Het favoriete boek van je personage

Als schrijver vind jij boeken leuk, maar jouw personage misschien ook wel. Wat zegt dat over diens karakter en voorkeuren?

Fictie en non-fictie

Leest je personage het liefst fictie of iets waar het iets aan heeft? Als je personage vooral non-fictie leest, kan dat een teken zijn dat het hard werkt, hongerig is naar kennis of iets concreets nastreeft. Boeken met titels als Zo word je snel rijk of Zo klim je naar de top laten weinig aan verbeelding over. Maar wat zegt het als je personage vooral non-fictie leest over iets als psychologie? Zit het dan met zichzelf in de knoop of is het gewoon geïnteresseerd in de menselijke geest? Hoe dan ook, deze kennis kan je in je verhaal gebruiken. Als weerspiegeling van feitelijke interesse of als hint voor een plottwist. De moordenaar las niet over giftige paddenstoelen omdat hij op survivalweekend wilde… 
Ga liever niet in op wat het favoriete fictieve genre van je personage is: er bestaan hardnekkige vooroordelen over het lezerspubliek dat bepaalde genres aantrekken. Als jouw heldin graag romantische verhalen leest, dan kan je er de donder op zeggen dat jouw lezer denkt dat haar liefdesleven zo goed als niet-bestaand is. En horror wordt uiteraard alleen gelezen door in het zwart geklede tieners met lange haren. Zo krijgt jouw lezer geen mogelijkheid om een eerlijk beeld te vormen van jouw personage en wordt het al snel tot cliché gereduceerd. Schrijf in plaats daarvan over hoe boeken invloed hebben op het leven van het personage. 

Invloed van boeken

Lezen is vermakelijk, maar intensief lezen kan ook andere gevolgen hebben. Drie daarvan zijn handig om in overweging te nemen om een beeld van je personage te kunnen vormen. Wie weet, zelfs ook om het plot mee in te vullen. 

Nostalgie: voor als je personage die-hardfan is van een bepaald boek. Iemand die in de jaren negentig ondersteboven was van Harry Potter, kan dat nu nog steeds zijn. In zoverre dat de ontmoeting met de wederhelft gebeurde in de rij voor het nieuwste deel bij de boekenwinkel of dat diegene (nog steeds) denkt dat de boeken perfect zijn en er niet meer objectief ernaar kan kijken. Of het nu directe invloed heeft of een leven, of het mijmeren over vroegere tijden betreft, uitzonderlijke nostalgie heeft vrijwel altijd invloed op je personage. Het is een fantastisch middel om een conflict mee in gang te zetten. “Jij en je ‘vroegah’ altijd. Mijn leven nu is dat jouwe van toen niet. Heb eens wat meer empathie!”
“Alleen omdat ik Harry Potter niet leuk vindt, val ik jou niet meteen persoonlijk aan…”

Wereldbeeld: als je vaak (dezelfde soort) boeken leest, kan dat je hele blik op de wereld veranderen. Zoals het idee dat iedere vrouw altijd met een knappe man eindigt, net als in de romantische verhalen. Of dat als je maar doorzet, je altijd een goede uitkomst kan verwachten: negen van de tien keer is dat het geval voor de held van het boek. Maar niet iedereen eindigt in een relatie en het leven kan ook gewoon hard zijn: dat houdt zich soms nu eenmaal niet aan de drie-aktenstructuur. Als je personage veel (van dezelfde soort) boeken leest, is het onvermijdelijk dat die het wereldbeeld veranderen. De vraag is alleen in welke mate. Ga eens na of boeken jouw personage (te veel) hebben veranderd. Als dat zo is, komen er misschien tot dan toe onontdekte overtuigingen, ambities en verstopte onzekerheden van je personage bovendrijven. 

Intelligentie: lezen vergroot de woordenschat en de algemene kennis. In hoeverre is jouw personage zodanig ‘boekenslim’ dat dat uitwerking heeft op het dagelijkse leven, of de carrièrekansen? 

Wat zegt het personage zelf?

“Wat is je favoriete boek en waarom?” is een vraag die je ook aan je personage zelf kan stellen, als je al in de fase bent beland dat je personage zodanig realistisch voor je is dat je ermee kan ‘praten.’ Jij bent een schrijver, de personage de lezer: met een onderwerp dat jullie beide interesseert, komt er vast goede gespreksstof bovendrijven!  

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Clay Banks via Unsplash

Zo schrijf je een tekst met een sprookjesachtige toon

“Dit verhaal leest als een sprookje.” Is dit ooit over jouw verhaal gezegd, of zou je dat wel willen? Laten we eens kijken wat een verhaal een sprookjesachtige toon kan geven.

De basis van een sprookje: magie

Een sprookje zou geen sprookje zijn als het niet aan bepaalde voorwaarden zou voldoen. Lees in deze blogpost terug waar je aan moet denken, zoals het getal drie en pratende dieren. En toch worden er ook vaak verhalen als sprookjesachtig bestempeld zonder dat er meteen iets magisch of fantastisch in gebeurt. Of je sprookje nu daadwerkelijk van fabelachtige zaken aan elkaar hangt of gewoon ‘als een sprookje leest’, het kernwoord wat ze delen is magie. Iets aan het verhaal bevat magie of voelt magisch aan. Zodra je dit toverwoord ( 😉 ) kan verwerken als thema, is de toon van een sprookje gezet.

Wat leest magisch?

Overduidelijke magie van toverspreuken en draken terzijde, iets kan ook magisch voelen door de combinatie van buitengewoon en – in het geval van de typisch sprookjesachtige toon- rust.

Iets buitengewoons moet je in dit geval lezen als buiten-gewoon: niet zozeer spectaculair, als wel: buiten het gewone om. Die toon houd je een tijdje vast, zodat de lezer kan laten bezinken dat dit moment niet alledaags is en een leven kan veranderen. In dat buiten-gewone moment houdt je het personage een spiegel voor. Daarin reflecteert het over hoe diens leven ervoor staat, of waar het naar streeft. Op een bepaalde manier -meestal door wat een medepersonage zegt, laat zien of het personage laat doen- krijgt je personage een levensveranderend inzicht of iets aangereikt wat het leven vanaf dat moment kan veranderen. Dit buiten-gewone moment wordt zo ook echt buitengewoon en daarmee magisch.

In tegenstelling tot de echte spookjes met heksen en draken zijn sprookjesachtige verhalen niet zo vaak echt spectaculair. Integendeel: ze zijn gebaat bij de eerder genoemde rust. In plaats van hele drakenkolonies te moeten verslaan, gaat het in deze verhalen erom dat de schoonheid van kleine dingen de aandacht krijgen. En die schoonheid kun je niet bewonderen als je op standje turbo door het verhaal gaat. Zie je het al voor je?

Zoals hij daar naar de zonsondergang keek, mijmerend over het ritme van de seizoenen en hoe het volgende jaar zijn potentieel tot volle bloei zou komen, zwiepte hij uit volle kracht met zijn zwaard om de draak te onthoofden.

