Save the cat – een prettig verhaaltempo

Save the cat is een vast patroon voor de opbouw van een verhaal. Het is een fijne houvast om te controleren of er nog vaart in je verhaal zit.

Save the cat: verhaalopbouw in drie akten

Save the cat gaat uit van drie delen van het verhaal. Het begin, midden en eind.
Elk deel heeft zijn elementen die gezamenlijk voor een prettige verhaalopbouw zorgen.

Het schema van save the cat volgens Blake Snyder.

Het save the cat schema

Bekijk het schema van save the cat. Zie je dat:
* het verhaal een begin, midden en een eind heeft?
* het verhaal heeft meerdere ‘clues’ heeft?
* de verhaallijn in eenzelfde tempo verloopt en pas na de climax snel vertraagt?

Als je verhaal vaart verliest, pak het schema er dan eens bij. Mis je een tussenstap? Gaat een element zo lang door dat de lijn niet meer contant loopt, maar er een piek of een dal in het tempo komt?

De eerste akte in save the cat

De 5W1H in Save the cat

Hier introduceer je je personage en je verhaal. De 5W1H is hier een goede houvast voor.
* Wie? Over wie gaat het?
* Wat? Wat is er aan de hand?
* Waar speelt het zich af?
* Wanneer speelt het zich af?
* Waarom? Waarom doet een personage wat het doet/ is de wereld zoals hij is?
* Hoe? Hoe zie je dat?

De feiten van je verhaal

De wie, waar en wanneer zijn droge feiten: Mientje de bakkersdochter, een plattelandsdorpje in de jaren dertig. Dat is de allereerste stap: de introductie.
De wat, hoe en waarom zijn de elementen die een verhaal beloven. Dit zijn de dingen waar je de lezer mee boeit. Daarom zijn ze bij het allereerste begin belangrijker dan de wie, waar en wanneer.
Het ‘inciting incident’ geeft aan dat er iets in het dagelijks leven niet klopt of prettig is.

Wat? Mientje moet trouwen met een boerenzoon;
Waarom? Omdat de bakkerij failliet dreigt te gaan;
Hoe? Vader zit met zijn handen in het haar en moet op de ingrediënten sparen of de knecht ontslaan.

De actie van je verhaal

Dan komt ‘second thoughts’: is je personage tevreden met de gang van zaken? Kan dit altijd zo doorgaan? Dat antwoord is altijd nee, waardoor een centraal conflict ontstaat.
Nee: Mientje wil niet met de boerenzoon trouwen, maar met de slagerszoon;
Nee: Luilekkerland blijft niet hemels als er een plotselinge hongersnood dreigt.

De tweede akte in save the cat: de heldenreis

De tweede akte van save the cat is simpel gezegd de heldenreis van je hoofdpersonage, met het bijbehorende vallen en opstaan. De tweede clue in het schema is een opvallende gebeurtenis, maar daarvóór moet je personage al uitdagingen krijgen.
Een soldaat die wordt opgeroepen gaat eerst naar een trainingskamp. Daar zal hij de nodige fouten maken voordat hij het slagveld betreedt. Een opvallende gebeurtenis tijdens de training bepaalt welke positie hij in het slagveld krijgt. Dat is de tweede clue. De derde clue is de start van de beslissende veldslag, waar de actie het spannendst is en er het meest op het spel staat.

De derde akte in save the cat: climax en afbouw

De derde akte start met het grootste conflict, de spannendste gebeurtenis waar het verhaal naar toewerkt. In de aanloop hiernaar mag je uitpakken met een extra scheutje drama of actie.

Zodra de climax is geweest, stopt het verhaal nog niet. Stel dat je schrijft:
* Mientje en de slagerszoon trouwden;
* Toen ontplofte de bom en waren alle soldaten dood.
Dat is erg abrupt. Stel dat je een kleuter Assepoester voorleest en stopt met: “En Assepoester en de prins trouwden.” Dan zegt het kind vast: “En toen?” Er kan immers nog van alles gebeuren: de stiefmoeder kan terugkomen, de goede fee tovert nog een koetsentuin, Assepoester wordt moeder…

Laten we het stapsgewijze einde toepassen:
Assepoester trouwde met de prins. Dat is het inzetten van het einde. Ze hoefde nooit meer vervelende klusjes te doen (obstakel) en de prins was lief voor haar (wrap up). En ze leefden nog lang en gelukkig (einde). Bij sprookjes is dit redelijk duidelijk. Hoe zit het met andere verhalen?

Obstakel: laat je personage terugkijken op het centrale conflict/ de andere obstakels.
* Wat heeft het moeten doorstaan?
* Wat heeft het verloren?
* Wat heeft het opgeleverd?
* Hoe is het gegroeid?

Hou het beknopt! Je lezer hoeft niet nog eens je hele boek te lezen.

Als je lezer dit al weet, is een samenvatting van een paar alinea’s voldoende. Start dan geen compleet nieuwe hoofdstukken…

Mientje keek naar de nu verlaten bakkerszaak en voelde een steek in haar hart toen ze besefte dat haar vader nooit meer de oven zou aansteken.

Wrap up: Na alles wat er gebeurd is, gaat het verhaal zus en zo verder.
Het boek eindigt niet waar je verhaal ook eindigt. Ooit moet je boek stoppen, om het verhaal niet langdradig te maken. “Ze leefden nog lang en gelukkig” is een samenvatting van tientallen jaren in een zin gestopt. Al die jaren van een gelukkig huwelijk heeft geen meerwaarde voor het eigenlijke verhaal. Maar het geeft wel aan in welke sfeer het verhaal verder gaat.
Mientje keek naar haar bolle buik. Als ze een zoon kreeg, zou hij naar zijn grootvader worden genoemd. (Mientje sticht haar gezin en houdt haar vaders nagedachtenis in ere.)
Het einde: een afsluitende gedachte. Hier komen je eigen schrijversinzicht en creativiteit aan te pas. Kijk wat voor jou goed voelt.

