Drie redenen om je niet te laten leiden door je eigen voorkeuren tijdens het schrijven

Beginnende schrijvers zijn vaak zo enthousiast over het schrijven zelf, dat ze zich soms een beetje mee laten slepen. Als schrijver kun je in theorie doen en laten wat je wil met je verhaal. Maar als je te veel aan dat idee vasthoudt, kan je verhaal veel vaart verliezen. Jammer, want je verhaal komt waarschijnlijk beter tot zijn recht als je het algemene verhaalbelang voorrang geeft.
Voordat we gaan kijken waar je op moet letten om niet te dicht op je eigen verhaal te zitten: houd altijd het principe van kill your darlings in je achterhoofd. 

1. Je snapt je eigen personages beter

Als je niet per se twee geliefden met elkaar wil laten eindigen, maar kijkt of ze wel bij elkaar passen, heb je beter in de gaten wat je personages voor mensen zijn. Zijn ze introvert en extravert en passen ze daarom niet zo goed bij elkaar? Hebben ze elk individueel totaal andere dromen in het leven, of andere ideeën over wat je met je spaargeld moet doen, hoe je kinderen op moet voeden…. Dit soort dingen moet je afzonderlijk voor elk personage weten, want dit kunnen belangrijke drijfveren zijn. Als je je meer bezighoudt met een bepaalde afloop dan met de drijfveren van je personages, wordt de kans groter dat ze eendimensionaal worden.

Een uitgestippelde weg naar ´En ze leefden nog lang en gelukkig ´werkt soms goed, soms juist niet. Denk na voordat je iets doet.

2. Je thema blijft stevig 

Een verhaalthema geeft een verhaal meer diepgang. Gaat het verhaal vooral over angst, kinderloosheid, een gelukkig huwelijk, of een ontdekkingstocht? Ongeacht wat je thema is, je moet bepaalde dingen in verschillende vormen laten terugkomen. Als je thema verraad is, kan je personage of diens partner vreemdgaan. Het is dan ook verstandig om iets als het verklappen van een geheim, diefstal door een vriend of dubbelspionage terug te laten komen. Dit verraad hoeft er niet meteen duimendik bovenop te liggen om het thema duidelijk te maken, maar je moet wel aan je (terugkerende) thema denken.
Als je te veel denkt aan je eigen voorkeur, kan het verhaal als anticlimax aanvoelen: “Ja, mijn thema is verraad, maar deze vrienden moeten elkaar hoe dan ook door dik en dun steunen.” Waar gaat je verhaal dan nog over? Verraad, vriendschap, beloftes…? Je thema en je verhaal kan vaag worden als je je er vanwege een bepaalde voorkeur te makkelijk van afwijkt.
Afstand nemen van je verhaal kan ervoor zorgen dat het indrukwekkend blijft. Werk desnoods een kleiner blijk van je thema uit: de vrienden hoeven elkaar niet te verraden met de dood tot gevolg. In plaats daarvan kan er een de ander voor een paar honderd euro oplichten. 

3. Je leert beter naar je tekst te kijken

Als je niet je eigen voorkeur, maar je verhaal zelf op de eerste plaats zet, leer je beter te kijken naar wat je schrijft. Hoe kom je tot bepaalde standpunten, plotuitwerkingen en zelfs eigen voorkeuren over hoe het verhaal moet (af)lopen? Als je bij al deze dingen je vraagtekens zet, groeien je schrijfinzicht en schrijfvaardigheden, omdat je het belangrijk vindt dat je een goed verhaal schrijft. Vervolgens ga je ook kijken hoe je dat moet doen. Als je slechts schrijft naar aanleiding van je eigen (inhoudelijke) voorkeur, voel je waarschijnlijk minder aanleiding om je verhaal eens goed onder de loep te nemen. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Wil je een professionele blik op je tekst? Kijk dan eens in mijn webshop.

Hoe schrijf je een goed begin van je boek?

Ga aan de gang! Dat is de gouden regel voor een goed begin van je boek. Of beter gezegd: zet iets in gang. Als je dat in je achterhoofd houdt, ontwijk je al een hoop valkuilen voor een slecht begin. Wat zijn die valkuilen en hoe schrijf je wel een goed begin van je boek?

Wat zijn slechte introducties van verhalen?

Er is een aantal dingen die erop wijzen dat je verhaal met een cliché of een storende schrijfwijze start:
* Een (pagina’s lange) infodump;
* Een personage dat zijn dag begint (en daarbij in de spiegel kijkt, waardoor zijn uiterlijk duidelijk wordt);
* Alledaagse gesprekjes met andere personages, zoals over het weer;
* Een personage wakker laten worden uit een droom die bol staat van de symboliek.

Elk van deze manieren zorgt op een bepaalde manier voor een onnodig langzame start van je verhaal.

Hij mag langzaam zijn, de start van jouw verhaal niet.

De introductie-infodump

De infodump is zowel voornamelijk bekend als berucht omdat hij vaak komt opdagen in de eerste pagina(‘s). Wat maakt zo’n infodump eigenlijk zo fout? Het is alsof je dit tegen je lezers zegt: ‘Oké, dit is de eerste bladzijde, dus het verhaal gaat beginnen. Maar voordat het verhaal gaat beginnen, moet je eerst drie pagina’s lezen, voordat de échte eerste pagina begint. Verwarrend, nietwaar? Zo leest een infodump eigenlijk ook: een lezer denkt aan het verhaal te beginnen, terwijl die zich eigenlijk eerst door een aantal pagina’s informatie over het personage heen moet worstelen. Wanneer begint het verhaal dan? Waar gaat het verhaal dan over, of waar gaat het heen?
Daarom werkt een introductie-infodump zo slecht. Als je de lezer belooft met een verhaal te beginnen, moet je dat ook doen. En dat doe je niet door informatie te geven. Daarvoor moet je je verhaal in gang zetten.

Zet het verhaal in gang

Er zijn verschillende manieren om een verhaal in gang te zetten. Zo kun je al dan niet een in medias res schrijven. Je kan net iets meer aandacht besteden aan de gedachten van je personage dan aan de situatie waarin hij zich bevindt, of andersom. Hoe dan ook moet er een aantal dingen snel duidelijk worden. Hier volgt een aantal dingen waar je uit kan kiezen om als leidraad te volgen. Niet alles hoeft (of kan!) in een keer worden uitgewerkt, maar het is wel verstandig om een aantal van deze opties te combineren. Zo is je verhaal meteen vanaf het begin interessant.