Dat werkt niet echt hè? 😉 Als je het tempo van rust bij een sprookjesachtig verhaal wil testen, denk dan aan een poort waar je personage doorheen stapt en alles in slow-motion gebeurt. Dan heeft het alle tijd om na te denken en te zien hoe alles zich ontvouwt. Wie weet blijft ook bepaalde symboliek niet onopgemerkt. In deze rustige waakzaamheid kan je personage zich als het ware ook openstellen om die sprookjesachtige toon voor zich te laten ontvouwen, alles maar laten gebeuren.
Laat de wijsheid van die ene vreemdeling rustig op je personage inwerken in dat ene café waar ze elkaar ontmoeten. Of laat in een oorlogsgebied waar dood en verderf de norm zijn de liefde van die ene goede Samaritaan goed zien door er in detail en een rustig tempo bij stil te staan. Dat is de ‘magie’ die een verhaal sprookjesachtig kan maken.
Maar met alleen magie ben je er nog niet. Ook het ritme is erg bepalend.

Het ritme van een sprookjestekst

Zoals iedere goede tekst heeft ook een sprookje drie akten met een begin, midden en een eind. Maar waar een verhaal al snel moet uitbreiden en verdiepen met die drie akten met momenten als de clues, inciting incidents en de wrap-up, blijft een sprookjesachtige tekst bijna belachelijk banaal bij die basis van die drie akten
1) Iemand zit mentaal in de put.
2) Een ontmoeting met een tuinman in een prachtig park schijnt een ander licht op de zaak.
3) Je hoofdpersonage gaat met een voldaan gevoel en misschien wel nieuwe inzichten naar huis.

Natuurlijk kan je wel wat dingen uitdiepen over wat je personage(s) bezighoudt. Dat moet zelfs, want hoe mooi de omgeving en omstandigheden ook zijn: een stuk karton is hoe dan ook geen interessante held. Maar je hoeft er geen letterlijk en figuurlijk verhaal van te maken. Een sprookjesachtige tekst is wat dat betreft eerder een momentopname. Als een foto waar je een verhaal bij kan vertellen. Je ziet misschien enkel mensen op een picknick, maar je kan als je het verhaal kent, precies vertellen dat dat die ene picknick was op je personage later op de dag ten huwelijk werd gevraagd.
Dan hoef je echt niet in te gaan op hoe de aanstaande bruid op dat moment een studie ICT volgde, in haar vrije tijd aan judo deed en hoe haar relatie met haar technisch slimme lievelingstante ertoe heeft geleid dat je personage ook een exact beroep ambieert. Juist niet! Ga in op dat ene moment – dat dan ‘toevallig’ een dag lang duurt. Beschrijf het weer, de sfeer, het moment waarop Romeo op zijn knieën ging en de reactie van de omstanders.
Als je een bepaald moment in het verhaal niet de tijdelijke schijnwerpers geeft, maar het hele verhaal daarom drááit, met een gevoel dat het verhaal ‘na de laatste bladzijde’ een goede afloop heeft, of een prettig vervolg krijgt, is je verhaal al snel sprookjesachtig.

En ze leefden nog lang en…?

Nee, niet iedere sprookjesachtige tekst hoeft gelukkig te eindigen. Bitterzoet is zeker niet uitgesloten, soms kan een einde zelfs ronduit verdrietig zijn bij een verhaal dat toch als een sprookje leest. De crux zit hem dan niet in het einde, maar wat er in het grote middenstuk, die foto gebeurt of gebeurd is. Voor een sprookjesachtige tekst is het vooral essentieel dat even alles goed leek of goed leek te komen. Dat ‘even’ kan wat langer voortduren of bij dat magische blijven, maar zolang als er een magisch moment is geweest, zit je algauw goed met een sprookjesachtige sfeer in je verhaal.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Schrijfprompt: de identiteit van de dag

Wat ben jij? Denk niet te ingewikkeld en schrijf de eerste drie dingen die op die je kan bedenken. Nu ga ik je vertellen dat je veel meer bent dan dat met een schrijfprompt die een groot butterfly-effect teweeg kan brengen en je inzicht kan geven in het belang van een bepaalde scène, plotpunten of hoe je personage de wereld in kijkt.

Eindeloze identiteiten

Waarschijnlijk heb je dingen opgeschreven als je geslacht, nationaliteit, seksuele voorkeur, beroep, burgerlijke staat, of ‘dol op Parijs’. Maar vast niet:
* autobestuurder
* klant bij de supermarkt
* schoonmaker (tenzij je dat beroepsmatig bedoelt)

En toch heb je vandaag waarschijnlijk autogereden, boodschappen gedaan of iets schoongemaakt. Dus eigenlijk ben je dat ook. Je staat er alleen niet bij stil. Beantwoord met dat in het achterhoofd de vraag: “Wat ben je vandaag allemaal?”
Waarschijnlijk antwoord je nu met iets als: vader, automobilist, leraar, collega, opnieuw automobilist, bankhanger, kok, fietser, tennisser, weer fietser, bankhanger, echtgenoot; de doorloop van een doordeweekse dag.
Maar heb je er dan ook aan gedacht dat je óók nog steeds een zoon bent, ook al heb je je ouders vandaag niet gezien? Of heb je er ook bij nagedacht dat je ook ooit een toerist was, toen je op vakantie was?
Ongeacht je antwoord, merk je vast wel dat deze vraag onmogelijk ‘volledig’ te beantwoorden is. Je kan zoveel dingen zijn, je was ooit zoveel dingen en je doet zoveel dingen dat dat niet bij te houden is. Of had jij in je lijstje soms wél ‘koffiedrinker’ en ‘koekjesknabbelaar’ opgeschreven in je lijstje toen je bij de koffietijd aanbelandde ? 😉

Het principe dat deze ‘identiteiten’ allemaal kloppen, maar niet allemaal of altijd belangrijk zijn, vormt het uitgangspunt van deze schrijfprompt.

Wat ben ik vandaag?

Beantwoord nog één keer de vraag ‘Wat ben ik vandaag?’ en schrijf alles op wat je kan bedenken. Stop wanneer de ideeën ophouden: je hoeft echt niet te zoeken naar iets als koekjesknabbelaar. Sterker nog, het feit dat zoiets niet komt bovendrijven tenzij je antwoorden gaat forceren, leert je iets belangrijks over deze schrijfprompt: het doet er (nu) gewoon niet toe.
Zo zou ik vandaag absoluut ‘blogger’ opschrijven: ik ben vandaag bezig met deze blog. Maar over twee dagen, als ik met andere werkzaamheden aan de gang ga, de blog nog niet online staat en ook niemand vraagt wat ik iedere week doe, maakt dat niets uit. Ik ben/ voel me niet altijd een blogger, ik denk niet 24/7 aan mijn blog. Hoewel pietluttig, is het verschil tussen ‘Ik ben nu, op dit exacte moment een blogger’ en ‘ik schrijf blogs’ in dit geval belangrijk.

