Drie tips voor het schrijven van worldbuilding

Soms ben je ontzettend creatief en ga je iets geheel nieuws verzinnen. Maar hoe kan je volledig voor God spelen in je nieuw geschapen wereld zonder onrealistisch over te komen?

1 Knoei niet met de basis

Het allerbelangrijkste is dat je de basis van je nieuwe creatie logisch te verklaren blijft. Hierbij maakt het niet uit of je nieuwe wezens, planeten, planten, magische krachten of bestuurssystemen bedenkt.

Bedenk geen nieuwe vis die èn geen vinnen heeft, èn probleemloos op het land kan komen. Het hele idee van een vis is dat beestje met zijn handige zwemhandjes die op land niet kan overleven.
Als je te veel met een de basis van een definitie knoeit, heeft de lezer geen referentiekader meer om op terug te vallen en komt je nieuwe creatie ongeloofwaardig over. Laat dus geen plant midden in de lucht groeien. Hoe moet hij dan wortelschieten?
Bestuurssystemen zonder een regeringsplan (hoe corrupt of oneerlijk ook) gaan ook niet werken. Om te regeren moet je iets van een plan hebben om op terug te vallen.

2 Leg logische verbanden

Als je een nieuw volk of een nieuwe cultuur bedenkt, zorg er dan voor dat de manier waarop hun maatschappij is ingericht aansluit bij hun manier van denken en hun levenswijze. Als je schrijft over een vissersvolkje, laat ze dan dicht bij een meer of een zee wonen. Dat spreekt voor zich, maar zo kun je ook andere logische verbanden leggen. Als deze mensen geloven in een natuurgodsdienst, zullen ze eerder geloven in een oppergod die gebaseerd is op de krachten van de zee, in plaats van op de machten van een uitbarstende vulkaan. Om nieuwe ideeën op te doen, kun je een mindmap maken.

3 Houd je tijdperk in de gaten

Als je je tijdperk hebt bepaald, hou dan rekening met de kennis die de personages in je wereld (kunnen) hebben. Dit geldt voor zowel historische verhalen als verhalen in een verre toekomst. Als je een wereld hebt die wat tijdperk betreft overeenkomt met de Middeleeuwen, kunnen de personages zich letterlijk niet voorstellen dat je kan praten met iemand aan de andere kant van de wereld. Wij kijken van een Skypegesprek naar Australië niet meer op…
Misschien lacht men ons over duizend jaar wel uit met onze ‘moderne’ superstraaljagers. Waarom teleporteer je jezelf niet gewoon? Dan is het idee van een vliegtuig zo achterhaalt dat men het zich nog nauwelijks kan voorstellen, gewoon omdat het zo achterhaald is. (Weet jij hoe je de was moet doen met een wringer?)

Als je een nieuwe wereld creëert zijn dit soort dingen belangrijk om te weten. Ook als er magie in het verhaal voorkomt. Want magie moet grenzen hebben. Als je alles op kan lossen met toverkracht, heb je geen problemen en geen conflict voor je verhaal. Dus wat kan de magie in jouw wereld oplossen? Dan is het handig om te weten hoe die wereld eruit ziet. Als je magische krachten hebt in de Middeleeuwen, wil je eerder magie gebruiken om het glas van de ramen van je huis onbreekbaar te maken. Het is dan nog volstrekt onnodig om een anti-firewall spreuk te bedenken voor je supercomputer.
De postmoderne tovenaar wordt waarschijnlijk niet meer ingehuurd om een toverdrankje te maken om een maagprobleem te verhelpen als we niet eens meer een maag hebben. We zijn inmiddels al zo ver geëvalueerd dat een computerchip ons lichaam draaiende kan houden zonder voedsel…

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Hulp nodig met het controleren van je worldbuilding? Kijk eens in mijn webshop.

Vijf punten waaraan je een sexy lamp herkent

Niet elk personage hoeft even boeiend te zijn. Maar als je het vrij letterlijk kan vervangen door een levenloos object, gaat er toch iets mis. Als dit bij een vrouwelijk personage gebeurt, wordt ze vaak een zogenoemde ‘sexy lamp’. Hoe herken je dit interessante meubelstuk, maar deze oninteressante vrouw?

1 Ze is mooi. Punt

Een sexy lamp is mooi, zodat ze de held van het verhaal kan motiveren om op zijn heldenreis te gaan. Denk aan de koene ridder en zijn schone jonkvrouw die in de laatste alinea van het verhaal nog even snel gekust wordt. In dit soort verhalen krijg je zelden meer te weten over de dame dan dat ze mooi is.  Meestal is het een hele toer om achter meer dan die ene eigenschap te komen. Als je zou vragen: “Wat is dat personage voor iemand?”  zou je meestal als antwoord krijgen: “Ze is mooi,” met een denkbeeldige onuitgesproken punt erachter. Dat is de eerste en belangrijkste rode vlag.

