Drie dingen om op te letten bij het maken van schrijfoefeningen

Schrijfoefeningen. Het zijn goudmijntjes, want ze leren je beter schrijven en je kan zonder groot risico dingen uitproberen met een verhaal. Wat moet je onthouden tijdens een schrijfoefening?
Laten we voor de duidelijkheid van dit artikel een schrijfoefening verzinnen. “Je personage strandt in het legale niemandsland van een vliegveld. Ze kan niet met een vliegtuig mee, maar zij mag ook terug door de douane. Hoe gaat zij daarmee om?” Ons personage is een verpleegster op de spoedeisende hulp.

1. Het is een oefening

Als eerste – en fijnste -: De schrijfoefening is een oefening, dus alles is geoorloofd. Alles kan, alles mag. Het is een uitwerking die je in je opschrijfboekje maakt, dus hij komt niet in je boek terecht, soms krijgt zelfs niemand het te lezen… Tenzij het doel van de oefening zelf is om een schrijftechniek te verbeteren, hoef je zelfs daar niet per se op te letten. (Je mag dus schrijftechnisch gezien het slechtste verhaal ooit schrijven over de gestrande verpleegster.) Dat wil niet zeggen dat je expres slechter moet gaan schrijven. Maar als je van jezelf weet dat je moeilijker tot schrijven komt omdat je je zorgen maakt om de schrijftechnieken, dan is dit het moment om die tijdelijk uit het raam te gooien. Een schrijfoefening heeft als doel dat je je creativiteit de vrije loop laat en out of the box denkt. Wees dus niet te streng voor jezelf.

2. Het biedt mogelijkheden tot ontdekking

Als je een personage in een situatie zet die ze niet gewend is, moet zij anders dan gebruikelijk gaan handelen. Welke eigenschappen van je personage weet je al en kom je nog meer te weten? 
Een verpleegster op de spoedeisende hulp moet stressbestendig zijn. Dus kan je ervan uitgaan dat ze eerst even schrikt, maar dan rustig afwacht wat er gebeurt of op kalme toon om informatie vraagt. We weten wat haar werk is, maar wat weten we over haar dagelijks leven? De vraag: ‘Hoe gaat ze met geld om?’ is voor het verhaal nog niet belangrijk geweest. Maar nu is dat wel degelijk van belang. Als ze misschien nog twee weken vastzit, hoe gaat ze de driehonderd euro die ze nog heeft dan besteden? Lukt het haar dat verstandig te doen? Stel dat het haar dat niet lukt en ze binnen twee dagen blut is. Dan is het waarschijnlijk dat langetermijndenken niet haar sterkste kant is. Dat gegeven kan later erg handig blijken.


De verpleegster krijgt in het verhaal de vraag: wil je een jaar lang een vreselijke baan gaan doen als je er onmiddellijk een flinke smak geld voor krijgt? Haar antwoord is waarschijnlijk ja. Ze kan niet met geld omgaan, dus een financiële meevaller zal aantrekkelijk klinken. En met haar kortetermijndenken? ‘Ach… het is maar een jaar. En als ik nu flink kan vangen… Wat kan mij het dan schelen dat ik over negen maanden waarschijnlijk mijn werk niet meer leuk vindt?’ 

Op deze manier ga je op ontdekkingsreis met je personages. 

3. Blijf trouw aan je verhaal

Als je nieuwe informatie over je personage te weten krijgt, zorg er dan voor dat je bij je originele verhaal blijft en je niet door je nieuwe kennis mee laat slepen. Ga niet ineens over de financiën van de verpleegster schrijven als het verhaal nog steeds over het werk op de spoedeisende hulp gaat. Gebruik de extra informatie die je ontdekt alleen als het iets aan het verhaal toevoegt. 

Dit artikel verscheen eerder op Schrijven Online.

Behoefte aan manuscriptredactie? Kijk in mijn webshop.

Schrijfoefening: de belofte

Beloftes kunnen een leven veranderen en het helemaal op zijn kop zetten. Als je achter de drijfveren, comfortzone, zwaktes en sterke kanten van je personage wil komen, laat hem in je opschrijfboekje dan eens een belofte doen.

De onbreekbare belofte van je personage

Beloftes heb je in allerlei soorten en maten. De kleinste zijn de beloftes waarbij er geen man overboord is als ze gebroken worden. “De volgende keer kom ik wél op tijd in plaats van vijf minuten te laat.” De grootste beloftes zijn zo serieus dat de bekende metafoor ervoor de dood erbij betrekt. “Ik zweer op het graf van mijn moeder dat…/ ik ga nog liever dood dan…” Deze schrijfoefening neemt die ‘doodsbelofte’ vrij letterlijk. Je personage zal er alles aan doen om deze maar niet te hoeven verbreken. Zelfs als dat zover gaat dat hij er niet meer bij stilstaat of hij de belofte wel kan houden zonder zichzelf of anderen geweld aan te doen.

Deze schrijfoefening betreft een belofte die een torenhoge emotionele waarde heeft.

Wat is belangrijk voor je personage om te beloven?

De eerste vraag die je jezelf moet stellen is: “Wie of wat is zo belangrijk voor mijn personage dat hij er een onbreekbare belofte voor aan zou willen gaan?” Het kan een belofte aan een ander zijn, maar ook aan zichzelf. Ga na wie of wat onlosmakelijk met je personage verbonden is. Het principe van: “Zeg Stefano en je zegt X.” Dit kunnen geliefden zijn, overtuigingen, levensstijlen of een droom die je personage heeft. Is hij gelukkig als zijn kinderen gezond zijn? Dan doet hij er alles aan om te voorkomen dat zijn kinderen ziek worden. Hecht hij veel waarde aan zijn vaderland? Dan kan hij het leger in met de belofte dat hij voor zijn land zal sterven als dat nodig is. Wil Stefano hoe dan ook een wereldberoemd acteur worden en een Oscar binnenslepen? Dan zal hij alles op alles zetten om naar Los Angeles te kunnen vertrekken.

De gemaakte belofte en de benodigde middelen

Je hebt vastgesteld wat je personage voor belofte wil maken. Nu weet je wat belangrijk voor hem of haar is en waar hij of zij naar wil handelen. Bedenk vervolgens wat je personage moet doen, leren, kopen… om dat doel te verwezenlijken.
Neem Stefano. Als hij wereldberoemd acteur in Hollywood wil worden, moet hij onder andere:
* naar de toneelschool gaan om zichzelf te trainen en een realistische kans te maken bij audities in Amerika;
* hard werken (om veel geld te verdienen). Een ticket naar Los Angeles loopt al in de honderden euro’s. Tel daarbij op dat je daar voor langere tijd moet wonen om meerdere audities te kunnen doen… Los Angeles is niet bepaald een goedkope stad. Stefano moet óf lange werkuren maken voor hij door kan breken óf een moddervet spaarvarkentje hebben.

De belofte uitgedaagd door het centrale conflict

Je schrijft een verhaal, en daarmee is het onvermijdelijk dat Stefano te maken krijgt met tegenslag, in de vorm van het centrale conflict. Je kan makkelijk van de daken schreeuwen dat je Hollywoodacteur wilt worden, maar als het moment daar is, handel je er dan wel naar? Stefano wel: hij wil de belofte aan zichzelf namelijk absoluut niet breken. Dat kan twee scenario’s opleveren: de belofte faalt of overwint.