Kijk eens naar je lijstje en probeer te bedenken waarom wat je schreef belangrijk is en hoe belangrijk het op dit exacte moment is.

Waarom is het belangrijk?

Waarschijnlijk heb je iets opgeschreven en opgemerkt als belangrijk omdat er relevante acties en emoties bij komen kijken.
Je schrijft op dat je vader bent omdat je vanochtend je kind naar school hebt geholpen (actie) en er bovendien zielsveel van houdt (emotie).
Je bent fietser omdat je daarmee naar je werk ging en daarmee de dag startte (actie) en dat nu wel heel erg opviel, omdat je verdorie kletsnat van de regen aankwam (emotie) om vervolgens als leraar (‘actie van het lesgeven’) helemaal hebt dubbelgelegen om die goedgevonden grap van een leerling (emotie). enzovoorts.

Waarom is het nu belangrijk?

Op het moment dat je kletsnat in de regen fietst, is ‘fietser’ heel belangrijk, maar dat maakt al minder uit als je weer droog voor de klas staat en om die leuke leerling kan lachen. Vertaald naar de situatie in een boek: als je deze oefening zou doen voor ‘hoofdstuk onderweg’ schrijf je die regen waarschijnlijk bovenaan je lijst, waar dat in ‘hoofdstuk les aan HAVO 3a’ verder onderaan het lijstje staat, of misschien zelfs helemaal niet meer.

Kies een moment van de dag uit en probeer van je lijstje nu een ranglijstje te maken met de belangrijkste identiteit bovenaan. Stel dat je vijf dingen hebt opgeschreven, vraag je dan af of nummer 4 en 5 voor dit specifieke moment nog belangrijk zijn of niet en schrap ze zo nodig. Met het lijstje dat overblijft, vormt de rest van dit artikel een schrijfprompt of een schrijfoefening, al naargelang je het wil inzetten.

Schrijfprompt

Stel dat je in jouw lijstje hebt staan:

1) sollicitante
2) bouwvakster
3) vrouw
Dan heb je iemand die een nieuwe baan zoekt als bouwvakster terwijl ze gezellig met haar mannelijke collega’s kletst. Waarschijnlijk vertelt ze aan een van hen hoe hij het beste vlechtjes kan maken in het haar van zijn dochtertje. Ga je gang, schrijf er maar iets over 🙂
Maar als je schrijft
1) vrouw
2) bouwvakster
3) sollicitante

Dan impliceert dat iets dat meer in de richting gaat van: deze vrouw moet zich zien te redden in een mannenwereld en moet misschien wel iets ‘extra’s’ doen om de baan te krijgen… Schrijf maar raak!

Door zo met woorden en de volgorden te spelen, kan je eindeloze schrijfprompts maken

Schrijfoefening

De volgorde van je lijstje bestuderen kan je ook helpen als je moeite hebt om te bepalen wat er in de scène precies aandacht moet krijgen of met welke scène je verder moet gaan. Dan kan je het als schrijfoefening gebruiken.
Stel dat je hebt geschreven:
1) ontvoerd
2) moeder

Dan schrijf je hoe Moeder een manier zoekt om te ontsnappen om weer bij haar kind te zijn.

Maar als
1) moeder
2) ontvoerd
het geval is, dan moet die ontsnappingspoging even op de pauzestand. Duik in het hoofd van Moeder om te laten zien dat ze gek wordt van verdriet en zorgen omdat ze bij haar kind wil zijn. Misschien wel zodanig dat ze daardoor niet eens meer kan denken aan een ontsnappingspoging, omdat ze door die emoties wordt verlamd. Vergeet daarbij niet het eerder genoemde verschil tussen actie en emotie.

Je kan deze oefening dus veelvoudig gebruiken: probeer ook eens om emoties toe te voegen aan je lijstje voor extra verrijking: vandaag ben ik: blij, in de war, smoorverliefd hopeloos verloren…

Veel plezier en succes!

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Vadim Bogulov via Unsplash.

De ideale bruiloft van je personage

Als je een personage gaat schrijven, biedt een personagebiografie een handig overzicht van diens doen en laten en geschiedenis. De ideale bruiloft kan je over verschillende zaken veel inzichten geven.

Waarom eigenlijk?

Wat is de voornaamste reden dat je personage wil trouwen en het niet bij (geregistreerd) partnerschap laat? Heeft dat religieuze redenen? Is het die typische meisjesdroom van de witte jurk? Droomt de bruidegom van een feest dat zijn weerga niet kent of is het een feest van liefde? Of is er een bruiloft ‘omdat het zo hoort’ in een leven van huisje-boompje-beestje?
Meestal zijn er meerdere factoren in het spel en als je weet welke dat zijn geeft je dat een beeld van wat de moralen van je personage zijn als het om de wat grotere zaken in het leven gaat.

De genodigden

Wie wordt er uitgenodigd op deze bijzondere dag? Alleen de getuigen en is de dag helemaal niet zo spectaculair? Komt het hele dorp op het dorpsplein bij elkaar? Is het een feest voor alleen familie en vrienden of worden er ook collega’s uitgenodigd? Wie zijn de daggasten en wie mag er alleen op de receptie komen?
Deze vragen kunnen je een beeld geven van de grootte van de vriendenkring, wat de verhouding is tussen twee personages onderling (ammenooitniet komt oudtante Beppie op mijn bruiloft: alles wat ze doet is roddelen en zeuren: ze zou het hele feest verpesten!) en of je personage bijzondere momenten liever in een kleine kring viert of dat het liefst met de hele wereld deelt. Dat kan handig zijn om te weten als je personage in de problemen komt. Als het met veel mensen intiemere momenten deelt, is de kans groot dat het ook aan veel mensen hulp vraagt. Handig om te weten voor het bepalen van het centrale conflict en de bijbehorende obstakels!

Kosten

Wat mag het kosten en waarom (niet?). Bekijk ‘het’ hier wat breder: de bruiloft als geheel, maar ook de afzonderlijke elementen. Waarom wordt er meer besteed aan de catering dan aan de DJ of andersom? Is de jurk zoals het cliché misschien doet vermoeden het duurste van alles, of komt de bruid in een mooie avondjurk zodat de duizend euro die ze daarmee bespaart naar duurdere trouwringen kan gaan? Ga zo eens een lijstje af van alles wat in je opkomt dat bij een bruiloft komt kijken en of je zo conclusies kan trekken over wat je personage siert of belangrijk vindt.

Planning

In hoeverre wil je personage alles of bepaalde zaken helemaal uit handen geven of juist helemaal tot in detail helemaal zelf doen bij diens bruiloft? Natuurlijk is de gemiddelde bruiloft wel iets anders en ook belangrijker dan een uitje met familie plannen, maar als je personage een overduidelijke controlefreak, een onverholen chaoot of compleet zorgeloos is, komt dat nu wel bovendrijven. Kijk goed of deze eigenschappen het centraal conflict veranderen.