2 Ze is inwisselbaar met een levenloos erotisch voorwerp

De term sexy lamp is gebaseerd op een lamp in de vorm van een vrouwenbeen gestoken in een netkous met een hoge hak. Als je de vrouw kunt inruilen voor een levenloos voorwerp waar de man evengoed zijn pleziertjes uit kan halen, moet je op gaan passen.

3 Ze is de beloning van de man

Zoals je misschien al hebt kunnen raden, bestaat de sexy lamp omdat ze de beloning is voor de heldendaden van de man. Soms is dat zoals de jonkvrouw uit de eerste tip, die letterlijk niet eens spreekt. Zo extreem is het niet altijd. Maar een sexy lamp die wel praat, zal het vrijwel zeker alleen over de heldhaftige man hebben. Zo wordt het belang van de man en haar rol als zijn beloning nog meer benadrukt.

4 Ze voegt nooit iets toe aan het plot

Het is duidelijk dat de sexy lamp een redelijk hersenloze vrouw is. Daardoor zal ze nooit iets toevoegen aan het plot. Ze zal nooit met een goed idee komen en ze heeft geen eigenbelangen om naar te handelen. Ze heeft geen eigen leven, dus wil nooit iets…  Ze is er gewoon voor die kus van de ridder. Verder is ze nergens goed voor. Dat brengt ons bij haar laatste kenmerk.

5 Als ze niet mooi was, was ze uit het verhaal geschrapt

Als de sexy lamp niet sexy was geweest, was ze niet in het verhaal voorgekomen. Neem de levenloze lamp als voorbeeld. Als jij een mooie lamp in een huis ziet staan, denk je misschien even: “Goh, wat een mooie lamp.” Maar meteen daarna ga je verder met je leven. Die lamp zal waarschijnlijk na die ene terloopse opmerking niet meer in het verhaal terugkomen. Als die lamp niets bijzonders was, was hij het vermelden niet waard geweest. Voor de sexy lamp vrouw is dat niet anders.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Laat mij alsjeblieft die Sexy Lamp uit je verhaal schrappen. 😉 Schakel mij in voor manuscriptredactie als je hulp nodig hebt met schrijven.

Schrijf in vier stappen je persoonlijke standpunt

Elk verhaal heeft een centraal conflict, een verhaalthema en een hoofdpersonage. Hoe gebruik je die om je persoonlijke standpunt mee duidelijk te maken?

1 Bepaal een boeiend conflict

Alles waar je personage in een verhaal mee worstelt, wordt een conflict genoemd. Als je als schrijver een standpunt duidelijk wilt maken, is het conflict meestal groter van aard dan alleen een burenruzie over een schutting. Het is dan niet meer iets wat een personage toevallig overkomt, maar iets waar veel mensen grote problemen mee ervaren. Geef je personage echt iets om voor te vechten, in plaats van alleen een probleem dat opgelost moet worden. Denk aan:

* emancipatie;
* gelijkheid van ras;
* veilig uit de kast kunnen komen;
* in opstand komen tegen een maatregel van een regering;
* toegeven slachtoffer te zijn van emotioneel/seksueel/ fysiek geweld;
* verslavingsproblematiek.

2 Plaats het conflict in context

Zodra je het conflict hebt bepaald, bedenk dan in welke plaats of tijdperk dat het best tot zijn recht komt. Onderwijs voor meisjes is in Nederland zo vanzelfsprekend dat het hier geen conflict kan vormen. In grote delen van de wereld is dat nog wel een probleem. Laat dit conflict dus in bijvoorbeeld in Congo afspelen, niet in Nederland. Hou er rekening mee dat je dan veel onderzoek moet doen naar de Congolese cultuur en het onderwijssysteem aldaar. Als je het over emancipatie in Nederland wil hebben, kan dat nog steeds. Maar dan zal je het eerder over de salariskloof tussen mannen en vrouwen moeten hebben dan over onderwijs.