Save the cat: lees om toe te passen

Logischerwijs heeft een verhaal een begin, midden en een eind. Maar zie je ook wat er steevast in dat begin, midden of eind gebeurt? Wil je save the cat goed toepassen, dan moet je veel lezen. Dan merk je waarom bepaalde boeken minder vlot lezen. Komt het verhaal niet op gang? Dan is de eerste akte waarschijnlijk te lang. Is het einde te abrupt? Dan mist het misschien de wrap-up.
Expositie is ook belangrijk in save the cat. Lees hier mijn voorbeeld over de wolf van Roodkapje. Geef je genoeg duidelijke hints aan de lezer?

Ik schreef een serie waarin ik elk punt van save-the-cat uitgebreid toelichtte. Die kan je hier lezen.

Ik ben dol op katten: als er een in nood is, red ik die graag 😉 Schakel mij in voor manuscriptredactie om jouw structuur eens goed te controleren.

Het centraal conflict: de heldenreis van een verhaal

Elk verhaal heeft een hoofdpersonage, ook wel de held genoemd. Net als een echte superheld moet je protagonist een conflict oplossen. Maar hoe schrijf je een heldenreis als er geen supercape in je verhaal voorkomt?

Superman: de makkelijkste heldenreis ooit

Om te begrijpen wat een held een held maakt, gaan we eerst eens kijken naar wie dat eigenlijk niet zijn: traditionele superhelden. Zij vertonen namelijk veel gelijkenissen met een man die een magic pixie dream girl als partner heeft. Alleen hebben Superman en co geen vrouw, maar laserogen. De superkracht neemt alle èchte conflicten weg. Even een potje knokken, mensen redden en voilà, het conflict is opgelost. Maar… was er eigenlijk wel een conflict? Meestal is er bij een superheld eerder sprake van een probleem.

Superman vindt zichzelf eigenlijk veel te makkelijk de stoere held

Probleem versus conflict in een verhaal

Stel dat je de tafel wil dekken, maar er een grote doos met breekbaar goed op tafel staat. Nu kun je de borden niet op tafel zetten en heb je een probleem. De oplossing ligt echter voor de hand en kost geen tot weinig moeite: je tilt de doos gewoon van de tafel af.
Maar nu staat diezelfde doos op tafel en heb je beide armen in een mitella. Nu heb je een conflict, want dit is niet zo makkelijk op te lossen. Je moet je creativiteit aanspreken en ergens serieuze moeite voor doen. De oplossing en hoe die tot stand komt, is iets waar je later over kan vertellen (of schrijven… 😉 ). Vooral omdat een conflict nog iets anders met zich meebrengt: een onbehaaglijk gevoel. Je zal nu als stoere bodybuilder moeten toegeven dat jouw perfecte lijf nog steeds gebreken kan hebben. Ga er maar aanstaan, macho, nu moet je een deuk in je ego zien te herstellen.
Is er een overbezorgde moeder die haar kinderen alle zorgen uit handen wil nemen? Nu moet ze vragen of de kinderen een keer iets voor háár doen…

Als een overbezorgde moeder aan dit plaatje gewend is, ontstaat er een conflict als daar iets aan verandert.

Voorwaarden voor een interessant narratief conflict

Als je een interessant conflict wil schrijven, moet het aan de volgende voorwaarden voldoen:

* Je personage wordt uit zijn comfortzone gehaald.
* De nieuwe situatie is voor je personage ongemakkelijk, gevaarlijk, naar of eng.
* Je personage heeft iets te verliezen.
* De omstandigheden dwingen je personage om het conflict zelf aan te gaan.

Nu zie je waarom superhelden zelden een conflict hebben: voor hen gaan niet alle punten op. Ja, Superman kan doodgaan, maar met zijn superkrachten wordt die kans wel erg verkleind. Zodanig zelfs dat de dreiging te klein is om nog bang voor te zijn. En gevaarlijke situaties zijn zo ongeveer de comfortzone van mensen met superkracht…

Van conflict naar heldenreis in een verhaal

Een conflict dat moet uitgroeien tot de heldenreis is sterk afhankelijk van je verhaalthema, maar nog meer van je personage zelf. Kijk nog eens naar de voorwaarden van een conflict. Steeds staat het personage centraal. Dat is ergens ook logisch.
Neem het voorbeeld van een toespraak houden: Malala Yousafzai doet dat zonder zenuwen en strooit de ene parel na de andere de zaal in. Maar voor veel mensen betekent publiekelijk spreken dat er plankenkoorts overwonnen moet worden. Het ligt dus helemaal aan je personage wat een conflict vormt en wat een probleem is. Om erachter te komen wat er speelt, moet je je personagebiografie raadplegen.

Voorwaarden van een goede heldenreis in een verhaal

Zodra je een conflict hebt bepaald, kan je de heldenreis in elkaar gaan zetten. Die heeft ook een aantal belangrijke voorwaarden:

* Allereerst en het belangrijkst: je personage moet het conflict zélf aangaan;
* Je personage doet meerdere pogingen doen om zijn doel te bereiken (lees: hij faalt minstens één keer);
* Het doel uiteindelijke doel is altijd: groeien als persoon. Soms weet het personage dat, soms niet.

Het groeiproces van je personage

Je personage moet dus groeien door zijn heldenreis. Maar wat betekent groeien precies? Je kan het samenvatten als: alles waarvan hij een beter mens wordt en/of iets van leert. Denk aan dingen als:
* minder egoïstisch worden;
* (betere) relaties aan kunnen gaan;
* uit een dal klimmen;
* inzichten krijgen;
* leren vergeven;
* zingeving vinden;
* zelfvertrouwen krijgen;
* een gezondere relatie hebben met geld of gezondheid;
* nieuwe vaardigheden leren.
enzovoort, enzovoort.

Dat groeien is geen finishlijn. Sterker nog: juist gedurende het verhaal zal je personage groeien. Maar op het einde van de heldenreis kan je personage (of kunnen andere betrokkenen) zien wat dat groeiproces teweeggebracht heeft.

Held of lafaard?

Het proces van de heldenreis is nu duidelijk, waarmee ik hoop dat het ook duidelijk is dat er maar een ding is dat de held onderscheidt van de lafaard. De held is niet degene die superkrachten heeft en de lafaard is niet Jan-met-de-pet met een saaie kantoorbaan. De held is degene die na het vallen weer opstaat en bereid is om te groeien, ondanks alle worstelingen en risico’s. De lafaard is de persoon die zijn problemen niet aangaat, zijn problemen aan ander overlaat of na één keer vallen niet meer opstaat.
Malala roept onmiddellijk het woord ‘heldin’ op. Ze is daar het schoolvoorbeeld van omdat ze eindeloos vaak de ‘conflictvoorwaarden’ heeft doorstaan. Ze heeft dat wereldpodium dubbel en dwars verdiend (lees: ze heeft het niet zomaar gekregen).

