Hoe geef je je worldbuilding een goede start?

Als je een verhaal hebt waarin de wereld heel anders is dan de vertrouwde omgeving, moet je die aan je lezer verduidelijken. Denk aan werelden waarin fantasiewezens wonen of aan utopieën of dystopieën. Maar als je daarop te prat gaat, verandert je verhaal al snel in een infodump voor het goed en wel begonnen is. Verplaats je echter in je personages en worldbuilding om schrijven gaat als een stuk natuurlijker.

Waarin verschillen onze werelden?

In een verhaal met een bijzondere setting bepaal je wat er voor de personages in de papieren wereld vanzelfsprekend is en wat niet. Je personages zijn er niet om de lezer alles uit te leggen: as you know, Bob is een doodsteek voor een goedlopende tekst. Breng dat eerst goed in kaart. Dat is de eerste stap naar een goede uitleg voor de lezer. Als je weet wat normaal is voor je personages, moet je dat alleen nog duidelijk maken aan de lezer.

Wat is er normaal aan de andere wereld?

Bij ieder verhaal moet je in de eerste pagina’s schetsen wat normaal is. Dat is onderdeel van de verhaalopbouw, de beginsituatie. Maar wat normaal is voor de personages kan abnormaal zijn voor de lezer. De truc is om dan te kijken welke beleving op het moment speelt. Dat kan een universele beleving zijn, zoals iemand die verliefd is, of wat anders in grote lijnen voor te stellen valt. Je hoeft bijvoorbeeld geen oorlog meegemaakt te hebben om te begrijpen dat daar angst bij komt kijken.

Waar je ook voor kiest, zorg ervoor dat die eerste kennismaking met de vreemde wereld niet te veel gaat over alle ellende en de uitgebreide bijbehorende geschiedenis of de onvoorstelbare technische snufjes. Concentreer je vooral op hoe de personages zich voelen in de wereld die voor hen zo normaal is. Dan gaat de overgang naar de actie van het verhaal ook makkelijker. Dat concluderen de laatste regels van deze blogpost.

De doodnormale mens van elders

Zelfs als de wereld van je personages lastig is voor te stellen voor je lezers, kan je die wereld vrij makkelijk introduceren. Als uitgangspunt bedenk je wat je personage in diens relatief kleine individuele leventje beweegt.
Denk aan zaken als:

* een toekomst plannen (de juiste studie kiezen, sparen voor een bruiloft…)
* bedenken hoe je de rekening betaalt in economisch zware tijden
* worstelen met eenzaamheid
* balans vinden tussen werk en privé

Denk hierbij aan een vakantiebestemming. Hoe mooi de tempels, musea, of stranden ook zijn, op weg daarheen kom je altijd nog de lokale bevolking tegen die onderweg is naar het werk of boodschappen doet in de supermarkt. Een voorbeeld is een Amsterdammer die zó voorbij het Anne Frankhuis loopt, zonder foto’s te maken of naar binnen te willen gaan. Het ligt gewoon op de weg naar huis. Dat is een heel andere blik dan die van de vele toeristen die jaren hebben gespaard om het beroemde gebouw van dichtbij te kunnen zien en er misschien ook een selfie bij te maken.

Als je met een worldbuilding begint, probeer dat dan zo veel mogelijk de setting en de regels van de wereld duidelijk te maken vanuit het oogpunt van de Amsterdammer, niet van die van de hippe influencer uit New York, die we Casey zullen noemen. Laten we haar beleving vergelijken met die van de Amsterdamse Johnny en kijken hoe dat effect heeft op de uitwerking van de rest van de worldbuilding.
Johnny wordt geschreven vanuit het perspectief van het personage, Casey is het personage dat voorstelt hoe een lezer net iets te veel expliciet wordt geïntroduceert in je fictieve wereld.

Casus: Casey versus Johnny

In jouw verhaal is er in Amsterdam een heel speciaal congres waar mensen vanuit de hele wereld naar toe komen om het bij te wonen. Een baas van de Big tech kondigt dan een nieuw product aan dat ‘zowel de online wereld als de offline wereld compleet op zijn kop gaat zetten.’