De belofte faalt

Stefano doet auditie na auditie, maar krijgt alleen een paar bijrolletjes die niet genoeg geld opleveren om van te kunnen leven. Maar hij moet en zal acteur worden, een ander beroep is niet voor hem weggelegd. Vroeg of laat levert zijn baan nog te weinig op voor de huur en belandt hij op straat. Vrienden heeft hij niet meer; om de huur te kunnen betalen, leende hij steeds geld wat hij nooit kon terugbetalen. Dat werden zijn vrienden beu, zeker omdat Stefano niet naar hen wilde luisteren door van acteren zijn hobby te maken en een andere baan te zoeken.

Als je personage tegenspoed heeft en dat niet wil erkennen of ernaar wil handelen, heeft dat meer effect dan alleen het feit dat zijn belofte niet wordt nagekomen. Banksaldo’s kunnen kelderen, kinderen raken vervreemd van hun ouders, of ouders willen hun kinderen niet meer zien omdat ze radicale ideeën hebben die ze een bedreiging vinden voor hun eigen leven. Of het personage raakt zo geobsedeerd dat hij opgenomen moet worden in een kliniek of de gevangenis. (Als je moet en zal trouwen met iemand die jou niet ziet zitten, wordt je óf een stalker, óf iemand die aan waanbeelden lijdt.)

Je komt met dit griezelige worst-case-scenario veel te weten over de duisterste kant en de (verborgen) zwaktes van je personage. Voorbeelden zijn: overdreven trots, grootheidswaanzin en verslavingsgevoeligheid.

De belofte overwint

Ook als het lot je personage gunstig gezind blijkt te zijn, komen er nog conflicten om de hoek kijken. Wat zijn de factoren die bijdragen aan het succes van je personage?
Heeft hij inderdaad een belofte gedaan op het sterfbed van oma en is haar niet-aflatende moed een houvast voor je personage om toch vooral niet op te geven?
Is je personage in staat om tegenslagen naar zijn hand te zetten en een andere aanpak te verzinnen wanneer het geplande spoor doodloopt? Kan je personage om hulp vragen als het nodig is? Is je personage een aanpakker die overal een oplossing voor vindt of heeft hij een beschikking over een groot vangnet wat hij niet schuwt om aan te spreken?

Dit scenario is er een van vallen en opstaan en uiteindelijk je overwinning vieren. Je komt ermee te weten hoe vindingrijk je personage is, hoeveel kracht hij heeft (zowel fysiek, mentaal en emotioneel) en welke hulpbronnen hij aan kan spreken. Denk daarbij aan bijvoorbeeld een goed stel hersens, een goede talenknobbel, vaardigheden om in het wild te overleven, zuinig om kunnen gaan met geld, makkelijk vrienden kunnen maken, vriendjes hebben bij de maffia, zodat detentie niets is om je druk om te maken… Alles wat er maar in je opkomt, is in deze oefening toegestaan als je daardoor meer over je personage te weten komt.

Wil je de belofte uitwerken tot een mooi verhaal? Je kan me inschakelen voor manuscriptredactie: kijk in mijn webshop.

Schrijfoefening: namen en vooroordelen

De namen van je personages zijn belangrijk. Er bestaan complete handleidingen voor het bedenken van de juiste naam. Is de naam niet te eenvoudig? Zit er een (geschiedkundige) betekenis achter de naam die het karakter van het personage weergeeft? Dat is allemaal leuk en aardig, maar ook erg theoretisch. Je kan namen ook gebruiken om erachter te komen welke bril jij als schrijver onbewust draagt.

Namen en stereotypen

Mensen hebben allemaal vooroordelen. Ze zijn niet per definitie racistisch of gemeen. Soms ben je je niet bewust van sommige vooroordelen die je hebt. Maar als schrijver is het handig om weet te hebben van je vooroordelen. Vandaar deze schrijfoefening.

Namen kunnen een stereotype met zich meedragen. Een paar hiervan zijn:
* Roderick heeft veel geld;
* Kees is een oude man;
* Priscilla woont in de volksbuurt.
Maar dat klopt uiteraard niet altijd. De meeste mensen denken bij de naam Fatima aan een donkerharige moslima. Kijk eens naar deze Fatima:

Fatima Moreira de Melo voldoet niet aan de stereotype Fatima met donker haar een een islamitisch geloof. (Foto door McSmit – verkregen via Wikipedia)

Het principe dat een naam niet alles over een persoon of personage zegt, vormt de basis van deze schrijfoefening. Hij heeft als doel alles waarover jij betreft namen een vooroordeel hebt, in twijfel te trekken. Zo blijf je alert op je vooroordelen en staar je je niet blind op bepaalde aspecten van personages. Daarmee wordt je creatieve denken uitgedaagd.

Namen en je eigen oordelen

Je ontwikkelt zelf ook oordelen over namen, die niet meteen naar een stereotype te herleiden zijn.
Dit is vast herkenbaar: je hoort een prachtige naam je die in je achterhoofd opslaat voor je toekomstige kind. Maar dan krijg je de ergst denkbare collega met die betreffende naam en opeens is die naam helemaal niet zo mooi meer… Of andersom: iemand wil je koppelen aan een blind date. Alleen al bij het horen van de naam denk je: laat maar zitten. Maar als je die persoon ontmoet en eenmaal hoteldebotel bent, klinkt dezelfde lelijke naam plotseling als een klokje. Of heb je ooit meegemaakt dat iemand zich voorstelt en je denkt: die naam past niet bij je? Als je bij de naam Olga het (onverklaarbare) beeld hebt van een blonde, stevige en vrolijke middelbare dame, dan is het even schakelen als een jong, slank, donkerharig en hautain model zich voorstelt als Olga.

Kies voor deze oefening een naam uit waar jij een sterke associatie bij hebt. Als je deze oefening voor het eerst doet, is het makkelijker om te beginnen met een algemeen stereotype en daarna met je persoonlijke associaties. Voor een maximaal resultaat raad ik aan het allebei te proberen. Hier volgt een voorbeelduitwerking.

Stap 1: schrijf al je vooroordelen uit

Als je het weet, schrijf dan ook op waarom dit vooroordeel in dit lijstje staat.

Kees

* is een man van 65+ : ik hoor de naam Kees nooit bij jonge mannen en zeer regelmatig bij mannen op leeftijd;
* is niet zo avontuurlijk: Kees is een huis-tuin-en-keukennaam, dus zal hij niet zijn opgegroeid in een gezin dat buitensporige wereldreizen maakte. Simpele naam, saai leven;
* Heeft niet het mooiste uiterlijk: ik vind Kees een lelijke naam.

Stap 2: voeg ‘ja maar..’ toe

Plak achter elk vooroordeel uit stap 1 een ‘ja maar…’. Daarop volgt hoogstwaarschijnlijk:
* een onweerlegbaar feit dat je vindt door logisch na te denken;
* het besef dat je verkeerd bent geïnformeerd;
* een mening.