Wie zijn echte helden?

Niet alleen uitzonderlijke mensen als Malala zijn helden. Je vindt ze verrassend vaak ook dichter bij huis. Kijk maar eens om je heen naar je vrienden, familie en geliefden. Wie bewonder je? Het antwoord op die vraag geeft je een voorbeeld van een echte held. Bewonderen is namelijk een groot woord en als iemand dat woord verdient, durf ik er gif op in te nemen dat de persoon waar je nu aan denkt hindernissen heeft overwonnen, iets heeft opgeofferd… na het vallen keer op keer weer is opgestaan.
Daarom zijn perfecte personages als Mary Sue en Joe Sixpack niet interessant: hun wereld is zo perfect dat er nooit een conflict op gang komt. Lezers willen zichzelf of hun helden uit het echte leven terug zien in verhalen. En in goede verhalen is het altijd knokken. Niet met een supercape en stalen spieren, maar net als in het echte leven om te groeien en een beter mens te worden.

Schrijf je in jouw boek over een conflict, of toch meer over een probleem? Schakel mij in voor manuscriptredactie en ik help je het beste conflict voor je verhaal en je personage duidelijk te krijgen.

Foreshadowing: zo schrijf je een geheim dat je hele boek verklapt

Foreshadowing is het geven van een belangrijke hint over een grote onthulling. Alleen is die hint zo groot dat er van een verrassende onthulling weinig overblijft. De lezer zal dan eerder geïrriteerd zijn dan verrast. Hoe kun je hints geven zonder dat er foreshadowing ontstaat?

Voorkom foreshadowing: ken je eigen verhaal

Je moet precies weten hoe je verhaal in elkaar steekt voordat je hints kan geven. Weet welke details later in het verhaal belangrijk worden. Ga maar na: hoe moet tantes kandelaar ooit een aanwijzing naar een aankomende ruzie om de erfenis worden als jij als de schrijver niet eens weet dat de kandelaar:
* een hoge emotionele waarde heeft;
* het enige waardevolle erfstuk is in een staartarme familie;
* überhaupt bestaat?
Haal deze informatie uit je personagebiografie of je schrijfonderzoek.

Het is belangrijk om een aantal voorbeelden als deze te gebruiken. Niet één, want dat maakt de aanwijzing te vaag. (Tenzij je die ene hint gaat uitmelken, maar dan duw je de informatie alsnog door de strot van je lezer, als in een infodump.) Gebruik ze ook niet te veel, want dan wordt de onthulling voorspelbaar en niet langer indrukwekkend.

De standaardreactie na een foreshadowingontknoping…

Foreshadowing per genre

Sommige hints zijn bijna als vanzelf een cliché, omdat ze vaak gebruikt worden in een bepaald genre of verhaalthema.
Je hoofdpersonage zit vast op een onbewoond eiland. Hé, daar komt flessenpost aanspoelen!
Zou het iets bevatten dat het personage van totale mentale inzinking weet te behoeden? Goh, hoe verzin ik dat toch…
In een romantisch drama wordt in opa’s huis een oude weggestopte brief gevonden. Op zolder. Met een strikje eromheen. Weet je zeker dat opa nooit heeft getwijfeld of hij wel met oma moest trouwen?
Ik weet in ieder geval zeker dat we er nu achter komen dat oma niet opa’s enige liefde is geweest.

Daar is ie weer: de goeie ouwe verzegelde liefdesbrief. Wat zou er nu toch met het verhaal gebeuren…?

Als iets cliché aanvoelt, is er sprake van foreshadowing, niet van een goede hint. Het lastige van foreshadowing versus hints geven is dat je met iets logisch moet komen, anders gaat je lezer de hint niet snappen. Als de puzzel op het eind van je verhaal niet lijkt te passen of te ingewikkeld is, helpt dat ook niet. Daarom zijn clichés zo populair: ze helpen je lezer iets makkelijk te begrijpen. Maar als het gaat om spanningsopbouw, zijn ze alles behalve handig. Hints geven binnen een bepaald genre vraagt een vergelijkbare techniek als het gebruik van clichés en tropes. Je moet weten hoe, waarom en in welke mate je ze gebruikt en hoe je ze kan verbuigen. Lees daar hier alles over.

De belofte van spanning: uitstellen van de ontknoping

De gouden regel om foreshadowing te voorkomen is: wat je ook doet, geef de onthulling niet onmiddellijk nadat je de hint hebt gegeven. Een hint belooft bepaalde spanning: een geheim dat zich langzaam ontrafelt, een moord die geleidelijk wordt opgelost of een opbloeiende romance. Daar smult een lezer van, omdat dat een verháál belooft, geen simpel feit. Laten we Roodkapje als voorbeeld nemen.
Roodkapje komt de wolf tegen. Je hebt een verhaal als je het sprookje op de vertrouwde manier verder vertelt, inclusief spanningsopbouw.
Roodkapje kwam een wolf met gevaarlijke tanden tegen. Wat een engerd! Roodkapje holde verder, maar de wolf had haar binnen drie tellen opgeslokt. Dat klinkt niet als een verhaal dat eeuwen mee kan gaan, toch? Het is alles behalve spannend. Na de hint van de scherpe tanden wordt Roodkapje vrijwel meteen opgegeten.
Zelfs al zou de houthakker Roodkapje daarna onmiddelijk bevrijden, dan nog zal de opluchting niet groot zijn. Je hebt namelijk niet lang genoeg in spanning gezeten om ergens opgelucht over te kunnen zijn.

Als de wolf je meteen opeet, heb je niet de tijd om de tanden te bekijken die hem zo eng maken…

Stel de ontknoping dus uit. Afhankelijk van hoe groot de hint en de ontknoping moeten zijn, kan dat variëren van een aantal alinea’s tot complete delen van een boekenreeks.

