Het onschuldige en nodige gebrek van je personage: de sigaret

Ieder personage moet een tekortkoming hebben. Op die manier kan je lezer zich makkelijker met hem identificeren. Maar soms is het lastig om een passende slechte gewoonte of eigenschap te vinden. In deze blogpost weeg je af wat je de sigaret van je personage kan maken.

Wat is de sigaret van je personage?

Zie de sigaret als het gebrek of de tekortkoming van je personage die hij moet hebben. Objectief gezien is zijn sigaret wel degelijk iets negatiefs, of in ieder iets wat je liever niet zou zien. Tegelijkertijd is de sigaret ook iets waarvan je kan zeggen: het is nou ook weer niet meteen crimineel slecht.
Ik heb niet voor niets de sigaret als voorbeeld genomen voor dit principe. Iedereen kent de nadelen van roken en iedereen zal het erover eens zijn dat roken niet goed is voor jou, voor anderen of in het algemeen. Tegelijkertijd: zou jij beweren dat iemand die rookt een crimineel is? Waarschijnlijk niet. Zou jij acuut de kinderbescherming bellen als je weet dat de ouders van een kind roken? Dat lijkt me wat overbezorgd.
De sigaret kan je dus zien als een karaktertrek, gewoonte of overtuiging die niet meteen wenselijk is, maar die je personage wel iets geeft om geen Mary Sue te worden.

Een sigaret is soms minder erg dan de eerste associatie die hij tegenwoordig heeft.

Je personage is meer dan een gebrek

De sigaret en de roker zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Wie een sigaret opsteekt, is een roker. De roker doet op dat moment iets waar steeds meer mensen zich aan storen. Maar dat maakt de roker niet meteen een racist, mishandelaar of een anderszins kwaadaardig mens. Een roker zal je waarschijnlijk wel de weg wijzen als je verdwaald bent, zonder dat je bang hoeft te zijn dat hij intussen je zakken rolt. En als je last hebt van de sigaret, zijn de meeste rokers zonder mopperen bereid om buiten te gaan staan.
Kortom: de roker doet iets slechts, maar het is niet meteen een slecht persoon voor wie je moet oppassen, of die je op basis van die ene gewoonte een ingemene slechterik kan noemen. Het voordeel van een sigaret is dat je een tekortkoming hebt die ook echt als zodanig overkomt. Ja, nagelbijten is ook een tekortkoming, maar zoiets vergeet je al snel als daar vier goede eigenschappen tegenover staan. Een sigaretje opsteken daarentegen schuif je als slechte eigenschap minder snel aan de kant.

Voorbeelden van mogelijke sigaretten

De sigaret is één voorbeeld. Als je personage niet rookt, kan je ook aan dingen denken als:
* Iemand die (zonder grote of gewelddadige gevolgen) vaak drinkt/ dronken wordt;
* Iemand met een zeer grote ecologische voetafdruk;
* Iemand die vaker of liever neemt dan geeft;
* Een vrek. Let op: er is een verschil tussen geen geld willen uitgeven of mensen die bij je komen voor hulp omdat ze in financiële nood zitten willens en wetens in de kou laten staan omdat je geld wil besparen. Daar zit een aantal ‘gradaties van slechtheid’ tussen die je niet zomaar mag overslaan in je beredenering wat iemand slecht maakt.
Hou die gradaties in je achterhoofd als je gaat bedenken wat de mogelijke sigaret van je personage kan zijn.

De noodzaak van een personage met een onschuldig gebrek

Zoals je vast wel weet, is het noodzakelijk dat je een bepaalde balans hebt van goed en slecht in je verhaal. Als je een personage met een sigaret hebt, kan dat personage je protagonist de broodnodige spiegeling geven die je held nodig heeft om te groeien. Spiegelen kan twee dingen inhouden: zorgen voor een evenwicht tussen goed en slecht of reflectie.
Met spiegelen doel ik nu vooral op wat de lezer kan opmerken aan symbolieken en het verhaalthema. Ziet de lezer bijvoorbeeld dat je personage dol is op pasteltinten en dat dat haar zachte karakter weerspiegelt? Of (heel cliché) dat de held blond is met blauwe ogen en de slechterik in het zwart gekleed gaat?
Met reflectie bedoel ik iets wat je personage aan dit soort dingen op kan vallen. Deze hele blogpost over de metaforische sigaret is een trucje voor jou als schrijver, maar dat is iets wat je personage zelf óók zou kunnen merken.

Vroeg of laat moet je held beseffen dat hij (nog) iets moet leren of dat hij zo zijn tekortkomingen heeft. Dat is belangrijk voor het centrale conflict: leren hoort bij vallen en opstaan. Zelfreflectie kan moeilijk zijn en dan is het makkelijk als je een zetje krijgt. Het is niet zo moeilijk meer om te zeggen dat je nog iets moet leren, iets niet kan doen of iets gewoon niet bij je past als er iemand in je naaste omgeving een metaforische sigaret heeft. Dan kan je hoofdpersonage iets denken als: Ik ben niet slim genoeg om te studeren. Maar mijn vriend, die hoogleraar is, heeft schulden omdat hij koopziek is. Ik heb mijn financiën op orde, dus dat doe ik nog wel goed. En trouwens, ook al is mijn vriend koopziek, het is nog steeds een beste vent: ik wil nog gewoon vrienden met hem zijn, want hij is meer dan alleen koopziek. Waarom zou ik dan niet méér dan alleen laagopgeleid zijn? Dat maakt mij toch niet meteen slecht?

Misschien ben ik wel niet zo slecht (bezig)… Deze afweging kan je personage een prettige schop uit de comfortzone geven. Zo komt er weer vaart in het verhaal.

Er komt dus een zekere mate van vergelijking bij kijken. Deze vergelijkingen zijn niet per se oordelend. Het gaat erom dat je personage een bepaalde ´ademruimte´ krijgt. Met deze ademruimte durft hij meer aan, een comfortzone te verlaten en dus verder met het verhaal kan gaan, omdat hij minder bang is om te vallen. Dit soort reflectie is niet iets dat ineens komt dagen bij je personage. Het zal een proces zijn dat een groot deel van het verhaal in beslag neemt als je personage beschamende gedachte over zichzelf heeft of weinig eigenwaarde heeft.

Ik kan controleren of je personage geoeg gebreken heeft: kijk eens in mijn webshop.

Blank slate: een slecht personage, maar een fijne schrijftechniek

Een blank slate is een slecht uitgewerkt personage. Je kent het misschien als een eendimensionaal personage. Maar als je blank slate vertaalt naar een schrijftechniek, kan je die wel degelijk gebruiken.

Wat is een blank slate?

Om zowel het personage als de techniek van blank slate (blanco lei) te begrijpen, moet je je een lei voor de geest halen. Merk op dat er niet veel ruimte is om te schrijven. Daarnaast moet je regelmatig je inhoud wissen, waardoor die als het ware vervangbaar wordt.