* Ja maar: als Kees nu een oude man is, is hij ook ooit een jongetje geweest. Kees is dus niet alleen een naam voor oude mannen;
* Ja maar: huis-tuin-en keukennaam betekent niet saai, maar alledaags, niet bijzonder. Dus die naam wordt gewoon vaak gegeven. Dan zijn er waarschijnlijk wel tienduizenden “Kezen”, die ik hiermee allemaal over een kam scheer, zonder dat ik doorhad dat ik verkeerd was geïnformeerd. Hier schrik ik van! Wat ben ik toch een …
Zo’n schok is je ‘neutraliteitsalarmbel’. Die gaat af als je te sterk van iets overtuigt bent. Luister goed naar die alarmbel. Vooral in het ontwikkelingsstadium van een verhaal moet hij altijd aanstaan, of dat nu gaat om personages, plot, boodschap van je tekst… Het is essentieel dat je een open blik houdt. Anders word je slecht in feedback verwerken, beperk je je creativiteit of word je misschien positief discriminerend.
* Ja maar: dat vind ik. Dus dat is een mening en dus altijd subjectief. Een subjectieve blik is vijand nummer één van vooroordelen. (Wacht maar tot je Knappe Kees tegenkomt 😉 )

Wacht even, heet jij Kees? Ach, waarom ook niet hè? Foto door Rafael Barros op Pexels.com

In deze oefening is het kwalijk om een vaststaande onjuistheid als feit te beschouwen of iets subjectiefs als feit te zien. Een impopulaire of onaardige mening hebben is minder erg. Kees mag gerust lelijk zijn, zolang je maar niet beweert dat Kees’ lelijkheid een feit is. Je moet blijven beseffen dat een mening subjectief is.

Stap 3: ga werken met je alarmbel

Verander het vooroordeel waarbij je neutraliteitsalarmbel afging. In het voorbeeld was dat het vooroordeel dat Kees een saai leven heeft.
Het beeld van Kees is nu veranderd. Hij is nog steeds oud en lelijk, maar maakt wel degelijk mooie reizen, ondanks zijn leeftijd. Een oude man die avonturen beleeft verschilt al veel met een oude man die in zijn stoel zijn zoveelste saaie dag slijt. Nu heb je ineens een totaal ander persoon, die je uitnodigt om een andere weg in te slaan. Je hebt nu geen stereotype beeld meer om aan vast te houden, dus moet je je creativiteit gaan aanspreken.
Je hoeft niet per se elk vooroordeel aan te passen. In de nieuwe ‘vorm’ van je personage kunnen ze in je voordeel werken. Als Kees oud blijft, voldoet hij bijvoorbeeld niet aan het clichébeeld van de jonge wereldreiziger die dagelijks bergen beklimt. Jouw ‘oude’ vooroordeel rondom de naam Kees en zijn uiterlijk en leeftijd is niet meer te herleiden: het belangrijkste, storende element is weg en heeft al tot een totaal ander persoon geleid.

Wil je zeker weten of je op de goede weg bent na deze schrijfoefening? Schakel mij in voor manuscriptredactie.

Een sprookje als schrijfoefening

Er was eens… Ja, ja, sprookjes ken ik onderhand wel. Zeker weten?
Als je sprookjes ontleedt, heb je een schat aan informatie tot je beschikking. Het zal helpen met het schrijven van een goed opgebouwd verhaal.

Kenmerken van een sprookje

Sprookjes zijn meer dan ‘Er was eens’ en ‘Ze leefden nog lang en gelukkig.’ Kun jij meer kenmerken van sprookjes noemen voordat ik dat doe? 😉

* Er zit een duidelijk moraal in.
* Het heeft elementen van magie, fantasie of iets bovennatuurlijks (draken, toverkracht, pratende dieren).
* Het getal zeven komt vaak voor (zevenmijlslaarzen, zeven geitjes, zeven zonen).
* Het getal drie zie je ook vaak:
– Drie zoons of prinsessen.
– De molenaarsdochter krijgt drie dagen de tijd om Repelsteeltjes naam te raden;
– Drie schuren waaruit het stro tot goud moet worden geweven in ‘Repelsteeltje’;
– De jongste zoon is vaak de slimste, omdat het doel pas na drie pogingen wordt gehaald;
* Ze zijn bruut! (Ga maar na: een kind vermoorden omdat ze mooier is dan jij? Spiegeltje spiegeltje, wie is hier volledig doorgedraaid?) Luister hier naar de originele versie van Andersens zeemeermin. (Disney heeft wat af geromantiseerd…) Hier is een afspeellijst van de boekenserie waaruit het sprookje wordt voorgelezen. Zo kan je talloze sprookjes (her)ontdekken 🙂

Het verschilt per sprookje of er al dan niet een pratend dier, ridder of prins in voorkomt, maar bovenstaande elementen zou je in elk westers sprookje terug moeten vinden.

Sprookjeselementen zijn waarschijnlijk net zo vertrouwd als Roodkapje en de wolf zelf.

Moraal in een sprookje en een verhaalthema

Een overduidelijk kenmerk van sprookjes is het duimdikke moraal. Dat geeft ook verdieping in het verhaalthema. Als het moraal is: ‘praat niet met vreemden’, dan is het thema bijna als vanzelf ook gevaar. (Praten met vreemden is gevaarlijk: in sprookjes word je dan meestal ontvoerd of opgegeten.)
Omdat thema en moraal in sprookjes niet moeilijk te vinden zijn, kun je ze als vergrootglas gebruiken. Als je thema gevaar is, waar kun je dan mee dreigen? Hoe kan een personage reageren als ze geconfronteerd wordt met de dood van haar (groot)ouders? Wat doet het met een kind om in armoede op te groeien?

Wat is de achterliggende gedachte?

Verwacht van sprookjes geen diepzinnige opbouw. Toch leren ze over het belang van verhaalelementen en personagebiografieën. Let daarvoor op de oppervlakkige en steeds terugkerende elementen in sprookjes en je vindt al snel wat eerste bouwstenen om op voort te bouwen. Zowel voor verhaalelementen als voor je personagebiografie.

Neem een ridder. Die is dapper, want hij gaat de draak verslaan. Je bent dapper als je je leven op het spel zet. Maar wat kan er nog meer gebeuren?
* De ridder overleeft, maar verliest een arm en gaat als mindervalide door het leven;
* De ridder kan ernstig ziek worden door ondervoeding.
Nu gebeurt zoiets nooit in sprookjes, omdat de personages daarin min of meer vaste rollen hebben. Sprookjes worden nooit zo ingewikkeld. Maar juist daardoor is het makkelijker om in te zoomen op wat bepaalde elementen eigenlijk weerspiegelen.

Wij weten dat het de ridder gaat lukken om de draak te verslaan, hij niet. Hij zal dus een betere inschatting van mogelijke gevolgen maken. Daaruit blijkt zijn echte moed. Je bent niet dapper als je bereid bent te sterven als je weet dat die kans vrijwel nul is.
In de VS sterven jaarlijks twintig mensen door toedoen van koeien. Maar we noemen niet iedereen die in de buurt van koeien durft te komen een onverschrokken superman; de verhouding zou krom zijn. Als je een koe dichtbij ziet komen, denk je waarschijnlijk iets als: loeiend beestje, herkauwer… Niet: help, potentiële moordmachine!

Ren voor je leven nu het nog kan! 😉

Je bent onverschrokken als je iets doet terwijl het waarschijnlijk is dat je iets vreselijks mee gaat maken.