The green mile: een hemels voorbeeld van een hint

In de film ‘The green mile´ is een briljant voorbeeld te vinden van zowel uitstellen van de ontknoping als een standaard trope in je voordeel gebruiken.
In het begin van de film zie je de hoogbejaarde Paul naar een oude film kijken. In die film dansen een man en vrouw op een lied met de tekst I´m in heaven. Paul is zo geraakt dat hij hard begint te huilen.
De trope waarvan hier wordt uitgegaan (en die de kijker dus aanneemt als logische verklaring) is dat Paul ooit met zijn overleden vrouw op dit liedje heeft gedanst en dat hij haar vreselijk mist. Pas op het einde van de film kom je erachter dat dat niet zo is.

Paul werkte als gevangenisbewaker en moest gevangenen executeren. John, een van de veroordeelden, bleek niet alleen onschuldig, maar ook een godswonder: hij kon ziektes genezen en gestorvenen terug tot leven wekken. Paul wist van zijn krachten en zijn onschuld, maar moest hem toch terechtstellen.
Als laatste verzoek voor zijn dood wil John nog een keer een film zien. Hij krijgt dezelfde film te zien als de kijker in het begin en is geraakt door die dansscène. Nu blijkt dat Paul in het begin niet huilde om een overleden geliefde, maar om het immense berouw dat hem plaagt omdat hij een wonder van God heeft gedood.

Dit is een prachtig voorbeeld van ‘een cliché omdraaien’: het is de tegenpool van wat je verwachtte van de trope:
* een gevangene en zijn cipier versus twee geliefden;
* een aankomende executie versus een belofte van een/ de hemel.

Omdat deze hint wordt uitgesteld, heeft de kijker de tijd gekregen om in de personages en het verhaal te investeren. Daardoor voel hij zich meer betrokken en komt deze ontknoping (heel!) hard aan. De kijker huilt net zo hard als de oude Paul bij het vooruitzicht dat John gaat sterven.

Verklapt jouw boek te veel? Manuscriptredactie kan je helpen om die vraag te beantwoorden. Ik ben daarvoor in te schakelen via mijn webshop.

Een plottwist schrijven: fantastisch of fataal

Een plottwist is een goed middel om het verhaal spannend te houden of om voor een spectaculair einde te zorgen. Als je het goed doet, schrijf je fantastisch. Doe je het verkeerd, dan stort je verhaal als een kaartenhuis in elkaar.

Wat is een plottwist?

Een plottwist is een verandering in het plot die een lezer niet aan ziet komen. De kernwoorden van een plottwist zijn: ‘plotseling’ en ‘onverwacht’. Als er plotseling (plot-seling 😉 ) iets gebeurt wat een lezer niet kan voorspellen, heb je een plottwist.

Waarom schrijf je een plottwist?

Een plottwist houdt de lezer scherp. Er gebeurt iets nieuws dat het verhaal interessant houdt en waardoor de lezer betrokken blijft. Het voorkomt soms dat een verhaal langdradig wordt. Hierom kun je een plottwist in het midden van het verhaal plaatsen. Aan het eind van een boek kan een plottwist dienen als een missend puzzelstukje met als boodschap: “Niets is wat het leek.” De geldschieter van het mooie meisje was niet de suikeroom, maar een heimelijke aanbidder, bijvoorbeeld.

Wat zijn de voorwaarden voor een plottwist?

Elke plottwist is anders, maar op een paar dingen moet je altijd letten:
* Geef hints.
* Zorg ervoor dat die hints te herleiden zijn.
* Schrijf gebeurtenissen die logisch zijn voor de personages en omstandigheden.

Hints in een plottwist

Als je een plottwist maakt, moet je vooraf hints geven. Zodat de twist, hoe onverwacht ook, wel logisch en te herleiden is. Als de buurman de vader van je hoofdpersonage blijkt te zijn, dan moet die buurman wel een paar keer in het verhaal terugkomen. Of, als je de buurman mysterieus wil houden, moet moeder vroeger er wel een paar keer stiekem tussenuit geknepen zijn om wie weet wat te gaan doen. Gezellig de slaapkamer van de buurman inspecteren, zo blijkt dan uiteindelijk.

Logische plottwists

Je plottwitst moet logisch zijn voor het personage of de omstandigheden, anders verwar je je lezer. Neem een streng gereformeerde huisvrouw. Ze heeft eerder conflicten over het geloof gehad met haar zoon en daardoor geen contact meer met hem. Als plottwist is het dan verstandig om dat conflict betreft religie centraal te stellen. Begin dan niet opeens over een dreigende kernoorlog.

Waar gaat het mis met een plottwist?

Dit gaat zoal mis bij het schrijven van een plottwist:
* Er is geen tijd besteed aan het opbouwen van het plot.
* De rol van de personages die in de twist voorkomen zijn niet duidelijk.
* De twist choqueert, maar helpt het verhaal niet verder.

De gouden regel bij plottwists: eerst investeren, dan omkeren

Zorg er bij een plottwist als allereerst voor dat je lezer geïnvesteerd heeft in het personage of het verhaal. Je kan pas iets verdraaien als de lezer weet wat er speelt en over wie het gaat. Pas als je lezer weet wat voor invloed iets heeft op het verhaal of de personages (investeren) kun je een plottwist inzetten (omkeren).

Vergelijk het met slecht nieuws: je leest in de krant het nieuws dat er een anonieme vrouw aan borstkanker is gestorven. Dat is triest, maar kanker overkomt meerdere mensen en je kent deze dame niet. Je hebt medelijden en gaat daarna verder met je leven. Maar als kanker een geliefde treft, komt dat veel harder aan, omdat je een relatie hebt opgebouwd met die persoon. Je moet je lezer een kans geven om een relatie met personages op te bouwen, wil je indruk maken met een plottwist.
Ook voor het verhaal en zijn omstandigheden is het belangrijk dat de lezer weet wat er speelt, wil hij beseffen wat voor invloed een verandering kan hebben. De zin: `Ieder gezin in deze straat moet vijfduizend euro aan de gemeente betalen´ is een crisis voor een achterstandswijk. Die mensen moeten alles op alles zetten om daarna nog te kunnen overleven. Inwoners van Bevery Hills bestellen gewoon een fles dure champagne minder, zonder verder echt verschil te merken.

Wie of wat brengt de plottwist op gang?