Als het misgaat

Op elke bruiloft gaat er wel iets mis. De vraag is alleen wat en in welke mate. Hoe dan ook is het de moeite om te kijken hoe je personage op deze ‘mooiste dag van je leven’ omgaat met iets wat fout gaat. Haalt het de schouders op en beseft het dat er altijd wel iets kleins misgaat? Of huilt Bridezilla alles bij elkaar als de aandacht twee tellen op iemand anders is gericht?
En als er iets écht misgaat, hoe reageert je personage dan? Herinnert het zich de hele bruiloft dan als verpest, of is het een donkere schaduw aan het begin van een verder mooi huwelijk? Geeft het anderen de schuld of is het wat het is?

Natuurlijk maakt de ernst van de tegenslag verschil, maar desondanks kan de ‘fout van de bruiloft’ een goede indicatie geven van de weerbaarheid en veerkracht van je personage. Onmisbaar om weet van te hebben tijdens het schrijven van een goed verhaal!

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Jeremy Wong Weddings via Unsplash.

Zo maak je de puzzelstukjes van een plottwist

Een plottwist is vaak een van de meest spraakmakende delen van een verhaal en heeft daarom een goede opbouw nodig. De puzzelstukjes moeten goed in elkaar vallen om een conclusie te kunnen trekken die de lezer versteld doet staan. Maar wat zijn de vereisten voor die puzzelstukjes?

Dit maakt een goede plottwist

Om bij het begin te beginnen: wat zijn vuistregels voor een goede plottwist?
* De plottwist moet te herleiden zijn: je moet gedurende het verhaal puzzelstukjes geven
* Eerst investeren, dan omkeren
* Een plottwist staat altijd in dienst van het verhaal en dient nooit enkel te worden ingezet als middel om te choqueren.

Lees hier de basisuitleg over plottwist nog eens na: er is een aantal dingen die essentieel zijn voor een plottwist om te slagen, nog buiten het geven van hints om. Maar als we het dan toch over hints gaan hebben, hoe bouw je die dan op voor een plottwist?

Een groep van schakels

Voor een lezer moet een plottwist voelen als het oplossen van een puzzel: nu alle stukjes op hun plaats vallen, is de afbeelding erop erg logisch en verklaren die de mysterieuze dingen in het boek. Als schrijver moet je het anders aanpakken: zie de hints in eerste instantie niet als puzzelstukjes, maar als schakels. Uiteindelijk moeten die schakels die een plottwist vormen, een logisch oorzaak-gevolg vormen. Dan heeft de plottwist een verband dat je lezer uiteindelijk kan zien. Als je een plottwist tijdens het schrijven behandelt als een stel puzzelstukjes die al dan niet toevallig bij elkaar passen, wordt het een onoverzichtelijk zooitje en is er niets meer te herleiden.

Er zijn talloze manieren hoe je deze schakels kan groeperen. Eigenlijk zit de truc al in het woord: kijk welke raakvlakken je kan vinden. Zijn er elementen die in eerste instantie mijlenver uit elkaar liggen, waardoor de lezer zoals bedoeld in het duister tast, maar waar bij nader inzien toch wel veel overeenkomsten in zitten?

Denk hiervoor breed en niet al te moeilijk; voor een goede basis van een verhaal, baken je sowieso al een aantal dingen af of stel je juist zaken centraal. Denk aan: wat is je grootste verhaalthema? Wat is de boodschap van je verhaal? Welke archetypes komen in je verhaal voor? Zijn deze archetypes vooral de helden of juist de vijanden? Dat brengt je al eind op weg. Ga maar na: het voelt geforceerd, zo niet helemaal fout om in een verhaal dat bol staat van machtsmisbruik, moord en overspel de plottwist te maken: maar toen bleek de machtswellustige moordenaar gewoon de droom te hebben om een lieve huisvader te zijn. Natuurlijk zou het theoretisch kunnen als je alles goed uitwerkt, maar in eerste instantie zijn de voorgenoemde thema’s te groot als contrast met thema’s als liefde, geborgenheid en regelmaat, die aansluiten bij het beeld van een fijn gezinsleven.
Als je een plottwist uit wil werken, moet je alle schakels in het butterfly-effect eerst goed hebben uitgewerkt in je opschrijfboekje: laat een van die schakels weg en de puzzel voor de lezer is aan het eind is niet logisch of incompleet.

De andere kant van de medaille en het grijze gebied

In bovenstaande uitleg zit een zekere paradox. Een plottwist is een plottwist omdat je iets niet verwacht, dus moet het uit onverwachte hoek komen, niet uit de ‘bekende’ hoek waar je het hele boek al over schrijft. En toch zou je bij het schrijven van een plottwist het niet te ver van de ‘bron’ moeten zoeken. Dat zit zo:

Noem het de andere kant van dezelfde medaille of het grijze gebied, maar dingen die compleet tegenovergesteld lijken, hebben vaak een -soms verrassend grote- overlap. Al is het maar ‘achter de schermen’ of via het masker waarachter je personage zichzelf of diens bedoelingen kan verstoppen.

Zo kan een personage dat super zorgzaam lijkt, uiteindelijk de compleet egocentrische en narcistische moordenaar zijn. Deze twee karakteristieken zijn namelijk de twee uitersten van hetzelfde principe: hoeveel je (niet) over hebt voor een ander. Onze moordenaar kan dus prima zorgzaam lijken -ja, zelfs zijn- als die eerst geld inzamelt voor het goede doel. Alleen blijkt dat ‘goede doel’ later niet Unicef te zijn, maar de plannen om zijn aardsvijand om te leggen. In zijn -hetzij gestoorde- optiek is de moordenaar heel zorgzaam voor zichzelf en is dat wel degelijk een goed doel.

Daarom werkt het voorbeeld van de gezinsleven verlangende moordenaar niet. Een gezinsleven staat voor rust, reinheid en regelmaat, moord eerder voor ruw, rottend en richtingsloosheid.

Als je dus iets laat gebeuren wat later een plottwist gaat vormen, moet je taalkundig heel slim, zo niet regelrecht sluw zijn. Datgene wat de plottwist maakt, moet als het ware de advocaat voor beide partijen of extremen kunnen zijn. Het moet – op het eerste gezicht- voor beide uitersten of mogelijkheden kunnen opgaan.
Als een schakeltje niet in dezelfde ‘cirkels van extremen’ past, dan is dat vaak het moment waarop je informatie weg moet laten ten behoeve van het mysterie dat de plottwist spannend maakt.

Wanneer is er iets te verschillend?