3 Je personage als relschopper

Je personage is persoonlijk betrokken bij het conflict. Maar je personage heeft net als echte mensen karaktertrekken. Ga na welke manier van relschoppen bij je personage past.
Een homoseksuele jongeman in Saoedi-Arabië heeft zware straffen op zijn seksuele oriëntatie staan. Als hij dapper is, zal hij ondergronds in opstand komen en illegale pro-homo boodschappen proberen te verspreiden onder de bevolking. Als hij minder moed heeft, zal hij misschien alleen in het geheim zijn geliefde ontmoeten. Dat laatste klinkt niet zo heldhaftig als het eerste, maar dat maakt niet uit. Het gaat erom dat er iets op het spel blijft staan. Zolang je personage tegen de gevestigde orde ingaat en er iets te verliezen valt, is hij een relschopper.
Als je nog geen personage hebt bedacht, kun je hem aan de hand van je conflict schrijven. Kwam je personage vóór je conflict in beeld, bedenk dan goed wat voor manier van protesteren bij hem past.  

4 Conflict, context en personage combineren

Als laatste stap combineer je de eerste drie factoren:

* Bepaal een boeiend conflict dat aanleiding geeft tot relschoppen;
* Maak de context zo realistisch en interessant mogelijk voor de context (tijdperk en plaats) van je conflict;
* Zorg dat je personage op zijn unieke manier een relschopper wordt en jouw persoonlijke boodschap uit kan dragen.

De kloof tussen arm en rijk kan bijvoorbeeld aan de kaak worden gesteld in de late 19e eeuw, toen niemand (van de rijken) zich daar druk om maakte. Een jong meisje van goede afkomst zet daar vraagtekens bij. Niet alleen komt ze tegen dat ze arme mensen als minderwaardig moet beschouwen, als vrouw heeft ze sowieso weinig te zeggen. Als ze onverschrokken is, steelt ze openlijk geld uit haar vaders beurs en geeft ze dat aan de arme families. Als ze voorzichtiger is, pikt ze af en toe broodjes die de familiebediende bakt en smokkelt ze die naar de plaatselijke arme schoenmaker.  

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online en gedeeltelijk in dit nummer van Schrijven Online magazine.

Toch nog coaching nodig na het lezen van deze tip? Kijk eens in mijn webshop.

Zo wordt jouw expositie superspannend: drie aandachtspunten bij het schrijven van expositie

Soms wordt er informatie gegeven in een verhaal op een manier die niet natuurlijk voelt. Het laat de lezer denken: “Moet ik daar nou echt zó achter komen?” Hallo, slechte expositie! Op wat voor manieren komt informatie geven geforceerd over? En belangrijker nog: hoe kun je dat voorkomen?

1 Gebruik een aanloop

Slechte expositie is vaak het omgekeerde van show don’t tell. In plaats van iets te laten beleven, wordt het gortdroog beschreven. Dan gaat het spannende en/of de lol eraf en wordt het moment bedorven.

Een goed voorbeeld van hoe je dat kunt voorkomen is een zwangerschapsaankondiging. Die heeft altijd wel een bepaalde inleiding: “Nee sorry, ik ben volgend jaar niet fit genoeg om mee te gaan rondtrekken in de wildernis. Mijn voeten zullen dan te gezwollen zijn om nog veel te kunnen lopen…” Of in een dramatischer scenario: “Pap, beloof me dat je Mario niet aan gaat vallen, maar…”
Dan gaat de lezer (en soms ook een ander personage) uiteindelijk vanzelf conclusies trekken. “Hoezo? O, wacht eens even… Ze is zwanger!”

Een vrouw zegt uit het niets: “Ik ben zwanger.” Letterlijker wordt show don’t tell niet. Je moet (zo)iets niet plompverloren zeggen. Bij een zwangerschapsaankondiging in het echte leven zal de vrouw het niet zo willekeurig zeggen. Ze zal hints geven, aarzelen, haar blijdschap proberen te verbergen… Belangrijke informatie heeft (sfeer)opbouw, uitleg en context nodig. Let daar dus op tijdens het schrijven. Je hoeft niet elke keer dat je informatie bekend maakt grote aanlopen te nemen, want dat kan vermoeiend worden. De onthulling moet in verhouding staan met de informatie die je geeft. Maak de onthulling niet overdreven als dat niet nodig is.

Let ook op het gebruik van clichés: “Ik moet je iets vertellen…” “Wat ik nou toch heb gehoord…”
De deur stond op een kier en er sijpelde een plas bloed de gang op. Het is een gok, maar geen schok meer als dan blijkt dat er iemand is vermoord.

2 Vermijd ‘de verklaarder’

De verklaarder is een personage dat alles aan andere personages uitlegt, en de lezer daarmee berooft van de belevenis van het verhaal.
De verklaarder zegt tegen zijn toehoorder: “De oorlog wordt erger en de mensen worden bang. Ik sprak de buurman gisteren en hij zei dat hij overweegt het land uit te vluchten.” Nu zegt dat personage dat de oorlog heftig is, maar als lezer merk je dat niet. De verklaarder is dus eigenlijk een ‘tell’ met handen en voeten. 