Een blank slate personage

Een blank slate personage kan je op twee manieren interpreteren. Het personage dat eendimensionaal is en het personage dat weinig tot geen eigen overtuigingen, meningen of doelen heeft.
Het eendimensionale personage is het personage dat zo weinig diepgang heeft dat je al zijn karaktertrekken of kenmerken op de kleine lei zou kunnen schrijven: Berkay is ijverig, stoer en muzikaal. Daar kan je niet zoveel mee. Je kan de optelsom maken dat hij een goede rapper zou zijn. Maar daar kun je hoogstens een verhaalidee van maken. Als je wil weten hoe hij dat voor elkaar gaat krijgen, moet je bijvoorbeeld ook weten of hij connecties heeft in de muziekwereld, geld om muziek te gaan studeren of desnoods zijn eigen hits helemaal uit eigen zak kan produceren en uitbrengen. Maar met een dik krijtje en een kleine lei gaan alle dingen die nodig zijn om over Berkay te weten, niet meer passen. Berkay blijft een eendimensionale muzikant.

Een blank slate is als een clichébeeld dat je niet verder uitwerkt.

Dat eerste blank slate-personage heeft een soort samenhang met de het tweede blank slate personage: die blijft zo aan de oppervlakte dat hij alles maar laat gebeuren. Door dat eendimensionale aspect heeft hij geen uitgesproken wil of mening heeft waar hij naar kan handelen.
Denk aan iemand die je uitnodigt op een feestje. Als je vraagt: ‘Wat kan ik voor drinken in huis halen voor je?’ zegt diegene: ‘Och, ik vind het allicht goed.’ (Ik ben ook zo iemand… oeps 😉 ) Het is lief bedoeld, maar handig is het niet. Want als jij straks voor het drankenrek in de supermarkt staat, neem je dan wijn, bier, of sterke drank mee, of moet je dan toch weer terug naar het frisdrankenschap?

Als je aan Berkay vraagt wat hij met (zijn) muziek wil, is het ergste wat hij kan zeggen: ‘Ach… ik zie wel.’ Mensen hebben dat voorrecht, maar personages niet. Deze houding is funest voor een verhaal, want het zorgt voor stilstand. Je verhaal mag (op sommige momenten) best wat traag zijn, maar het mag nooit stilstaan. Je moet als schrijver iets hebben om naar toe te schrijven/ over te schrijven. Je moet weten of je schrijft over de hobbyist of de ambitieuze jongeman die een platencontract wil krijgen. Anders heb je een verhaal zonder centraal conflict. Berkays verhaal hoeft niet bol van de glamour te staan, maar er moet wel beweging in zitten. En dat gebeurt niet als hij op de bank blijft zitten en zijn schouders steeds maar ophaalt.

Blank slate als schrijftechniek

Voor deze schrijftechniek bestaan vele namen. Ik noem hem expres de Blank slate-techniek, omdat je zo makkelijk het effect kan zien. Als je weet dat een blank slate-personage eendimensionaal en te gemakkelijk is, heeft de techniek een soortgelijk uitgangspunt: hou het simpel, lekker breed en maak vooral nog geen bindende beslissingen. De techniek is vooral handig om te gebruiken als je net aan een verhaal begint, of als je lang niet geschreven hebt en weer even in je verhaal moet komen. Zo kan je een mentaal writer’s block voorkomen.
Er kan niets zo ontmoedigend zijn als aan een verhaal beginnen met het idee dat je nog niet genoeg weet. Dit gebeurt bijvoorbeeld wanneer je nog niet veelschrijfonderzoek hebt gedaan, de personagebiografie nog redelijk leeg is of het save the cat schema nog niet volledig is.
Maar je wil niet altijd wachten tot je al die zaken hebt uitgewerkt. Ofwel omdat dat niet jouw stijl is, dan wel omdat je nu al vier lange maanden aan het onderzoeken bent en ook ein-de-lijk wel eens echt wil gaan schrijven.
Sta jezelf toe om met denkbeeldige lege leien in je scène te gaan beginnen met schrijven. Begin gewoon met tikken en zodra je iets tegenkomt waarvan je denkt: hoezo moet ik dit nu al weten? Maak er dan een leitje van en ga gewoon weer verder. Geef de zaken die je op je denkbeeldige lei zet een andere kleur, zet ze tussen haakjes, maak ze vetgedrukt of typ in lettertype gigantisch, net wat jij fijn vindt. Zolang je leitje maar een duidelijk ‘gat’ of ‘werk in uitvoering’ is.
Een voorbeeld van leitjes op zinsniveau:
* Berkay ondertekende het contract van [naam]. Hij kon niet weten dat hij zojuist een wurgcontract had getekend, want meneer [achternaam zoeken die een subtiele symboliek/ betekenis rondom een gemenerik heeft] bleek een oplichter van het eerste uur te zijn.
Dan loop je in ieder geval niet vast op een detail en kun je de rest van de scène nog gewoon blijven schrijven.
Misschien kom je dan wel met het idee: Meneer van den Eijk. Want wat zijn de vruchten van een eikenboom? Precies… Dat is niet subtiel genoeg naar je smaak. Dan kan je je leitje een net iets andere opmaak geven, zodat je in een oogopslag kan zien dat het concept duidelijk is, maar de uitwerking nog niet klopt:
Hij kon niet weten dat hij zojuist een wurgcontract had getekend, want [Meneer van den Eijk] bleek een oplichter van het eerste uur te zijn.

Ook in een bredere context kunnen leitjes nuttig zijn:
Als Berkay tourt, komt hij een fan tegen die… (Tja… wat eigenlijk? Geen idee…) [iets met stalken, maar hoe precies? De politie moet in ieder geval worden ingeschakeld].
Dat komt later wel. Als je nu een leitje gebruikt, kan je in ieder geval over de optredens schrijven voorafgaand aan de stalkende fan.

Heb je een goede start gemaakt? Ik kan het controleren: kijk in mijn webshop.

Schrijfoefening: de spijt van je personage

Probeer er eens achter te komen waar je personage spijt van zou krijgen. Je leert meer over je verhaalthema, plotontwikkeling en je personage!

Spijt in je verhaal

Als je personage zou weten waar hij vlak voor het eind van zijn leven spijt van zou krijgen, dan zou hij willen weten hoe hij dat zou kunnen voorkomen. Soms lukt dat, soms niet. Ieder persoon/ personage heeft zijn beperkingen. Je gaat met deze schrijfoefening onderhandelen met je personage over hoe die spijt voorkomen kan worden.

Randvoorwaarden voor de onderhandeling

Als jouw personage gokverslaafd is, zal hij spijt krijgen dat hij al zijn geld heeft vergokt, maar als jouw verhaalthema verslaving of financiële problemen is, dan kun je hem niet tegemoetkomen. Omdat je personage imperfect is, is spijt niet altijd te voorkomen. Er zijn altijd omstandigheden die het geluk van je personage onmogelijk kunnen maken of vertragen. Denk aan:
* Het verhaalthema kan niet stroken me de wensen van je personage.
* Bepaalde zaken uit de personagebiografie (angsten die je personage beperken, een wieg die op een ongunstige plaats heeft gestaan…) of de boodschap van je verhaal komen niet overeenkomen met het persoonlijke belang van je personage.

Voor deze schrijfoefening is het fijn als je al met je personage kan ‘praten‘.

