Rouw wordt vaak gezien als het verdriet wanneer er iemand sterft. Maar rouw kan je ook vanuit een breder persectief bekijken. Als je het ook ziet als het verdriet wanneer er iets doodgaat, kan je daar niet alleen een gebeurtenis in het verhaal, maar ook een verhaalthema van maken. Bovendien kan je met deze inzichten ook veel beeldender schrijven als er inderdaad een sterftgeval aan de orde is.
Rouw is een einde
Als je rouw als verhaalthema wil gebruiken, kan je het in plaats van een sterfgeval zien als het bredere einde van iets. Er is iets geëindigd wat je na aan het hart lag, wat nooit meer terugkomt en waar je veel verdriet om hebt omdát het is geëindigt. Denk dan aan:
- Een relatie
- Je baan
- Vertrouwen in de mensheid na het meemaken van een trauma
Maar het kan ook iets zijn dat naar verhouding veel onschuldigs lijkt, waarvan je zelfs wist dat het ooit een keer ging gebeuren:
- Je kind verlaat de basisschool en jij rouwt om de kindertijd die daarmee ten einde komt
- Je maandenlange wereldreis is ten einde en je moet weer terug naar je oude leven, waar je je niet meer fijn in voelde.
Rouw is (geen) verdriet
Een nuanceverschil tussen verdriet en rouw dat je als schrijver moet kunnen maken is dat rouw voelt als extreem verdriet, maar dat het desondanks niet hetzelfde is. Als je verdriet hebt en dat opkropt, voelt dat niet fijn. Maar je kan wel verder met je leven. Als je personage in de rouw is, heeft dat onherroepelijk gevolgen voor je verhaal. Rouw is verdriet dat zo groot is, het het hele leven van je personage op de kop zet. En als die rouw probeert te ontlopen, komen die onverwerkte emoties vroeg of laat terug. Ik weet niet of dat bij echte mensen zo één op één te stellen is. Maar voor personages gaat die regel wel op.
Rouw is dus verdriet wat je leven in beslag neemt en waardoor personages anders naar de wereld gaan kijken. Als je rouw slechts ziet als een verdrietige fase, dan kan je er nooit een sterk verhaalthema van maken.
Wanneer kan een personage ergens om rouwen?
Als je rouw als overkoepelend begrip vertaald naar: ‘nooit meer…X’, dan ben je een heel eind. Het gaat je personage droevig stellen dat die nooit meer met een overleden geliefde kan praten. Of dat het als alleenstaande ouder nu niemand meer heeft om tijdens het avondeten mee te praten, nu de kinderen uitgevlogen zijn.
Maar daar zit een belangrijk punt in wat rouw onderscheid van verdriet. Het moet jouw personage echt raken. Neem de ouder die rouwt vanwege het lege nest. Een andere ouder zal juist blij zijn dat het huis wat leger is en er meer tijd voor zichzelf is. Geen enkele goede ouder zal uitgesproken blij zijn dat het kind het huis verlaat in de geest van: eindelijk ben ik van dat mormel af. Ook de ouder die het kind liever ziet vertrekken, zal als het moment daar is wel even een traantje wegpinken en zeggen dat de deur voor het avondeten altijd openstaat. Er is even verdriet, maar dan is het daarna ook weer prima.
Dat geldt niet voor de ouder die rouwt. En daarom is het ook belangrijk dat je als schrijver inziet dat er niet zoiets bestaat als ‘rouwen om iets kleins.’ Als er iets is waar je personages rouwgevoelens bij heeft, maakt dat niet uit of er iemand overleden, een kind de school verlaat, of er een dorp verandert. Rouw is rouw. Dat is de opstap om van rouw een echt te maken.
Rouw als verhaalthema: terugkerende emotionele blokkade
Als je rouwt, neemt dat alles in beslag. Je tijd, energie, aandacht, gedachten en emoties. Er blijft nauwelijks iets anders over in je leven. En het voelt ook tijdelijk alsof dat verdriet nooit meer over gaat. Met andere woorden: in rouw zit je muurvast. Muurvast over het idee dat je niet verder kan met iets wat nooit meer zal zijn. Vertaal dat naar een aantal basiselementen in een boek en je krijgt:
- Het centrale conflict is je door iets heen worstelen dat onmogelijk lijkt
- Het rouwen is alom aanwezig en lijkt te pas en te onpas op te duiken: het wordt een thema dat misschien zelfs het personage opmerkt.
- De kernemotie voor je verhaal is al bepaald.
Hierin zie je dat rouw als centraal conflict een bepaalde structuur met zich mee moet brengen. Net als ieder ander centraal conflict betekent dat dus: ups and downs. Daarin kan je mooi laten zien dat rouw ook in golfbewegingen kan gaan. En iedere keer weer andere uitdagingen met zich mee brengt, net als je denkt ervan af te zijn.
Om ervoor te zorgen dat het thema niet te veel over alleen je personage en de rouw gaat, laat je andere personages zien die op een soortgelijke manier moeite hebben om te groeien, of vastzitten in een bepaald verdriet. Daarover schrijf ik in de volgende blogpost wat uitgebreider. Maar daarmee schrijf je als vanzelf wat meer over de kernemotie van rouw en de onderliggende emoties en spanningen die daarbij komen kijken.
Zorg ervoor dat andere personages ook met onverwerkt verdriet en/of rouw te maken hebben, maar dan op een manier die niet symbolisch duidelijk hetzelfde is als dat waarmee jouw hoofdpersoon te maken heeft. Dan ligt het er te dik bovenop dat je van rouw een thema wil maken. Maar zoals je weet, is rouw niet alleen behouden aan het sterven van een geliefde. Het gaat over lastige emoties die doorleeft moeten worden, zodat het spreekwoordelijke en letterlijke verhaal verder kan. En daar voor moet je tot op zekere hoogte rauw schrijven. Durf je dat niet, dan kan je rouw beter uit je verhaal verwijderen. Het is een van de makkelijkste manieren om je lezer te irriteren. Als je over serieuze zaken en emoties schrijft, dan moet je ervoor zorgen dat je emoties die je daarmee bij de lezer oproept ook serieus neemt.
Wil je hulp bij het schrijven van je boek? Schakel mij dan in voor manuscriptredactie.
Foto door Marcus Ganahl verkregen via Unsplash