Wat is je personage voor iemand?

Zodra je begint met schrijven, heb je waarschijnlijk al een (begin van) een personagebiografie gemaakt. Daarin staan talloze dingen over wat je personage doet vindt, kan en wenst. Het ene is voor jou als schrijver handig om als ‘extraatje’ te weten, andere dingen vormen je personage tot wie hij is en wat hem uniek maakt. Het werkt goed om een aantal van deze elementen vroeg in je verhaal te verwerken. Als het essentieel voor het verhaal is dat je personage erg bang is aangelegd, laat hem zich dan bijvoorbeeld een hoedje schrikken bij het minste of geringste geluid of laat haar zes keer haar tas controleren voor ze deur uitgaat: heeft ze alles wel bij zich? Ze zweet al bij het idee dat ze iets vergeet. Merk op dat deze voorbeelden erg van elkaar verschillen. Je moet weten wat voor jou(w personage) een bepaalde karaktertrek precies inhoudt. Onthoud dat het extra belangrijk is om in deze eerste pagina’s met show don’t tell te schrijven. Als je hier niet meteen laat zien dat je beeldend kan schrijven, zal je lezer je boek na die eerste paar pagina’s waarschijnlijk wegleggen.

Is dit wat je bedoelt met angstig, of bedoelde je iets heel anders? Maak dat meteen duidelijk, anders heeft je lezer een te vaag beeld van je personage.

Wat is de comfortzone en hoe wordt die bedreigd?

In elk verhaal wordt een personage uit zijn comfortzone gehaald; het is een voorwaarde om het centraal conflict in gang te zetten. Het centrale conflict levert de spanning van het verhaal en de groei van je personage. Daarom is het verstandig in in het begin van je boek te schrijven wat de comfortzone is, zodat de lezer een duidelijk ‘startpunt’ heeft. Je personage voelt zich prima bij de rol als eeuwige single. Als hij dan onder druk wordt gezet om op Tinder te gaan of gewoon verliefd wordt, weet de lezer dat dat een uitdaging voor hem vormt.

Verklap al iets over het mogelijke conflict

Met het vaststellen van de comfortzone kan je niet meteen het centrale conflict starten. Dan klopt je schema van save the cat niet meer en wordt het tempo te snel. Je kan echter wel al enkele hints geven. Als je personage absoluut niet wil denken dat zijn auto ingenomen wordt door schuldeisers, laat dan blijken dat dat misschien toch kan gebeuren. Laat een grote stapel onbetaalde rekeningen op de tafel zien aan de lezer of een dierbare zorgen uiten over de financiële situatie. Let wel op: dit soort onthullingen zijn gevoelig voor foreshadowing.

Wat, waarom en hoe wordt er iets in gang gezet?

Neem bovenstaande punten en je bevindingen daarvan mee in de uitwerking van je begin. Zorg ervoor dat je weet waarom je voor bepaalde uitwerkingen hebt gekozen. Je weet wat je ermee duidelijk wil maken: wat je personage voor iemand is, waar hij door uitgedaagd wordt en wat hij moet doen om zijn heldenreis te starten. Als je iets geschreven hebt, kijk of je dan antwoord krijgt op de volgende vragen:
* Wat gebeurt er?
* Waarom gebeurt (uitgerekend) dit (op dit moment)?
* Hoe zet dat andere dingen in gang?
Je moet op al deze vragen antwoord kunnen geven. De lezer hoeft alleen op de eerste vraag antwoord kunnen geven, niet op de andere twee. Dan geef je te snel te veel weg. Maar jij als schrijver moet het weten om zo een duidelijk begin en structuur aan je verhaal te geven.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van het begin van je boek? Schakel mij dan in als schrijfcoach.

Vier voordelen van het verhaal schrijven waar je blij van wordt

Als je begint met het schrijven van je eerste verhaal, kan een website vol met schrijftips nogal overweldigend zijn. Hoe schrijf je en waarover? Als je aan je schrijversreis begint, is er veel te leren en te ontdekken. Het is verstandig om als beginnend schrijver in de overvloed aan schrijftips er eentje als leidraad te nemen: schrijf wat je wil schrijven. Hier volgen vier redenen waarom. 

1. Schrijven wordt snel moeilijker

Hoe meer je je in de schrijverskunst gaat verdiepen, hoe moeilijker het wordt. Je zal vele schrijftechnieken leren kennen die je jezelf eigen moet maken. Dat is een heel proces. Zolang je nog weinig tot niets weet van schrijftechnieken, heb je nog een enorm voordeel: je weet niet beter, dus je schrijft gewoon zoals je denkt dat het moet, niet zoals het volgens het boekje hoort. Geniet daarvan zolang dat nog kan: laat datgene wat in je hoofd zit moeiteloos uit het toetsenbord rollen. Als je je druk gaat maken om wát je moet schrijven, bijvoorbeeld iets populairs om een groot lezerspubliek te trekken, maak je van schrijven iets lastigs voordat je goed en wel begonnen bent.

2. Meningsverschillen zullen altijd blijven 

Het is belangrijk om te schrijven wat je wil schrijven, omdat je toch nooit iedereen voor je kan winnen. Mensen hebben nu eenmaal zeer uiteenlopende meningen en voorkeuren. Ook al ben je een influencer die bepaalde maatschappelijke waarden uit kan dragen en dus een ‘voorloper’ is, er blijft altijd een groep over die niet overstapt op jouw waarden of de laatste trends. Zo zou je een pleidooi kunnen houden dat elke vrouw voortaan bikini’s zouden moeten dragen omdat je een voller lichaam niet zou hoeven verbergen. Misschien kun je een verandering in lichaamsbeeld teweegbrengen, maar dat wil niet zeggen dat je iedereen daarmee aanspreekt. Zo kan een conservatieve gelovige niets hebben tegen een voller lichaam, maar vindt die het gewoon niet gepast om met veel ontblote huid rond te lopen. Andersom zal diezelfde gelovige nooit die influencer kunnen overhalen om juist het badpak weer wat hipper te maken. En het is beide personen goed recht om te vinden wat ze vinden. 