Start van de onderhandeling

Harm heeft ruzie met zijn beste vriend, Walter. Hij komt mopperend naar jou toe:
”Walter is echt een eikel! Hoe durft hij mij verantwoordelijk te houden voor het feit dat hij ontslagen is? Ik heb uren met hem gebeld over hoe hij de nare situatie op zijn werk op zou kunnen lossen! Ik gaf hem raad, die volgde hij niet eens op en nu is het mijn schuld dat hij geen baan meer heeft! Ik hoef hem nooit meer te zien.”
Je geeft Harm gelijk: dit is een oneerlijke situatie. Maar als God van zijn leven en de bepaler van de verhaallijn waarschuw je Harm: ”Als jij die ruzie met Walter niet oplost -ook al is dat niet meteen-, krijg je daar ‘sterfbedspijt’ van.”
“O nee,” schrikt Harm. ”Dat wil ik echt niet!”
Nu kunnen jij en Harm onderhandelen.

Tijd voor een goede onderhandeling tussen jou en je personage.

Uitwerking van de onderhandeling

Harm speelt de hoofdrol in een verhaal met het thema: eigenwaarde behouden. Hij is trouw, maar ook onzeker. Hij kan zich een leven zonder Walter als vriend niet meer herinneren. Vanwege zijn trouw heeft Harm veel voor Walter over. Maar Walter is ambitieus en heeft veel andere vrienden: Harm is een goede vriend, maar niet meer zo belangrijk voor Walter als vijfentwintig jaar geleden. Bart kan hem óók uit de brand helpen. Harm heeft hem teleurgesteld, dus gaat hij andere vrienden bezoeken. Dat is misschien niet eerlijk, maar dat hoeft ook niet. (Lees hier waarom niet). Het feit blijft dat Harm boos is op Walter. En Harm moet daar iets aan veranderen, want híj is de held in het verhaal.
Vanwege zijn trouwe aard begint Harm aan zichzelf te twijfelen. Is hij misschien niet trouw genoeg geweest? Had hij meer moeten slikken?
“Nee,” zeg jij dan. ”Dit is helaas voor jou een onontkoombaar moment. Vanwege het verhaalthema moet jij leren dat je waarde hebt. En die eigenwaarde moet onvoorwaardelijk worden en losstaan van wat Walter van jou vindt. Walter doet jou nu pijn doordat jij iets van waarde aan hem hebt gegeven en hij dat niet op waarde schat. Dat is jouw centraal conflict, en daar kom je niet onderuit.” (Zie je dat ‘waarde’ in twee zinnen vier keer voorkomt? Dat geeft aan dat het een thema is, waar je dus serieuze aandacht aan moet besteden.)
“Maar,” weerlegt Harm “Walter is zo belangrijk voor me. Als hij wegvalt, durf ik mijn comfortzone niet uit om dat conflict aan te gaan.”
Daar heeft Harm een goed punt. Kijk eens hoe je Walter (of de aspecten die Harm van hem mist, zoals vriendschap, de behoefte een steun voor anderen te kunnen zijn) tijdelijk kan vervangen.

Vervangen van de voorwaarden

Harm is dol is op voetbal en ongewenst kinderloos. Daarom wordt hij buurtvader, waar hij met kansarme kinderen gaat voetballen en hen zo helpt op het goede pad te blijven of ontspanning te bieden. Dan kom je hem tegemoet in zijn behoefte om anderen te steunen en een verschil te maken. Eens in de zoveel tijd krijgt Harm te maken met een boze ouder, die onterecht veel van Harm verwacht als buurtvader: ”Nee, mevrouw Koopmans, ik kan van uw kleine Ricky geen nieuwe Messi maken.” Harm leert om mevrouw Koopmans naast zich neer te leggen. Hij is wel degelijk een goede buurtvader; tiener Abdel is door het voetbal van de straat gebleven. Zo behoudt Harm de buurtvader met vallen en opstaan zijn eigenwaarde.

Hup, team Harm!

Spijt voorkomen

Na een paar jaar buurtvaderschap leert Harm de vader van zijn cliëntje Louis kennen. Hij heeft griezelig veel gemeen met Walter. Deze man wordt ook door zijn ambities verblind en reageert zijn frustraties af op de kleine Louis. Op een bepaald moment beseft Harm: Die man wordt opgevreten door zijn overdreven ambitie en kan dat ook niet helpen. Goh, misschien gold dat ook wel voor Walter.
Het is geen pijnpunt meer voor Harm, dus kan hij er makkelijker op een afstandje naar kijken.

Met meer eigenwaarde dan een aantal jaar geleden, probeert Harm de ruzie met Walter weer bij te leggen. Of dat lukt, is niet meer belangrijk. Je hebt voldaan aan je thema, want Harm zal zijn eigenwaarde zal behouden; hij heeft een conflict met vallen en opstaan gehad. Spijt is ook niet nodig; hij heeft gedaan wat hij kon om te voorkomen dat hij op zijn sterfbed spijt zou hebben dat hij Walter voorgoed had afgeschreven.
Harms heldenreis is hoe dan ook geslaagd: je lezer wil de held risico’s zien nemen. Of die zich dan ook uitbetalen is dan bijzaak.

Kijk zo naar potententiele spijt en je leert meer over je personage, je verhaalopbouw en je krijgt een stevig conflict dat goed aansluit op je verhaalthema.

Hulp nodig bij het controleren van wat je schrijft in je boek? Schakel mij in voor redactie, voordat je spijt krijgt dat je dat niet eerder hebt gedaan en veel moet herschrijven.



Wat zijn de belangrijkste elementen uit de personagebiografie?

Een personagebiografie maken is erg belangrijk. Je mag hem zo lang en zo kort maken als je zelf wil. Toch zijn bepaalde elementen van essentieel belang. Welke zijn dat en waarom?

Waar is een personagebiografie voor bedoeld?

Een personagebiografie maak je om te weten hoe je personage in elkaar steekt, zodat je een naslagwerk hebt dat je kan raadplegen. Hiermee voorkom je continuïteitsfoutjes -een dame met een prachtige bos natuurlijke krullen wil een krultang kopen-. Naarmate het verhaal vordert, kan het een reddingsboei zijn: als je personage een belangrijke beslissing moet maken, kan je in zijn biografie teruglezen wat bepaalde normen en waarden zijn, waardoor je niet alleen weet wát je personage zal doen, maar ook waarom hij dat doet. Kortom: de personagebiografie zorgt ervoor dat je personage altijd stevig kan staan in je verhaal.

Wat het schrijven van een personagebiografie lastig kan maken, is dat je bij aanvang niet altijd weet wanneer/ of iets nu belangrijk is om te weten of niet. Want hoe weet je nu of de kleur van de ogen een belangrijk detail blijkt of niet? Meestal kan je je personagebiografie zonder problemen aanvullen naarmate je vordert met schrijven, maar de onderstaande punten zijn zowel essentieel om te weten als handig: je kan door deze dingen in te vullen je personage ook beter leren kennen.