In plaats daarvan kun je dezelfde scène zo schrijven: de buurman komt het personage haastig een laatste hand geven. Hij heeft zijn wereldse bezittingen in een koffertje gepropt en achter hem ontploft een bom… Dan wordt de lezer het verhaal pas echt ingezogen.  

3 Gebruik geen brief

De brief is zo’n standaardinstrument uit de trukendoos van expositie dat hij zijn eigen kopje verdiend. Hij is uitzonderlijk clichégevoelig. De nooit geopende en vergeelde liefdesbrief gaat de familiegeschiedenis veranderen, het gesealde document gaat een testuitslag bekend maken… Probeer waar je kan de brief te vermijden als expositievoorwerp, tenzij je er een creatieve draai aan kan geven. Een envelop waar een uitnodiging voor een bruiloft in zit? Misschien staat er in de binnenkant van de envelop wel een boodschap van een gijzelnemer in gekrabbeld…

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Wil je eventuele expositiefoutjes opspeuren met een professional? Schakel mij in voor manuscriptredactie.

Drie extra en exclusieve tips om een Mary Sue te vermijden

Je personage moet interessant zijn. Een bekende valkuil is dat je dan een overdreven perfect personage schrijft en daarmee een Mary Sue schrijft. Ik schreef al eerder wat een Mary Sue is. En ik gaf hier ook al puntsgewijze tips over haar. Maar hier zijn er nog drie extra, die je alleen op de blog van verhaal en taal kan vinden. Bedankt voor het bezoeken van mijn blog! 😊

1 Zorg dat gebreken en kwaliteiten in balans zijn

Iedereen kan bedenken dat tien goede eigenschappen tegenover nul vervelende eigenschappen niet realistisch is. Maar het gaat niet eens zozeer om het aantal goede of slechte eigenschappen die een personage heeft, maar hoe ze elkaar balanceren.

Neem Assepoester: mooi, slank en een goede danseres. Het moment dat ze het paleis binnenkomt, heeft ze een hoog Mary Sue-gehalte. De prins valt onmiddellijk in katzwijn, meteen volgt een romantische dans en dan blijkt dat die twee voor elkaar gemaakt zijn. Vergeet ook niet dat het hele koninkrijk wijkt voor Assepoester als de Rode Zee voor Moses als ze haar entree maakt. Dit is niet echt herkenbaar voor de lezer: hoe vaak wijkt de hele nachtclub voor je en word je met open mond aangestaard als je in je mooiste topje een avondje gaat stappen?

Nu krijgt Assepoester een gebrek: ze is praatziek. Dan heb je nog steeds drie goede eigenschappen tegenover één gebrek. Maar dat ene gebrek staat het perfecte prinsessenbeeld wel in de weg. Die wals is niet echt romantisch meer als Assepoes maar door blijft praten over de vogels in haar achtertuin. Dan hoeft het bal niet per se slecht af te lopen voor haar, maar dat overdreven perfecte randje is dan wel verdwenen. Ongemakkelijke momenten tijdens de dans, of misschien wel een blauwtje lopen? Dat is niet meer perfect. En dus ook herkenbaarder voor je lezer.

Niet alles op het bal van Assepoester hoeft perfect te gaan 😉

2 Draai hyperbolen om

Bijna alle kwaliteiten van de gemiddelde Mary Sue zijn kwaliteiten waaraan een vrouw idealiter zou moeten voldoen (slim, slank, mooi, onzelfzuchtig, zacht, gul, zorgzaam, aardig, bescheiden en getalenteerd). Mary Sue is vaak een hyperbool van vrouwelijke waarden. Daardoor legt ze de lat van ‘een goede vrouw zijn’ ondoenlijk hoog voor je lezeressen. Zij kunnen dan vervolgens denken: “Zij is de perfecte vrouw, en ik zal dat nooit voor elkaar krijgen.” Hierdoor is de kans groot dat je verhaal wordt weggelegd.
Je kan dit vermijden door de gebreken van jouw vrouwelijke personage de tegenhanger van zo’n vrouwelijke norm te maken. Geef haar eens een grote mond of maak haar niet moeders mooiste .

3 Mijd de moraalridder

Mary Sue heeft vanwege haar overdreven goede karakter nogal eens de neiging om te gaan preken over allerlei goede zaken. “Doe jij géén vrijwilligerswerk voor het kattenasiel en de Cliniclowns? Maar iedereen met een goed hart doet dat toch?”
Als je merkt dat je personage een voorstander is van een goed doel of zich ergens voor inzet, bekijk dan goed of dat iets toevoegt aan het verhaal. Als dat niet zo is, kun je het er beter uithalen. Anders maak je je personage geen heldin, maar een irritante moraalridder.