De oplettende lezer zegt misschien: “Maar twee verschillende extremen hebben soms óók weer iets gemeen: zodra er twee extremen in het spel zijn, komt diezelfde paradox vroeg of laat weer bovendrijven.”
Goed opgelet 😉 Daarom kan een liefhebbende vader nog steeds een moordenaar zijn, of een moordenaar een liefhebbende vader. Maar dat vergt meer schakels voor een werkende plottwist.
In dit geval moet je de grijze cirkels meer verkleinen. Zoek het dan niet in het al dan geliefd zijn of liefde kunnen voelen, bijvoorbeeld. Dat kan op tientallen, zo niet honderden manieren vorm krijgen. Werk dan bijvoorbeeld het willen en nodig hebben van de personages verder uit, zodat je daarin kan nuanceren. Dan kom je er misschien achter dat het te maken heeft met het vervullen van ambities. Dat is nog steeds breed, maar al iets minder specifiek.

Blijf zo verkleinen tot je een overeenkomst hebt gevonden en je kan van de schakels puzzelstukjes gaan maken waar zowel jij als de lezer uiteindelijk van kunnen smullen!

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

De spaarpot van je personage

Als je een personage gaat schrijven, biedt een personagebiografie een handig overzicht van diens doen en laten en geschiedenis. De spaarpot kan je veel over de financiële situatie en daarmee veel over de letterlijke en figuurlijke (morele) waarde van je personage vertellen.

Wat zegt geld of rijkdom in een boek?

Net als in het echte leven bepaalt geld tot op zekere hoogte hoe je je leven kan leiden. Kan je door een gebrek eraan nauwelijks overleven of heb je door een overvloed eraan alles wat je hartje begeert en kan je alle dromen najagen, omdat het allerlei deuren opent?

Zodra de financiële situatie in een boek wordt genoemd, is meestal een van deze twee uitersten aan de orde. Het gemiddelde salaris is op zichzelf niet bijster interessant voor een verhaal of plot  
“Met een volledig gemiddelde salaris doet mijn personage niets bijzonders, dus beschrijf ik de tripjes naar de supermarkt en de keer dat het op internet scrolt naar een leuke reisaanbieding.” Gaap… Het salaris an sich voorkomt of voorspelt niet dat de supermarkt overvallen wordt of de zwemvakantie in het water valt.

De aanwezigheid van een spaarpotje

Kijk eerst eens of je personage wel een spaarpotje heeft. Zo niet, dan is dat meestal omdat je personage:

  • te arm is om te sparen
  • schulden heeft
  • een gat in de hand heeft

Soms is er sprake van een van deze dingen, maar twee of soms het alle drie kan. Komt dat door omstandigheden waar je personage niets aan kan doen? Is het in armoede opgegroeid, bijvoorbeeld? Komt het in de schulden door domme pech of heeft het nooit geleerd hoe het verstandig met geld om moet gaan? En dat gat in de hand, is dat zorgwekkend en gaat dat richting schulden of is je personage iemand met het motto ‘Carpe Diem’ die niet per se voor iets wil sparen, maar desondanks verantwoord met geld omgaat?

Kijk ook eens waarom je personage spaart, als het dat kan:

  • als appeltje voor de dorst
  • voor een (extravagante) luxe-uitgave
  • om de kinderen later te kunnen laten studeren

In deze spaardoelen zitten waarden of karaktertrekken verstopt.

  • Controle willen hebben of houden
  • Waarde hechten aan luxe
  • Zorgzaamheid

Spaargeld opnemen

Dan is er nog het moment waarop je personage het spaargeld opneemt, of dat zou doen. Dat kan ook veelzeggend zijn. Denk aan:
Nooit: je personage is een echte Dagobert Duck en gunt niemand iets financieels: zichzelf en/of anderen.
Als het spaardoel is bereikt na maandelijks een vast bedrag te hebben gespaard: je personage is gedisciplineerd.
Zodra een vriend in nood verkeert: dit personage zet anderen vaker op de eerste plaats dan zichzelf.

Als een van deze uitgesproken redenen van toepassing is, kan je dat vaak ook in het plot verwerken.

De illegale spaarpot

Sluist je personage geld weg en heeft het ergens ‘ongezien’ veel geld? Dat is hoe dan ook iets wat in je plot terug moet komen: het is veel te spannend om te laten liggen! Ga maar na: wat is er zo belangrijk aan geld of aan de plannen die je personage ermee heeft dat het een fikse boete of celstraf riskeert op het moment dat dat geld ontdekt wordt? En in hoeverre speelt de gedachte dat je personage wel eens gesnapt kan worden door het hoofd? Ongetwijfeld levert dat genoeg op om een plot mee te vullen. Vergeet ook niet te bedenken welke andere personages op de hoogte zijn van dit geld. Of juist niet: hoe dan ook zal een geheim als dit gevolgen hebben voor de relaties die de personages onderling hebben. Je personage zal proberen – of probeert samen met anderen- om een leugen in stand te houden, of andere relaties lopen erdoor stuk.

De illegale spaarpot is een erg interessante trope voor een thriller!

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Andre Taissin op Unsplash.

De rol en kernmerken van een personage combineren

Het idee dat je kan raden wat iemand is door alleen naar diegene te kijken is zowel een belangrijke show don’t tell als de grootste onzin die er is. Gebruik die paradox om een personage te ontwerpen dat in je verhaal past.

Raadselspel: Wie is de…?

In een raadselspelletje op Youtube raden deelnemers wie wat is (of voor beroep doet, hoe slim diegene is…) Soms moeten ze dat raden op basis van uiterlijk, soms mogen ze vragen stellen. Daar komt bijna altijd de paradox van eerste aannames bij kijken. De deelnemers gaan uit van aannames als:
* Die jongeman met trendy kleren kan geen pastoor zijn.
* De vrouw met de keurige trui, platte schoenen en strenge bril moet wel de bibliothecaresse zijn.
* Een vrouw met piercings en fel geverfde haren vol gel is vast niet de basisschoollerares
* Die jongeman is geen homo: hij draagt stoere kleren, is gespierd en straalt op allerlei andere manieren mannelijkheid uit.
Om er dan vervolgens achter te komen dat de helft van de beweringen klopt en de andere helft juist absoluut niet: jawel, er zijn wel degelijk jonge pastoors die zich hip willen kleden. En nee, niet alle homoseksuele mannen hebben vrouwelijke trekjes.

De basis van een personage

Als je een personage schrijft dat een bepaalde groep of eigenschap vertegenwoordigt, kijk je eerst wat onomwonden waar is over deze groep. Denk aan:

* Advocaten zijn hoogopgeleid: je moet studeren om je bul te halen.
* Brandweerkrachten zijn fysiek sterk.
* Hoveniers hebben groene vingers.