Sprookjes als clichédetector

Je zet er waarschijnlijk geen vraagtekens bij als ik zeg dat de ridder de draak gaat verslaan. Dat gebeurt namelijk vrijwel altijd. Misschien hebben clichés wel hun oorsprong in sprookjes. Het zijn per slot van rekening verhalen die met eenzelfde formule eeuwenlang zijn doorverteld. Kijk eens wat er vaak in sprookjes voorkomt:
* Het goede is mooi, zacht of onschuldig.
* Het slechte is lelijk, mismaakt of sluw.
Als je sprookjes als casusstudie gebruikt, zie je wat hier de voor- en nadelen van zijn.
Lees hier uitgebreider over clichés en tropes.
Als toevoeging wat betreft spookjes zijn hier nog wat extra voorbeelden.

Voordeel van een sprookjescliché

Sprookjes kunnen dus goede bouwstenen geven om op verder te gaan. Waarom precies? De clichés in sprookjes zijn in bepaalde mate op waarheid gebaseerd:
* De wijze is een oude vrouw. Ze heeft levenservaring die een kind nog niet kan hebben;
* De mooie dame met de zachte stem die een hongerige reiziger eten geeft, is de heldin van het verhaal. Dat lijkt vanzelfsprekend, maar als je het wat meer zwartwit bekijkt: iemand die met een bloederig mes in de stad rondloopt, heeft iets op zijn kerfstok. Zou jij de vrouw of de messendrager om hulp vragen? Soms is iets geen cliché, maar een show don’t tell. Vroeger waren sprookjes namelijk bedoeld om normen en waarden aan te leren, niet als vermaak. Sprookjes kunnen daarom een goede manier zijn om clichés van tropes te leren onderscheiden.

Nadelen van sprookjesclichés

Sprookjes zijn clichés. Van sprookjes wordt dat verwacht, maar je kan er niet alles van afkijken wat betreft verhaalopbouw. Voor het schrijven van verhalen die je wil uitgeven, zijn ze te eenvoudig (tenzij je dat in eigen beheer zou doen).
Daarnaast:
* zijn de vrouwen vaak een sexy lamp;
* worden de moralen redelijk kort door de bocht behandeld.

Lees deze blogpost eens. Het onderwerp is de alfaman. Maar ik schreef hier ook over hoe jij als schrijver moet weten welke waarden jij belangrijk vindt en hoe je dat persoonlijk kan invullen. Sprookjes winden er geen doekjes om wat je moet geloven en zijn heel standvastig in hun boodschap. Dat heeft de oorsprong in hun originele functie. Maar zoveel eeuwen later heeft een lezer behoefte aan verhalen die meer ruimte geven voor discussie, of in ieder geval hun argumenten onderbouwen.

Heb jij een verhaal geschreven dat leest als een sprookje? Ik kijk het graag professioneel voor je na. Kijk daarvoor in mijn webshop.



Fanfictie: test je schrijversvaardigheden

Fanfictie wordt niet altijd serieus genomen. Kan je wel schrijven als je schrijft over een verhaal van iemand anders? Maar fanfictie kan heel nuttig zijn om je schrijversvaardigheden te testen!

Fanfictie als perfecte startblokken

Fanfictie is een verhaal dat is gebaseerd op een bestaande film of boek die de schrijver van fanfictie naar zijn wensen herschrijft. Het is niet ongewoon dat die schrijver zijn alter-ego in het verhaal schrijft. Dat is ook een van de redenen dat fanfictie niet altijd serieus genomen wordt. De alter-ego’s van schrijvers in fanfictie zijn er berucht om vaak een Mary Sue of Joe Sixpack te zijn.
Fanfictie is een makkelijke manier om te leren schrijven. Je vindt het originele verhaal leuk, anders begin je er niet aan. Dat heeft het voordeel dat je de personages al kent, net als de plottwists van het verhaal. Je weet dus hoe het verhaal anders had kunnen lopen. In plaats van het wiel zelf of opnieuw uit te vinden, kun je het omdraaien:

* Je kan een personagebiografie maken van een geliefd personage om te oefenen met een biografie van een eigen personage;
* Verander een belangrijke gebeurtenis in het verhaal eens om te zien hoe een butterfly-effect ontstaat, of wat een plottwist tot plottwist maakt;
* Je hoeft geen schrijfonderzoek te doen. Je kan je op het schrijven zelf concentreren, niet op alles wat erbij komt kijken;
*Je leert rekening te houden met je personage. Bij fanfictie kun je alles bepalen, maar als jij the Joker ineens een liefhebbende opa maakt… voelt dat waarschijnlijk toch raar. Zo oefen je met luisteren naar je personage.

Fanfictie: is schrijven iets voor mij?

Als je zelf een verhaal wil schrijven, moet je wél alles zelfstandig doen of uit het niets verzinnen. Wanneer je bij fanfictie al zucht bij het idee dat je iets moet aanpassen, onderzoeken of ergens echt voor moet gaan zitten… Dan gaat het zelf schrijven van een boek je waarschijnlijk zwaar vallen.
Andersom kan fanfictie je ook laten ontdekken dat je meer of beter kan schrijven dan je in eerste instantie denkt. Zeker als je jezelf toestaat lekker ‘lui’ te schrijven, zoals ik schreef in de post over de sexy lamp. Maak je niet druk, het is fanfictie. Daar mag alles. En dan kun je het feit dat het genre niet altijd serieus genomen wordt, in je voordeel gebruiken.

Fanfictie: werelden op zijn kop

Zet Frodo Balings eens in de hallen van Zweinstein. Oftewel: plaats de personages uit een verhaal eens letterlijk in een andere wereld. Als Frodo plotseling bedreven zou zijn in toverkunst, zou zijn reis een stuk makkelijker worden. Maar: hobbits gaan niet naar school. Zou Frodo misschien een slechte leerling zijn, waardoor hij alsnog niets aan een toverstok zou hebben? Wat zou zijn favoriete spreuk zijn? Als je dat te weten komt, kun je ook andere conclusies trekken waardoor je het personage beter leert kennen. Dat kun je weer gebruiken voor het creëren van je eigen personages.

Of laat Spiderman hier eens een weekje logeren…

Fanfictie: mix and match!

Fanfictie heeft nog een voordeel: je kan met de personages en hun karakters eindeloze variaties in plot en relaties uitproberen. Ze staan klaar om alles te testen!

* Laat de slechterik eens winnen. Hoe reageren de andere personages daarop? Hoe beïnvloedt dat het verhaal?
* Maak van de nerd de populaire van de klas of andersom. Wat gebeurt er dan in de groepsdynamiek?
* Mix en match de eventuele romantische paartjes. Dit is misschien wel de beste ‘test’.
Niet alleen werkt dat voor het oefenen met plottwists en verhaallijnen. Je kan dit ook gebruiken voor je eigen toekomstige personages. Ga maar na: heb je in plaats van een relatie tussen twee hoogopgeleiden in het originele verhaal nu een relatie tussen een hoog- en laag opgeleide?
Dat doet niet alleen iets met je (fanfictie) verhaal. Als je dat verhaal uitwerkt, doet dat waarschijnlijk ook iets in die relatie. Denk aan dingen als:
* overleeft de relatie het überhaupt wel?
* uitgaan verandert van lezingen bezoeken naar vaker een bezoek aan een feestcafé;
* gespreksonderwerpen tussen de geliefden veranderen;
* misschien worden de kinderen anders opgevoed, omdat er minder middelen beschikbaar zijn.
Dit gebeurt niet altijd. Het ligt ook niet per se aan je schrijftalent of aan de personages. Maar mocht je zoiets opvallen (Dit werkte in het originele verhaal wel, maar in mijn fanfictie niet) dan kun je het in je voordeel gebruiken.
Stel dat je de strenge advocaat en de losbandige feestganger niet gekoppeld krijgt. Nog los van je verhaal, wat kun je daarvan leren?