Wil je echt zeker weten dat je geen Mary Sue hebt geschreven? Kijk dan in mijn webshop en schakel me in voor manuscriptredactie.

Met deze drie tips is overdadig omschrijven verleden tijd

Het lijkt een goed idee om flink te omschrijven. Zo laat je blijken dat je een grote woordenschat en een goed beeld hebt van hetgeen je beschrijft. Maar dit kan tegen je werken en de verbeelding van je lezer blokkeren. Met deze tips schrijf je zowel boeiend als beeldend.

1 Beperk je bijvoeglijke naamwoorden

Omschrijvingen hebben als doel dat je de verbeelding van de lezer aanroept en uitdaagt zelf verder aan de slag te gaan. Hierna wordt de lezer verder in het verhaal gezogen.
Jan kocht niet zomaar een auto, maar een nieuwe, dure, auto.  
Dit voorbeeld werkt: De lezer kan net als Jan wegdromen bij de luxe auto. Dat had niet gekund als Jan ‘gewoon’ een auto had gekocht. Het had net zo goed een tweedehands rammelbakje van Marktplaats kunnen zijn.
Maar omschrijvingen, met name bijvoeglijke naamwoorden, kunnen gevaarlijk zijn voor beeldend en interessant taalgebruik. Een voorbeeld: Het is zacht, lichtbruin, romig, rechthoekig, zoet en goedkoop. Melkchocolade! Logisch toch? Nou, nee. Want ik heb het zo uitgebreid omschreven dat je waarschijnlijk bezig was om al die puzzelstukjes op zijn plaats te krijgen. Je was een raadsel op aan het lossen, niet je iets aan het voorstellen.
Zelfs als ik vooraf had gezegd dat het chocolade was geweest, was het vervelend geweest om te lezen. Daarover meer in de volgende tip.
De volgende vuistregel is nuttig: beschrijf met maximaal twee bijvoeglijke naamwoorden (heel soms is drie ook nog oké, maar meer dan dat echt niet). Als je opmerkt dat je er meer gebruikt hebt, schrap dan de minst belangrijke.

2 Laat de verbeelding van de lezer het meeste werk doen

Niet alleen veel bijvoeglijke naamwoorden, maar ook overdadige omschrijvingen in het algemeen zetten de verbeelding van de lezer op slot en maken de leeservaring heel traag. Bijvoorbeeld: De kamer heeft bruine meubels, een koekoeksklok, haakkleedjes op de tafel, versleten stoelen en een houtkachel. Het tapijt is versleten en vergeeld en de lucht ziet blauw van de sigarettenrook.
Deze omschrijving bevat maar liefst dertig woorden. Gaan we nog naar het plot of blijven we het halve verhaal in deze kamer rondkijken…?

Een ouderwets ingericht huis met een bejaarde bewoonster. Zo kan het ook. Deze omschrijving is wat mager. Maar als je het bij de haakkleedjes en de bruine meubels houdt, komt het beeld ook al voldoende over. Dan laat je het aan de lezer over of er al dan niet een koekoeksklok in de kamer is of dat de kamer vol rooklucht hangt. Als de lezer zijn fantasie kan of moet gebruiken, levert dat een prettigere leeservaring op.

3 Spreid je beschrijvingen

Laten we de woonkamer van de vorige tip nog eens bekijken. Je hebt de haakkleedjes en de meubels genoemd. Maar het is voor het verhaal misschien belangrijk dat de lezer weet dat er een kettingrookster in het huis woont. Dan hoef je alsnog niet over de blauwe lucht en het vergeelde tapijt te schrijven. In plaats daarvan zou je de eigenaresse bijna kunnen laten stikken in een hardnekkige rokershoest zodra ze de kamer binnenkomt. Dan raadt de lezer alsnog dat sigaretten niet ongewoon zijn in dit huis. Zo blijf je ook niet tot vervelends toe in de omschrijving van de kamer hangen. Spreid je omschrijvingen waar je kan over meerdere objecten, personen, omstandigheden en plaatsen in je verhaal.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Kill your darlings: vier tips voor als je tegen je wil moet schrappen

Soms moet je dingen schrappen als je schrijft. Dat hoort erbij, maar als je iets moet schrappen waar je trots op bent, wordt het lastiger. Hoe doe je dat erg moeilijke ´kill your darlings´?

Wat is kill your darlings?