Wees voorzichtig met logische aannames als:
* Zorgmedewerkers zijn zorgzaam en lief (gelukkig meestal wel, maar niet per definitie)
* Schrijvers hebben een bodemloze put van inspiratie (vaak wel, maar een writersblock is desondanks geen verzinsel)

Deze zaken moet je meenemen om je personage realistisch te portretteren. Daarna moet je beslissen in hoeverre je van aannames uitgaat en wanneer je daar juist van afwijkt. De volgende stap is kijken naar welke archetype je personage belichaamt.
Als je het archetype verzorger bekijkt, zie je dat die structuur kan brengen en ‘service’ verleent’. Neem een receptionist. Die moét beleefd, behulpzaam en geduldig zijn. (Wees onbeleefd en je raakt je baan kwijt, maar als een klant onbeleefd is tegen jou, dan moet je intern tot tien kunnen tellen).
Als je verder gaat met de logische aannames, krijg je: ziet er netjes uit en praat formeel tijdens zijn werk. Voilà, hier is een foto van ons personage: Michael.

Afbeelding van Rodrigo Salomón Cañas via Pixabay

Ziet Michael eruit als een stockfotopersonage? Precies. Dit is een receptionist en een hotel waar niet veel fantasie bij komt kijken. Als je je personage wat ronder wil maken, kun je andere aannames of invullingen uitproberen. Kijk eens naar de verschillen tussen Michael en zijn collega Samuel.

ReceptionistMichaelSamuel
Werkt ineen zakenhoteleen backpackershostel
Vindt het werk voornamelijk leuk omdathij het mensen gemakkelijk kan makenhij veel met mensen in contact komt
Groet het klant het liefst met“Hoe kan ik uw verblijf nog aangenamer maken?”“Hoe was je dag vandaag?”
Denkt bij een confrontatie met Karengewoon lachen en zwaaien….Wát doe jij hier?! Effe dimmen, dame!
is het archetypezorgerontdekkingsreiziger

Hoe zit Samuel eruit, denk je, na deze tabel te hebben gelezen? Zo misschien?

Foto door Stephanie Cook on Unsplash

Als je Samuel zo ziet, zal je waarschijnlijk niet meteen denken dat hij een receptionist is. Dat brengt ons weer bij de hamvraag van het begin: wanneer kan alleen een beeld van iemand écht bepalen wat of hoe iemand is? En hoe beantwoord je als schrijver die vraag?

Hoe groter de rol, hoe anders het beeld

Hoe groter de rol van een personage is, hoe meer je van het stereotype beeld moet afwijken en andersom. Een personage met een klein aandeel mag -of moet!- je uitwerken met kant-en-klare kenmerken. Michael zal nooit een grote rol spelen in een verhaal: daar is hij te oppervlakkig voor. Samuel zou de held, de beste vriend of een anderszins grotere rol kunnen spelen in het verhaal. Laten we beide heren en hun nut voor een verhaal op een rijtje zetten aan de hand van een casus.

Michael

Michael is een ideale show don’t tell en sfeeromschrijver voor een belangrijke scène. Als je held een lange, vermoeide reis achter de rug heeft, zorgt Michael voor een warm ontvangst en een comfortabel bed. Wat een opluchting voor Held die net een tien uur lange vlucht met een Karen aan boord heeft gehad…
Dan komt Held tenminste tot rust, met het complementaire drankje van de roomservice dat Michael regelt. Als er dan een chagrijnige collega aan de balie zou zitten, zou dat de druppel kunnen zijn waardoor Held een zenuwinzinking krijgt en alles van kwaad tot erger leidt. Michael voorkomt dat het verhaal overgecompliceerd wordt, of bol staat van de infodumps. Dat is ook de reden dat je hem oppervlakkig moet houden.

Samuel zou ongetwijfeld ook voor een goed ontvangst kunnen zorgen, maar als Held alleen maar even tot rust hoeft te komen na een rampvlucht, is het onnodig om hem achter de balie te zetten: het is een verspilling van woorden om kennis te maken met iemand die slechts in een enkele scène een bijdrage hoeft te leveren.

Samuel

Held komt bij Samuel in het hostel en het verhaal moet ernaar leiden dat Held van Samuel een andere blik op het leven krijgt. Dan is het belangrijk dat Samuel een uitgewerkt personage is, omdat het feit dat hij een receptionist is, op de lange duur niet meer het belangrijkste is. Aan het eind van het verhaal herinnert de lezer hem als Samuel de Wijze, niet als Samuel de (willekeurige) Receptionist. En dus moet hij zich ook vooral gaan gedragen als een mens met allerlei unieke trekjes.
Michael is niet meteen te stom als personage om advies te kunnen geven of een luisterend oor te bieden, maar iemand die een leven(svisie) verandert, kan je niet afschilderen als iemand die een bijrol speelt in het leven. Dat zou hetzelfde zijn als een levensveranderende ontmoeting afdoen als iets dat niet uitmaakt.

Kortom: als een personage een belangrijke rol vervult, moet die uniek genoeg zijn om je lezer in het verhaal mee te kunnen nemen. Als je personage een scèneondersteunende functie heeft, moet die wat algemener blijven, zodat de lezer een makkelijk beeld van de situatie kan vormen.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Hoe schrijf je details die van groot belang zijn in een boek?

Details zijn per definitie maar kleine dingen. Maar soms zijn ze wel degelijk zeer belangrijk in een verhaal. Je kan een detail klein en onopvallend houden, zonder dat die op de achtergrond verdwijnt. Handig voor het in stand houden van een spanningsboog of als bouwsteentje voor een plottwist!

Waarom kan een detail belangrijk zijn in een verhaal?

Een lezer onthoudt vooral de grote lijnen van een verhaal het beste. Maar waar de grote lijnen het verhaal maken, maken de details de sfeer. In de letterlijke zin, zoals het verschil tussen: Een fijne dag op het strand en met prettig kriebelende zand tussen de tenen kijk ik ontspannen naar de kinderen die spelen in de zon.
Zonder details is een verhaal dus maar weinigzeggend. Bovendien dienen details vaak als haakjes die nodig zijn om een verhaal aan elkaar te weven, zonder dat het geforceerd of overduidelijk zichtbaar is in de tekst.
Dit zie je goed terug in spannende verhalen. Er valt niets te speuren of op te lossen als je geen gebruik maakt van details. Het is niet moeilijk om een moordenaar te vangen als hij met knipperende neonlichten boven zijn hoofd rondloopt waarop staat: ‘Ik heb het gedaan!’

De paradox van een belangrijk detail

Je hebt details dus nodig om iets subtiel te verkondigen, hints te geven of een sfeer te scheppen. Maar een detail op zichzelf blijft iets kleins, dat een lezer makkelijk over het hoofd kan en soms zelfs hoort te zien. Stel je voor dat je erop zou rekenen dat die de kleur van ieder ladekastje, ieder gerecht dat je personage eet en iedere naam van iedere voorbijganger kan of zelfs moet onthouden… Dat is voor niemand fijn. Je lezer wordt bedolven onder de last van een infodump en jij zou als schrijver een Chekovs gun moeten gebruiken die werkelijk monsterlijke proporties aanneemt.
Je moet er dus voor zorgen dat precies die details opvallen die belangrijk zijn en dat de écht kleine details dat ook blijven. Om hier een evenwicht in te vinden, gebruik je de eigenschappen van details en zet je die in bij een scène die in verband staat met het detail. Daar werk je de eigenschappen groot uit, zodat het detail kan schitteren als iets kleins dat nog steeds onopvallend is. De scène heeft het opvallende werk al gedaan.