De grootste droom van een personage

De grootste droom van je personage vertelt je erg veel over de interesses van je personages en wat hij allemaal kan/ wil of moet doen om die droom te verwezenlijken.
Als je personage als grootste droom heeft om analfabetisme uit de wereld te helpen zegt dat:
* dat kunnen lezen en schrijven hoog in het vaandel staat bij je personage;
* als vanzelf ook dat je personage lezen en/of schrijven ook leuk vindt. Anders had hij zich meer drukgemaakt om het regenwoud. Anders gezegd: er zijn zoveel problemen op de wereld waar je je druk om kan maken, dat je min of meer ‘selecteert’ met welke problemen je je ook echt bezig houdt. Dat probleem heeft logischerwijs dan ook vaak te maken met je eigen moralen of belevingswereld.
Met de grootste droom ontdek je ook de moralen, ambities en interesses van je personage. Veel meer dan bij simpelweg ‘grootste hobby’.

Wat zou je personage maar al te graag in een potje willen vangen bij een vallende sterrenregen?

De grootste angst als start voor het centrale conflict

Je kan je verhaal niet beginnen als je niet weet wat je hoofdpersonage als grootste angst heeft. Die zorgt er namelijk voor dat de comfortzone kan worden verlaten en het centraal conflict kan beginnen. Je hoeft niet per se rechtstreeks met de grootste angst van je personage te dreigen, maar als hij denkt dat de kans bestaat dat hij ook maar een stapje dichter bij die allesverzengende angst in de buurt komt, is je personage vaak al bereid tot actie over te gaan. En zonder actie geen verhaal. Weet dus waar je mee kan dreigen.

Het grootste geheim als een belangrijke drijfveer

Het grootste geheim en de grootste angst van je personage kunnen elkaar overlappen: “Wat als mijn geheim ontdekt wordt?” Maar dat hoeft niet altijd. Het belangrijkste verschil tussen de grootste angst en het het grootste geheim is dat de grootste angst vaak wat op de achtergrond speelt, of niet per se acute reden tot zorg is. Als je grootste angst is dat je kind komt te overlijden, slokt dat niet per se al je aandacht op als je kind gezond en in principe altijd veilig is.
Een geheim is per definitie iets waarvan je niet wil dat anderen het weten. En daarvoor zal je personage moeten liegen, dingen moeten verstoppen, bepaalde gesprekspartners vermijden… Kortom: een geheim staat veel meer op de voorgrond en zal dus ook in wat ‘losstaande’ scenes bepaalde acties of reacties van je personage vergen. Als je niet weet dat je personage arm is en dat voor zijn vrienden wil verbergen, zal je ook vergeten dat je personage een bankafschrift als een malle van de tafel zal halen als een vriend op bezoek komt.

Zou met een miljoen euro….

Hoewel geld zeker niet alle problemen uit de wereld helpt, kan een flinke smak ervan toch aardig wat teweeg brengen:
* Het kan bepaalde (financiële) problemen oplossen.
* Het kan bepaalde dromen mogelijk maken.
* Het kan je personage een gevoel van macht geven.

Als je personage bepaalde problemen vanwege rijkdom niet meer zou hebben, hoe zou hij dan in het leven staan, of wat zou hij dan doen? Dit geeft een idee waarin hij (alsnog) gehinderd wordt en wat hij wel degelijk kan als hij bepaalde middelen maar zou hebben. Dan weet je ook welke karaktertrekken of je personage heeft die bepaalde oplossingen onmogelijk maken, of de omstandigheden nu meezitten of niet:
* Als hij hebberig is, zal hij altijd meer willen en zorgt geld dus blijkbaar niet voor de tevredenheid waar hij naar zoekt.
* Als hij een lichamelijke beperking heeft, kan hij misschien wel een prothese betalen, maar als hij geen doorzettingsvermogen heeft om daar mee te oefenen, zal hij alsnog nooit leren lopen.

De grote vraag: en nu?

Als je personage dromen waar kan maken, wat gebeurt er dan met het centrale conflict? Dat zal ongetwijfeld anders worden. In een boek kan je niet om een conflict heen. Waar kan je je personage alsnog mee vervelen, ook al heeft hij in principe alles wat hij ooit gewenst heeft?

Als je personage macht heeft, wat doet hij er dan mee? Lees hier wat je mee kan nemen in je overwegingen.

Waar heeft de wieg gestaan?

Je wieg bepaalt met wat voor een bril je personage de wereld in kijkt. Dat bepaalt voor een groot deel zijn doen en laten. Vergeet dus niet zaken als:
* algemene levensloop;
* gezinssamenstelling (uit de jeugd en het eventueel zelf gestichte gezin);
* in wat voor milieu is hij opgegroeid?
uit te werken. Het maakt nogal uit of je in een sloppenwijk bent opgegroeid of in een villa. Als je als jongste door iedereen wordt vertroeteld, groei je anders op dan wanneer je voor zes jongere zusjes moest zorgen.

Heb je hulp nodig de heldenreis inhoud te geven? Kijk in mijn webshop.

De power fantasy-grens van je personage

Soms gebeuren er dingen in een verhaal waarvan je denkt: niet echt geloofwaardig, maar ach, het is fictie, dus dat mag. Maar dat heeft een grens. Vooral als het om personages gaat, kan die lastig te bepalen zijn. Want wanneer moeten ze net ietsje ‘meer van het goede zijn’ om de heldenrol in een verhaal te kunnen vervullen en wanneer worden ze daadwerkelijk te veel van het goede en daarmee een Mary Sue of een Deus ex machinamagneet?

Zo zorgt een Mary Sue voor obstakels in het plot

Bij een Mary Sue zijn er eigenlijk geen obstakels; vanwege haar perfecte aard komt ze overal mee weg. Toch is het handig om te kijken wat het dan precies is waar ze mee wegkomt en waarom.
Omdat ze mijn schoolvoorbeeld is van een Mary Sue, neem ik Savannah uitDear John weer als voorbeeld.
Savannah is mooi en lief, maar bovenal zorgzaam. Haar grootste droom is om een zomerkamp te openen voor autistische kinderen. Dat idee krijgt ze doordat een goede vriend van haar, Tim, een autistische zoon, Allan, heeft.
Savannah krijgt een relatie met John, maar hij wordt uitgezonden en het stel houdt contact. Op een bepaald moment schrijft Savannah dat ze het uitmaakt, omdat ze met Tim is verloofd. Later blijkt dat ze dat voornamelijk heeft gedaan omdat Tim terminaal is en ze voor hem en Allan wil zorgen. Ze geeft zelf toe dat haar hart eigenlijk nog bij John ligt. Als kijker van de film hoor je te denken: dat geeft niet, ze bedoelt het goed. Maar eigenlijk is dit een doorgeslagen power fantasy van Savannahs voornaamste karaktertrek: zorgzaamheid.

Savannah komt ermee weg dat ze haar verkering uitmaakt per brief, terwijl hij aan de andere kant van de wereld uitgezonden is en ze al verloofd is op het moment dat ze hem dat vertelt… Maar ergens voelt dat als (enigszins) oké, omdat die zorgzaamheid niet uit de lucht komt vallen. Dus ach… Het is een film/boek of fictie dus daar mag je enig surrealisme wel verwachten, toch?
Dat mag zeker; dat doet het (lezers)publiek ook. Maar die scheidingslijn tussen: ‘dit kan nog net’ en ‘tjee, wat is dit slecht!’ is soms flinterdun.