*Misschien werkt ‘soort zoekt soort’ beter in dit/mijn/ een verhaal?
* Een streng personage komt misschien meer tot zijn recht in een verantwoordelijke baan dan een super romantische relatie;
* Misschien moet iemand die iets te losbandig is, eerst op avontuur gaan, voor hij tevreden is met een huisje- boompje- beestje bestaan;
* De feestganger is door al zijn feestjes vaak blut. Daardoor komt hij in de schulden, wat het centrale conflict verandert.
Als je dat weet, kan je daarmee een realistische biografie maken voor een ander personage voor je eigen verhaal.
Over een feestbeest wiens drinkgedrag zo uit de hand loopt dat hij een alcoholist wordt die in de schulden belandt, bijvoorbeeld.

Fanfictie: schrijfwedstrijden

Schrijversplatformen organiseren regelmatig schrijfwedstrijden. Soms mag fanfictie daar ook aan meedoen. Sterker nog: soms zijn de schrijfwedstrijden georganiseerd in samenwerking met uitgevers! Nu zullen uitgevers geen fanfictie uitgeven, maar het komt wel voor dat je als prijs professionele feedback kan krijgen. Dan weet je hoe je jezelf kan verbeteren en je bent als schrijver als eens langsgekomen als auteur. Schuif fanfictie als genre dus niet te snel aan de kant.

Toen ik in 2018 als finalist eindigde van een fanfictiewedstrijd heb ik Loeff bureau creative mijn verhaal laten vereeuwigen 🙂

Maar: neem fanfictie ook niet al te serieus. Als je jezelf een schrijver wil noemen, moet er uiteindelijk ook iets uit je pen komen dat helemaal uit jouw fantasie is ontstaan.

Wil je weten wat de kwaliteit is van je fanfictieverhaal? Schakel mij dan in voor manuscriptredactie.

Schrijfoefening: het butterfly-effect creëren

Een butterfly-effect is interessant om te lezen en nog interessanter om te schrijven. Je leert er personages en omstandigheden door kennen. Voor je het weet, heb je uit het niets een compleet verhaal te pakken!

Wat is het butterfly-effect?

Simpel gezegd is het butterfly-effect een samenloop van kleine dingen die grote gevolgen hebben. Het voelt als een optelsom van een grote reeks van kleine toevalligheden, met grote uitkomsten. (‘Als X niet was gebeurd, was Y ook niet gebeurd. Idioot hè?’) Hier schreef ik daar al eerder over.

Voorbeeld van een butterfly-effect

Als Janine niet tegen Kai was gebotst, waren ze nooit getrouwd geweest.
Kai botst tegen Janine op, en zij laat haar tas vallen. Een dure vaas valt uit de tas en breekt. Als goedmaker biedt Kai Janine een koffie aan. De rest is geschiedenis.

Het butterfly-effect als schrijfonderzoek

Hoe cliché het voorbeeld ook van Kai en Janine ook is, je kan het niet zomaar gebruiken. Het moet kloppen bij je personages of de omstandigheden. Als je íets niet moet doen, is het iets schrijven ‘omdat ik wil dat het zo (af)loopt.’ Ik schreef er hier al over in theorie, we gaan het nu in de praktijk brengen.

Wil deze ‘vlinderromance’ kunnen ontstaan, dan moet er veel goed gaan. We kijken eerst wat er mis kan gaan. Waarom? Omdat het vlindereffect alleen kan plaatsvinden als er meerdere schakeltjes naadloos in elkaar overgaan. Valt er één schakel weg, dan doet het butterfly-effect dat ook.
Wat kan er zoal misgaan in eerdergenoemd voorbeeld?

De ‘verpestende vlinders’ van Janine

Janine heeft een aantal mogelijke omstandigheden die het butterfly-effect kunnen verstoren.

* Janine is zo geweldig rijk dat het niet erg is dat een vaas van driehonderd euro kapot gaat.
* De vaas heeft zo’n grote emotionele waarde dat Janine in plaats van Kai’s koffie te accepteren, ze Kai uit woede een klap verkoopt.
* Janine heeft een sollicitatiegesprek dat zo belangrijk is dat ze geen tijd heeft om zich druk te maken om de vaas.

De ‘verpestende vlinders’ van Kai

Maar ook Kai kan ervoor zorgen dat het hele feest niet doorgaat.

* Kai heeft een vriendin en biedt dus geen koffie, maar een financiële schadevergoeding aan.
* Kai vindt Janine niet knap (wat voor het romantische cliché veel verschil maakt…)
* Kai is verlegen en vindt Janine zó knap dat hij haar geen koffie aan durft te bieden.

Dit zijn eenvoudige voorbeelden. Als je even brainstormt kun je veel meer bedenken.
Hoe kan je hier een happy end van maken?

De vlinders op een rij krijgen

Als je weet welke omstandigheden tegenwerken, draai je ze om zodat ze meewerken. Kies wat je leuk vindt! Bijvoorbeeld:
Janine is qua uiterlijk heel gewoontjes, maar Kai heeft zijn Mary Sue-achtige vriendin net gedumpt. Zijn ex was meer dan prachtig, werd nooit boos, en vond zichzelf heel wat. Janine vloekt luid vanwege de vaas, maar biedt ook haar excuses aan; ze had zelf ook op kunnen letten. Dan weet ik wel wat Kai denkt: Een normale, imperfecte vrouw die fouten maakt en net als ieder mens -behalve mijn ex- een keer boos is als er iets tegenzit. Halleluja!
Nu komen we bij het belangrijke punt van de schrijfoefening. Deze opzet roept nieuwe en interessante vragen op:

* Hoe komt Kai aan zo’n superrijke, knappe en ‘perfecte’ ex?
– Heeft hij een rijke familie?
– Heeft hij een glansrijke carrière als modeontwerper waar supermodellen aan de lopende catwalk voorbij komen?
– Is zijn ex zo’n tut dat Kai het sowieso het maar twee weken met haar heeft uitgehouden? (hé, het is zijn ex hè? 😉 )

* Waarom heeft Janine überhaupt een dure vaas bij zich?
– Doet ze een heitje voor karweitje en brengt ze de vaas namens haar invalide buurman naar zijn familielid?
– Is ze een kunstenares op weg naar haar expositie en heeft ze die vaas zelf gemaakt?
– Werkt Janine bij het crematorium en lijkt het voorwerp op het eerste gezicht een vaas, maar blijkt het later een urn te zijn?

Je keuze maakt een groot verschil. Als Kai een verwend rijkeluiskindje is, is de kans groter dat hij arrogant is. Als hij Mary Sue net heeft gedumpt, zal hij eerder een hekel hebben aan zogenaamd perfecte rijkelui. Als Janine een klusje doet voor wat extra geld, is ze waarschijnlijk armer dan wanneer ze een bekende kunstenares is die haar eigen expositie heeft.
Ga na welke vragen je jezelf kunt stellen en hoe je die kan invullen. Als je dit vaak genoeg herhaalt, leer je uit het niets nieuwe personages en verhaallijnen kennen. Wie weet kun je zo een idee opdoen voor een compleet boek!