Datgene dat de plottwist op gang brengt, moet een bepaalde geloofwaardigheid hebben. Als je hoort: “We gaan met het vliegtuig op vakantie!” klinkt dat als de veelbelovende Turkse zon als je echtgenoot met twee vliegtickets wappert. Als je kleuter dat zegt nadat hij met krukjes een vliegtuig heeft nagebouwd en een teddybeer een pilotenpet heeft opgezet, krijg je Turkije voorlopig nog niet te zien.

Nee, lieverd, ik geloof ook niet dat jij die vliegtickets naar Turkije hebt geboekt…

Bedenk wie wat zegt. Is het een betrouwbaar iemand of de roddeltante van een boerendorp? Ga als een journalist te werk. Als dit personage zomaar wat lijkt te zeggen of te doen, gaat de plottwist niet werken. Dat geldt ook voor omstandigheden. Roep in Nederland dat er een tornado komt en iedereen raakt in paniek. Zeg dat in de centrale staten van de Verenigde Staten en de mensen lopen geroutineerd naar de schuilkelder. Kortom: een plottwist moet indrukwekkend en van gewicht zijn. En dat is in elke situatie anders.

Een plottwist is een puzzelstukje, geen schok

Laat het duidelijk zijn: plottwists werken niet als ze willekeurig worden ingezet. Je moet er naartoe werken en ze moeten logisch zijn. Als een plottwist uit de lucht komt vallen, snapt je lezer niets meer. Een plottwist moet een missend puzzelstukje zijn dat het verhaal een andere draai geeft.
Gebruik een plottwist daarom niet als middel om te choqueren. Als je een lezer wil laten schrikken, is het veiliger om (een geliefde van) je hoofdpersonage iets ergs te laten overkomen. Als je lezer is geïnvesteerd in je verhaal komt de schok goed over en blijft het verhaal stevig.

Zorg ervoor dat je plottwist als een puzzelstukje naadloos in de puzzel van je plot past.

Moet je een plottwist wel of niet inzetten?

Je kan een plottwist overwegen om de aandacht van je lezer vast te houden en het verhaal interessant te maken. Soms is dat echter niet nodig. Er is dus geen pasklaar antwoord op die vraag. Maar hoe dan ook: gebruik de plottwist met mate en werk hem goed uit. Dat is het verschil tussen een fantastisch of vreselijk verhaal.

Is jouw plottwist fantastisch of fataal? Schakel mij in voor manuscripredactie, dan kan ik je het verlossende antwoord geven.

Expositie: hoe maak je informatie bekend in je boek?

Expositie is de manier waarop je informatie uitlegt of gebeurtenissen onthult aan je lezer. Doe je dat goed, dan loopt je verhaal met een sneltreinvaart. Doe je het fout, dan gaat het faliekant mis.

Kenmerken van een slechte expositie

Als jouw personages alles uit hun wereld verklaren zodat de lezer weet hoe die in elkaar steekt, is er sprake van slechte expositie. Of als hij weet: over drie tellen komt er een onthulling waarvan de uitkomst voorspelbaar en saai gaat zijn. Kortom: slechte expositie is zo’n moment waarop de lezer denkt: moet ik daar nou echt op déze manier achter komen?
Je vindt een roman met een uniek en super interessant onderwerp en verheugt je op een geweldig verhaal. Het enige wat je krijgt is personages in de beloofde wereld die niets anders doen dan zeggen in wat voor wereld ze leven. Wat een domper, waar is het verhaal gebleven?

Iets vertellen of een verhaal lezen?

Let eens op het verschil tussen deze voorbeelden. In het eerste wordt het verhaal voorgekauwd, bij het tweede krijg je als lezer de kans om een verhaal ook echt te beleven.

Ik heb het vermoeden dat er iets mis is met de buurman, ik heb hem al zo lang niet meer gezien,” zei Mariska tegen Annabelle.

Na die laatste groet liep de lijkbleke buurman zijn huis weer in. Een week later hadden de kranten in de brievenbus van de buurman zich opgestapeld en had Mariska hem nog steeds niet gezien.
Wat is spannender? Dat laatste natuurlijk.

Expositie versus infodump

Zie je in het eerste voorbeeld overeenkomsten met een infodump? Slechte expositie en infodump lijken op elkaar, want ze vertellen allebei iets dat onnodige of te veel informatie betreft. Het verschil is dat infodump over feiten van het verhaal gaat en expositie over gebeurtenissen in het verhaal.

Expositie: personage op de preekstoel

Bij slechte expositie vertelt je personage wat er gaande is. Show don’t tell wordt zelden zo letterlijk. Hou eens op met praten, personage! Ik ben hier niet om een preek aan te horen, ik wil een verhaal lezen. Practice what you preach!
Dat praten is niet storend omdat het personage praat, het is vervelend omdat een personage ergens over praat: “Ik las gisteren in de krant over de vliegtuigcrash” versus: Frans zette de televisie en zag een reportage over een vreselijke explosie, die van een vliegtuigcrash afkomstig leek te zijn.

Dit soort preek is de enige die interessant kan zijn. Tenzij je personage een geestelijke is, hoeft hij er dus geen te houden.

Slechte expositie is als je saaiste geschiedenisleraar

Als slechte expositie de boventoon van je boek voert, is het net je saaiste geschiedenisleraar: “Oké. Mensen, Tweede Wereldoorlog. 10 mei 1940. Duitsland valt Nederland binnen. 6 juni 1944, D-day. 5 mei 1945. Nederland wordt bevrijd. 9 augustus 1945. Amerika bombardeert Nagasaki, wat het einde van de oorlog inluidde.” Oké. Zal wel. Als jij het zegt.
‘Als jij het zegt,’ zijn hier de toverwoorden. De geschiedkundige feiten kloppen allemaal. Maar als de leraar zegt het, moet jij het maar geloven. Prikkelt deze informatie je verbeelding? Niet echt. Ik zou er niks van onthouden. Deze informatie is slaapverwekkend droog en laat vragen als deze onbeantwoord:
* Hoe werd Nederland binnengevallen en weer bevrijd?
* Wat hield D-day in?
* Er zijn talloze steden gebombardeerd tijdens de oorlog. Waarom eindigde de oorlog dan met de bom van Nagasaki?