De power fantasy-eigenschap van je personage

Ieder (hoofd)personage heeft een eigenschap die wordt versterkt door power fantasy, zoals dat bij Savannah zorgzaamheid is. Dat is in beginsel helemaal niet erg; je held heeft versterkte eigenschappen nodig om een bepaalde (hoofd)rol op te kunnen eisen. Maar je moet wel voorkomen dat je personage irritant perfect wordt door deze eigenschap. Probeer die daarom op te sporen. Zo wordt je je bewust van waar die eerdergenoemde scheidingslijn zit. Dat maakt het makkelijker om je niet op dat riskante gebied te begeven. Je kan de eigenschap vinden door te kijken waar je personage in ‘uitblinkt’ en waaruit dat blijkt.

De zorgzaamheid van Savannah zie je terug in het feit dat ze:
* met kwetsbare kinderen wil werken;
* ze steeds in de buurt is van Tim en Allan wil zijn om voor hen te zorgen;
* dat zomerkamp wil oprichten;
* met Tim trouwt om voor hem te zorgen (zie je ‘m?) terwijl hij terminaal is. Ze trouwt met iemand om die karaktertrek als het ware na te jagen. Dat is nogal wat.
* En als ze getrouwd is met Tim, krijgt ze medevoogdij over de autistische Allan. Lees: ze heeft alweer (!) een reden om extra zorgzaam te zijn, want ze heeft nu twee kwetsbare mensen in haar directe omgeving.
Als je dit zo op een rijtje ziet staan, hoop ik dat je ziet dat Savannah een duidelijk gevalletje ‘te veel van het goede’ is. Zorgzaamheid is Savannahs grootste kracht (power), maar daarin slaat ze door: haar power fantasy wordt te groot om nog behapbaar te zijn. Ziedaar de transformatie van de ‘gewoon zorgzame Savannah’ naar een overdreven zorgzame Mary Sue.

Dokters zijn soms reddende engelen. Geef die eretitel niet zomaar aan iemand die overdreven zorgzaam is.

Geef de krachteigenschap weg aan een ander archetype

Als je de krachteigenschap en de bijbehorende bewijzen hebt gevonden, geef die dan weg aan een personage (uit een ander boek) dat qua archetype verschilt van het archetype waar deze eigenschap goed bij past. Zorgzaamheid past uiteraard goed bij een archetype zorger (zoals Savannah). Voor een archetype ontdekkingsreiziger is zorgzaamheid wat minder belangrijk. Maar dat wil natuurlijk nog niet zeggen dat hij niet zorgzaam kán zijn. Het valt alleen meer op als de ontdekkersreiziger naar verhouding heel erg zorgzaam wordt. Dat kan je in je voordeel gebruiken.

Je wil je ontdekkingsreiziger iets zorgzaams laten doen. Vervolgens geef je het complete eerder opgesomde lijstje van Savannah aan hem om uit te voeren. Waarschijnlijk is je eerste reactie: “Even dimmen…” Dit past namelijk niet bij hem, dus je zal in dat lijstje gaan schrappen. Je ontdekkersreiziger heeft nog een heel continent te ontdekken in twee maanden tijd. Die kan dan echt geen compleet zomerkamp gaan oprichten en ook nog eens een maandenlang voor een terminaal persoon blijven zorgen. Maar uiteindelijk blijft de optie dat je ontdekkersreiziger een weekje voor Allan kan zorgen (normaliter Savannahs taak), terwijl zij de eerste palen in de grond zet voor het clubhuis. Dan kan de ontdekkersreiziger behulpzaam zijn en daarna weer verder op expeditie gaan.

Zo, het clubhuis staat 😉

Zo kom je bij de hamvraag: wat is behulpzaam zijn nu precies en hoe uit zich dat (onder andere)? Omwille van de ontdekker heb je heel wat uit Savannahs lijstje geschrapt. Daarvan moeten enkele dingen toch weer worden gebruikt. Het feit blijft dat Savannah een zorger is en dat haar behulpzaamheid meer dan eens naar voren moet komen om daar haar (belangrijkste) karaktertrek van te kunnen maken. Maar als je een lijstje van die karaktertrek kan maken, daarin kan schrappen en weer gedoseerd wat gebeurtenissen of acties terug kan halen, zal je niet snel meer in de fout gaan.

“Ach het is een boek, dus dat mag,” impliceert dat je lezer ergens uit het verhaal is gehaald. Je verhaal slaagt beter als deze uitspraak er überhaupt niet van komt.

Wil je hulp bij het bepalen van een powerfantasygrens? Kijk eens in mijn webshop.

Schrijfoefening: duivels dilemma

Als je personage gedwongen wordt om iets te doen wat hem in elk opzicht tegenstaat of angst aanjaagt, geeft dat je de gelegenheid om een aantal belangrijke dingen over zijn geloof te leren en hoe hij zeer belangrijke en soms onmogelijke beslissingen neemt.

Onderstaand citaat komt uit De vliegeraar van Khaled Hosseini:

Als ik hem één kind weiger, neemt hij er tien. Dus ik sta toe dat hij er één meeneemt en ik laat het oordeel aan Allah. Ik slik mijn trots in en neem dat smerige rotgeld van hem aan. Dan ga ik naar de bazaar en dan koop ik eten voor de kinderen.

De context is als volgt: de hoofdpersoon wil zijn neefje ophalen uit een weeshuis om hem een beter leven in zijn gezin te kunnen geven. Het weeshuis is verre van een fijne plek en er is nauwelijks eten voor de kinderen. De directeur vertelt dat hij ‘zakendoet’ met een talibanstrijder. Als hij hem eens per maand, wanneer hij langskomt een kind meegeeft, krijgt hij genoeg geld om voor de overige tweehonderd kinderen eten te kopen. De directeur wordt in elkaar geslagen door de metgezel van de hoofdpersoon: “Hoe durf je een onschuldig kind mee te geven om verkracht te worden door talibanstrijders?!” Het bovengenoemde citaat is de verklaring van de directeur voor zijn keuze.

Duivels dilemma

Kiezen tussen twee kwaden wordt soms door elkaar gebruikt met ‘door de zure appel heen bijten’. Maar wat als het écht kiezen is tussen twee kwaden? Kwaden die zodanig heftig zijn dat je niet met je keuze kan leven, ook al weet je dat je iets moest doen, ongeacht of je keuze de juiste was of niet?
Ik laat het oordeel aan Allah” is in het voorbeeld erg diepgaand. Hier zegt de directeur niet dat hij het oordeel aan Allah overlaat als hij een keer vergeet naar de moskee te gaan. Hij heeft iets vreselijks gedaan waarvan hij weet dat het volgens de islam onvergeeflijk is, terwijl hij het niet wilde doen en daarbij ook nog vanuit de goedheid van zijn hart handelde…
Hij moest kiezen tussen het ene onvergeeflijke of het andere onvergeeflijke. Hoe doe je dat?
Voor een antwoord voor een bestaand persoon: al sla je me dood…
Voor een antwoord voor een schrijver die zijn personages wil vormen: kijk naar de relatie met de hogere macht waar je personage in gelooft.