3. Schrijven moet leuk blijven

Als je aan een verhaal begint, ben je er maanden, soms jaren intensief mee bezig. Dat is hoe dan ook lang. Stel je eens voor hoeveel langer dat gaat aanvoelen als je over iets schrijft wat je zelf niet interessant vindt of zelfs maar wil schrijven omdat je er niet achter staat.
Hoe groot je lezerspubliek ook zou worden, het is het niet waard je plezier in schrijven daarvoor op te offeren. Schrijven wordt een uitdaging. Als die uitdaging dan ook nog eens oninteressant, vervelend of zelfs storend voor je wordt, doe je jezelf alleen maar geweld aan. Schrijven moet wel leuk blijven…

4. Een schrijversstem ontwikkelen

Zodra je een meer geoefend schrijver bent, ga je een schrijversstem ontwikkelen: datgene waar je je als schrijver mee onderscheidt tussen die talloze anderen en succesvol kan worden. Die schrijversstem moet groeien door wat jij als schrijver leert. Iets schrijven wat je niet wil schrijven, blokkeert dit proces. Als je dus schrijft omwille van het idee: “Ik wil de volgende (vul hier de naam van een succesvol auteur in) worden, dus schrijf ik over dezelfde dingen”, dan ontwikkel je jouw schrijversstem niet. 
 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Toch nog hulp nodig met het schrijven van je boek? Kijk eens in mijn webshop.

De doorgeslagen trope: zo wordt een trope vervelend

Tropes zijn essentieel voor een verhaal. Werk ze goed uit om clichés te voorkomen. Maar soms valt een trope verkeerd, zonder dat het per se een cliché is. Of zelfs zonder dat een schrijver dat zelf wil. Hoe kan dat en hoe kan je dat voorkomen?

Tropes door de tijd heen

Wat belangrijk is om te onthouden is dat een trope zelf geen standaard invulling heeft. Een vrouw die carrière maakt is een trope. Of ze dat doet door hard te werken of door het aan te leggen met de hoge heren van het bedrijf, dát is de invulling ervan. De invulling van een trope is aan populariteit onderhevig. Neem de trope van het lelijke eendje.
Verschillende decennia geleden kon je talloze films kijken en boeken lezen over het onaantrekkelijke, nerdy meisje dat plotseling de knapste jongen van de school kon krijgen, zodra ze haar bril en beugel thuisliet en een hippere garderobe uitkoos. Die trope zal nu bij de meeste mensen niet meer in goede aarde vallen. Maar de lelijke-eendje-trope is daarmee niet verdwenen: het nerdy meisje zal nu misschien toch met de knappe populaire jongen aan kunnen pappen als zij hem bijles geeft. Dan komt hij erachter dat een goed stel hersens ook best aantrekkelijk kan zijn.

Wie weet waarover zij met haar knappe vriend aan het chatten is… 😉 Foto door Andrea Piacquadio op Pexels.com

Een oude trope onderuit gehaald

Wat je de laatste jaren veel ziet, is dat de ‘nieuwste standaarden’ van bepaalde tropes zich vooral ontwikkelen om de ‘oude standaarden’ onderuit te halen. Dat gebeurt omdat de oude tropes vaak storend zijn: ze botsen vaak met de huidige algemeen maatschappelijke overtuigingen. Neem het lelijke eendje: de boodschap dat een meisje zich voor een jongen mooi hoort te maken alvorens ze ‘recht’ heeft op sjans is niet meer van deze tijd. Dus wordt de trope als het ware omgedraaid: de populaire jongen valt uiteindelijk toch voor het nerdy meisje en haar uiterlijk is daar uitgesproken niet de oorzaak van: dat is haar intelligentie. Zo kan een trope een nieuwe associatie oproepen, of kunnen er totaal nieuwe tropes ontstaan.

Nieuwe tropes, nieuwe problemen

Waar het met nieuwe tropes mis kan gaan, is dat ze teveel aandacht vestigen op hoe nieuw (en daarmee hoe verademend) ze zijn. Ze zijn zo bezig met afstand nemen van de oude moraal, dat er twee dingen vaak voorkomen:
* Ze worden hypocriet;
* Ze worden gedegradeerd tot irritante moraalridders in plaats van van mogelijk inspirerende middelen om een discussie te starten of gaande te houden. De trope wordt het daarmee het belangrijkste van het verhaal, in plaats van het bouwsteentje voor een verhaal dat een trope hoort te zijn.

De hypocriete trope

Het duidelijkste voorbeeld van een hypocriete trope is een bepaalde invulling van de ‘sterke vrouw’: Ze heeft geen man nodig om de held van het verhaal te zijn en leidt een internationaal bedrijf. De gedachte achter deze trope is vaak: ‘Het werd wel eens tijd dat sterke vrouwen meer op de voorgrond komen, want de jaren vijftig en het aanrecht als enige recht van de vrouw is nog niet zo lang geleden. Vrouwen kunnen ook stoer en sterk zijn.’
Tot zover is alles oké. Maar dan wil de trope té graag bewijzen dat de vrouw – in tegenstelling tot de ‘oude rol’ van de vrouw- zich niet laat definiëren door een man en vooral niet zwak is. De vrouw krijgt een hoge positie, blaft alle mannen af en geeft ze nooit het woord in de vergaderingen: ‘want jullie mannen zijn nog niet zover vooruit in het maatschappelijk gedachtegoed als vrouwen; jullie bijdrage is onbelangrijk.’
Uh… wat was er ook alweer zo storend aan de oude trope waarin een man een hogere positie bekleedde dan een vrouw…?

Als dit het vereiste voor een vrouwelijke baas zou zijn, werk ik liever voor een man…

Nog een voorbeeld is de ‘beste vriend’ die geen relatie heeft met een vriendin en zegt dat ze zich goed door mannen moet laten behandelen. Dan valt de vriendin op Joe Sixpack. Beste Vriend blijft maar doorgaan over hoe ‘dat soort mannen’ vrouwen slecht behandelen en dat ze een domme tut zou zijn om met ‘zo’n type’ te daten.
Toevallig is deze Joe lief voor zijn vriendin: hij mag dan wel een wasbordje hebben, hij zegt in ieder geval niet dat ze een domme tut is als ze met een bepaald type zou daten…

De moraalridder

Een ‘nieuwe trope’ kan zo overweldigend worden ingezet ten opzichte van het verhaal dat die niet langer een boodschap overbrengt, maar een moraalridder wordt. Als jij zegt dat je een vrouw als de slechterik-schoppende held niet per se een interessant verhaal vindt, kan je worden beschuldigt van ‘sociaal maatschappelijk achterlopen’, omdat je vrouwen niet de voorgrond wil geven. Terwijl dat het punt helemaal niet was: jij vond het gewoon niet oké dat de trope het verhaal ging overnemen. Je wil een vrouw zien die een centraal conflict aangaat. Niet een vrouw die als Mary Sue met pistolen uitgerust een hele terroristenbende stopt.