Eigenschappen van details

Details hebben de volgende belangrijke eigenschappen:

  • Ze zijn relatief onbelangrijk en daardoor makkelijker te vergeten (1)
  • Ze zeggen op zichzelf niet veel: ze moeten een verband hebben met iets anders (2)
  • Ze vormen verbanden tussen grote lijnen in het verhaal: ze kunnen scènes aan elkaar weven (3)
  • Het zijn de belangrijkste hulpmiddelen voor het omschrijven van sfeer. (4)

In deze tabel zie je wat voorbeelden hoe een detail relatief onbelangrijk en wanneer het alleszeggend kan zijn.

Detailweinigzeggend wanneer belangrijk zodra
de knalrode muts die je personage draagt je personage aan het winkelen is (1)iemand je personage in een menigte moet vinden (2)
De zon schijntje personage binnen moet blijven op kantoor en er niets mee kan of van meekrijgt (2)Wanneer het een dag is waar je personage al maanden naar heeft uitgekeken (4)
De deur valt met een klap dicht het stormt en de ramen nog open stonden (1) (2) Je personage doet de ramen (uit voorzorg) dicht en gaat verder met een boek lezen.dit de laatste zin is van een hoofdstuk na een ruzie: dit kan een pageturner zijn. (3)
Het is stil je personage toevallig in een lege ruimte aan komt lopen (1) of wanneer hij in een vertrouwde omgeving is waar niets spannends gebeurt (4)Je personage op retraite is (2), of het huis van een mogelijke moordenaar betreedt. (2) (3) (4)

Details belangrijk maken in je boek: de praktijk

Om deze principes duidelijker te maken, volgt hier een casus.

We schrijven over een muziekdoosje dat weggestopt ligt in een laatje van de vermoorde persoon. Iedereen weet in eerste instantie wel dat het er is, maar niemand beseft dat dit voorwerp van belang is, laat staan dat het later de laatste hint naar de moordenaar gaat vormen. Hoe kun je dit detail -een willekeurig voorwerp ligt ergens weggestopt- voorbereiden op een grote onthulling waar het pas later echt belangrijk blijkt? Denk aan dingen als:

  • Maak de ruimte waarin het muziekdoosje is verstopt, verstoft of anderszins onprettig van sfeer (4)
  • Laat de personages om andere reden meerdere keren de kamer in een uit lopen voor een andere reden dan dat laatje met het muziekdoosje (1) (2)
  • Laat de muziek van de componist van de melodie van het muziekdoosje onderwerp van gesprek zijn (1) (2)
  • Iemand merkt eens -of een paar keer- terloops op dat het slachtoffer dol was op het melodietje van het muziekdoosje, of dat de moordenaar een bloedhekel had aan de werken van de betreffende componist.
  • Iemand maakt een grapje over een heel ander liedje : “Mijn god, wat een rotherrie! Je zou haast denken dat muziek je nog eens zou vermoorden.”

Let dus ook op het gebruik van symboliek, dat kan veel helpen. Of maak de symboliek haast letterlijk: laat je personages op een rommelmarkt een kraampje met muziekdoosjes tegenkomen. Let er in het geval van een thriller of detective wel op dat dit soort zetten pas echt op het allerlaatst mogen komen, tenzij je ze als rode haring gebruikt. Anders ligt het er te dik bovenop. De vuistregel is: hoe dikker het erbovenop ligt, hoe later in de onthulling van een spannend moment de hint mag komen.

Merk ook op dat meerdere details uiteindelijk optellen tot iets veel groters. Eén detail kan zelden een plottwist of een onthulling vormen, maar als er meer details zijn die duidelijk – of wat meer op de achtergrond- over hetzelfde onderwerp, dezelfde ruimte, hetzelfde gedacht of hetzelfde…. zinspelen, dan staat een detail zelden tot nooit meer op zichzelf.

Als je alles zo in een lijstje ziet staan, lijkt een detail veel te duidelijk om nog een detail te zijn. Dat kan een valkuil vormen: let daarom goed op hoe je je informatie spreidt.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Foto door Yang Shuo op Unsplash.

Waar heeft je personage geduld voor?

ls je een personage gaat schrijven, biedt een personagebiografie een handig overzicht van diens geschiedenis, en doen en laten. Als je kijkt waar je personage het geduld voor heeft, kan je goed inzetten op obstakels voor de heldenreis.

Kwestie van geduld

Laten we even niet schijnheilig doen: niemand heeft eindeloos geduld voor alles. Ja, de een is geduldiger dan de ander, maar iedereen heeft zo zijn dingen waar die gewoon meer geduld voor kan opbrengen dan voor iets anders.
Waar iemand eindeloos met ‘Karen’ in discussie kan blijven gaan, maar door het lint gaat wanneer er een langzame automobilist op de weg rijdt, is dat bij de ander precies andersom.

Kijk dus eerst eens of je kan ontdekken waarvoor je personage al dan geen geduld heeft. Is dat voor:

  • onbeschofte mensen
  • kapotte apparaten
  • mensen die niet op dezelfde lijn zitten als zij
  • mensen die bijna als de spreekwoordelijke ezel zich wél aan dezelfde steen blijven stoten
  • lang moeten wachten
  • mensen die zich niet authentiek voordoen
  • mensen die veel op een ander leunen

Enzovoorts.  Vaak kan je de oorzaak van ongeduld onderverdelen in een van de volgende categorieën:

  • onmacht à de hand van God is hier in je nadeel
  • onkunde à je personage kan iets niet
  • controle à je personage verliest de controle waar die dat dacht te hebben
  • ‘omgekeerde spiegel’ à je personage komt met iemand anders in aanraking die een eigenschap heeft waar je personage een hekel aan heeft, omdat dat laat zien wat je personage niet prettig vindt. Soms heeft je personage die eigenschap zelf ook, maar wil het dat niet onder ogen zien.

Staat dit gegeven vast?

Natuurlijk staat dit gegeven niet altijd vast. Je zal het echt niet zo’n ramp vinden als je trein een keer vijf minuten te laat is op het moment dat je niets belangrijks hebt gepland. Maar als je daardoor je aansluiting en als gevolg daarvan je vliegtuig dreigt te missen…
Vaak is het verliezen van geduld pas interessant voor het verhaal als er in een bepaalde scène iets belangrijks op het punt staat te gebeuren. En dan kan de manier waarop en hoe snel je personage het geduld verliest veelzeggend zijn.

