Ben ik een getalenteerde schrijver?

Als je graag en veel schrijft, komt vroeg of laat de vraag: “Ben ik getalenteerd genoeg om een schrijver te zijn?” Laten we die vraag zo goed en eerlijk mogelijk proberen te beantwoorden.

Bepaal je eigen definitie van getalenteerd

Als eerst moet je bij jezelf nagaan wat jouw persoonlijke definitie is van ‘getalenteerd genoeg’ en die van ‘schrijver zijn’. Je kan het al voldoende vinden om een verhaal af te maken en te kunnen uitgeven in eigen beheer. Dat is een heel ander doel dan te hoogwaardige literatuur te willen schrijven en over honderd jaar nog geciteerd te worden.

Schrijftalent en boeken: verschil in niveau

Niet elk boek dat wordt uitgegeven is even goed. Anders zou de Nobelprijs voor literatuur aan elk gepubliceerd boek worden gegeven en zijn waarde verliezen.
Maar het goede nieuws is dat niet elk boek even goed hoeft te zijn, en daarmee geldt hetzelfde voor schrijvers. Waar de ene lezer een boek pakt om heerlijk te ontspannen en nergens aan te hoeven denken, leest iemand anders om intellectueel uitgedaagd te worden. Zo kun je verhalen opdelen in ‘moeilijkheidsgraden’. Daar zijn grofweg drie ‘niveau’s’ van. Laten we boeken over of met erotiek erin als voorbeeld nemen.

De makkelijkste boeken zijn de bouquetromans. Een steenrijke Joe Sixpack valt voor een vrouw en ze vormen razendsnel een perfect koppel, omdat de seks fantastisch is. In deze verhalen komen geen echte conflicten in voor, eerder ruzies die snel opgelost worden. Even voor de afwisseling op de keukentafel in plaats van in bed en de ruzie is bijgelegd en de passie teruggekeerd. Iemand die de tortelduifjes dwarszit wordt zonder echte gevolgen uit hun leven gebonjourd. Alles bij elkaar spendeert het verhaal het overgrote deel aan geflirt, vleselijk verlangen en erotiek. De personages hebben vaak geen diepgaande personagebiografie. Als ze die al hebben, worden die eerder in een aantal zinnen verteld dan gedoseerd over het verhaal verspreid.
Deze boeken horen makkelijk leesbaar te zijn. Daardoor zijn ze ook relatief makkelijk te schrijven. (Verstand op nul en zoek de spannendste kamer uit 😉 ) Iedereen die denkt te kunnen schrijven, kan waarschijnlijk een makkelijk verhaal voltooien.

Bouquetromans: je hoeft ze niet gelezen te hebben om ze te (her)kennen. Het zijn, met andere woorden, makkelijke verhalen. Afbeelding: uitgeverij Harlequin

Het volgende niveau in het rijtje: de zwijmelroman, waarin er een echt conflict voorkomt. Je leert de personages wat beter kennen door hun opbloeiende romance. Ze duiken niet meteen (en alleen maar) in bed. Het koppel krijgt ook met een conflict te maken dat meer vergt om op te lossen dan alleen naar de vijand te schreeuwen dat hij moet opdonderen. Ze moeten hun relatie onder ogen zien en hun verwachtingen kunnen en willen bijstellen. Hun normen, waarden en levensgeschiedenis gaan een grotere rol spelen in hun beslissingen. En oké, uiteindelijk zullen ze samen douchen, maar dat is niet het belangrijkste punt in het verhaal.
Om deze verhalen goed te kunnen schrijven, moet je op zijn minst een aantal basistechnieken kennen. En meer oefenen met schrijven en tijd in je onderzoek steken.

Literatuur heeft een hoge lat. Hierin hersenspoelt het ene personage het andere door het seksueel te verleiden. Zo wordt het slachtoffer gedwongen om deel te nemen aan een massamoord.
Weet je hoe je iemand zodanig moet hersenspoelen dat diegene het oké vindt om in ruil voor seks meerdere moorden te plegen? (en hoe hersenspoeling sowieso werkt?) Veel onderzoek, heel stevige personagebiografieën, en subtiel maar ook duidelijk kunnen spelen met woorden, motieven, plottwists, en nog veel andere dingen zijn essentieel om zulke verhalen goed te kunnen schrijven.