De hypocriete trope voorkomen

Je kan de hypocriete trope vrij eenvoudig voorkomen: vergelijk het oude niet met het nieuwe. Concentreer je op wat jouw trope volledig zelfstandig uit moet dragen. Als je iets uitwerkt op zo’n manier dat je lezers ermee weglopen, is er geen noodzaak om beter te zijn dan een ander verhaal, trope of personage. Dan heb je je doel namelijk al bereikt: dat je tekst je lezers raakt. Bovendien kan je de trope zo creatief blijven invullen. Ja, je vrouw mag nog steeds de superheldin zijn. Maar hoezo is ze dat niet meer als ze als huisvrouw met één doodziek kind en nog drie andere kinderen een huishouden draaiende kan houden? Dat is ook sterk! Maar dat zou volgens de ‘nieuwe trope’ bijna niet meer mogen, want de vrouw moet immers nooit (financieel) afhankelijk zijn van een man…
Als je tropes niet meer met elkaar vergelijkt, zal jouw trope ook geen moraalridder worden, omdat die niet als doel heeft om te overtuigen, maar om te inspireren.


Ik zal niet zo’n vervelende vrouw zijn als die in het voorbeeld als je me inschakelt voor manuscriptredactie 😉 Kijk eens in mijn webshop.

Drie redenen om je personage eens goed bang te maken

Het is handig om je personage in je opschrijfboekje verschillende dingen te laten meemaken die niet in je boek gebeuren. Zo leer je hem beter kennen. Laat je personage eens een heel angstig moment doorleven en je zal versteld staan wat je over hem leert. 

1. Waar is je personage bang voor?

“Je moet je kind één uur alleen thuislaten.”
De moeder met een pasgeboren, zieke baby zal dit idee erg eng vinden. De moeder van een tiener zal haar schouders ophalen: “Dat redt-ie echt wel, hoor…”
Het lijkt een open deur, maar als je niet weet waar iemand bang voor is of bang van zou worden, weet je ook niet waarmee je diegene bang kan maken. En dat is belangrijk om te weten voor een schrijver: angst kan een aanleiding zijn om een comfortzone te verlaten en daarmee een verhaal te starten. 

2. Welke hulpbronnen spreekt je personage aan?

Als je personage daadwerkelijk met zijn angst geconfronteerd wordt, zal hij proberen deze angst als een probleem op te lossen. De oplossing is per situatie verschillend, maar het kan zijn dat je personage als eerste impuls naar dezelfde hulpbron of aanpak neigt. 
“Ik schrijf wel een blanco cheque uit om mijn advocaat de aanklacht die tegen mij is ingediend af te handelen, mocht ik worden beschuldigd van fraude.” / “Ik betaal een huurmoordenaar om mijn stalker om te leggen als ik word bedreigd.” (Geld lost het probleem wel op.)
“Ik zoek zelf wel naar een nieuwe baan als ik die kwijtraak.” / “Ik vraag mijn vrienden niet om hulp bij het vinden van een nieuwe woning als ik dreig mijn huis uitgezet te worden.” (Ik kan of moet alles zelf oplossen.) 
“Ik vraag mijn vrienden om mijn heimelijke liefde namens mij op date te vragen als ik dat zelf doodeng vind.” / “Ik vraag mijn vrienden om me te helpen om de sollicitatiebrief na te kijken als ik bang ben onprofessioneel en onkundig over te komen.” (Anderen kunnen mij helpen.) 
Deze (eerste) keuze zegt veel over je personage. Of hij zijn eigen verantwoordelijkheid neemt of niet, of hij afhankelijk of zelfstandig is en welke mate van trots hij heeft. Deze bevindingen kunnen je helpen bij het uitwerken van het karakter van je personage.

3. Hoe sterk is de ruggengraat van je personage?

Om een verhaal boeiend te houden, moet je personage vroeg of laat zijn comfortzone verlaten. Dat kan betekenen dat hij zijn angsten onder ogen moet zien. Hoe hij dat vervolgens doet, zegt veel over hem. Probeert hij waar het kan de schuld of de verantwoordelijkheid van de aanpak van het probleem naar een ander te schuiven? Is hij na twee keer spreekwoordelijk vallen al te veel van zijn stuk gebracht om nog op te kunnen staan en moet hij dan (al) geholpen worden door iemand om zijn angsten te kunnen overwinnen? Of is hij juist iemand die zo gehard is dat hij blijft vechten tot hij niet meer kan? 
Als je weet hoe veerkrachtig je personage is, weet je hoeveel en wat voor tegenslagen je hem moet geven om je verhaal interessant te houden. De tegenslagen moeten in evenwicht zijn met hetgeen wat je personage aan doorzettingsvermogen kan opbrengen. Geef je te weinig tegenslag, dan is je verhaal niet spannend genoeg. Is de tegenslag te heftig voor je personage, dan moet hij noodgedwongen zijn heldenreis voortijdig stoppen. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Wil je weten of je je personage bang genoeg hebt gemaakt? Schakel mij in voor manuscriptredactie.

Schrijversoefening: de gewenste nachtmerrie

Je personage heeft wensen en dromen. Dat is een goed begin van een personage-uitwerking. Je weet dan hoe je een centraal conflict in gang kan zetten: een heldenreis kan beginnen met het doel een droom na te jagen. Maar als je je personage in je opschrijfboekje juist gaat pesten, dan kun je nog meer over je protagonist te weten komen. Uitgangspunt: pas op met wat je wenst, want die wens zou maar eens uitkomen…

Wat zegt een wens over je personage?

