Er zijn verhalen en personages die zoveel naars meemaken, dat het vanzelfsprekend is dat je lezer hoopt dat er betere tijden wachten. Als vanzelf wekt dat ook een zekere mate van medelijden op. Maar in hoeverre moet je dat medelijden nastreven en kan dat eigenlijk wel zonder de structuur van je boek te schaden?
De lezer aan het huilen maken door medelijden
Er zijn genoeg voorbeelden van verhalen die erop mikken om de lezer vroeg of laat te laten huilen. Denk aan de tranentrekker romance of het cliché doodzieke kind. Die mikken op medelijden, maar dat soort is er een die je boek niet per se memorabel maakt. Je lezer aan het huilen maken vanwege een overvloed aan ellende of medelijden zijn twee verschillende dingen.
Voordat je begint met schrijven en een meelijwekkend onderwerp aansnijdt, moet je een antwoord hebben op de volgende vraag:
Wat moet dit droevige verhaal nog meer opwekken dan alleen medelijden en verdriet?
Als je daar geen echt antwoord op hebt, dan is de kans heel groot dat je boek eerder gefoceerd dan mooi gevonden wordt.
Een kijk naar het woord medelijden
Medelijden is mede-lijden. Met ander mee lijden. Als je die emotie wil opwekken, moet je er dus voor zorgen dat je lezer grofweg net zo veel pijn heeft als de personages die de nare omstandigheden ondergaan. En daar liggen je grote uitdagingen:
- Je kan nooit écht afdwingen hoe iemand zich voelt, vanwege persoonlijke geschiedenis en karakter
- Als medelijden je hoofddoel is, gaat dat vaak ten koste van het plot
- Een kernemotie is iets wat een lezer kan voelen, maar het past niet in een drie-aktenstuctuur.
Emoties afdwingen werkt niet
Als je iets afschuwelijks overkomt, zoals het overlijden van een kind, is dat natuurlijk iets dat je heel diep raakt. Maar drie mensen die een kind verliezen, kunnen daar op drie manieren op reageren. Jouw personage zou gerust iets kunnen vinden of doen dat de lezer in kwestie vreselijk vindt. Denk aan de gedachte: hoe kun je nu al verder gaan met je leven versus: ik ben het aan de nagedachtenis van mijn kind verschuldigd om niet weg te kwijnen. Beide beredeneringen zijn op hun eigen manier oprecht en redelijk. Als jij het een zou doen, zal het andere niet met de lezer resoneren.
Medelijden als plot
Een plot heeft een rode draad, maar ook een spanningsboog en subplots. Dat betekent dat de momenten waarop de lezer medelijden voor het personage kan voelen, moet afzwakken op of op de achtergrond moet verdwijnen om een plot, met bijbehorende spanningsboog en subplots over te houden. Als je continu bezig bent met medelijden op te wekken, dan gaat het meer over een feitelijke situatie die maar door blijft gaan, dan dat het een verhaal met ontwikkeling is.
Medelijden ontwikkelt zich niet
Een goed verhaal ontwikkelt zich aan de hand van een bepaald patroon. De drie-aktenstructuur is daar een voorbeeld van. Er moeten bepaalde obstakels komen en dingen veranderen. Een emotie kan die ontwikkeling niet zelfstandig doorlopen. Je kan niet beslissen je van medelijden los te weken zoals je dat doet bij het verlaten van de comfortzone. Dat moeten eigenlijke gebeurtenissen zijn. Maar hiermee zijn we al wel wat dichterbij de uitgangspunten die je wel kan gebruiken als je wil dat de lezer medelijden voelt voor de situatie van je personages.
Medelijden als een tegenstander
Wat wel helpt om medelijden te schetsen is om het te beschouwen als een soort combinatie van een belangrijk verhaalthema als een slechterik of tegenstander in vlees en bloed.
Wat het thema betreft, is dat uitwerken niet veel anders dan anders: belicht er meerdere kanten van, laat meerdere personages het ervaren en er op verschillende manieren mee omgaan. Om dat niet alsnog heel geforceerd op te schrijven, maak je gebruik van sfeeromschrijvingen. Vergeet ook zeker de zintuigelijke omschrijvingen niet. Als een emotie op een moment alles overheersend is, doet dat veel goed. Als het gesprek tussen personges vanwege een emotie lastig wordt, of dat nu medelijden of iets anders is, kan show don’t speak ook de nodige spanning geven aan de dialogen.
Wat betreft de tegenstander in vlees en bloed:
Schrijf momenten op waarop medelijden in het boek kan verschijnen. Probeer het een gezicht te geven, net als een personage met een eigen personagebiografie. Op welke momenten zoekt dit ‘personage’ ruzie met je held, welke wapens zet het dan in? Welk doel heeft dit medelijden? Wil het de held emotioneel vloeren? Wil het je personage (tastbare) zaken afpakken? Als je dit duidelijk op papier krijgt, is de emotie waartegen je personage vecht concreet genoeg om een drie-aktenstructuur rondom op te bouwen. Enkele voorbeelden:
- In het inciting incident duikt het medelijden voor het eerst op: de veroorzaker van het medelijden komt in beeld
- als de bedenking probeert het personage te ontkennen dat die er verdriet van heeft
- Als eerste clue moet je personage ertegen vechten.
Enzovoorts. Wees erop alert dat je de drie-aktenstructuur niet invult met medelijden als basis. Dat moet nog altijd het algemene verhaal of de heldenreis betreffen. Maar je kan het schema wel gebruiken om te kijken of welk moment in het verhaal, of welke beat in het schema het overweldigende lijden van het personage goed tot zijn recht komt door het dan even centraal te stellen of zichtbaar te maken.
De theorie van deze blogpost kan je op meerdere emoties toepassen, maar bij medelijden is er een extra voorzichtigheid geboden. Als personages in zelfmedelijden vast komen te zitten, geldt dat ook voor je plot. Onthoud dat je personage altijd wil groeien. En dat is lastig voor een personage die het voor zichzelf goedpraat dat het geen kant op kan. Dan krijg je een koppig personage of een valse held. En dan krijg je iets dat misschien nog wel erger is dan geforceerd medelijden: een verhaal dat het einde niet haalt omdat compleet vastloopt. Medelijden is niet alleen een emotie om bij te huilen, maar ook een die wrok op kan roepen bij degene die erbij betrokken is. Vergeet dat niet.
Heb je hulp nodig bij het schrijven van je boek? Schakel mij dan in voor manuscriptredactie.
Foto door OLHA ZAIKA via Unsplash.