Vertrouw eerst op je werk, kijk dan pas naar talent

Bedenk eerst op welk ‘niveau’ je kan en wil schrijven als het ‘vraagstuk talent’ in je opkomt. Als je al een maatstaf wil of zelfs kan hebben, dan moet het dáár beginnen. Meten met twee of verkeerde maten is niet goed voor je creatieve proces. Als je niet eens durft te schrijven omdat je teveel met het resultaat (lees: ‘ben ik goed genoeg?’) bezig bent… Veel mensen lopen daar vast. “Het lukt me toch niet een bestseller te schrijven, dus waarom zou ik het proberen?” Veel mensen willen schrijven, maar durven (en doen het daardoor!) niet. Voordat je getalenteerd in iets kan zijn, moet je het vertrouwen hebben dat je het überhaupt kan doen. Als je beginnende schrijver bent, komt schrijven zelf eerst, dan het resultaat.

Starten met schrijven is belangrijker dan het meteen geweldig doen.

Schrijven is subjectief

Als je serieuze schrijversambities hebt, moet je één ding onthouden: goed schrijven is subjectief. Wat één redacteur (zoals ik, kijk eens mijn webshop; ik redigeer graag voor je!) of uitgever geweldig vindt, vindt de ander oninteressant. Maar deze mensen kunnen wel inschatten hoe getalenteerd je bent: het is hun vak om professioneel naar een tekst te kijken. Laat ze dus wat van je schrijfstukken lezen. Of doe mee aan schrijfwedstrijden. Maar laat niet te veel afhangen van de uitslag. Verliezen maakt je geen mislukte schrijver en winnen maakt je niet automatisch een nieuwe Harry Mulisch.

De enige echte houvast: feedback verwerken

Je kan niet zeggen: Ik kan een verhaal afmaken/ ik beheers een tiental schrijftechnieken/ ik kan een origineel verhaal bedenken, dus ik ben een getalenteerde schrijver.
Als je een serieuze schrijfcarrière ambieert, is er één ding wat je per definitie kan maken of breken: het kunnen en willen verwerken van feedback. Want daaruit blijkt dat:
* je bereid bent mee te werken met (de wensen van) een uitgever;
* je weet hoe je verhaal in elkaar steekt. Wat kan je al dan niet veranderen zonder dat het verhaal in elkaar stort?
* je inzicht hebt in creatief schrijven; je kan bijvoorbeeld niet alleen een infodump identificeren, maar ook verbeteren;
* je jouw verhaal de wereld insturen belangrijker vindt dan het idee dat je jezelf schrijver kan noemen.

Vooral de laatste twee punten zijn belangrijk. Er zijn getalenteerde schrijvers die met een geweldig manuscript bij een uitgever binnenkomen. Maar halverwege valt alles alsnog stil omdat ze de feedback niet kunnen of willen verwerken.

Self-publishing: uitgeven in eigen beheer

Als je jezelf officieel schrijver wil kunnen noemen, kun je self-publishing proberen. Wat houdt het in, wat zijn de voor- en nadelen en wanneer is het iets voor jou?

Wat is self-publishing?

Self-publishing houdt in dat je een uitgever hebt, maar zelf voor vrijwel alles moet zorgen:

* de opmaak van de tekst;
* controle en verbetering van spelling en grammatica;
* foto’s voor de cover en van je portret;
* de promotie van je boek.

Zelfstandig een boek uitgeven is niet veel meer dan een uitgever zoeken die zorgt voor het drukwerk, het ontwerp van het omslag en een ISBN- nummer, waarmee je een officiële auteur wordt en als zodanig bij het Centraal Boekhuis ingeschreven staat.

Printing on demand

Omdat self-publishing zo toegankelijk is, komen er veel manuscripten binnen bij dit soort uitgevers. Het is dan niet rendabel meer om honderden of duizenden exemplaren te drukken. Daarom werkt men met ‘printing on demand’: er wordt pas een exemplaar van een boek gedrukt zodra het is besteld. Zo komt de uitgever niet met onverkochte exemplaren te zitten en lopen ze vrijwel geen financieel risico.

Zelf je boek promoten

Als je in eigen beheer uitgeeft, zal je zelf je promotie moeten doen. Wees dus voorbereid om veel tijd te besteden aan sociale media, lokale kranten om een interview te vragen en niet te bescheiden te zijn als je de kans krijgt je boek aan de man te brengen. De uitgever zal de mogelijkheid bieden om bijvoorbeeld visitekaartjes en posters voor je boek in te kopen, maar daar komen dan wel extra kosten bij.

Levert self-publishing iets op?

Als auteur van een roman bij welke uitgever dan ook, staat (in Nederland) je salaris -oftewel je royalties- wettelijk vast. Je krijgt 10% van de verkoopprijs per verkocht exemplaar. In de praktijk komt dat neer op ergens tussen 1,40 en 1,90. Je zal dus eerder geld inleveren, als je de kosten van promotiemateriaal nog mee moet rekenen.

Is self-publishing iets voor mij?