Casey

Na een lange reis heb ik het dan eindelijk gered. Wat heb ik een geluk dat ik een kaartje voor het congres heb gekregen. Duizenden mensen benijden mij erom. En dat is te merken. Amsterdam gonst van de verwachtingen en het enthousiasme. Hoe kan het ook anders? Het gerucht gaat dat vanaf volgend jaar iedereen met behulp van hun sociale media met het nieuwe geheimzinnige product met iedere share-of like automatisch een bijdrage levert aan het bestrijden van kindersterfte, zonder er ook maar moeite voor te hoeven doen. Dat is ook hard nodig: sinds het nieuwe supervirus halen wereldwijd nog maar een op de drie kinderen de vijf jaar, ook in landen met een goede gezondheidszorg. Waar ik ook loop, overal hoor ik het grote woord echoeën congres, congres, congres… Als het ergens kan, is het hier wel, in dit meest moderne gebouw van het land, zo niet van Europa.

Kortom: Casey zorgt voor een infodump

Johnny

De hele stad zit potdicht. Iedereen wil naar dat verdomde congres. Je hoort het woord overal en bovendien wordt Amsterdam nog een extra heldenrol toebedeeld. De stad gebouwd op palen zou voorbestemd zijn om dit probleem uit de wereld te helpen. Ik moet het nog zien. Ondertussen probeer ik me kalm te houden. Het infarct in de metro lijkt alleen maar erger te worden en ik kan maar niet naar het ziekenhuis komen om daar Anita en Leentje op te zoeken. De artsen geven mijn kleine meisje weinig kans. Misschien is er nog hoop als ik me op tijd aanmeld voor het sociale platform waarop onze Big TechGod de grote oplossing voor kindersterfte biedt. Dat Big Tech bedrijf dat nu dat moderne, glazen kasteel iedereen kan hersenspoelen.

In de beleving van Johnny mis je wat meer aan eigenlijke informatie over de wereld, maar weet je wel wat er komen gaat wat betreft het plot, thema of centraal conflict. Dan is het niet mer zo moeilijk om tot de actie van het verhaal over te gaan. En dan komt de verdere uitwerking van je worldbuilding als vanzelf daar weer tusssendoor.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je boek? Kijk dan in mijn webshop voor de mogelijkheden van manuscriptredactie.

Foto door Red Morley Hewitt verkregen via Unsplash.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je boek? Kijk dan in mijn webshop voor de mogelijkheden voor manuscriptredactie.

Drie tips voor het schrijven van worldbuilding

Soms ben je ontzettend creatief en ga je iets geheel nieuws verzinnen. Maar hoe kan je volledig voor God spelen in je nieuw geschapen wereld zonder onrealistisch over te komen?

1 Knoei niet met de basis

Het allerbelangrijkste is dat je de basis van je nieuwe creatie logisch te verklaren blijft. Hierbij maakt het niet uit of je nieuwe wezens, planeten, planten, magische krachten of bestuurssystemen bedenkt.

Bedenk geen nieuwe vis die èn geen vinnen heeft, èn probleemloos op het land kan komen. Het hele idee van een vis is dat beestje met zijn handige zwemhandjes die op land niet kan overleven.
Als je te veel met een de basis van een definitie knoeit, heeft de lezer geen referentiekader meer om op terug te vallen en komt je nieuwe creatie ongeloofwaardig over. Laat dus geen plant midden in de lucht groeien. Hoe moet hij dan wortelschieten?
Bestuurssystemen zonder een regeringsplan (hoe corrupt of oneerlijk ook) gaan ook niet werken. Om te regeren moet je iets van een plan hebben om op terug te vallen.

2 Leg logische verbanden

Als je een nieuw volk of een nieuwe cultuur bedenkt, zorg er dan voor dat de manier waarop hun maatschappij is ingericht aansluit bij hun manier van denken en hun levenswijze. Als je schrijft over een vissersvolkje, laat ze dan dicht bij een meer of een zee wonen. Dat spreekt voor zich, maar zo kun je ook andere logische verbanden leggen. Als deze mensen geloven in een natuurgodsdienst, zullen ze eerder geloven in een oppergod die gebaseerd is op de krachten van de zee, in plaats van op de machten van een uitbarstende vulkaan. Om nieuwe ideeën op te doen, kun je een mindmap maken.

3 Houd je tijdperk in de gaten

Als je je tijdperk hebt bepaald, hou dan rekening met de kennis die de personages in je wereld (kunnen) hebben. Dit geldt voor zowel historische verhalen als verhalen in een verre toekomst. Als je een wereld hebt die wat tijdperk betreft overeenkomt met de Middeleeuwen, kunnen de personages zich letterlijk niet voorstellen dat je kan praten met iemand aan de andere kant van de wereld. Wij kijken van een Skypegesprek naar Australië niet meer op…
Misschien lacht men ons over duizend jaar wel uit met onze ‘moderne’ superstraaljagers. Waarom teleporteer je jezelf niet gewoon? Dan is het idee van een vliegtuig zo achterhaalt dat men het zich nog nauwelijks kan voorstellen, gewoon omdat het zo achterhaald is. (Weet jij hoe je de was moet doen met een wringer?)