Als je je personage wil leren kennen, is het belangrijk om te weten wat zijn wensen en dromen zijn. Zo weet je wat je personage als doel heeft en dus ook wat hij veel zal doen. Als hij dokter wil worden, zal hij gaan studeren. Als ze professioneel turnster wil worden, zal ze veel in de sportschool te vinden zijn.
Onze aankomende dokter is dus waarschijnlijk ook slim, onze turnster moet veel met voeding en beweging bezig zijn. Zo heb je een oppervlakkig begin van het doen en laten van je personage. Maar erg diepzinnig worden die bevindingen niet.

De nachtmerrie die een hartenwens blootlegt

Als je de wens van je personage vervult op een manier die je personage niet wil, dan kom je te weten wat de kern van de hartenwens is.
Naoko’s hartenwens is om moeder te worden, te trouwen en een huisje te krijgen voor haar gezinnetje.
Oké, prima, dan doen we het zo:
Je staat op het punt uitgehuwelijkt te worden, maar dan blijk je zwanger van een buitenechtelijk kind. Daarom verstoot je familie jou. Je trouwt met de vader van het kind, maar vrijwel niemand van de familie erkent je huwelijk, omdat het gemengd is. Je krijgt een eigen huis: een krot in het stadsdeel waar enkel andere uitgestotenen wonen. (Gedeelte van het plot van de roman: Het meisje in de witte kimono. Een leestip voor als je deze schrijfoefening in de praktijk wil zien.) Je wens is vervuld, Naoko, alsjeblieft. Maar dit wilde ze natuurlijk niet. Dit is eerder een nachtmerrie dan een wens.

Je wilde in je eentje een boswandeling maken? Ga je gang…

Wat schiet je hiermee op als schrijver die een personage aan het ontwikkelen is? Het leert je dat concrete wensen van een personage eigenlijk een soort invulling zijn van een breder verlangen.
Neem de wens een moeder te worden. Waarom wil je personage zo graag moeder worden? Daar kunnen veel verschillende redenen voor zijn, bijvoorbeeld:
* Ze is dol op kinderen;
* Ze wil een nalatenschap hebben;
* Ze vindt dat dat hoort bij vrouw en/of echtgenote zijn.

Laten we zeggen dat jouw personage moeder wil worden omdat ze een nalatenschap wil achterlaten op de wereld. Dat kan door kinderen te nemen, maar ook door bijvoorbeeld:
* een bedrijf te starten;
* een boek te schrijven;
* een nieuwe politieke visie te verkondigen.

Kortom: om de ‘diepliggende wens’ in vervulling te laten gaan, zijn kinderen niet de enige optie. Maar in die behoefte om nalatenschap kan je wel het mogelijke archetype van je personage zien. In dit geval zal deze vrouw een creator kunnen zijn: zelfexpressie staat bij dat archetype hoog in het vaandel. Creativiteit ook. Hé, misschien is zij ook wel een kunstenares…
En wat zal iemand die expressie belangrijk vindt nog meer nastreven, voor meningen hebben of voor afkeuren hebben? Als je de diepliggende wens eenmaal weet, kun je eindeloos verder brainstormen over wat voor iemand je personage nog meer is.

Vaardigheden en omstandigheden van je personage ontdekken

Je personage moet omgaan met deze ‘gewenste nachtmerrie’ die je hebt uitgewerkt. Hoe kan of doet hij dat?
Denk hierbij aan dingen als:
* Onderneemt je personage actie, wordt hij verlamd door angst of blijft hij hangen in een slachtofferrol? (Dit had mij niet mogen overkomen en daar ben ik zo boos over, dat ik nu verbitterd blijf mokken. Van dat mokken maak ik mijn comfortzone.) Dat zegt iets over het algemene karaktertrekken van je personage. Hij is een doorzetter, paniekerig aangelegd of geeft (te) snel op;
* Heeft hij de financiële middelen om uit de problemen te komen? (Kan hij een advocaat inschakelen, een nieuwe woning huren, de ziekenhuisrekening betalen?)
* Heeft hij de intelligentie/ kennis of zelfstandigheid om een actie te kunnen ondernemen? (Ga maar iets oplossen als je niet weet wat er aan de hand is. Of als je blut bent en nog nooit een rekening hebt betaald omdat de persoonlijke assistent van je stinkend rijke familie dat altijd deed.)
* Wie kan en durft je personage om hulp te vragen? Dit zegt iets over het sociale vangnet dat je personage (niet) heeft. Ook vertelt het of je personage voldoende assertief is, of misschien te trots;
* Is je personage standvastig of juist flexibel?

Gaat je personage koste wat kost proberen om de oorspronkelijk gekoesterde wens in vervulling te laten gaan? Of geeft ze uiteindelijk op en zoekt ze een manier om geluk te zoeken in de omstandigheden zoals ze nu zijn?

Pak maar vast je post-its erbij: je zal met veel nieuwe en korte inzichten komen als je deze oefening doet.
Schrijf op wat je te binnen schiet, beperk jezelf niet. Het is een oefening: niets hoeft in je boek gebruikt te worden en alles wat je tegenkomt, is een potentieel nuttige bevinding.

Verhaalthema bepalen

Als je al het bovenstaande te weten komt, kan je je bevindingen samenvoegen tot een verhaalthema. Daar kan je dan andere gebeurtenissen of personages over schrijven. Als je gaat schrijven over ontplooiing, kan je je personage een extra cursus laten volgen. Of een vriend of vriendin in het verhaal schrijven die je protagonist aanspoort om grenzen te verleggen.
Het is het beste om als geheel je personage een verhaal te geven waarin er balans is tussen de nachtmerrie in je opschrijfboekje en de wensvervulling die je personage heeft. Dan is je schema van save the cat uiteindelijk goed in balans. Uiteindelijk zal deze schrijfoefening je als je als het goed is ook kennis over je gehele verhaal moeten geven, niet alleen over je personage.

Heb je hulp nodig met je verhaal en het bepalen van het verhaalthema? Kijk eens in mijn webshop.

Dit is het nut van schrijversgroepen

Als je schrijft, is het fijn om feedback te krijgen. Je kan daarvoor proeflezers inschakelen, maar soms is het niet je inhoudelijke tekst, maar het schrijversinzicht waar je hulp mee wil krijgen. Voor beide manieren van feedback kan je terecht in schrijversgroepen.