Self-publishing is een fantastische en laagdrempelige eerste mogelijkheid om van het schrijverschap te proeven. Als je je verhaal graag professioneel gedrukt wil hebben en wil ervaren hoe je met het promoten omgaat, is het perfect.
Self-publishing gaat heel makkelijk: zolang je geen aanstootgevende teksten schrijft, is de kans vrij klein dat je manuscript wordt afgewezen.
Als je echt professioneel wil uitgeven en grote ambities hebt, ben je bij deze uitgevers niet aan het goede adres. Vanwege de eerdergenoemde zelfstandigheid die de uitgever van je verwacht, maar juist ook omdat deze manier van uitgeven erg laagdrempelig is geworden.

Schrijver versus auteur

Je bent een schrijver als je een verhaal van A tot Z kan afmaken en dat laat drukken. Je bent een auteur als je kwalitatief goed werk levert, naar een professionele uitgever gaat en een noemenswaardig lezerspubliek weet te trekken. Een schrijver is de amateur, waar de auteur professioneel is.

Deze vergelijking maak ik even om de nadelen van self-publishing te kunnen schetsen.

De reactie van je naasten als schrijver

Meestal zijn de (proef)lezers van een schrijver diens naaste omgeving. Die mensen vinden het idee van een boek schrijven al heel knap. Zij hebben het goed met je voor, maar kunnen meestal geen professionele blik werpen op je werk.
Ik spreek uit eigen ervaring. Ik gaf mijn eerste roman uit toen ik zestien was. Iedereen vond het een geweldig interessant verhaal: “Jouw boek is echt heel interessant en boeiend, dit moet naar een uitgever.”

Het verhaal was redelijk. Maar de stortvloed aan infodump, tell, regieaanwijzingen en slechte opmaak waren dat zeker niet. Voor een eerste poging op die leeftijd deed ik het redelijk. Maar een professionele uitgever had het meteen weggelegd. (Dat doe ik nu zelfs. De tekst leest voor mij nu alsof ik Rembrandt ben die naar zijn peutertekeningen kijkt. Ik ben sindsdien veel gegroeid als schrijfster 😉 )

Geniet van het gevoel nu een schrijver te zijn; een eerste finishlijn is gehaald!

Nadelen van self-publishing

Hoewel niet altijd, zijn verhalen van uitgevers in eigen beheer regelmatig in romanvorm gegoten levensverhalen. De schrijver heeft tegen kanker gevochten, de wereld rondgetrokken of een kind verloren. Het kan fijn zijn iets van je af te schrijven en dat verhaal aan andere mensen te kunnen geven. Toch schrijven deze mensen eerder iets op in verhaalvorm, dan dat ze daadwerkelijk een kwalitatieve roman leveren. Daar is op zich niets mis mee, maar als je serieuze ambities hebt, moet je een paar dingen weten over self-publishing.

Je krijgt geen feedback

Je krijgt geen redacteur als je uitgeeft in eigen beheer. Dat betekent dus ook dat niemand je werk inhoudelijk professioneel na zal kijken. (Dat kan ik voor je doen. Kijk eens in mijn webshop.) Schrijf je met onnodige expositie of is de beste vriend van je hoofdpersoon een blije Magic pixie? De uitgever zal het je niet vertellen. Self-publishing laat je dus niet groeien als schrijver.

Je wordt niet beroemd

Tenzij je eigenhandig tienduizenden mensen persoonlijk weet te bereiken, zal je niet beroemd worden. Zelfstandig promotiewerk doen levert niet genoeg op om een serieuze naam te maken.

Je ego kan een onterechte boost krijgen

Je hebt een boek uitgegeven in eigen beheer. Gaaf! Nu ben je officieel een schrijver. Net als nog honderdduizenden (!) andere mensen in Nederland. Tja… Ondanks dat je jezelf officieel een auteur kan noemen als je uitgeeft in eigen beheer, zegt dat niet veel. Want hoeveel van die honderdduizenden schrijvers ken jij bij naam? Misschien ben je echt getalenteerd, maar zie dat zelfstandig uitgegeven boek niet als bewijs.

Self-publishing is helaas geen verkorte weg naar erkenning in de schrijverswereld.

Sowieso moet er je als schrijver waken dat je ego niet te groot wordt. Ook als je getalenteerd bent, moet je je ego kunnen parkeren. Want als je uiteindelijk bij een professionele uitgever terecht komt, moet je open kunnen staan voor feedback van de redacteur. Je zal fouten maken, hoe getalenteerd je ook bent. Maar dat geeft niet. Niemand is perfect. Of wilde je soms zeggen dat jij een Mary Sue of Joe Sixpack bent die uit papieren bladzijdes is opgestegen? 😉