Hogere macht

Kijk eerst of je personage in een hogere macht gelooft. Zo ja, dan is dat hetgeen waar de kern van zijn doen en laten en vertrouwen wat betreft de ‘serieuze onderwerpen’ van het leven op gebaseerd zijn: leven en dood, wat je al dan niet mag doen in het leven en hoe je deze hogere macht voldoende dient, of dat jij doet waar je volgens deze macht voor op aarde bent. Je personage zal deze hogere macht in overweging nemen op het moment dat hij met een duivels dilemma te maken krijgt. Een belangrijke vervolgvraag is dan: is je personage bang dat zijn hogere macht negatief oordeelt? (omdat er bijvoorbeeld een van de Tien Geboden is gebroken) of vertrouwt hij erop dat zijn hogere macht weet dat het vreselijke overmacht betrof en dat hij alsnog liefdevol (in een hiernamaals) ontvangen wordt?

Het antwoord op die vraag kan op het moment van de beslissing doorslaggevend zijn. Als je personage bang is voor eeuwig hellevuur, kan hij daardoor in doodsangst bevriezen en alsnog niet doden, ook al voorkomt hij daarmee nog ergere ellende. Ook nadat de beslissing is genomen is dit antwoord van belang. Als hij bang is voor vergelding, zal het moeilijk zijn om na de traumaverwerking (ervan uitgaande dat die komt) verder te gaan met het leven. Hij denkt toch al dat hij alleen maar een last is voor de wereld en hij een belangrijke belofte heeft verbroken. Vertrouwt je personage erop dat hij ondanks alles vergeven wordt, dan kan hij nog uit een comfortzone komen en nog een ander pad inslaan met zijn leven.

Het maakt voor een onmogelijke beslissing enorm veel verschil als je denkt dat er een vriendelijk uitgestoken hand op je zal wachten, of wanneer je vreest dat die juist zal ontbreken…

Waarden en moralen

Als je personage niet in een hiernamaals, hogere macht, een hel (lees: een plaats om te vrezen vanwege de eeuwige verdoemenis) gelooft, of gelooft in een hogere macht die zich met de natuur, maar niet met mensen persoonlijk bemoeit, is hij in het geval van een duivels dilemma nóg meer dan bij mensen die dat wel doen op zijn normen en waarden aangewezen. Hij hoeft (of kan, zo je wil) geen verantwoording afleggen aan iets hogers, dus dat moet hij dan aan zichzelf doen. Dan moet je personage (en daarmee jij als schrijver) een heel goed beeld hebben van zijn waarden en moralen.
Met waarden bedoel ik: ‘als je het in een woord kan samenvatten’, zoals: trouw, liefde, aanzien, respect en moed. Moralen zijn voor deze uitleg bedoeld als: ‘iets waar je een volledige zin voor nodig hebt’: ‘Doe niemand kwaad.’ ‘Help eerst jezelf, dan een ander.’ ‘Verkies geld niet boven geluk.’

Noteer deze waarden en moralen eerst in aparte rijtjes, rankschik ze dan naar relevantie: Wat is voor mijn personage het allerbelangrijkst? Wat komt daarna, en daar weer na? Wat komt niet in dit lijstje voor?
Vervolgens kan je deze lijstjes combineren: als deze waarden bovenaan staan, welke moralen kunnen daar dan uit voortkomen? Bijvoorbeeld: ijver + wijsheid = doe je best met studeren. Of andersom: als de moraal is: ‘Help een ander voordat je jezelf helpt’, kan deze ontstaan zijn uit de waarden onbaatzuchtigheid en respect. Zo krijg je een goed beeld bij wat je personage vanuit zijn diepste kern beweegt.

Natuurlijk kan je deze lijstjes ook maken voor een personage dat óók in een hogere macht gelooft. Deze schrijfoefening kan je uit de brand helpen bij ernstige dillema’s, maar biedt ook een goede uitgangsbasis voor wat meer onschuldige conflicten als je twijfelt hoe je personage ergens naar zou handelen.

Kom je er niet uit met een duivels schrijfdillema? Schakel mij in voor manuscriptredactie.

Wat als je jouw personage niet mag?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als jij jouw personage niet mag?
Schrijven over een personage dat je persoonlijk niet mag, kan het schrijfproces in de weg zitten. Daarom volgen hier wat nuttige tips. 

Waarom mag je je personage niet?

Misschien mag je je personage niet, omdat ze te veel op een Mary SueMagic pixie of een ander onrealistisch personage lijkt. Ga eerst na of je je personage niet onbedoeld perfect hebt gemaakt. Niet alleen lezers, ook schrijvers kunnen zich aan ‘perfecte’ helden ergeren. Het is belangrijk dat je balans toepast: zorg ervoor dat je je personage niet alleen goede eigenschappen en steeds opnieuw meevallers heeft. Af en toe moet er iets tegenvallen, of er iets minder dan ideaal aan je personage zijn.

Allergiezone

Mensen kunnen in je allergiezone zitten. Deze mensen mag je niet omdat hun karaktertrekken, overtuigingen of prioriteiten gewoon te verschillend zijn van die van jou. Zij kunnen objectief gezien niets fout doen, toch zal jij ze altijd zien als ‘dat irritante mens’. Denk aan een rijke zakenman die zich ergert aan de ongeschoolde klusjesman, die op zijn gemakje werkt, in plaats van zich in een burn-out te storten. Of aan de milieuactivist die iemand die drie keer per jaar het vliegtuig pakt om op zonvakantie te gaan, egoïstisch vindt. 

Zo kan een personage ook in je allergiezone zitten. Meestal -hoewel niet altijd- betreft dit je antagonist. Dat kan je in je voordeel gebruiken. Als je je echt niet over je afkeer van je vervelende personage heen kan zetten, bedenk dan: ‘Zonder tegenstander geen held.’
Als jouw superheld katten uit de boom redt, heb je wel iemand nodig die die arme beestjes steeds zo’n schrik aanjaagt dat ze de boom in vluchten. Misschien geef je je held daardoor op een kinderlijke manier onterechte schouderklopjes. ‘Kijk Superman, jij bent tenminste wel aardig. En die stomme Slechterik is echt een nare bullebak. Lekker pûh, Slechterik, Superman wint weer.’

Waak ervoor dat je Superman daarmee niet té goed voor het verhaal maakt: er moet een centraal conflict overblijven. Maar dat kinderlijke gesnauw werkt beter dan vechten tegen wat er nu eenmaal in je allergiezone zit, want dat is een gevecht dat je niet zal winnen. 