Blokjes bepalen voor de schrijfoefening ‘butterfly-effect’

Ik gebruikte een cliché om mijn oefening makkelijk uit te kunnen leggen. Hoe maak je zelf een unieker begin voor een ‘vlinderverhaal’?
Voor het begin van je verhaal (de ‘als’): gebruik je een alledaagse, bijna onopvallende gebeurtenis. Voor het eind van het verhaal (de ‘dan’): gebruik een gebeurtenis die een leven of de wereld verandert.
Voorbeelden om je op weg te helpen:
Als:
* ik de trein had gehaald;
* het niet had geregend;
* ik die euro niet op straat had zien liggen;
* ik dat sms’je had gelezen;
* het restaurant dicht was geweest;
* mijn vriend de vergadering had gemist;
* de zalm bij de vishandelaar niet was uitverkocht;
* de tuinman rozen had geplant in plaats van tulpen;

dan:
* had ik nu geen neefje;
* had ik een ander beroep gehad;
* had ik geen terminale ziekte gehad;
* was ik minister-president geweest;
* was de pandabeer nu uitgestorven;
* waren de banken omgevallen;
* was er nu nog oorlog;
* was er een nieuwe religie ontstaan.

Misschien heb je veel schakels nodig om bepaalde scenario’s te laten werken, maar deze oefening traint in ieder geval je creativiteit. Het dwingt je ook om na te gaan welke dingen aan iets ten grondslag (kunnen) liggen.

Tip: Wie is je ik-figuur?
Een scenario kan al logischer beginnen als je ik-figuur een koning is in plaats van een huisvrouw (of juist andersom, wie zal het zeggen?)

Leeft deze lieve jongen nog omdat in jouw scenario je vriend een vergadering heeft gehaald?


Veel plezier met puzzelen en de schrijfoefening!

Wil je weten of alle schakels van je butterfly-effect nog kloppen? Ik kijk het voor je na met mijn manuscriptredactie. Kijk eens in mijn webshop.

Sexy Lamp: een knappe vrouw als prijs

Een sexy lamp is geen goed idee om te schrijven. Het is namelijk een vrouw, geen aantrekkelijk object dat licht geeft. Ze is zo oppervlakkig als maar kan. Hoe schrijf je haar, of beter gezegd: hoe schrijf je haar niet?

Wat is een sexy lamp?

Een sexy lamp is een vrouwelijk personage dat sexy is en dat moet zijn. Niets meer, niets minder. Een lamp staat als voorwerp ook alleen maar te staan. Een lamp vindt niets, denkt niet, is vervangbaar…
Als de vrouw niet meer doet dan een lamp met de beste wil van de wereld kan doen, is ze een sexy lamp.

Voor je beeldvorming: dit is de sexy lamp waaruit de term ontstaan is: een lampstandaard met het uiterlijk van een vrouwenbeen in een hoge hak met een netkous.

Bot gezegd: een sexy lamp windt de man op of wakkert zijn fantasieën aan, maar is verder nergens goed voor.

Sexy lamp in de praktijk

Wat is een sexy lamp in de praktijk? Een voorbeeld:
“Koene ridder, ga de draak doden. Slaag je, dan mag je met de mooie prinses trouwen.”
De ridder werpt een blik op de prinses en ziet zichzelf al nachtelijke avonturen met haar beleven. Daar wil hij zijn leven wel voor wagen. Maar wat weet hij (of zelfs de lezer van zo’n sprookje) verder van de prinses? Niets. Wat zegt of doet ze verder? Niets. Ze is er alleen maar, puur omdat ze sexy is.

Als je de ridder de sexy lamp met de netkous had gegeven, dan was het ook goed geweest. (Zeker in de Middeleeuwen… Bijlo, een ontbloot been van een vrouwspersoon! Nimmer aanschouwde ik eerder iets zó erotisch…)
Zonder geintjes, uiteindelijk komt het wel daarop neer. Een vrouw die een sexy lamp is, is er alleen als (seksuele) beloning, want ze voegt niets anders aan het verhaal toe. In de meest extreme gevallen zegt de sexy lamp helemaal niets, zoals de Middeleeuwse prinses die in de laatste scène nog even snel de ridder kust. Maar het kan ook iets subtieler. Met de nadruk op iets. Want zodra je weet wat een sexy lamp is, zal je haar makkelijk herkennen.

Sexy lamp test

Wil je testen of een personage een sexy lamp is? Hier zijn wat kenmerken.
Een sexy lamp is altijd:
* seksueel aantrekkelijk;
* de beloning voor de man;
* als persoon eendimensionaal, zo niet nuldimensionaal.

Een sexy lamp zal nooit:

* in het verhaal te vinden zijn buiten de context van: ‘de beloning voor de man’;
* als persoon iets extra’s aan het verhaal toevoegen (spanning, een subplot, enzovoorts);
* een leven hebben (denk eraan: ze had evengoed levenloos kunnen zijn);
* met ideeën komen die het plotverloop veranderen.

MacGuffin en sexy post-it

Soms komt een sexy lamp wel met een plotveranderend idee:
“Ridder, de draak woont in een grot hier rechtsaf,” zegt de prinses.
Dat verandert het plot, want anders vindt de ridder de draak niet. Maar als de prinses vervolgens alsnog als niets minder dan een wandelende vagina wordt gezien, dan blijft ze een sexy lamp. Volgens de algemeen gebruikte term is ze dan een sexy lamp met een post-it briefje. Ze heeft de benodigde aanwijzing dan als een figuurlijke post-it op haar hoofd (Hier rechtsaf!) maar dan is ze hoogstens gepromoveerd van sexy lamp naar sexy wegwijzer. Nog steeds is ze evenveel waard als een levenloos object. Als een voorwerp dezelfde functie heeft als een sexy post-it, dan heet dit in de schrijverswereld een MacGuffin.

Waarom is de sexy lamp in het verhaal?

Hou jezelf niet voor de gek: in een scenario met een sexy lamp gaat het om niets meer of minder dan de beloning van de held. Niet dat het dorp wordt gered van een draak, of dat de prinses wordt gered. Het gaat zelfs niet om de heldenreis van de ridder. Daar lijkt het misschien op, maar als dat het belangrijkste was, dan was hij mensen tegengekomen die hem persoonlijk lieten groeien. Niet alleen mensen aan wie hij zijn spierballen kan laten zien.

Wat zegt een sexy lamp over de held?

Dat hij helemaal niet zo heldhaftig is als hij in eerste instantie lijkt. En dat seks zijn motivatie is. Ja, dat is kortzichtig en nuldementionaal. Net als de sexy lamp.

Sexy lamp: simpeler schrijven kan niet

Schrijf je een sexy lamp en met alles wat daarbij komt kijken, dan schrijf je:
* zonder personagebiografie;
* met een Mary Sue;
* een storend cliché;
* zonder afweging van hoe je personages overkomen;
* lui, want je hoeft geen schrijfonderzoek te doen.