Als je een nieuwe wereld creëert zijn dit soort dingen belangrijk om te weten. Ook als er magie in het verhaal voorkomt. Want magie moet grenzen hebben. Als je alles op kan lossen met toverkracht, heb je geen problemen en geen conflict voor je verhaal. Dus wat kan de magie in jouw wereld oplossen? Dan is het handig om te weten hoe die wereld eruit ziet. Als je magische krachten hebt in de Middeleeuwen, wil je eerder magie gebruiken om het glas van de ramen van je huis onbreekbaar te maken. Het is dan nog volstrekt onnodig om een anti-firewall spreuk te bedenken voor je supercomputer.
De postmoderne tovenaar wordt waarschijnlijk niet meer ingehuurd om een toverdrankje te maken om een maagprobleem te verhelpen als we niet eens meer een maag hebben. We zijn inmiddels al zo ver geëvalueerd dat een computerchip ons lichaam draaiende kan houden zonder voedsel…

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Hulp nodig met het controleren van je worldbuilding? Kijk eens in mijn webshop.

Hoe schrijf je logisch over fictieve werelden, wezens en personages?

Realistisch schrijven is essentieel voor een boeiend verhaal. Hoe krijg je dat niet alleen voor een losse scène of voor een specifiek genre, maar altijd voor elkaar?

Het toverwoord voor realistisch schrijven: logisch

Of je nu over een nieuw personage in een alledaagse wereld, een mythe schrijft of met worldbuilding aan de slag gaat: alles kan, zo lang het maar logisch te verklaren is. “Logisch” moet je hier als een breed begrip zien dat op veel dingen kan slaan:

* anatomie;
* biologie;
* geschiedenis;
* psychologie;
* maatschappelijke ontwikkelingen;
* spiritualiteit;
* wetenschap;
* (culturele) overtuigingen

enzovoorts. Als je kunt zeggen: “Dit is X logisch” dan komt je verhaal realistisch over. Bijvoorbeeld: Het is anatomisch logisch dat….Een voorbeeld dat laat zien hoe het niet moet:

De Huppeldepuffervis: als iets onlogisch is

Mijn zelfbedachte Huppeldepuffervis heeft vinnen, drie ogen en een bek op een van de twee hoorns die uit zijn hoofd groeien. Hij zal nooit fans vergaren. Vanwege die rare naam, maar ook omdat hij anatomisch nooit kan kloppen. Zijn bek moet uitmonden in een slokdarm en een maag, anders kan hij niet eten en sterft hij. De substantie van een hoorn sluit niet aan op die van een slokdarm: in een hoorn zitten geen spieren.
Zo is de Huppeldepuffervis dus anatomisch onlogisch.
Als de hoorns uit zijn vinnen of schubben groeien en de bek op de normale plaats zit, kan hij eten en overleven en is hij dus (anatomisch) logisch. Nog altijd niet-bestaand, maar wel logisch. De absolute basis klopt. Als het absolute beginsel van je idee onlogisch is, gaat het ook niet werken in een verhaal.

“Ik snap maar niet hoe dit ooit gaat werken….” Logisch, als dat ook niet kàn.

Een logisch verhaal

Natuurlijk kost een zwijmelverhaal relatief weinig schrijfonderzoek; je gaat geen nieuwe planeten creëren. Toch moet je voor elk verhaal dingen onderzoeken om erachter te komen wat ‘logisch’ is, om zo je verhaal sterker te maken.

Fictieve werelden, culturen of maatschappijen logisch maken

De manier waarop mensen leven, wordt sterk bepaald door hun cultuur.
Wat doen, geloven, kunnen, vinden en willen ze?
Aan welke dingen denk je als ik zeg ‘Cultuur (van land) X?’ Het antwoord geeft belangrijke culturele aspecten weer.
Amerika, bijvoorbeeld. Stel dat je denkt aan:
* het Vrijheidsbeeld –> De Amerikaanse cultuur hecht belang aan vrijheid;
* studiebeurzen voor topsporters –> sport is belangrijk in Amerika;
* grote porties –> eten komt terug in de cultuur van de VS.