Kill your darlings betekent dat je vanwege het woordenaantal, de vaart van het verhaal of om een andere reden iets moet schrappen waar je trots op bent. Datgene wat je liever niet wil schrappen, is je darling. Een scène, een personage, een afzonderlijke zin… Omdat jij als het ware fan bent van je darling, heb je een blinde vlek eromheen ontwikkeld. Hierdoor kan je niet helemaal neutraal naar je tekst kijken. Meestal wijzen je proeflezers je op je darling, omdat ze zich eraan storen dat iets te veel van het goede is.

1 Ga na waarom je fan bent van je darling

Je bent vaak onbewust fan van je darling omdat die persoonlijke waarden weerspiegelt: “Natuurlijk is de hobby van de beste vriend reizen. En dat blijft zo: ik ben zelf in meer dan honderd landen geweest.”
Het komt ook vaak voor dat een citaat of een personage uit het dagelijks leven komt. Het is iets dat je nauw aan het hart ligt: “Deze wijze raad heb ik van mijn opa. Dat citaat gaat er dus mooi niet uit.”
“Het uiterlijk van deze fictieve vrouw is vrijwel hetzelfde als dat van mijn prachtige vriendin. En dus ga ik haar niet minder mooi maken omdat de proeflezers haar onrealistisch mooi vinden. Zij begrijpen het gewoon verkeerd!”

2 Kijk of het een tikje minder kan

Als we de mooie vrouw als voorbeeld nemen, zou je het volgende kunnen doen: stel dat ze mooie lippen, ogen, borsten, benen en een mooie stem heeft. Wat aan je vriendin vind je het meest aantrekkelijk? Als het haar stem en lippen zijn, maak haar andere lichamelijke kenmerken dan wat minder bijzonder. Dan blijft ze nog steeds gedeeltelijk jouw prachtige geliefde, maar dan komt ze niet meer als onrealistisch mooi over. (Ook al weet jij wel degelijk beter en is jouw wederhelft wel degelijk de mooiste dame van de hele wereld.)

3 Spreid waar je kan

Je kan als klimaatbewust persoon over een milieuactivist schrijven. Maar moet hij eigenhandig de regenwouden opnieuw helpen beplanten, het windmolenpark beheren en al het plastic uit de oceaan halen?
Je kan ook schrijven over een trio van vrienden die zich elk om één van deze doelen bekommeren. Dan schrijf je ook een toontje lager. Als je over verschillende personages spreidt, werkt dat in je voordeel. Drie sterk uitgewerkte personages werken beter dan eentje die te geforceerd is.

4 Verwijder je darling nooit volledig

Als je uiteindelijk een darling moet schrappen, zorg dan dat je de geschrapte tekst in een apart documentje bewaart. Je bent niet voor niets ‘fan’ van dit personage, citaat of deze scène. Tenzij je geen fan, maar een regelrechte bakvis bent, kun je ervan uitgaan dat je darling wel degelijk een bepaalde waarde voor je verhaal heeft. Misschien kun je een gedeelte van je darling ergens anders in het verhaal alsnog kwijt.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Als je het te lastig vindt om je darlings te killen, kan ik je helpen met de eerste stappen. Kijk daarvoor in mijn webshop.

Herken de vier signalen van de irritant perfecte vrouw

In het echt bestaat ze niet. Maar in (romantische) films en boeken kun je niet om haar heen. Iedereen kent haar: beeldschoon, slim, gul, onzelfzuchtig, lief, grenzeloos getalenteerd, maagdelijk onschuldig en populair… Deze vrouw heeft zelfs een naam om haar als cliché te kunnen aanduiden: Mary Sue. Leer haar herkennen en voorkom zo dat je haar schrijft.

1 Te mooi om waar te zijn

In zowel innerlijk als uiterlijk is Mary Sue te mooi om waar te zijn. Ga haar kenmerken nog maar eens na. Een echt persoon heeft nooit al deze karaktertrekken. Denk aan een bewonderenswaardig persoon die je kent. Die heeft een aantal van deze karaktertrekken, maar niet allemaal. Sowieso heeft diegene iets dat Mary Sue niet heeft: tekortkomingen.

2 Ongelooflijk populair

Populaire mensen staan in de belangstelling. Maar die belangstelling vervaagt als die persoon weer naar huis gaat, of het roddelblad is uitgelezen. Mary Sue blijft altijd het onderwerp van gesprek. Iedereen wil continu weten wat ze doet, bij haar in de buurt zijn en iedereen is het altijd met haar eens. Ze is letterlijk ongelooflijk populair. Een lezer zal met zijn ogen rollen als hij ziet hoe iedereen met haar wegloopt. Mary Sue doet nooit iets fout en heeft geen tekortkomingen. Mocht je die haar hebben gegeven, dan wuiven andere personages dat gewoon weg. Eventuele fouten van Mary Sue hebben nooit een verder gevolg.