Feedback van schrijversgroepen

In schrijversgroepen wordt er van alles en nog wat besproken. Meestal wordt er vooral feedback gevraagd en gegeven. Het fijne van een schrijversgroep is dat je de feedback die je krijgt wordt gegeven door mensen die zelf met schrijven bezig zijn. Dat wil niet altijd zeggen dat de mensen ook professionele feedback kunnen geven, maar het heeft hoe dan ook voordelen:
* je vindt altijd wel iemand die op hetzelfde ‘niveau’ zit als jij. Begin je net met schrijven? Dan kan je vast iemand vinden die ook nog worstelt met een personagebiografie, omdat het de eerste keer is dat ze die schrijft.
Ben je al jaren bezig met creatief schrijven? Dan kun je over de combinatie van talloze schrijftechnieken praten met iemand die literaire werken schrijft. Als je de juiste schrijversgroep vindt, kan je altijd wel iemand vinden met wie je kan sparren over schrijven op een manier waar jij iets aan hebt.
* Wie schrijft, moet lezen. Dat betekent dus ook dat de mensen in een schrijversgroep een meer geoefende blik hebben op wat prettig leest dan mensen die nauwelijks lezen en die jij vraagt voor een keer proeflezer te zijn.

Schrijversgroepen: een nieuwe kijk op tekst

Tenzij je een schrijversgroep vindt die gericht is op een specifiek genre, zal je medeschrijvers tegenkomen die een ander genre schrijven dan jij. Doe daar je voordeel mee. Je kan veel leren door veel te lezen van hetzelfde genre als je zelf schrijft. Zo kom je erachter welke elementen gevoelig zijn voor clichés. (Had de rijke Joe Sixpack geen vaderfiguur en weet hij daarom niet hoe een ‘echte man’ zich hoort te gedragen?) Maar je doet er goed aan om ook te lezen buiten het genre wat je zelf graag leest en/of schrijft. Dan zal je zien dat er ook als je geen genre-specifiek cliché hebt om op te letten, er in elk genre een aantal technieken of personageontwikkelingen terugkomen. Dat valt soms meer op als je een tekst ziet die betreft verhaalthema weinig met dat van jou gemeen heeft.

Leren schrijven van verschillende teksten is soms net als het welbekende spelletje bij een tweeling: zoek de verschillen en overeenkomsten.

Jij bent je Joe Sixpack aan het schrijven, maar wil dat wel goed doen. Je wil dus weten hoe je schrijft over bepaalde aspecten van mannelijkheid. Maar mannelijkheid komt niet alleen in de context van romanceboeken voor. Het ziet er vaak alleen (een beetje) anders uit. In een verhaal over een conservatieve familie zal pa met een kantoorbaan echt geen wasbordje hebben. Maar als kostwinner van het gezin draagt hij wel degelijk mannelijke waarden uit. Op deze manier krijg je te zien hoe je mannelijkheid ook of nog meer kan portretteren. Dat gaat makkelijker als je toegang hebt tot voorbeelden uit andere genres. Dat voorkomt dat je schrijft ‘omdat het zo hoort’ in plaats van dat je je eigen creativiteit zijn gang laat gaan.

Korte feedback in schrijversgroepen

Het is fijn om in een schrijversgroep te zitten, omdat je antwoord kan krijgen op een simpele vraag. Als je twijfelt of je goede symboliek in je verhaal hebt toegepast kan je een blogpost daarover lezen en je voor de zesde keer afvragen of je de theorie wel goed begrepen hebt. Of je stelt een simpele vraag in de schrijversgroep:
Hoi allemaal,
Ik schrijf een fantasy en heb een gemeen trol-achtig wezen ontworpen dat ondergronds leeft en niet het meest op de hoogte is van de ontwikkelingen van de wereld in zijn geheel. Dit heb ik gedaan vanwege de symboliek van ‘onder een steen leven’ of ‘ondergronds leven is duister en gemeen.’ Vinden jullie dat cliché of goed gebruik van symboliek?

Als je creatief wil schrijven, moet je schrijfinzicht vergaren. Dat kan je leren door je in technieken te verdiepen, maar ook door naar de meningen van andere schrijvers te luisteren. Zo leer je dat er verschillende smaken zijn. Met een beetje oefening kan je jezelf aanleren om daar zodanig tussen te schipperen dat je het beste van beide werelden samenvoegt tot een uniek geheel:
Welk element van een Mary Sue vinden jullie het meest storend?
“Dat ze de lat voor ‘een goede vrouw zijn’ veel te hoog legt voor mij,” zegt de een.
“Dat ze altijd een perfect leven lijkt te hebben”, zegt de ander.
Dus bedenk jij: misschien kan ik dan het beste over een vrouw schrijven met een minder dan perfect leven die bovendien niet aan alle traditionele vrouwelijke waarden voldoet. Dan is mijn personage waarschijnlijk snel Mary Sue af.

Deze korte antwoorden van anderen kunnen soms ineens een aha-momentje geven dat je niet krijgt als je alleen maar leest over tips om een Mary Sue vermijden. Soms ligt het antwoord in een simpele, snelle observatie (van anderen), niet in het minutieus ontleden van alles dat je hebt geschreven.

Soms moet je schrijven zo simpel mogelijk houden. Niet alleen wat betreft je uitwerking, maar ook betreft je uitgangspunt.

Zelf feedback geven in een schrijversgroep

Als je oefent met feedback geven door naar de teksten van anderen te kijken, wordt uiteindelijk jouw eigen tekst ook beter. Als je een aantal keren hebt geschreven over de tekst van een ander: pas op dat je zinnen niet te lang worden, ik zie soms drie komma’s in een enkele zin staan. Dan word je alerter op kommagebruik. En dan bedenk je opeens: Verdorie, dat doe ik zelf ook! Zo zie je een zwakke plek van jezelf die je anders misschien niet had kunnen ontdekken. Als je ergens geen (specifieke) aandacht aan besteedt, gaat het sneller aan je voorbij. Besteed daarom zo nu en dan ook eens wat tijd aan de teksten van anderen, niet alleen aan die van jezelf.

Zit je niet in een schrijversgroep, maar wil je wel professionele feedback? Schakel mij in voor manuscriptredactie.

