altijd eerst aan anderen. Iedereen vindt mij een engel zonder gebreken, praat alleen maar over mij en is het altijd met me eens.”

Mary Sue is zo perfect dat ze net een pop is; geliefd maar nep

Mary Sue: een bekende beginnersfout van schrijvers

Mary Sue is de term voor een personage dat zodanig perfect is dat de lezer zich er niet meer mee kan identificeren. Ken je iemand die zowel succesvol als beeldschoon, rijk, beroemd, getalenteerd, vrijgevig, onzelfzuchtig, geliefd en vrij van zonden is? Natuurlijk niet. Ze is zo perfect dat ze niet meer menselijk is. Niemand zal zich nog in haar kunnen verplaatsen.

De wereld van Mary Sue: perfect en onbereikbaar voor gewone stervelingen

Mary Sue verpest het verhaalverloop

Nog een ander kenmerk van een Mary Sue is dat het verhaal altijd alleen maar over haar gaat. Mary Sue staat niet altijd op de voorgrond, maar op zijn minst wel altijd op de achtergrond.
Een verhaal over een Mary Sue is hoe dan ook niet stevig, hoe goed je plot verder ook is. Je lezers geven je boek weinig kans als ze zich niet met je personages kunnen verbinden. Ze wachten dan niet tot het plot op gang is gekomen en leggen het boek voortijdig weg. Er is namelijk niets zo irritant als een verhaal dat wordt gedragen door vlakke personages als Mary Sue.

Voorbeeld van een Mary Sue

Savannah uit de film ‘Dear John’ is mijn perfecte voorbeeld van een Mary Sue. Ze is mooi en natuurlijk is ze de onschuld zelve. Ze zegt dat haar grootste gebrek vloeken is. Dat is op zichzelf al onrealistisch als grootste gebrek, maar dan maakt ze haar zin bovendien af met: ‘maar niet hardop’. Moet ik nog meer zeggen? Ja. John heeft een relatie met haar. Terwijl hij uitgezonden is, houdt het stel contact per brief. John hoort lang niets meer van Savannah, totdat ze schrijft dat ze met een andere man verloofd is. Het belangrijke is: daar komt Savannah mee weg. Omdat ze al zo’n perfect imago heeft opgebouwd, hoor je als kijker te denken: ze bedoelt het niet verkeerd. Pardon? Ze bereidt een huwelijk voor, terwijl een ander nog op haar wacht! In het echte leven zou je haar een trut vinden. Maar Savannah is een Mary Sue, dus ze krijgt overal een vrijbrief voor.

Hoe ontwijk je het schrijven van een Mary Sue?

Om geen Mary Sue te schrijven, laat ik het personage Hugh zich aan je voorstellen:
“Ik ben Hugh, een Ierse koeienboer. Ik ga een paar keer per week naar de dorpskroeg, waar ik viool speel in een traditioneel bandje. Op zo’n avond is er volop gezelligheid en evenveel Guinness. Daardoor gaat het soms wel eens mis. Want wees eerlijk, wat is een avondje in de pub zonder een paar pintjes? Soms moet een makker me aan het eind van de avond in een taxi helpen. Eén keer is het mis gegaan en ben ik wegens dronkenschap aangehouden. Als je wil, mag je gerust eens langskomen in mijn stamkroeg. Dan zien we wel hoe de avond zich ontvouwt…”

Mary Sue versus Hugh

Mary Sue heeft een leven vol glamour, Hughs leven is relatief rustig. Mary Sue lijkt daarom een perfecte hoofdpersoon voor een interessant verhaal. Zeker in vergelijking met een verhaal over Hughs leven: glamourfeestjes en champagne versus koeienstront en Guinness.
Hugh de koeienboer die soms te diep in het glaasje kijkt, lijkt niet spannend. Veel mensen zijn wel eens flink dronken, of dat vroeger wel eens geweest. Maar juist dat gegeven zorgt er wel voor dat je langer over Hugh zal willen lezen. Misschien herken je het drinkgedrag van Hugh niet in jezelf, maar iedereen maakt fouten. Dat maakt Hugh menselijk en daardoor kun je jezelf in hem verplaatsen.

De wereld van Hugh: herkenbaar en toegankelijk

Mogelijkheden van Hughs verhaal

Hugh is een keer aangehouden wegens dronkenschap. Dat kan iedereen gebeuren, dus ook de brave burger Hugh die op de meeste avonden naast zijn vrouw op de bank zit, terwijl zij haakkleedjes haakt. De volgende keer dat Hugh dronken wordt, breekt hij misschien zijn viool en wordt hij uit de band gezet. Voilà, een potentieel plotvervolg!
Misschien merkte de agent bij die aanhouding nog iets anders verdachts op wat leidde tot een huiszoeking en de vondst van een lijk in Hughs kelder… Jij bent de schrijver, jij bepaalt. Het feit dat een personage fouten maakt, geeft een verhaal mogelijkheden. Dat werkt dus veel beter dan een Mary Sue.

Mary Sue: geen interessant personage

Mary Sue is even interessant om een kijkje in de keuken van een droomwereld te geven. Maar in haar leven gebeurt nooit iets nieuws, omdat er nooit iets fout gaat. Daar zorgen haar karakter en perfecte wereld wel voor. Ze zal hetzelfde verhaal steeds opnieuw vertellen. De kleur en prijs van haar jurk veranderen, maar dat blijft niet boeiend.

Altijd lezen over iets wat ver van je af staat…

Hugh heeft dan misschien geen spectaculair leven, hij kan je steeds iets nieuws vertellen. Door zijn drinkgedrag is het mogelijk dat hij een nacht in de goot belandt. Of hij doet in een optimistische bui een beschonken poging een buitenlandse te versieren, die hem vervolgens keihard op zijn hoofd mept met een handtas. Na zijn pensioen heeft hij genoeg materiaal voor een memoir getiteld: De koeienboer met een glas Guinness.

…of met je neus bovenop veranderende, herkenbare actie?

Hughs leven zal geen geschiedenis schrijven, maar als je hem op een feestje zou spreken, vertelt hij wel gevarieerd en vermakelijk. Zie jouw verhaal als een feest: jij moet er als schrijver voor zorgen dat je gasten uitnodigt die ervoor zorgen dat je lezers het feest helemaal willen uitzitten.

Heb je hulp nodig om je Mary Sue wat minder extreem te maken? Kijk in mijn webshop: ik kan je helpen met manuscriptredactie.