Goedpraten versus verklaren

Soms is de reden dat je je personage niet mag wat minder onschuldig. Als je over een gemene Nazi-soldaat schrijft, bijvoorbeeld. Besef dat er een groot (en minstens zo belangrijk!) verschil zit tussen iets goedpraten en iets verklaren. Alleen omdat je weet dat deze soldaat handelt vanuit indoctrinatie, wil dat echt niet zeggen dat jij het oké vindt hij mensen doodt en vergast. Toch zal het slikken zijn om over zo iemand te schrijven. Troost je met de gedachte dat je waarschijnlijk veelachtergrondonderzoek moet doen voordat je de daden of karaktertrekken die jij zo verafschuwt kan verklaren. Dat heeft een positief gevolg. Doorgaans is het zo dat hoe meer onderzoek je doet naar een personage, hoe realistischer en meeslepender je over diegene kan schrijven. Het kost je weliswaar gevoelens van afschuw om zo’n personage goed te kunnen portretteren, maar het kan een aanwijzing zijn dat je een steengoed verhaal aan het schrijven bent. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Een vervelend personage is niet erg, een vervelend geschreven personage wel. Ik kan die identificeren. Kijk eens in mijn webshop.

Wat als je personage seks wil?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage seks wil?

Waarom wil je personage seks?

Beantwoord als eerste de vraag waarom je personage seks wil. Zoekt ze intimiteit vanuit een bepaalde onzekerheid? Is ze gewoon in de stemming? Moet ze als dubbelspionne de vijand ergens toe verleiden? Wil ze haar baas ergens van overtuigen? Wil ze zwanger worden? Er zijn talloze redenen om seks te willen en achter elke reden zit een ander verhaal, die een andere manier van uitwerken vergt. Het kan helpen om de reden voor seks in grofweg een van de volgende ‘categorieën’ in te delen:
* gewone seks, waarin je personage een gezond libido heeft, (misschien) een relatie heeft en (de daarin bijbehorende) intimiteit zoekt. Deze seks is fijn, maar niet altijd van meerwaarde voor het verhaal;
* lust: waar het draait om passie en vleselijke genoegens (al dan niet vergezeld door liefde, verliefdheid of romantiek);
* afkomstig van Cupido: het soort waar romantische verhalen bestaansrecht aan ontlenen: deze seks draait om romantiek, vlinderzwermen in de buik en heftige persoonlijke gevoelens. Lust is deze seks zeker niet vreemd;
* machtsbeluste seks: de seks die wordt ingezet om iemand om te kopen, over te halen of af te leiden. Hier is seks een wapen. Van romantiek is geen sprake;
* verplichte seks: de seks die er is vanuit een huwelijkse plicht binnen een huwelijk waar de liefde allang uit is verdwenen, of die moet gebeuren omdat het stel een kinderwens heeft en de vrouw haar vruchtbare dagen heeft. Aan de daad zelf wordt niet veel plezier (meer) beleefd. 
Uiteraard kunnen meerdere soorten seks voorkomen in hetzelfde verhaal of dezelfde relatie. 

Zodra je weet wat voor seks je personage wil of moet hebben, kan je een makkelijkere afweging maken van hoe vaak en hoe je een erotische scène in je verhaal verwerkt. Moet je je vooral concentreren op de liefde, of juist op wat er exact tussen de lakens gebeurt, waarom juist seks nodig is voor het sluwe plan of is het feit dát je personage seks heeft al genoeg om te vermelden? 

Je genre als leidraad

Meestal geeft je genre je al een idee in welke categorie je het moet zoeken. In een spionageverhaal kan er op een bepaald moment machtsbeluste seks worden overwogen of plaatsvinden. In een streekroman is gewone seks wat meer aan de orde. Maar verlies desondanks niet uit het oog wat je met jouw verhaal wil vertellen. Zoals altijd met schrijven: richtlijnen zijn handig, maar echte creativiteit komt voort uit je eigen pen. Als je een keer verplichte seks laat voorkomen in een romantisch verhaal, dan ga je buiten de gegane paden en schrijf je geen cliché.

‘Sex sells’: Is dat zo?

Seks in een boek of een film is allang niet meer gewaagd of bijzonder. De laatste jaren worden in films en boeken eerder te pas en te onpas seksscènes toegevoegd. Immers lijkt de overtuiging: sex sells: Iemand loopt een kamer in om per ongeluk een stel te betrappen, zodat de lezer maar leest hoe er aan een tepel wordt gezogen en zelfs als een stel verplicht vrijt om zwanger te raken, krijgen lezers soms mee hoe groot de man geschapen is en wat de vrouw daarmee weet te doen. Dan wil men het wel lezen…toch?

Hoe spannend, interessant of opwindend seks ook kan zijn, waak ervoor dat je het geen hogere status geeft. Zoals alles moet de (omschrijving van de) seks iets aan het verhaal toevoegen en een onmisbare toon aan de scène meegeven. Als je seks belangrijker maakt dan het is, zal je in plaats van de lezer rode oortjes eerder rollende ogen bezorgen. 

Sex sells klopt misschien wel, maar dan moet je het wel (passend) weten te verkopen.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven online.

Kan jij de seks waar je over schrijf passend verkopen? Ik kan het controleren: kijk in mijn webshop.

Hyperrealistische personages: een ingewikkeld web

Als je gaat schrijven, is het belangrijk dat je je personages goed uitwerkt, anders komen ze niet tot leven voor je lezer. Soms kan deze uitstekende voorbereiding in je nadeel gaan werken: je kent je personage zo ontzettend goed, dat je niet meer weet wat je nu moet uitschrijven in je verhaal en wat je als achtergrondinformatie moet houden. Hoe maak je deze afweging?

Een goede voorbereiding voor het schrijven van je personage

Als je je personage uitwerkt en leert kennen, is de neiging bij beginnende schrijvers groot om in een infodump te belanden. Zodra je wat meer ervaring met schrijven hebt, lijkt het alsof je je daar geen zorgen meer om hoeft te maken. Je weet inmiddels dat je niet hoeft te delen dat de lievelingskeuken van je personage de Mexicaanse is. Door je schrijverservaring en schrijfonderzoek weet je hoe je je personage meerdimensionaal moet maken.

Dit is een goede basis van een verhaal

Je schrijft over een alleenstaande moeder die diep in de schulden zit en daar uit probeert te komen. Je hebt al bepaald dat ze een doorzetter is, haar kinderen op de eerste plaats zet en af en toe een grote mond heeft, waardoor niet iedereen (vriend of professionele hulpverlener) het geduld kan opbrengen om haar te helpen. Daarmee maak je van haar geen Mary Sue. Als je de volgende elementen ook al (deels) hebt uitgewerkt, heb je de basis voor een goed verhaal al gelegd:

* het centraal conflict;
* het verhaalthema;
* het archetype van je personage;
* het save the cat schema.

Een uitstekende voorbereiding is het halve werk.

Toch kan het zijn dat je na het uitwerken van een goede personagebiografie alsnog beseft dat je jezelf in een hoek hebt geschreven. Je hebt het concept van het verhaal zodanig geschreven dat bepaalde karaktertrekken van je personage alsnog door een infodump ondergesneeuwd lijken worden, omdat je niet genoeg woorden hebt om alles goed tot zijn recht te laten komen.