Drie manieren om een ruzie tussen personages beter te schrijven

Tijdens een ruzie lopen de gemoederen hoog op. Bovendien denkt elk personage dat hij degene is die gelijk heeft. Hoe zorg je ervoor dat een ruzie kan uitmonden in een beter verhaalverloop? Oftewel: hoe zorg je ervoor dat je geen eindeloze welles-nietes-discussie neerpent?

1. Bepaal de allergie van de personages

Maak de volgende zin af: “Ik ben echt allergisch voor mensen die…” Mensen ergeren zich aan bepaalde uitgangspunten of karaktertrekken van anderen, dus personages doen dat ook. De kans is groot dat er iets gebeurd is dat die ‘allergie’ in gang heeft gezet, waardoor er nu ruzie is tussen je personages.
Jouw rijke, genadeloze personage komt oog in oog te staan met een uitkeringsgerechtigde: “Mensen moeten maar werken voor hun geld.” Of ouders zijn het er niet over eens hoe ze hun ongehoorzame kind moeten straffen: “Als jij haar nou wat harder had aangepakt, was dit nooit gebeurd. Jij en je softe aanpak ook altijd!”
Het is belangrijk dat je van beide partijen de allergie te weten komt, want dat kan je antwoord geven op een belangrijke vraag: Waarom is er überhaupt sprake van boosheid of ruzie?
Omdat beide personen (vanwege die bepaalde redenen) op dit moment in elkaars ‘allergiezone’ zitten.

2. Bepaal het doel van de personages

“Ik pak onze dochter het liefst aan met de harde hand, ook al doe jij dat liever met de zachte hand.”
“Oké, dan ze krijgt een maand huisarrest.”
Dat lokt geen ruzie uit. Meestal is een ruzie het resultaat van een personage dat zich door de ander gedwongen voelt zijn normen en waarden op te geven, of zich geremd voelt in hoe ze als mens wil groeien.
Jij vindt dat je mensen altijd zacht aan moet pakken. Dan zal je je stekels opzetten als er gesuggereerd wordt dat er een flinke straf moet worden uitgedeeld. En als je dolgraag naar de universiteit wil om te gaan studeren (lees: intellectueel wil groeien) en iemand zegt dat je dat niet mag, is diegene eerder je vijand dan je vriend.
Bepaal bij een ruzie wat het is dat je personage zo graag wil verdedigen. Dan kun je zijn argumenten beter begrijpen en dus beter opschrijven. Bovendien weet je dan ook hoe je personage grofweg op het tegenargument van de ander gaat reageren.
Je personage is tegen dierenbont vanuit de diepere overtuiging dat een mens geen andere levende wezens kwaad mag doen. Als ze dan te horen krijgt dat ze hypocriet is omdat ze andere mensen kwaad doet door ze een gevoel van ongemak te geven door een felle discussie aan te gaan, weet je dat daarmee olie op het vuur wordt gegooid.

3. Bepaal een keerpunt

Soms zijn de argumenten in een ruzie objectief gezien niet sterk, omdat de personages te druk bezig zijn hun eigen waarden te verdedigen of de ander ongelijk te geven. Maar je kan ook argumenten geven die je personage zodanig raken dat het hem aan het denken zet of iets in hem losmaakt.
Als de anti-dierenbontactiviste hoort: “Maar je eet nog vlees. Daarvoor worden dieren doodgemaakt en daar doe je ze kwaad mee”, dan zal ze daarover nadenken en misschien ook wel anders (moeten) gaan handelen. Dat kan het plot in gang zetten of veranderen: nu gaat het verhaal verder over hoe de activiste vegetariër wordt. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Hulp nodig bij het uitschrijven van een ruzie? Schakel mij in voor manuscriptredactie.

Autobiografisch schrijven: hoe schrijf je over jezelf?

Als je autobiografisch schrijft, kan het lijken alsof je alleen maar hoeft op te schrijven wat er is gebeurd. Met deze drie tips maak je je eigen verhaal prettig leesbaar door juist een beetje met de waarheid te spelen.


1. Mix fictie en waarheid

Niemand heeft een leven dat continu bol staat van actie. Ook al sta je voor je werk in uitverkochte stadions, af en toe heb jij ook een avondje bankhangen. Je moet je dus niet te veel aan de zuivere waarheid houden, want dat gaat ten koste van een spanningsboog, of überhaupt van een interessant verhaal. Als je in werkelijkheid een ingeving kreeg bij een kopje koffie dat je alleen dronk, mag die ingeving in je verhaal gerust laten komen op moment dat je net een heftige discussie had met je werkgever. Overdrijf de actie echter niet. Je moet wel onthouden dat je autobiografisch schrijft, geen fictieve actiethriller.

2. Kijk terug naar je verleden met je kennis van nu

Als je een levensverhaal schrijft, kijk je ergens op terug. Het is vaak zo dat je later op iets terugkijkt en dan iets beseft wat je eerder niet kon begrijpen. Als kleuter vond je je moeder stom omdat je ze nooit een hele zak snoepjes gaf als je daar zin in had. Als volwassene weet je wel beter: ze was niet stom, maar gaf om je gezondheid. Zo kun je ook anders kijken naar het verloop van je leven, invulling van relaties en hoe je je mening vormde. Ben niet bang om jezelf (in vele opzichten) eens goed onder de loep te nemen. Je kan er kennis mee opdoen die goed te gebruiken is om een stevige verhaallijn mee op te bouwen.

3. Wie speelt er nog meer mee in je verhaal? 

Je bent niet alleen op de wereld. Als je schrijft over jezelf, ga je uiteindelijk ook over andere mensen schrijven. Bedenk goed wie een plaats in je verhaal krijgt en waarom. Vergelijk het met een klas op school. Je zat met dertig kinderen in de klas, maar je kan niet over al die klasgenoten schrijven, want dan wordt je verhaal rommelig. Bedenk wie er daadwerkelijk een rol in je leven heeft gespeeld, voordat je diegene een rol in je verhaal geeft. Bedenk vervolgens goed wat je over die persoon schrijft. Schrijf niet zomaar privégevoelige informatie van iemand anders in je boek. Pas het desnoods een beetje aan, zodat je niemand onnodig voor het blok zet.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Hoe maak je een ruzie nuttig voor het plot van je verhaal?