Reden om een sexy lamp te schrijven

Als het om publiceren gaat, is er geen reden om over een sexy lamp te schrijven. Vrijwel iedereen vindt het storend of flinterdun. Toch is het nuttig om een keer te doen. Kijk eens wat voor schrijftechnieken je al beheerst als je je verstand op nul kan zetten en gewoon maar wat gaat tikken. Bij een sexy lamp hoef je geen rekening te houden met een diepgaand plot of personages. Als je schrijft over onze sexy lamp ridder en je denkt verder niet teveel na, heb je dan een verhaal:
* met show don’t tell?
* zonder infodump?
* zonder te veel bloemig taalgebruik?
* waarvan je kan oordelen wat je kan schrappen en wat je moet laten staan?
* met logische alinea- en hoofdstukindelingen?
* met goede spelling en grammatica?

Enzovoorts.

Bechdel test en Mako Mori test

Er zijn nog twee testen die ook testen op sexy lamp elementen, maar daarin nog wat dieper gaan:
* Bechdel test: praten de vrouwen over iets anders dan een man (uit zichzelf of als vrouwen onderling?)
* Mako Mori test: de vrouw moet een eigen verhaallijn hebben en die verhaallijn mag niet dienen als een hulpmiddel voor de verhaallijn van de man.

Ik hou niet van sexy lamps. Als je wil dat ze genadeloos worden opgespoord en uit je boek worden geschrapt, schakel me dan in voor manuscriptredactie.

Een personagebiografie schrijven

Een vaak gehoord schrijfadvies is: maak een biografie voor je personage. Waarom is dat belangrijk? Ik gebruik opnieuw een clip uit Human, the movie:

Kindness can come from anywhere

Je moet personages baseren op mensen, zoals ik al schreef in mijn eerste post over deze documentaire. Iemand (mens of personage) doet dingen vanwege een eigen overtuigingen en geschiedenis. Je hoeft een levensgeschiedenis niet te begrijpen om te weten waarom alledaagse beslissingen worden genomen. Maar over belangrijke handelingen denkt je personage na. Als je weet hoe het tot een beslissing komt, helpt je dat een goed plot te schrijven. Zeker als keuzes grote gevolgen hebben, moet je weten waarom je personage op een bepaalde manier handelt.

Hoe geef je een personage vorm?

Soldaat Pleva uit de clip deed alles wat hij volgens het boekje niet hoorde te doen. Hij was SS-soldaat. Als hij een Joods kind in zijn armen kreeg, zou hij het ter plekke moeten doodschieten. In plaats daarvan smokkelde hij het weg. Als hij betrapt zou worden, werd hij op zijn minst ontslagen, misschien wel vermoord. Er zijn SS-soldaten geweest die maar al te graag Joden vermoordden. Dus waarom deed Aloïs dat niet? Als je geen biografie maakt, kom je daar nooit achter.

De volgende informatie heb je al:
* De soldaat redt een Joods meisje en brengt het naar zijn ouders.
* Het geredde meisje wordt katholiek opgevoed, zodat ze niet alsnog als Joodse kan worden opgepakt;
* Meneer en mevrouw Pleva voeden een extra mond in tijden van oorlog en schaarste;
* Het is gevaarlijk om een Joods kind onderdak te bieden tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Conclusie: meneer en mevrouw Pleva waren ongelooflijk liefdevolle mensen. Dus dan is Aloïs met liefde opgevoed. Maar toch: als je soldaat bent, oorlog je dagelijkse realiteit is en het je plicht is om Joden neer te schieten… Dan moet er iets gebeurd zijn wat Aloïs er op dat ene moment toe heeft aangezet om juist dát meisje te redden.

Mogelijke redenen waarom Aloïs het kind redde

Er zijn meerdere redenen die Aloïs gehad kan hebben om dit kind te redden. Ik werk er twee uit.

* Aloïs had een zwangere vrouw thuis. De moeder van het meisje leek op Aloïs’ vrouw en hij zag in haar de moeder van zijn eigen ongeboren kind, waardoor zijn vadergevoelens werden aangesproken. Toen zag hij het als zijn taak om dat meisje te beschermen.
* Aloïs was al zo lang in de oorlog dat hij het leven niet meer zag zitten en ontzettende heimwee had. Hij dacht aan zijn moeder, die hem altijd vertelde: “Als je een goed mens wil zijn, doe dan iets voor een mens in nood”.
In zijn moegestreden toestand dacht Aloïs: wat kan het mij ook schelen. Vandaag of morgen ben of wil ik dood, dus ik kan risico’s nemen. Bovendien doe ik dan met mijn laatste daad mijn moeder eer aan.

Personagegeschiedenis en gevolg voor manieren van handelen

Als jij over Aloïs zou schrijven, moet jij een scenario kiezen om tot een logisch slot te komen. Ik kies nu voor het tweede. In dat leven heeft Aloïs geen relatie. Dan lijkt de moeder van het meisje dus ook niet op zijn vrouw, met als gevolg dat hij niet bij dít meisje tot zijn heldendaad komt. En deze vrouw leeft nog en kan het verhaal navertellen.
Als Aloïs een ander kind had gered dat later als tiener aan een ziekte was gestorven, hadden we dit verhaal niet gekend. Dat is misschien een kwestie van toeval of het butterfly effect, maar wel toeval dat essentieel is voor het verhaal om te worden wat het is. Jij moet als schrijver de persoonlijke geschiedenis van je personage kennen. Ook al hoeft de lezer die niet altijd te weten om te kunnen genieten van een goedgeschreven scène.

Een personagebiografie voorkomt een wankel verhaal

Je verhaal stort vroeg of laat in elkaar als je geen biografieën maakt voor je hoofdpersonages. Een indrukwekkend verhaal kun je niet uit de lucht plukken. Het wordt wankel en onrealistisch als je alles lukraak verzint en niets hebt om op terug te vallen of als je niet begrijpt wat je personage beweegt. Deel niet alle informatie, dan krijg je een infodump. Maar zorg wel dat je als schrijver alle belangrijke informatie over je personage hebt .

Zo kan je een personagebiografie schrijven

Er is geen kant-en-klare lijst van dingen die je in een personagebiografie moet zetten. Bij een fantasy is het belangrijk welke speciale kracht je hoofdpersoon heeft, terwijl superkrachten in een romantisch verhaal niet eens bestaan. In veel verhalen heeft oogkleur geen gevolgen, terwijl dat in de Harry Potterreeks een van de belangrijkste details in de serie is. Toch zijn er een aantal elementen die altijd handig zijn om in de personagebiografie te noteren. Die noem je de basiselementen van een personagebiografie.

Basiselementen van een personagebiografie

* Leeftijd
* Hobby’s
* Kledingstijl en uiterlijk
* Belangrijkste karaktereigenschappen
* Algemene levensloop
* Grootste geheim
* Levensmotto
* Grootste droom
* Grootste angst
* Gezinssamenstelling (uit de jeugd en het eventueel zelf gestichte gezin)
* In wat voor milieu is hij opgegroeid?
* Droomberoep en ergste beroep denkbaar
* Zou met een miljoen euro…
* Raakt van slag als…
* Heeft een hekel aan mensen die…
* Kun je wakker maken voor….