Uit de verhalende hand: de beste geschiedenisleraar

Dan is er de geschiedenisleraar die zijn vak verstaat:
“Stel je voor dat je met een parachute uit een vliegtuig in zee wordt gedropt. Op je rug heb je kilo’s aan wapenuitrusting. Als je op het strand aankomt, vallen je makkers dood naast je neer omdat de vijand de verrassingsaanval heeft opgemerkt. Jij kan ook elk moment sterven. Dat was de realiteit van een geallieerde soldaat tijdens D-Day.”
En deze geschiedenisleraar was er zelf niet eens bij! Zie je wat voor een kans je laat liggen als je een personage over zijn leefwereld laat vertellen als de opdreunende docent? Iemand die erbij is, beleeft de actie uit de eerste hand en dat heeft in een verhaal meerwaarde.

Expositie door voorwerpen

Voorwerpen kunnen zowel een handig als een clichématig middel voor expositie zijn. Houd als vuistregel aan: Hoe meer (emotionele) waarde het voorwerp heeft, hoe dramatischer en geforceerder de expositie overkomt.
Als iemand een trouwring heeft, is diegene bezet. Dat kan een handige, korte omweg zijn om informatie te geven, maar ook aanzet voor enorme drama.
Als Karin haar goede vriend Job tien jaar na de middelbare school terugziet, kan ze denken: Wat leuk, hij is getrouwd en daarna gezellig met haar oude vriend gaan kletsen. Maar ze kan ook diezelfde avond huilend in slaap vallen omdat ze in haar romantische hart nog altijd stiekeme hoop koesterde.

Als het over expositie gaat, heeft ‘waarde van een voorwerp’ vele gezichten: de prijs in euro’s, de emotionele waarde, of het belang van het voorwerp in het verhaal. Ook hier kun je een vuistregel aanhouden: hoe vaker een voorwerp voorkomt in het verhaal, hoe groter zijn waarde is.

Expositietrope: de brief

De brief is een bekende trope van voorwerpexpositie: er wordt een brief overhandigd met de eindresultaten van een forensisch onderzoek. Nu ontmaskert de lezer de moordenaar. Een document met de resultaten van een dna-test zegt dadelijk dat Harold toch niet de vader was.

Tot slot is er nog de verloren gegane liefdesbrief waaruit zal blijken dat Nezire toch voor Hassan had moeten kiezen. Hij is altijd van haar blijven houden! Dat ondertussen allang versleten strikje om die vergeelde brief schreeuwt: ER KOMT EEN ONVERWACHTE ONTHULLING AAN! (Je weet toch wel dat subtiliteit een voorwaarde is voor iets onverwachts, lief strikje?)

Een envelop waar zoveel liefde en aandacht aan is besteed, bevat geen boodschappenlijstje, maar een belangrijke onthulling.

Niet zo onverwacht meer dus… Als het zicht van het voorwerp alleen al denkbeeldig tromgeroffel aanwakkert, doe je iets niet helemaal goed. Tenzij je de trope creatief weet te verbuigen. Het lijkt een liefdesbrief, maar het is een vermomde bombrief!

Expositie herkennen door veel lezen

Zoals zoveel aspecten van het schrijven is expositie een kwestie van oefenen en uitproberen. Maar als je veel leest, zal je makkelijker structuren kunnen ontdekken. Succes!

Heb je een strenge blik van een ander nodig om dit soort slechte expositie te herkennen? Dan heb je aan mij een goede, ook als het met een zachtere aanpak mag 😉 Kijk in mijn webshop voor mijn tarieven.

Hoe schrijf je over toeval?

Toeval bestaat niet. Dat hoor je vaak. Als schrijver gebruik je toevalligheden wanneer je wilt, als god van je gecreëerde wereld. Totdat realisme om de hoek komt kijken. Lezers haken af als alles moeiteloos gebeurt of jij de omstandigheden een handje blijft helpen. Dat pikken ze alleen bij Guus Geluk uit de Donald Duck strips. Toch zal je toeval nooit helemaal kunnen omzeilen. Hoe vind je de balans?

Een uitleg van het butterfly-effect

Het butterfly-effect is het verschijnsel dat iets bijna onmerkbaars gigantische gevolgen kan hebben; de vleugelslag van een vlinder veroorzaakt uiteindelijk een orkaan. Het is een rijtje van waardoor…waardoor… waarbij elke actie steeds een groter effect heeft. Uiteindelijk komt het neer op een reeks aan toevalligheden.
Een voorbeeld van een verhaal met een butterfly-effect:
Als Dirk zijn telefoon naast het bed had opgeladen, had zijn moeder nog geleefd. Hoezo? Ze belde midden in de nacht naar Dirk omdat ze zich niet goed voelde. Een paar minuten later, vlak voor ze 112 wilde bellen, stortte ze in. Omdat Dirks telefoon in zijn woonkamer lag, hoorde hij de eerste oproep niet, waardoor zijn moeder overleed omdat er geen hulp arriveerde. Het butterfly-effect heeft meestal meer ‘tussenstations’, maar een bijna onmerkbaar gegeven aan het begin heeft opvallend grote of opmerkelijke gevolgen.

Toeval in het echte leven

Mijn grootste persoonlijke ervaring met toeval:
Toen mijn broer in Japan studeerde ging ik hem opzoeken. Ik was in Osaka, in een restaurant waar men hoge pannenkoeken serveerde, maar waar je geen mes bij kreeg. Opeens hoorde ik vanaf het tafeltje naast mij iemand mompelen: “Hoe snij je zo’n ding?”
Ik draaide me om, verrast om Nederlands te horen. Ik legde het de vrouw naast me uit. Zij bleek ook een broer te hebben die in Japan studeerde.
“Toevallig! Welke studie doet hij?” vroeg ik.
Dezelfde als mijn broer, zo bleek.
“Aan welke school?”
Dezelfde waaraan mijn broer studeerde. Onze broers bleken zelfs klasgenoten te zijn. Ga eens na: een ander moment, een ander tafeltje in een restaurant van een stad met 2.5 miljoen inwoners of de zus die niet hardop mompelde en dit gesprek had niet plaatsgevonden. Vier jaar later verbazen mijn broer en ik er ons nog steeds over.

In deze stad zaten Zus en ik zomaar naast elkaar in een restaurant…

Toeval of het butterfly-effect zijn niet per se onrealistisch. Ze zijn echter wel onwaarschijnlijk. Neem als vuistregel: als je na een aantal maanden je het voorval nog steeds zou herinneren, dan heeft het een hoog toevalligheidsgehalte.