Als je schrijft, vliegt de term centraal conflict je om de oren. Maar een conflict is in schrijversland niet altijd hetzelfde als een ruzie. Maar je moet wel proberen van een ruzie een goed conflict te maken, voor een vlot verhaalverloop. Hoe zit dat precies?

Ruzie en conflict in een verhaal

Zoals je waarschijnlijk weet, is een conflict essentieel voor een goed lopende verhaallijn. Tegelijkertijd betekent de term ‘conflict’ in de schrijverswereld niet meteen dat er ruzie is.
Een ruzie heeft geen speciale betekenis in de schrijverswereld. Dat is het principe dat mensen schelden, vechten, schreeuwen of het alles behalve met elkaar eens zijn. Maar een ruzie moet wel een conflict zijn: het moet in dienst staan van het verhaal en het plot verder helpen. Anders krijg je een eindeloze, saaie en nutteloze welles-nietes-discussie.

Ruzie in een verhaal

Een ruzie is iets dat een leven in meer of mindere mate in beslag kan nemen. Hoe groot of klein de ruzie ook is, het geeft een ongemakkelijk gevoel, dus daar wil je vanaf. En helaas is er voor dat gevoel geen simpel pilletje dat je even kan slikken. Dus als vanzelf ‘moet’ een ruzie worden opgelost.
Een ruzie moet altijd zodanig aflopen dat er iets in gang wordt gezet. Meestal is de ruzie een aanleiding en een aanloop naar een volgende clue. Dat betekent dus ook dat een verhaal niet mag stoppen met een ruzie.
Met een conflict gaat dat net iets anders: een conflict kan slecht aflopen en stoppen. Als je schrijft over een stel dat in relatietherapie gaat, maar uiteindelijk toch gaat scheiden, dan is het ‘verhaal’ van hun huwelijk voorbij en loopt het slecht af. Wat een conflict en een ruzie met elkaar gemeen hebben, is dat ze voor een groei van je personage of een verandering in het plot moeten zorgen.

Een ruzie uitwerken in je verhaal

Voordat je een ruzie op papier laat beginnen, moet je vooral je personages goed kennen. Niemand maakt voor de lol ruzie: het geeft een vervelend gevoel. Daarom moet je vooral weten wat je personage allemaal een naar gevoel kan geven. Lees daarvoor eens de personagebiografie. Daar kan je misschien al het een en ander in vinden. Wat ook kan helpen is de comfortzone te bepalen. Als je weet wat de comfortzone van je personage is en hoe hij daar uit moet komen om het centrale conflict daarmee te starten, ben je ook al een heel eind.

Ruzie en een comfortzone

Een comfortzone heeft als doel om je personage een conflict te laten aangaan. Niets blijft bij het oude; er moet iets gebeuren om een verhaal in gang te zetten. In het geval van een ruzie is deze comfortzone altijd ongemakkelijk; het is immers een ruzie. Bekijk dan eens van wat dichterbij wat er precies aan de comfortzone gaat veranderen en wat je personage daar niet prettig aan vindt. Enkele voorbeelden:
*Er is ruzie over geld. Je personage wil niet uit de comfortzone waarin geld niet zomaar voor handen is;
*Een kind maakt ruzie met haar vader als ze voor straf geen koekje mag. Ze wil niet uit de comfortzone van de belofte van een lekker snackje;
*Bij een vechtscheiding moet er worden beslist bij wie de kinderen voornamelijk gaan wonen. De moeder wil niet uit haar comfortzone als (archetype) rol van de verzorger.

Als je personage dit beeld al haar leven lang al doel heeft, zal zij bij een (v)echtscheiding er alles aan doen om de voogdij over haar kind te krijgen.

Kijk vervolgens hoe de comfortzone tot stand is gekomen. Ook nu kunnen de personagebiografie en de archetype rol van je personage daarover goede aanwijzingen geven. Wat zijn de normen en waarden van je personage? Wanneer en waarom schiet een personage precies uit zijn slof als iemand anders deze levenswijzen als raar of zelfs belachelijk bestempeld? Probeer daar eens met een vergrootglas naar te kijken. Zodra je dat weet, kan je de ruzie inhoudelijk levendiger maken: je weet nu wat er voor het gevoel van je personage daadwerkelijk op het spel staat.

Ruzie en een conflict

Een conflict is dat welbekende principe van vallen en opstaan en steeds dichter bij een oplossing of een einde komen. Als een ruzie dus een conflict is, moet je ervoor zorgen dat de ruzie meerdere ‘lagen’ heeft. Als eerst kijk je naar de oppervlakte: wat zijn de primaire reacties van je personages? Hoe reageren ze op elkaar? Door die reactie komt een volgende laag naar de oppervlakte: “Jij bent ook zo’n rommelkont!” is niet het echte verwijten. Het gaat erom dat de ander niet meedenkt hoeveel extra tijd in het huishouden het de partner kost om extra rommel op te ruimen. Het verwijt is dat de ander ondoordacht handelt. Dan is het dus niet opgelost als de afwas een keer wel is gedaan. Je personages zullen met vallen en opstaan moeten bedenken hoe ze dat dieperliggende conflict moeten aanpakken.

De oorzaak van een ruzie heeft vaak een dieperliggend probleem. Doe daar je voordeel mee: pak de gelegenheid aan om je personage erdoor te laten groeien.

Kijk daarvoor opnieuw naar de personagebiografie, normen en waarden en de comfortzone van je personages en leg ze naast elkaar. Als je ziet dat de irritaties van de echtgenoot hetzelfde zijn als die van de echtgenote, is dat de sleutel tot de oplossing. Werk daar dan naartoe. Maar niet voordat je ziet in wat voor opzicht ze nu van meningen of doelen verschillen. Zo ben je verzekerd van een vallen en opstaan proces. Kijk daarbij ook wat nuttig is voor het groeiproces van de personages. Wat is de heldenreis van de personages? Als een personage moet leren om wat meer naar anderen om te kijken, laat de partner in de ruzie dan gerust, zo niet vooral de praten over hoe in de steek gelaten hij zich voelt. Anders wordt het voor het andere personage ook lastig om de benodigde les te leren. Laat de ruzie dus vooral even -maar niet te lang!- duren.


Hulp nodig bij het uitschrijven van je narratieve conflict? Schakel me in voor manuscriptreactie.