Bedenk bij de dikgedrukte punten ook: waarom? Waarom raakt je personage ergens van van slag? Waarom is dit de grootste droom van je personage?
Sommige van deze punten zijn misschien niet meteen nuttig voor je plot. Maar je diept er je personages verder mee uit voor jezelf. Zo wordt hij voor jou steeds menselijker en voor de lezer steeds realistischer.

Wil je weten of je personagebiografie goed tot zijn recht komt? Schakel mij dan in voor redactie of voor een leesrapport. Prijzen daarvoor staan in mijn webshop.

Human the movie: een prachtige schrijfoefening

Een personage en een mens hebben allebei een eigen verhaal. Maar personages zijn verzonnen, mensen niet. Om personages te maken is echte mensen bestuderen een goede schrijfoefening.

Wat is Human the movie?

Human, the movie (kortweg Human) is een indrukwekkende documentaire die je op Youtube in drie delen van anderhalf uur kan bekijken. Mensen van over de hele wereld worden geïnterviewd en krijgen allemaal dezelfde vragen. Uit die vragen komt per geïnterviewde een fragment van een aantal minuten. Daarin halen ze een herinnering op, delen hun mening, proberen iets te definiëren of vertellen hoe het is om X te zijn (invalide, homoseksueel, misbruikt, moslima, soldaat, arm, rijk, echtgenoot…)

Verhalen uit Human the movie

Human barst van de verhalen. Dit is een selectie ervan:
* Een man in conservatief Afrika kookt voor zijn gezin.
* Een vrouw wordt gevangengezet omdat ze abortus heeft gepleegd;
* Een man verpleegt de vrouw waarmee hij al vierenveertig jaar is getrouwd;
* Een westerse man is de baas in huis en accepteert geen weerwoord van zijn vrouw;

Onderwerpen die onder andere aan bod komen, zijn:
* Worstelingen met seksuele geaardheid;
* moord
* liefde
*rijkdom
* armoede
* trouw

Stereotypen en vooroordelen ontkracht in Human the movie

Wat je zult merken is dat verschillende thema’s terugkomen, maar dat niemand in Human een stereotype lijkt. Dat komt omdat dit mensen met een ‘goed uitgewerkt verhaal’ zijn. Dat zijn levensverhalen altijd. Als je Human kijkt, ga je een aantal mensen in je hart sluiten en je vertrouwen in de mensheid versterken. Net zo goed kun je je gaan schamen voor de mensheid en het hartgrondig met een aantal mensen oneens zijn. Je moet alleen verder (leren) kijken dan je neus lang is. Daar helpt deze documentaire je mee.

Show don’t tell visueel gemaakt in Human the movie

Bekijk een aantal interviews van Human. Het is een goede schrijfoefening om visueel te krijgen wat show don’t tell echt is.
Een tandeloze vrouw vertelt huilend dat ze van haar landbouwgrond is beroofd door een groot bedrijf. Dan is het duidelijk dat zij arm en haar situatie uitzichtloos is. Een man vertelt dat hij dreigde zelfmoord te plegen toen hij van zijn familie niet met zijn geliefde samen mocht zijn. Hij moet wel van haar houden.
Denk ook aan dingen als: Een Arabisch sprekende vrouw met een hoofddoek is moslima. Iemand die vertelt over een opoffering, is onzelfzuchtig.

Let op de mensen:
* Hoe zien ze eruit?
* Hoe kleden ze zich?
* Hoe klinkt hun stem?
* Zeggen de mensen iets in hun verhaal waardoor je mening over hen verandert?

Welke associaties krijg je bij deze mensen? Kan je die uitwerken om daar een personage van te maken? Dat helpt je op weg om een interessant personage te creëren.

Oefening om een personage te creëren

Om te oefenen zal ik een persoon uit Human uitwerken die een relatief simpel verhaal vertelt. Het is prachtig en ook een voorbeeld dat de meeste mensen kan herinneren aan een eigen geliefde. Een verhaal hoeft niet spectaculair te zijn om boeiend te zijn. Als het verhaal menselijk is, dan leest het vanzelf prettig.

Ken je eigen vooroordelen

Kijk eerst naar de man voor je de videoclip start. Welke associaties heb je bij deze man als je zijn uiterlijk ziet? Hij heeft roze haar met gel erin, gigantische oorbellen en een niet-alledaags vest aan. Volgens stereotypen is deze man vast een fan van harde muziek, grof in de mond en van gedrag en heeft hij als hobby om doodshoofden te verzamelen. Zijn rauwe stem gaat dadelijk over iets heftigs vertellen; mensen met dat uiterlijk hebben geen liefdevolle jeugd gehad. Vooroordelen kloppen misschien niet, of zijn zelfs ronduit oneerlijk. Maar je moet je er bewust van zijn dat je ze hebt om het meeste uit deze schrijfoefening te halen .

Death is not the end of everything

Speel de clip af.

Nabeschouwing Human clip

Je hoort dat Johns stem rustig en vriendelijk is. Hij zucht voordat hij in zijn herinnering aan zijn opa vraagt hoe het met hem gaat. Hij moet woorden zoeken, omdat hij niet weet wat de reactie van zijn opa zal zijn. Hij kan niet als een superman meteen bedenken wat er gezegd moet worden. Hij is geen perfecte Mary Sue. Hij is menselijk.
John glimlacht en knikt als hij zegt: “It’s a beautifull glass.”
In die blik zie je de liefde die over een weer is gegaan tussen hem en zijn grootvader. John voelt zich gezegend dat hij dat gesprek nog met zijn opa heeft gehad. Dat hoeft hij je niet te vertellen, dat kan je zien.

Een persoon, geen personage

Van welke stereotypen die ik eerder noemde, weet je nu dat ze niet waar zijn? Met zo’n wijs en liefdevol mens in de familie is John vast fijn opgegroeid. Hij spreekt bijna vertederd. Als hij in tranen was uitgebarsten bij deze herinnering, kan het zijn dat hij opa verschrikkelijk mist, omdat hij geen ander mens in zijn leven heeft om die liefde op te vangen.
John kan nog steeds een groot fan zijn van harde muziek, maar hij voldoet niet volledig aan het stereotype. Omdat hij een mens is. En echte mensen (en goede personages) komen nooit helemaal overeen met een stereotype. Er zijn altijd nuances, uitzonderingen en dingen die je niet meteen achter ze zoekt.

Personages uitwerken

De grootvader is een prachtig mens om een persoonlijk verhaal bij te bedenken. Hoe komt iemand tot zulke wijsheid? Wat heeft hij meegemaakt om die levensfilosofie te kunnen bedenken? Wat let je om een personagebiografie van hem te maken?
Je kunt uiterlijk, karaktertrekken, uitspraken en gebeurtenissen van mensen gebruiken om je personage levensecht te maken. Je moet er je ogen en oren voor open houden en in je achterhoofd de vraag paraat houden: “Waarom is deze persoon zoals hij is?” Dan zal je merken dat er schatten aan bruikbaar materiaal zijn. Houd je opschrijfboekje daarom altijd paraat!

Update 19 augustus 2020: De makers van Human maakten ook de documentaire Woman. Hierin worden alleen vrouwen geïnterviewd en gaat het over ‘vrouw zijn’ in de brede zin van het woord. Hier vind je de trailer.

Heb je met deze schrijfoefening een prrachtig verhaal kunnen schrijven? Ik kan je helpen als je een tweede paar ogen nodig hebt: kijk daarvoor in mijn webshop.