Als je meer dan eens een hoge toevalligheidsfactor gebruikt in een verhaal, zal het ongeloofwaardig worden. Kleine toevalligheden als: “Ik wilde jòu net bellen!” kun je vaker gebruiken. Ze gebeuren vaker en daardoor onthoud je ze minder makkelijk. Maar gebruik ze maar af en toe, anders komt Guus Geluk weer aanzetten. Kleine toevalstreffers kunnen zich opstapelen tot één groot, ongeloofwaardig toeval.

Toeval en realisme combineren in een verhaal

Als je schrijft over een groot toeval moet je het doel en de noodzaak ervan goed begrijpen. Stel dat het in mijn verhaal de bedoeling was dat ik een andere Nederlander in Japan zou tegenkomen (ongeacht welke landgenoot) om de eerste cultuurschok te verminderen. Dan is dat hele universiteitsverhaal niet nodig, omdat het de toevalfactor onnodig verhoogt. Bovendien kan dat toeval afleiden van de rode draad. Als Zus en ik dan over onze broers zouden praten, verzandt het thema cultuurschok in irrelevante details, waardoor het verhaal vaart verliest.
Soms moet je bepaalde details wél vertellen om het plot op gang te houden, of om een toeval te verklaren. Maar soms zitten er gewoon twee Nederlanders in hetzelfde restaurant in Osaka en moet je er niet te veel achter zoeken. (Hoe gebeurt er anders überhaupt nog iets dat belangrijk is voor het verhaal?)
Kijk naar jouw doel van het toeval en wat je daarmee wil bereiken. Misschien doet een toeval het verhaal eerder slecht dan goed.

Moet je iets toevalligs schrijven?

In mijn voorbeeld gebeurde er na die avond niets speciaals meer. Ik ontmoette Zus of haar broer niet meer, waardoor (vul hier een mogelijk plotvervolg in) niet gebeurde. In een boek zou dat een anticlimax zijn: met zó veel toevalligheden schep je een bepaalde verwachting.
Als ik specifiek die broer moest ontmoeten, dan heeft het meerwaarde als het verhaalthema romantiek is. Het zwijmelgehalte stijgt er enorm van als die broer en ik een stelletje zouden worden. Moesten wij uiteindelijk collega’s worden, dan is dat toeval onnodige opvulling en had mijn broer ons simpelweg aan elkaar kunnen voorstellen, of we hadden elkaar op LinkedIn kunnen vinden.

Als dit gebeurt, moet je wèl een en ander uitleggen…. (Guus Geluk © Disney)

Vraag je daarom af: laat ik het aan het (absurde) toeval over, of laat ik alles wat normaler gebeuren? Het antwoord ligt vaak in de plaats van je verhaallijn.

Een goede plaats voor toeval in het plot

Een verhaal heeft een conflict nodig en moet daarom ergens vastlopen.
Een detective kan niet binnen twee dagen een moordzaak oplossen. Maar hij zou zijn vak niet verstaan als hij vergeet om getuigen te ondervragen. Als hij alle logische stappen al gevolgd heeft en er nog niet uitkomt, is toeval handig. Hij hoort iemand iets zeggen op straat en daar is zijn laatste puzzelstukje. Toeval is misschien een cliché-achtige oplossing, maar dat heeft een reden. Gebruik het wel verstandig; verkeerde timing van toeval kan gevolgen hebben voor:
* Logische opbouw van het verhaal;
* Geloofwaardigheid van het centrale conflict;
* Hoe realistisch je personages overkomen.

Gebruik toeval in je voordeel. Schrijf het alleen zo dat het er niet duimendik bovenop ligt. Tenzij toeval het thema van je verhaal is. Ga er maar mee spelen. Hou in de gaten dat toeval vatbaar is voor clichés.

Wanneer schrijf je iets toevalligs?

Een checklistje voor het gebruik van toeval:
* Is het toeval nodig voor het verhaalverloop? Heeft het een hoger doel?
* Is de toevalligheidsfactor niet te hoog? Kan – of moet!- het minder voor het gewenste effect?
* Bevindt het toeval zich op de juiste plaats in de vehaallijn?

 Zo kom je er uit wat er (toevallig) in je verhaal gebeurt!

“Is wat ik heb geschreven té toevallig?” Ik wijs je erop als je mij inschakelt voor manuscriptredactie. Kijk in mijn webshop voor de tarieven.

De liefdesdriehoek: schrijf hem niet

Lezers smullen doorgaans van een liefdesdriehoek: twee mannen proberen dezelfde vrouw voor zich te winnen en zij kan niet kiezen. De liefdesdriehoek zit in veel verhalen en zorgt voor drama en romantiek. Bovendien is er ook meteen een subplot voor je verhaal. Dus waarom zou je geen liefdesdriehoek schrijven? Er zijn veel redenen…

Een liefdesdriehoek is een cliché

Zeg ‘liefdesdriehoek’ en je kan waarschijnlijk meteen een handvol verhalen noemen. Het principe is zo vaak gebruikt dat de definitie het complete plot en de plottwists vaak al verraadt. Als er één trope bijna standaard een cliché is, dan is dat de liefdesdriehoek.
In de standaarduitwerking ervan maken de mannen ruzie: wie verdient de affectie van de vrouw? Intussen wordt de vrouw hysterisch onder keuzestress. Als ze uiteindelijk kiest, blijft ze twijfelen. De mannen blijven indruk maken op de vrouw en de cirkel blijft zo eindeloos doorgaan. De omstandigheden verschillen per verhaal, maar de strekking is zelden anders.

Kijk eens in de spiegel en zeg eerlijk met wie je jezelf verder ziet leven. “IK WEET HET NIET!” Goh, wat een verrassing…

Een liefdesdriehoek schaadt personages en leidt af van het plot

Drie verliefde mensen maken nog geen liefdesdriehoek. De vrouw kan kiezen en een van de mannen met een gebroken hart achterlaten. De liefdesdriehoek is dat bekende recept van drama en romantiek. Het probleem is dat het vrijwel onmogelijk is om de liefdesdriehoek op de achtergrond te schuiven. De liefde(sdriehoek) is maar al te vaak het eerste en enige uitgangspunt van de interpersoonlijke relaties en de motieven van de personages.