Infodump in vermomming

Zo weet je bijvoorbeeld ook dat je alleenstaande moeder vroeger is misbruikt. Dat heeft haar gevormd tot wie ze is en zorgt er ook voor dat ze soms overbezorgd is naar haar kinderen toe. In sommige dagelijkse situaties leidt haar verleden ertoe dat ze angstig reageert op dingen waar dat helemaal niet nodig is. Deze informatie is absoluut niet hetzelfde als het delen van een favoriete keuken. Het is informatie die onlosmakelijk verbonden is met je personage. Het heeft dus niet zozeer te maken met het thema of het centrale conflict over haar schulden, maar je zou je personage eendimensionaal maken als je dit afdoet als een onbelangrijk detail. Dan moet je dus iets over het verleden gaan delen. Maar zoals je waarschijnlijk weet, kun je informatie niet te pas en te onpas delen.
Als vuistregel kun je aanhouden dat je informatie pas mag delen als je de ruimte hebt om die ook naar behoren uit te werken. Maar als daar vanwege het centrale thema geen ruimte voor is, kun je een ‘infodump in vermomming’ krijgen. Je benoemt dan iets zeer belangrijks net zo kort als een irrelevant detail, waardoor het belangrijke aspect alsnog -onbedoeld- leest als een infodump: Mijn alleenstaande moeder is vierendertig, woont in Den Haag, heeft bruin krullend haar en ze is misbruikt als kind. Dan komt het laatste bijna als een ‘o ja, trouwens…’ En laten we het er over eens zijn dat misbruik niet als een ‘trouwens- feitje’ mag worden beschouwd…

Een aanleiding voor zo’n reactie mag je je lezer niet geven als het om belangrijke (achtergrond)informatie gaat…

Pas op voor de onterechte plottwist

De belangrijke achtergrond van je personage kan je gebruiken als een puzzel gedurende het verhaal, waar je later de oplossing van geeft. Laat het gedrag van de moeder wat de oorzaak heeft in haar verleden her en der op passende momenten naar voren komen en geef later aan waar de oorzaak van dat gedrag ligt. Ik gebruik hier bewust niet het woord plottwist, omdat die is bedoeld om een onthulling te geven waar het hele verhaal om draait of hij wordt gebruikt om het verhaal een heel andere kant op te sturen. In dit geval geef je een gedoseerde verklaring van iets dat verklaard moet worden, maar waar niet het hele verhaal om draait of door verandert. Een plottwist werkt alleen als het te maken heeft met het thema of het centraal conflict.

Onthoud: één thema, één conflict

Als je moet kiezen tussen thema/ centraal conflict of belangrijke achtergrondinformatie, kies dan voor het eerste. Het thema en het centraal conflict zijn de basis voor het verhaal waar je personage zich in bevindt en beweegt. Waak ervoor dat je jouw verhaal meer dan een centraal thema of conflict toekent, om deze keuze niet te hoeven maken. Je mag kiezen welk van de twee thema’s (misbruik of schulden) voorrang krijgt, maar je moet die keuze wel maken, anders krijg je een rommelige structuur. In het geval van onze alleenstaande moeder kun je je afvragen: gaat het thema hier om het verleden (misbruik) of het heden (schulden)? Als ze zich vooral bezig houdt met het verleden, zal haar centrale conflict vooral om therapie draaien, als het gaat om het heden (schulden) houdt ze zich meer bezig met de nodige centen bij elkaar te schrapen. Je uiteindelijke thema bepaalt dus waar jouw personage het meest mee bezig is en waaraan het leeuwendeel van je woordenaantal aan besteed wordt.

Je kan zeer verschillende gebeurtenissen laten gebeuren in hetzelfde verhaal, maar je moet wel een stevige basis hebben om naar terug te keren. Anders wordt het plot en/of het doen en laten van je personage vroeg of laat te ingewikkeld om nog te kunnen volgen. Jammer van het schrijftalent dat je ongetwijfeld hebt als je in deze situatie verzeilt raakt…

Hulp nodig om een ingewikkeld web van je verhaal te ontwarren? Kijk eens in mijn webshop.

Wat als je personage rijk is?

Zoveel personages, zoveel uitwerkingen. In de tipreeks ‘Wat als?’ worden er veelvoorkomende scenario’s die personages overkomen onder de loep genomen. Zo leer je een algemeen gegeven uit te werken op een manier die perfect bij jouw unieke personage past. Deze week: wat als je personage rijk is?

Rijk zijn en geld hebben

In dit artikel wordt onderscheid gemaakt tussen rijk zijn en veel geld hebben. Veel geld hebben is een fortuin op de bank hebben staan of in een huis wonen ter grootte van een klein stadspark, zonder dat dat invloed heeft op het verhaal. (Veel geld hebben is in de kringen van je personage doodnormaal of hij is te nuchter om van zijn banksaldo iets belangrijks te maken, bijvoorbeeld.) Als je personage rijk is, schept je personage daarover op, zet zijn nieuw vergaarde fortuin zijn leven op zijn kop, is hij lid van de miljonairsclub, bepaalt zijn overdreven gierigheid zijn karakter of zorgt het familiefortuin voor een hele rits vijanden. 

Is je personage aan zijn rijkdom gewend?

Het maakt nogal een verschil of een bijstandsmoeder plotseling een miljoen wint of dat de erfgename van een oliemagnaat al haar hele leven met diamanten sieraden rondloopt. Dit is belangrijk om te beseffen, omdat de een waarschijnlijk meer weet heeft van privileges dan de ander. Blut zijn betekende voor de voormalig bijstandsmoeder geen eten op de tafel. De rijke erfgename verstaat onder datzelfde begrip misschien dat ze in plaats van met een privéjet met de KLM op haar maandelijkse shoptrip naar Parijs moet vliegen. Het ene is niet per se beter dan het ander, maar je moet het wel weten; dan begrijp je met welke bril of persoonlijke geschiedenis je personage naar de wereld (van geld) kijkt. 

Wat doet je personage met zijn geld?

Geef je personage het geld uit om er luxe van te leven, zijn schulden af te betalen, macht te vergaren, of wordt hij een filantroop? Je kan veel met geld en je kan veel als je geld hebt. Bedenk goed wat je personage met deze mogelijkheden doet en waarom. Dan kan je al een deel van zijn karakter verklaren. Geld weggeven maakt hem onzelfzuchtig, gierigheid staat dan eerder voor egoïsme of (overdreven) angst (om arm te worden). 

Hoe gaat de omgeving met rijkdom om?

Je omgeving kan voor een groot deel bepalen wat je doet of laat. Zeker als er geld in het spel is. Denk maar eens aan alle adviezen die mensen vaak zullen geven. (“Ga in ontroerend goed.” “Koop aandelen.” “Los je hypotheek af” “Bouw een raket naar Mars.” “Geef een deel aan mij, ik ben je zoon…”) Of die adviezen nu worden opgevolgd of niet, als je personage rijk is, heeft dat wel altijd een gevolg. Krijgt je personage opeens een hoop ‘vrienden’ die het alleen om het geld te doen is? Zit de maffia ineens achter hem aan? Moet hij continu opboksen tegen zijn even rijke vrienden? Als je dat weet, heb je waarschijnlijk een goed aanknopingspunt voor je verhaalthema of centraal conflict. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Kijk eens in mijn webshop voor mijn schrijfcoachdiensten als je wil weten of je personage rijk is of veel geld heeft.