3 In alles overdrijven

Gewoon aardig zijn is niet genoeg voor Mary Sue. Ze geeft niet alleen gratis bijles aan haar nichtje. Dat doen sommige stervelingen ten slotte ook wel eens.
Mary Sue offert haar studie en sociale leven volledig op om continu bij haar doodzieke buurjongetje in de buurt te kunnen zijn. Ook al heeft het kind ouders. Dat geeft niet. Dan helpt Mary Sue de ouders wel door het huis elke dag van boven tot onder te poesten en boodschappen te doen. Als het maart is, doet ze ook meteen de belastingaangifte. Je moet er immers zijn voor je medemens… En als er een zwerfkat zijn pootje breekt, snelt ze naar de dierenarts en is ze nog dagen van streek door dat vreselijke ongeval. Kortom: Mary Sue overdrijft al haar positieve karaktereigenschappen tot de macht tien. Als je in haar in het echte leven zou tegenkomen, verwacht je ergens een addertje onder het gras. Iemand kan niet zó geweldig zijn.

4 Mary Sue blokkeert plotontwikkeling

Wat weten we inmiddels van Mary Sue?
* Ze is perfect in alles wat ze doet;
* Ze maakt nooit fouten;
* Iedereen in het verhaal maakt zich altijd alleen maar druk om wat zij doet;
* Iedereen is het altijd met haar eens.

Zie je dat dat de opbouw van een verhaal blokkeert? In een perfect wereldje waar nooit iets fout gaat of fouten worden gemaakt, ontstaat er geen centraal conflict. En als iedereen Mary Sue altijd alleen maar ophemelt, is een ‘gewone ruzie’ ook uit te sluiten. Je kan Mary Sue een tegenstander geven. Als iedereen die tegenstander óók tegenwerkt, kun je niet echt van een conflict spreken.
“Jij bent tegen Mary Sue, foei! Dat wordt gestraft met een opsluiting.”
De rechter staat aan de kant van Mary Sue (het hele universum spant immers in haar voordeel samen) waardoor er nooit een eerlijk proces komt. En geen proces betekent: geen conflict.
Geef je personage tekortkomingen en ze is al snel Mary Sue af. Maak die tekortkoming dan wel iets wat echt in haar nadeel werkt. Niet: “Ik vloek, maar alleen in mijn hoofd. Hardop zou té erg zijn.”

Wat voorbeelden:
* maak haar dom, zodat ze knullige fouten maakt;
* laat haar werken voor haar talent, in plaats van dat cadeau te geven;
* geef haar een paar controversiële standpunten die tegenstand uitlokken bij anderen.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online

Heb je hulp nodig om je perfectie vrouw iets minder perfect te maken? Schakel mij in voor manuscriptredactie.

In vijf stappen regieaanwijzingen perfect balanceren

Hoe zorg je met regieaanwijzingen dat je personages een goede stem krijgen?
Een regieaanwijzing verwijst naar hoe je personages bepaalde acties uitvoert. Als je ze goed gebruikt, zullen je personages en je verhaal een heel eigen toon krijgen.

1 Wat is een regieaanwijzing?

Een regieaanwijzing geeft aan hoe je personage iets doet. Neem zeggen. Dat is neutraal en zegt vrij weinig over de intensiteit. Maar je kan niet alleen iets zeggen. Je kan ook fluisteren, sissen, schreeuwen, kreunen, hakkelen, stotteren, mompelen….

2 Bepaal de lat voor je aanwijzing

Als je je personage luid wil laten spreken, kun je meerdere woorden gebruiken: roepen, schreeuwen, blaffen, bulderen… Regieaanwijzingen brengen een bepaalde intensiteit met zich mee. Roepen is minder heftig dan schreeuwen. Krijsen wordt al snel geassocieerd met een hysterische vrouw. Leg de regieaanwijzing die je wil gebruiken eerst eens naast een tienpuntschaal. Wat past bij de situatie? Je gaat niet schreeuwen als je iemand vraagt de tafel te dekken…

3 Je regieaanwijzing en je personage

Zodra je een passende regieaanwijzing hebt gevonden schrijf je hem op. Je kan een regieaanwijzing gebruiken om een karaktertrek te weerspiegelen. Als je een verlegen personage hebt, kan je hem bijvoorbeeld net iets vaker laten hakkelen dan andere personages dat doen.