Een Middeleeuwse liefdesdriehoek

Om duidelijk te maken hoe een liefdesdriehoek een heel verhaal kan blokkeren, volgt hier een voorbeeld van een liefdesdriehoek in de middeleeuwen.

Ridder Boudewijn maakt zich klaar voor de strijd. Hij trekt zijn wapenuitrusting aan terwijl het hele dorpsplein toekijkt. Dan ziet hij zijn geliefde Catharina in de menigte. Onmiddellijk gaat hij haar nog een laatste keer zoenen. En als hij Ansem ziet, gaat hij nog even met hem knokken. Over Boudewijns lijk gaat deze rivaal zijn jonkvrouw inpikken terwijl hij zijn leven waagt. Het dorp mag hopen dat Boudewijn de enige krijger van het dorp is die verwikkeld is in een liefdesdriehoek, anders zijn ze verloren….

Verliefdheid kan mensen (en dus ook personages) ontzettend in beslag nemen. Bij personages is er dan vaak geen ruimte meer om andere karaktereigenschappen uit te lichten. Misschien kan Boudewijn prachtig glasblazen. Maar als Catharina langsloopt, is hij dat talent meteen vergeten… Zolang Boudewijn en Catharina de hoofdpersonages zijn, zullen ze in een liefdesdriehoek eendimensionaal blijven en leert de lezer ze niet beter kennen.

Vechten Boudewijn en Ansem voor hun dorp, of voor Catharina?

Een liefdesdriehoek is vrouwonvriendelijk

In een liefdesdriehoek komen een aantal dingen opvallend vaak terug:
* Omdat de vrouw mooi is, worden de mannen verliefd op haar. Pas later leert de man (als dat al gebeurt) het karakter van de vrouw kennen.
* De mannen zijn de ‘redder’: soms is de vrouw in gevaar, andere keren voelt ze zich opgesloten in een levensstijl of sociaal systeem. In een gemiddelde liefdesdriehoek kan een vrouw daar niet uit ontsnappen. Ze is vaak de ‘jonkvrouw in nood’. Zelf vechten, ontsnappen of een ander plan bedenken doet ze vrijwel nooit zonder de hulp van een man.

Misschien vind je dit niet vrouwonvriendelijk. Dat kan. Toch geeft dit bepaalde boodschappen af:
* Vrouwen kunnen alles krijgen wat ze willen als ze mooi zijn. Dat is genoeg. Andere goede karaktereigenschappen als bijvoorbeeld moed, doen er niet toe.
* Een man krijgen is het belangrijkste (of enige) doel in het leven van een vrouw.
* Een vrouw heeft de hulp van een man nodig om zaken in gang te zetten, dat kan ze niet zelf.

Zo wordt de vrouw in de driehoek makkelijker een Mary Sue of een sexy lamp.

Wanneer werkt een liefdesdriehoek?

Een liefdesdriehoek kan werken. De theorie erachter is heel simpel: je moet liefde krijgen of liefde winnen niet het belangrijkste motief van de personages maken. Maar dat is moeilijk, vanwege eerdergenoemde bijkomende effecten van verliefdheid. Ik ken maar één liefdesdriehoek die goed werkt. Hij zit in de Disneyfilm De klokkenluider van de Notre Dame.

Esmeralda en Phoebus
Esmeralda, een Romani, komt eigenhandig in opstand tegen de onderdrukking van haar volk. (Yes, een dappere vrouw!). De soldaat Phoebus moet de Romani vervolgen, maar wordt verliefd op Esmeralda. Phoebus volgt zijn bevelen niet op. Vanwege zijn verliefdheid, maar ook omdat zijn morele kompas dat niet toelaat.

Quasimodo en Esmeralda
Quasimodo de klokkenluider zit al zijn hele leven in de Notre Dame opgesloten. Dat wil zijn voogd Frollo, dezelfde persoon die het bevel heeft gegeven voor de Romani-genocide. Quasimodo’s grootste wens is om een dag buiten de kerk onder de mensen te zijn. Als hij uiteindelijk ontsnapt, wordt hij gemarteld door het volk vanwege zijn mismaakte gezicht. Esmeralda stopt die marteling, schreeuwt letterlijk om gerechtigheid en toont respect voor Quasimodo als mens van vlees en bloed. Dat heeft Quasimodo nog nooit meegemaakt. Als dat geen reden is om verliefd te worden… Bekijk de scene hier.

Gezamenlijk doel
Esmeralda kiest uiteindelijk voor Phoebus, maar daarvóór verslaat het trio samen het regime van Frollo, waarna Quasimodo als held wordt onthaald en voortaan in vrijheid kan leven. Quasimodo en Phoebus kunnen samenwerken, ook al zijn ze rivalen zijn op liefdesgebied. Dat komt doordat hun belangrijkste doel hetzelfde is: vrijheid en gerechtigheid. Hierdoor worden de personages realistischer en krijgt het plot meer diepgang.

Quasimodo en Phoebus
Het is ook verfrissend dat de mannen elkaar menselijk blijven behandelen. Phoebus bewondert Quasimodo’s vriendschap jegens Esmeralda openlijk wanneer hij haar in de hoedanigheid van soldaat komt zoeken. Quasimodo geeft uiteindelijk zijn zegen aan de relatie van Esmeralda en Phoebus: Esmeralda heeft een man met een goed hart en hij heeft zijn vrijheid. Hij verlangt niets meer; hij heeft de vrijheid gekregen waar hij zijn hele leven naar verlangde. Bekijk de scene hier.

Voorwaarden van een respectvolle liefdesdriehoek

De theorie voor een goede en respectvolle liefdesdriehoek is heel simpel: romantiek mag niet op de eerste plaats staan. Je plot, personages en hun doelen én de interpersoonlijke relaties moeten daarnaast zowel realistisch als sterk zijn. Maar dat is lastig om te schrijven. Zolang je deze elementen niet allemaal goed kan samenvoegen en uitwerken, is mijn advies de liefdesdriehoek te mijden.

Wil je weten hoe je in jouw verhaal de liefdesdriehoek door een effectievere romance kan vervangen? Schakel mij in voor manuscripredactie via mijn webshop.