Wat kan je te weten komen?

Een personage dat zijn geduld vooral bij onkunde van zichzelf verliest, heeft waarschijnlijk een laag zelfbeeld dat zich laat zien in de vorm van perfectionisme. Als je woedend op jezelf wordt omdat je eens een keer iets niet kan, leg je de lat heel hoog voor jezelf. Bedenk eens wat voor – en vooral hoe vaak!- je personage nog meer voor hoge latten legt voor zichzelf. En wat het op de lange termijn met zijn mentale toestand doet als het voortdurend zulke maskers van perfectie moet dragen.
Waarschijnlijk heeft dit personage als centraal conflict dat het moet leren dat het meer zichzelf mag of moet zijn door gewone menselijke fouten bij zichzelf toe te staan.

Pas op met controlefreaks! Ze kunnen koppig zijn, maar bij jou als schrijver is de verleiding misschien erg groot om als hun God ze overdreven veel te gaan plagen of te pesten. Merk je dat wel heel vaak voor God moet of gaat spelen om nog vaart in het verhaal te houden, kijk dan of deze controlefreak wat meer de controle los kan laten.
Anders verandert je personage in iemand die niet af en toe, maar vrijwel altijd ongevoelig is voor de omgekeerde spiegel. Die personages zijn meestal erg naar. Daar is in de narratieve zin niets mis mee, maar deze personages zijn doorgaans niet geschikt voor de heldenrol, nog minder dan de koppige controlefreaks: ze kunnen zelden tot nooit groeien. Zij schitteren beter in de rol van de antagonist.

Foto door Deniz Altindas op Unsplash.

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Heb je hulp nodig bij het schrijven van je verhaal? Kijk eens in mijn webshop voor de mogelijkheden van mijn schrijfcoaching.

Schrijfwedstrijd verhaalentaal.blog: de vreemdeling

Het is weer tijd voor een nieuwe schrijfwedstrijd. Deze keer ga ik de deelnemers flink uitdagen!
We gaan experimenteren met open einden en een verhaalopzet gebruiken waar een butterfly-effect centraal staat.

Opzet van schrijfwedstrijd de vreemdeling

Je personage komt een vreemdeling tegen. Die enkele ontmoeting verandert het leven van je personage voorgoed. Hoe? Dat is aan jou, maar ook aan de lezer! Je schrijft namelijk een verhaal waarvan het einde op verschillende manieren geïnterpreteerd kan worden.

Inhoudelijke voorwaarden voor je verhaal

*Je hoofdpersoon en de vreemdeling mogen elkaar letterlijk voor de eerste keer ontmoeten, of mogen elkaar oppervlakkig kennen, zoals je de vaste kassamedewerker van de supermarkt misschien kent.

* De ontmoeting/het gesprek moet spontaan en/of (relatief) subtiel ontstaan. Het cliché dat je uit verveling maar met medepassagiers gaat praten op het moment dat de trein een uur stilstaat, is dus uit den boze. Het gesprek dat het leven van je personage verandert, moet dus tot stand komen door een samenhang van meerdere details, of schakels van het butterfly-effect.

* Je einde mag geen vaststaande conclusie zijn over hoe het leven van de hoofdpersoon verdergaat. Als je het verhaal aan drie mensen zou laten lezen, zou je idealiter minstens twee, zo niet drie antwoorden moeten kunnen krijgen op de vraag: ‘Hoe gaat het leven van de hoofdpersoon nu verder?’
Met andere woorden: er zit een ‘wat als’-element in:

Als een tienermeisje op straat gescout wordt door een modellenbureau, laat je het verhaal eindigen met het meisje dat naar het kaartje van de scout kijkt. Als ze deze baan buiten het geschreven verhaal om aanneemt en een supermodel wordt, verandert dat natuurlijk haar leven. Als ze dat níet doet, verandert haar leven in zekere zin nog steeds. Dan heeft ze altijd een moment om later in haar leven terug te kijken op dat moment en te denken:
– Als ik supermodel was geworden, was ik misschien binnen drie jaar gestoord geworden van de druk in de schoonheidsindustrie: nu ben ik gelukkig als studente dierengeneeskunde
– Goddank ben ik supermodel, nu ben ik rijk, anders was ik in de goot beland/ gebleven, want mijn leven stond echt op het puntje van de afrond.

Kijk eens naar deze tip en deze voor wat opzetjes voor het schrijven van een open einde. Deze schrijfoefening helpt je ook wat verder.

Aandachtspunten en tips
* Je kletst misschien gezellig met je bijrijder in de bus over het weer, maar als je ‘toevallig’ praat over iets dat een leven kan veranderen, is er of een deus ex machina (zoals het voorbeeld van de modellenscout) in het spel, of je personage vertelt diens levensproblemen aan iedereen die het tegenkomt…
Zorg dus dat zowel je hoofdpersonage als de vreemdeling een reden hebben dat ze dit gesprek starten en blijven voeren. Dat moet in het verhaal duidelijk worden.

* In fictie en in het echte leven gebruiken we vaak uitvergrote taal: “Je bent de knapste man die ik ooit heb gezien.” “Als je dat doet, dan vermoord ik je!” Als een uitspraak een leven verandert, zijn deze uitroepen waarschijnlijk geen overdrijvingen. Wat maakt dat je personage beseft dat de vreemdeling iets wat een cliché lijkt, echt meent of dat dat in ieder geval zo lijkt?
Oftewel: waarom heeft de onzekere man nooit geloofd dat hij knap is, maar gelooft hij dat na dat gesprek wel? Of waarom wordt je maffialid vaker met de dood bedreigt, maar haalt die nu niet achteloos de schouders op en wordt hij daadwerkelijk doodsbang?

* De oplettende lezer merkt op dat voor deze schrijfwedstrijd overromaniseren geen goede tactiek is 😉 Een kernemotie centraal stellen gaat je meer helpen.

Wedstrijdvoorwaarden schrijfwedstrijd de vreemdeling

* Eén inzending per persoon.
* Je verhaal is maximaal 5000 woorden.
* Inzenden van je verhaal kan vanaf 24 augustus 2023 tot en met 24 november 2023. Je hebt dus drie maanden de tijd om een verhaal te schrijven.
Stuur je inzending naar nadinevandesande@outlook.com met de onderwerpregel: schrijfwedstrijd vreemdeling.

Ieder genre is welkom.

De winnaar ontvangt een uitgebreid leesrapport voor een tekst van 5000 woorden. Dat mag het ingezonden verhaal voor de wedstrijd betreffen, maar ook een (deel van een) ander zelfgeschreven verhaal. Aan de winnaar de keuze!

Over de uitslag kan niet worden gecorrespondeerd. Ik neem persoonlijk contact op met de winnaar of winnares. Als diegene dat wil, zal ik het winnende verhaal op mijn blog publiceren.

Foto door Priscilla Du Preez verkregen via Unsplash.