Als je je eigen maatschappij maakt, bedenk dan goed hoe de cultuur tot stand komt en hoe zich dat logisch uit. Een ideaal hulpmiddel hiervoor zijn de culturele dimensies van Geert Hofstede.
In deze dimensies worden verschillende culturele aspecten naast elkaar gelegd. Vervolgens wordt verklaard waarom de ene cultuur anders reageert op een situatie dan een andere cultuur.
Deze dimensies zijn: machtsafstand, individualisme vs. collectivisme, masculiniteit vs. femininiteit onzekerheidsvermijding en lange termijn- vs. korte termijn oriëntatie.

Neem individualisme vs collectivisme.
In een individualistisch land is het gedachtegoed: eigenbelang gaat voor dat van de groep, in een collectivistisch land is dat andersom.
Amerika scoort hoog op de individualistische schaal; kijk maar naar de american dream: Ik jaag mijn eigen succes na, ik ben daarvoor zelf verantwoordelijk en ik doe wat mij het beste lijkt. Aziatische landen daarentegen zijn over het algemeen collectivistisch: daar is het groepsgevoel groter en zal je dus niet zo snel iets doen waar anderen het mee oneens zijn of wat de familienaam schaadt. Maar mensen zullen je eerder helpen, omdat het “een voor allen, allen voor een” is, waar een Amerikaan er eerder alles zelf moet rooien.
Als je de dimensies invult tijdens het creëren van je maatschappij, zal je merken dat zaken als het waarom van politieke overtuigingen, gemeenschapszin en het economisch stelsel, zich bijna als vanzelf gaan verklaren of ontvouwen. De uitwerking van je wereld -al komt het leeuwendeel daarvan nooit verder dan je persoonlijke opschrijfboekje– wordt dan geloofwaardig, ook al is het misschien niet vergelijkbaar met een bestaande cultuur.

Historisch logisch

Bedenk wat er in een bepaald tijdperk aanvaardbaar of zelfs maar voorstelbaar (lees: logisch) was.
Kiesrecht was er niet voor Jan-met-de-pet tijdens de Middeleeuwen. Besef dat sommige dingen zo normaal waren dat niemand er zelfs maar vraagtekens bij zette, laat staan ertegen in opstand kwam. Net zoals wij het normaal vinden dat je belastingen betaalt (ik heb het niet over de hoeveelheid belastingen, hè? 😉 ). Misschien krijgen we ooit een totaal ander betaalsysteem dat geld en belastingen een lachertje laat lijken… Praten met iemand die ver weg is? Dat konden de Romeinen zich niet eens voorstellen. Wij vinden videobellen inmiddels doodgewoon.

Als je over een gebeurtenis schrijft die zich in de geschiedenis herhaalt (oorlogen, bepaalde bestuursvormen…) kijk dan goed wat steeds terugkomt in deze scenario’s:
* Een absolute monarchie verliest vroeg of laat de macht vanwege protest van het volk, of het verlies aan materieel dat nodig is het volk in toom te houden;
* Een dictator wint vertrouwen bij het volk door de vijand af te schilderen als minder dan menselijk;
Wijk je van die dingen af, dan voelt het verhaal minder logisch aan.

Psychologisch of sociaal logisch

Een kind dat zijn leven lang is mishandeld, rent niet vrolijk in de armen van zijn nieuwe adoptieouders. Hij zal tijd en therapie nodig hebben om zijn nieuwe verzorgers te leren vertrouwen. Een herstellend alcoholist vindt een verjaardag waarop veel wijn wordt geschonken ongemakkelijk.
Ga je personagebiografie na om te zien wat er psychologisch/sociaal logisch is voor je personage.

Verdrink niet in logica

Op jouw fictieve planeet is de zwaartekracht zes keer zo sterk als hier. Natuurlijk moet je weten wat voor gevolgen dat heeft en wat er vervolgens (niet) kan. Maar je hoeft niet te weten volgens welke formule van de algemene relativiteit de manen van jouw planeet zich bewegen.

“Het is prima als je mijn geliefde in elkaar slaat,” is gewoon raar. Je hoeft geen psycholoog te zijn om dat onlogisch te vinden. Doe onderzoek tot je een basiskennis hebt die logisch is en bepaalde verbanden duidelijk maakt en geniet dan van je nieuwe creaties!

Dreig je alsnog te verdrinken in allerlei ideeën bij het schrijven van je boek? Schakel mij dan in als schrijfcoach.