4 Overdrijf het niet!

Een valkuil van regieaanwijzingen is om ze te vaak te gebruiken. Een verhaal wordt op den duur doodvermoeiend als je om de paar regels een regieaanwijzing moet lezen. Zo nu en dan moet je ze gebruiken om te voorkomen dat je tekst droog wordt. Als je ze veel gebruikt, werkt het echter alleen maar averechts. Ga goed na of de regieaanwijzing op dat moment echt meerwaarde heeft. Moet je personage echt sprinten? Of heeft hij niet zoveel haast en kan hij gewoon lopen?

5 Test de regieaanwijzing zelf uit

Je kunt makkelijk uitproberen of je te veel of de juiste regieaanwijzingen gebruikt.
Beeld je scène uit als in een toneelstuk en film het. Zorg ervoor dat er geen twijfel over bestaat welke regieaanwijzing er in de geschreven tekst staat. Met andere woorden: ga heel overdreven fluisteren, rennen, schransen, mijmeren…
Als je de opname terugkijkt en ziet dat je wel heel vaak van de ene in de andere ‘actie’ valt, gebruik je te veel regieaanwijzingen. Dan kun je je personage beter een keer in stilte laten denken in plaats van duidelijk te laten piekeren. Je kan ook merken dat het een andere regieaanwijzing beter past, omdat de schaal niet klopt. Moet er wel iets zichtbaar zijn, maar moet het net een tikje minder intensief, of juist nog wat heftiger?

Je kan natuurlijk ook vragen of andere mensen feedback willen geven als je jouw korte toneelstukje opvoert. Maar dan is het wel verstandig om even een uitleg en waarschuwing te geven 😉.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Wil je iemand laten controleren of de regieaanwijzingen nog in balans zijn? Dat kan ik doen. Kijk in mijn webshop.

In medias res: met deze drie controlepunten boeit je verhaal onmiddellijk

In medias res is de techniek waarmee je je verhaal niet bij het chronologische begin laat starten. Dat betekent onmiddellijke actie. Hoe zorg je ervoor dat die actie aanslaat, in plaats van verwarring zaait?

1 Controleer je verhaalopbouw

In medias res klinkt ingewikkeld, maar het betekent niet meer dan dat je verhaal niet bij het chronologische begin start. In medias res kan dus een aantrekkelijke techniek zijn om je verhaal spectaculair te mee te openen. Toch werkt dat niet altijd. Als je een verhaal met veel subplots, flashbacks en interpersoonlijke relaties hebt, wordt het heel ingewikkeld om na in medias res nog een prettig leesbare tekst te krijgen. Kijk dus eerst of je verhaal wel geschikt is voor in medias res.

2 Bepaal je spectaculaire scoop

Als je besluit in medias res te gebruiken, moet je met actie of drama beginnen. Drama of Actie met een hoofdletter. Dus als iemand gewond raakt, breek dan geen benen. Je personage kan beter bijna doodbloeden, fikse ademnood krijgen, spontaan op straat bevallen terwijl de vader niet in beeld is…
Zo denkt de lezer: Wauw! Hier is van alles aan de hand. Dat wekt veel vragen op:
* Hoezo bloedt ze bijna dood? Is ze ernstig ziek? Waarom komt ze dan op straat? Heeft ze vijanden? Hoe erg moet dat zijn dat ze zo goed als wordt vermoord?
* Een alleenstaande moeder die op straat weeën krijgt en geen geliefde kan bereiken moet wel erg eenzaam zijn…
Hoe kan dat zover gekomen zijn? Hier wil ik meer van weten…

Goed zo, nu heb je de interesse van je lezer! En als je dan een heel boek bezig bent om al die mysteries op te lossen waar de lezer nieuwsgierig naar blijft… Dan heb je een goed boek geschreven.

3 Geef de juiste informatie in je scoop

Stel dat je een achtervolging inzet als in medias res. Dan moet je duidelijk maken dat er een achtervolging plaatsvindt, maar ook dat er iets aan de hand is. Maar pas op dat je daarin niet te veel verklapt: “Ik zit in de auto, Harry! De politie zit achter me aan, maar ik heb wel mooi een miljoen meegenomen…” belt de dief naar zijn handlanger.
Dan timmer je dicht dat het om een bankoverval gaat. Als je dat nog even achterhoudt, kan de lezer nog even denken dat het om een onopgeloste ruzie binnen een maffiosifamilie gaat. Dan hou je het spannend en gaat de inzet van in medias res beter werken. Op die manier ontvouwt de spannende informatie zich langzaam maar zeker en blijft de lezer langer geboeid.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je een goede scoop? Ik kan het voor je nakijken: kijk eens in mijn webshop.